Recente reacties

  • dutchartistjelke: hallo het is een lange tijd dat ik deze site bezocht ,in antwoordt op uw vraag Adrianus V . ik ben...
  • Adrianus V: De Aarde en de waargenomen clusters bevinden zich in dezelfde lichtkegel. Maar clusters en...
  • Edgar Perotti: Vanaf hun positie is de tijd tot de oerknal ook korter, dus vanaf die positie is er minder tjd...
  • Adrianus V: De clusters van sterrenstelsels staan zelf ver weg van de Aarde, dus vanuit hun positie bezien zal de...
  • Edgar Perotti: Hoe kan dit aantrekkende object zich BUITEN het het zichtbare heelal bevinden, als we het effect van...
  • jeh: zal er ook wel een willen habben in mijn achtertuin maar past helaas niet en zal het passen dan zal ik hem nog...
  • pieter: hellow vrienden daat boven ons hoofd hebben jullie het daar een beetje naar jullie zin toch geen hoogte...
  • Adrianus V: Kijk hier maar eens: http://hemel.waarnemen.com/maa n/maanfasekalender.php En dan met name rondom Eerste...

Categorieën Astroblogs

Creative Commons License

Op dit werk is een Creative Commons Licentie van toepassing.

Tot aan T=0

bojowald_bouncegold.jpgIn de Verenigde Staten is de nodige discussie ontstaan na het nieuws dat Martin Bojowald, assistent-professor sterrenkunde op de Penn Universiteit, er in is geslaagd om met behulp van de zgn. Loop Quantum Gravitatie (LQG) het heelal te beschrijven tot aan het magische moment T=0, het tijdstip van de Big Bang zelf. Eerdere modellen van het allervroegste heelal kwamen nooit verder dan T=10-43 seconden, de Plancktijd die de grens markeert waarop de natuurwetten van de quantummechanika nog werkzaam zijn. Vroeger dan die limiet kwam men tot nu toe niet1 en da’s ook niet zo verwonderlijk, want op T=0 heb je te maken met oneindig grote dichtheden en temperaturen in een oneindig klein volume. Het ultieme horror vacui voor kosmologen om het zo maar even te zeggen. Maar niet voor Bojowald dus. Die heeft genoemde LQG toegepast, een vorm van quantum-gravitatie die ik alhier al heb beschreven (zoek ‘t zelf maar es op via zoeken) en daarmee komt hij wel degelijk met eindige waarden voor T=0. Opmerkelijk daarin is dat het Volume niet oneindig is. Sterrenkundigen hebben het idee dat het huidige heelal is voorafgegaan door een vorig heelal, dat na een fase van inkrimpen een toestand bereikte van oneindige parameters. Maar Bojowald’s berekeningen laten zien dat het volume >0 blijft. In de figuur hierboven zie je het gevisualiseerd: op de horizontale as de tijd en op de vertikale as het volume. Z’n conclusie is wel dat op geen enkele wijze valt terug te rekenen hoe het voorgaande heelal er uit moet hebben gezien. De Big Bang is een dusdanige husselaar en het onzekerheidsprincipe van Werner Heisenberg schijnt in z’n verhaal ook een rol te spelen, dat informatie over het heelal dat voorkwam tijdens T<0 niet meer te achterhalen valt. Nou ja, daar valt mee te leven, toch? Ik heb de hele avond last van problemen met m’n draadloze verbinding :-( én ik heb ook nog tussendoor naar Michaella Krajicek gekeken :-) dus veel aandacht/tijd/compassie/etc… voor deze blog was er niet. Sorry, morgen beterschap. Bron: Penn State Universiteit.

Noot:
  1. al moet ik zeggen dat een jaar geleden drie sterrenkundigen van dezelfde Penn-Universiteit volgens mij ook al tot T=0 kwamen; ik heb dit al gemeld bij Phil Plait van de Bad Astronomy Blog, dus ik ben benieuwd wat dat oplevert []
Gerelateerde Astroblog:
Hoe groot is het heelal eigenlijk?

2 commentaren opTot aan T=0

Laat commentaar achter

 

 

 

U kunt gebruik maken van these HTML tags

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>