20 augustus 2017

“Death Stars” slopen planeten in de Orionnevel

proplyds orion

De Orionnevel bevat honderden jonge sterren en nog jongere objecten die proplyden genoemd worden. Sommige van deze pasgeboren stelsels zullen planeten gaan produceren, terwijl andere sterren ontdaan worden van hun planeetvormende materiaal als gevolg van de krachtige uv-straling van nabije O-sterren.

Astronomen hebben gebruik gemaakt van de Atacama Large Millimeter/submillimeter Array (ALMA) om meer te weten over de dodelijke relatie tussen massieve O-sterren en protosterren in de Orionnevel. Het blijkt dat alle protosterren binnen 0,1 lichtjaar van een O-ster gedoemd zijn om hun planeetvormende materiaal te verliezen.

De meeste, zo niet alle, zonachtige sterren worden geboren in dichtbevolkte kraamkamers zoals de Orionnevel. In de loop van miljoenen jaren zullen stofkorrtels gaan samenklitten tot grotere en dichtere objecten. Als deze relatief onverstoord blijven, zullen deze zich ontwikkelen tot volwassen planetenstelsels. De moederster zal na verloop wegdrijven van haar broertjes en zusjes en voortaan deel uitmaken van de algemene galactische populatie van sterren.

Astronomen denken dat massieve sterren, die maar kort leven, noodzakelijk zijn voor planeetvorming. Aan het einde van hun leven ontploffen ze als catastrofale supernova-explosies. De schokgolven die daarbij geproduceerd worden doen het omringende gas samendrukken tot een nieuwe ronde van stervorming. Maar als massieve sterren zelf nog jong zijn, bombarderen ze hun omgeving met krachtige straling, een proces dat funest is voor planeetvorming.

Dankzij de nieuwe studie is dit proces beter in beeld gebracht. Het blijkt dat sommige protosterren omgeven worden door schijven van gas en stof – maar dat wisten we al. Wat wel nieuw is, is dat sommige van deze zogenaamde proplyden een traanvorm hebben. Dat komt doordat de stof- en gasdeeltjes weggeblazen worden door een nabije massieve ster.

Aan de hand van modellen hebben de astronomen berekend dat alle proplyden binnen 0,1 lichtjaar van zo’n massieve ster vrijwel al hun stervormende materiaal verliezen – vaak blijft slechts zo’n halve Jupitermassa aan bouwmateriaal over. Buiten 0,1 lichtjaar kunnen sterren omgeven worden door wel 80 Jupitermassa’s aan materiaal. Conclusie: proplyden die zich binnen de UV-envelop van een O-ster bevinden kunnen het maken van planeten wel vergeten.

Bron: National Radio Astronomy Observatory

Laat wat van je horen

*