24 mei 2012

13 juni landt Hayabusa’s capsule in Australië


“Eind goed, al goed” luidt het welbekende spreekwoord en het is te hopen dat het van toepassing is op de Japanse sonde Hayabusa. Op 26 november 2005 heeft die sonde zeker/waarschijnlijk/misschien/onwaarschijnlijk – kies maar uit – een beetje bodem afgeschraapt van de planetoïde Itokawa. Op zondag 13 juni a.s. zal een 18 kg zware capsule met de bodemmonsters aan boord loskoppelen van het moederschip van de Hayabusa en dan na een afdaling door de aardse atmosfeer om 16.00 uur Nederlandse tijd landen in de woestijn van Australië. Hier even op een rijtje wat er komende tijd allemaal staat te gebeuren met de Hayabusa en diens sample-return-capsule:

Datum/tijd (2010)Gebeurtenis
5 meiTCM-1 (Trajectory Correction Maneuver) om naar de rand van de aardatmosfeer te sturen
29 meiTCM-2 om naar de rand van de aardatmosfeer te sturen
6 juniTCM-3 om naar Australië te sturen
10 juniTCM-4 om gedetailleerd naar Australië te sturen
12 juniToename van de temperatuur van de capsule
13 juni 13.00 uur Nederlandse tijdLoskoppeling capsule en 'moederschip'
13 juni 15.00 uurCapsule komt atmosfeer binnen
13 juni 16.00 uurLanding van de capsule in Australië

Dat ‘moederschip’ zal overigens niet doorvliegen in de ruimte, zoals ik eerder schreef, maar de capsule achterna gaan, en daarbij verbranden in de dampkring. De capsule zal dat zeker/waarschijnlijk/misschien/onwaarschijnlijk – kies maar uit – niet doen. :-) Ik heb al eerder geschreven (o.a. hier) dat de Hayabusamissie tot nu toe één brok ellende was, dus een goed einde is de Japanners gegund. Bron: Planetary Society.

Share

Subaru brengt de halo van M81 in beeld

Een deel van de halo rondom M81

M81 is het welbekende spiraalstelsel in de Grote Beer, dankbaar object voor menig amateur-sterrenkundige. Het is het grootste sterrenstelsel van de gelijknamige M81 groep, een cluster van 34 sterrenstelsels. Dankzij z’n relatief nabije afstand van ‘slechts’ 11,7 miljoen lichtjaar is het óók voor professionele sterrenkundigen een dankbaar object en dat is recent weer gebleken nadat men met de Subaru Telescope’s Prime Focus Camera (Suprime-Cam) op Hawaï een halo rond M81 heeft ontdekt. Alle sterrenstelsels hebben vermoedelijk een halo rondom haar centrale schijf, bestaande uit de sterren die uitgewaaierd zijn nadat het sterrenstelsel kleinere stelsels heeft opgepeuzeld. Het gangbare model van de vorming van sterrenstelsels zegt namelijk dat er sprake is van een bottom-up proces: sterrenstelsels worden steeds groter, doordat ze dwergstelsels in de buurt aantrekken en verorberen. De losse sterren in zo’n halo zijn zo zwak in lichtsterkte dat tot nu toe alleen de halo’s van het Andromedastelsel (M31) en van onze eigen Melkweg gefotografeerd waren. Maar met de Suprime-Cam van de Subaru (Ø 8,2 meter spiegel) is daar nu de halo van M81 bijgekomen. Uit de gegevens blijkt wel dat er een verschil van ’onze’ halo en die van M81 is: niet alleen is de halo van M81 een stuk lichtkrachtiger, maar er komen ook veel meer metalen in voor, elementen die zwaarder zijn dan halo. Verder onderzoek moet aan het licht brengen waardoor die verschillen komen. Bron: Subaru.

Share

Accepted by MNRAS

Deze is goedgekeurd!

Afgelopen vrijdag kwam bij m’n presentatie over de Astroblogs bij Huygens de vraag aan de orde hoe je aan artikelen die gepubliceerd worden op het bekende ArXiv kan zien dat ze geaccepteerd zijn voor officiële publicatie. Een wetenschappelijk artikel kan pas verschijnen in een vakblad als het de zogenaamde Peer Review – in het Nederlands heet dat de collegiale toetsing – heeft doorstaan, als collega-wetenschappers het hebben gelezen en goedgekeurd. Welnu, het antwoord op de gestelde vraag is simpel: de ArXiv laat zien of het is geaccepteerd voor publicatie. In de afbeelding hiernaast bijvoorbeeld een artikel genaamd Tight constraints on the existence of additional planets around HD 189733 en dat goedgekeurd is voor publicatie in de MNRAS, het Britse vakblad Monthly Notices of the Royal Astronomical Society. Hebben de auteurs een artikel aangeboden, maar heeft het nog geen groen licht, dan staat er op de ArXiv bijvoorbeeld “Comments: Submitted to ApJ.”  Da’s de Astrophysical Journal, zo’n beetje hét vakblad in de sterrenkunde.

Share

Simultane radiowaarnemingen brengen straling pulsars in kaart

Simultaan waargenomen pulsen van PSR B1133+16

Simultane waarnemingen in het radiogolfgebied met behulp van de spiksplinternieuwe LOFAR-telescoop, waarvan het centrum in Exloo in Drenthe ligt, de 100 meter Effelsberg telescoop in Duitsland én de 76 meter Lovell telescoop in Engeland, laten voor het eerst zien hoe de straling van pulsars is opgebouwd. Pulsars zijn zeer snel ronddraaiende neutronensterren, die met een massa zwaarder dan de zon gepropt in een bolletje van 20 km doorsnede zeer compact zijn. Vanaf de beide magnetische polen gaat een bundel straling de ruimte in, die door de rotatie als kosmische vuurtorens voortdurend heen en weer gaan. Met het drietal instrumenten kon men van zes pulsars, onder andere PSR B1133+16, in vier golflengtes simultaan de pulsen volgen. In Effelsberg bij 3,5 cm golflengte, Lovell 21 cm, LOFAR high-band antenna (HBAs) 170 cm en LOFAR low-band antennas (LBAs) 430 cm. Uitkomst van het onderzoek is dat de vorm van de pulsen gemeten is boven de verschillende hoogten boven de magnetische polen van de pulsar, zoals je in de afbeelding kunt zien. Aan de hand hiervan krijgt men een beeld van de spreiding van de magnetische veldlijnen op die hoogten. LOFAR is nog niet af, er wordt nog vollop gebouwd in Europa aan de kleine verspreidstaande antennes, in een gebied met een totale omvang van zo’n 1000 km. Volgend jaar moet ‘t spulletje af zijn en moet men golflengten van 1 tot 30 meter kunnen zien. Ik ben benieuwd wat dat voor gegevens oplevert. Bron: Eurekalert.

Share
canakkale canakkale canakkale balik tutma search canakkale vergi mevzuati bagimsiz denetim vergi mevzuati ozurlu engelliler