14 december 2017

Melkwegcentrum toch geschikt voor planeten?

Op deze artistieke weergave is te zien hoe de planeetvormende schijf (rood) wordt losgerukt en uiteengetrokken door het zwarte gat.

Het centrum van het Melkwegstelsel lijkt een onlogische plaats te zijn voor de vorming van planeten. Door de hoge sterdichtheid kunnen sterren elkaar op korte afstand passeren. Verder is het aantal supernovae in dit gebied relatief hoog, hetgeen resulteert in vele schokgolven en intense straling. Tot slot zorgt het supermassieve zwarte gat voor krachtige getijden en verstoringen in het weefsel van de ruimtetijd. Nu blijkt echter uit onderzoek dat zelfs deze ongastvrije omstandigheden de vorming van planeten niet in de weg hoeven te staan.

De onderzoekers baseren hun bewering op een langgerekte wolk van waterstof en helium die richting het centrale zwarte wordt getrokken (en vermoedelijk in 2013 opgeslokt zal worden). Deze zou volgens de onderzoekers namelijk bestaan uit de restanten van een planeetvormende schijf die van zijn moederster is losgetrokken. Jonge sterren worden immers omringd door een roterende schijf van gas en stof, die na verloop van tijd samenklonteren tot planeten. Als zo’n ster in de buurt van het centrale zwarte gat zou komen, zou deze gemakkelijk van zijn omringende schijf gestript kunnen worden – zelfs als de ster zelf de passage van het zwarte gat zou overleven.

De bron van de ster in kwestie zou bestaan uit een ring van sterren, die op een afstand van 1/10de lichtjaar rond het centrale zwarte gat draait. Deze ring bestaat uit tientallen jonge, heldere sterren van het O-type (blauwe superreuzen), vermoedelijk aangevuld met vele honderden kleinere, zonachtige sterren. Als gevolg van interacties tussen deze sterren, zou er gemakkelijk

Reacties

  1. Vandaag verscheen een update over de G2 gaswolk door Gillessen et. al. op arXiv. (*) en hun waarnemingen lijken aan te geven dat dit model van een planeetvormende schijf niet waarschijnlijk is. De helderheid van de zgn. Brackett-gamma lijn op 2,166 micrometer is niet toegenomen en dat zou wel het geval moeten zijn.

    De nieuwe waarnemingen laten zien dat de pericenter passage wat later is dan eerst gedacht, men gaat nu uit van een tijdstip rond 10 september 2013.

    (*) Gillessen et. al., astro-ph/1209.2272

  2. Rudy, bedankt voor de info. Ik heb een directe link naar het artikel even in je reactie gezet. Ik heb direct 10 september 2013 in m’n agenda gezet. 🙂

Laat wat van je horen

*