23 oktober 2017

Maleisië en Ruimtevaart; verleden, heden, toekomst.

 

Enerzijds de onaardse schoonheid van uitgestrekte palmwouden, anderzijds de aanblik van de onstuitbare vooruitgang, van kustplaatsen vol hoogbouw, high-tech ondernemingen en sinds drie decennia ook ruimtevaart. Bemande ruimtevaart begon 10 jaar geleden. Op 10/7/2007 vertrok Sojoez TMA-11 naar het ISS met o.a. Sheikh Shukor, de  eerste  Maleisische astronaut.

Deze week is het 10 jaar geleden dat de ISS-ruimtemissie Sojoez TMA-11 met Expeditie 16 bestaande uit de bemanning Peggy Whitson, Yuri Malenchenko en de Maleisische astronaut Sheikh Muszaphar Shukor aanvang nam. De missie vertrok op 10 oktober 2007. Twee ‘firsts’, voor het eerst stond er een vrouwelijke commandant aan het roer, Peggy Whitson, en Sheikh Muszaphar Shukor (1972 geb.) was de eerste Maleisische astronaut. Shukor, van origine orthopedisch chirurg voerde in het ISS medische experimenten uit m.b.t. kankercelgroei in een micro-zwaartekrachtomgeving. Hij werd in 2006 gekozen uit 11.000 Maleisische kandidaten in het kader van het het Program Angkasawan Negara (PAN of Nationaal Astronauten selectie programma). Het Zuidoost-Aziatische land, en dan met name het Malaysian Space Agency of ANGKASA voert al sinds bijna drie decennia een actief ruimtevaartbeleid  om zowel nationaal, ten bate van economische ontwikkeling en modernisering van de maatschappij in het algemeen als ook internationaal, door een meer actieve rol te kunnen spelen bij het ontwerpen en ratificeren van internationale verdragen en afspraken met  organisaties wereldwijd, bv. met de UNOOSA (VN, office of outer space affairs),  regionaal  bv.de APRSAF (Asian Pacific Regional Space Agencies Forum) en ASEAN.

Sheikh M. Shukor (1972) Bron; PvO

Sheikh Shukors back-up was Faiz Khaleed (1980), tandarts bij de Royal Malaysian Armed Forces, en samen trainden ze 18 maanden in Sterrenstad te Moskou. Na zijn verblijf in het ‘Stesen Angkasa Antarabangsa’ of ISS, waar hij tot 21 oktober 2007 verbleef maakte hij twee jaar actief promotie voor de ruimtevaart, o.a. vaak via de Astronautical Association of Malaysia. In 2009 nam hij ontslag bij de Maleisische ruimtevaartorganisatie ANGKASA en pakte hij zijn carrière als chirurg weer op. Momenteel is hij o.a. nog (een van de) MarsOne ambassadeurs.

Aspirasi Angkasawan Bron; BukuPrima

“Bila nak pergi ke bulan? of ‘Willen we naar de maan?” was een veelgestelde vraag aan de Maleisische kandidaat-astronauten. Maar het PAN of ‘Program Angkasawan Negara’ lag de focus exclusief op het brengen van een Maleisische burger in de ruimte, naar het ‘Stesen Angkasa Antarabangsa’ of ISS voor onderzoek in micro-zwaartekracht en met dit doel in het achterhoofd stelde ANGKASA het ‘Program Pemilihan calon Angkasawan Negara’ “ ofwel het astronautselectieproces. Citaat vert.uit ‘Aspirasi Angkasawan’.

Maleisië’s geschiedenis kan grofweg in twee perioden ingedeeld worden. De pre-Britse, het sultanaat Melaka en de vestiging van Nederlandse en Portugese handelskoloniën en later de Britse periode (1786-1957), waarin het stuivertje wisselen met de Nederlanders werd om de verschillende machtsbases maar uiteindelijk de Britten het voor het zeggen kregen en hun  invloed tot na WW II nog aanzienlijk deed gelden. Uiteindelijk ontaardde het in de stichting van een ‘Federation of Malaysia’, met als bestuursvorm een bijzondere mix van een democratie en  constitutionele monarchie, in de vorm van 9 onderling roulerende sultanaten. De federatie wordt ook wel ‘Merdeka’ genaamd. In 1957 werd de onafhankelijkheid uitgeroepen van het land, op 31 augustus. In 1960 werd een bescheiden begin gemaakt  met de bouw van het ‘earth ground station’, het gaf het land toegang tot aardsobservatiebeelden en communicatiedoeleinden via de Palaba-1 Indonesische satelliet. Vanaf 1990 verschoof de focus naar de bouw van eigen microsatellieten. Maar waar deze gerealiseerd werden o.a. i.s.m. het Britse SSTL, bleef rond de eeuwwisseling het  ruimtevaartbeleid vooral uit losse afspraken en verdragen bestaan, en vertoonde veel hiaten. Maar sindsdien is er gewerkt aan een wettelijke beleidsinfrastructuur die meer transparantie en een betere legale basis moet bieden aan alle actoren in de ruimtevaartsector en aanverwante organisaties en bedrijven. Onder de ‘Malaysia Space Policy’ is er een ontwerp opgetekend voor de ‘Malaysian Outer Space Bill’ die in 2004 aangenomen is. Echter sinds dat jaar is er weinig met het wetsontwerp gedaan, daar alle aandacht nodig was voor het astronautselectieproces. Dit programma moest ervoor zorgen dat de eerste Maleisische astronaut mee  zou gaan op een ISS-missie. . Deze kans werd gecreëerd door een handelsverdrag met Rusland te sluiten over de aankoop van 18 Sukhoi-30 straaljagers.

MOSTI, Putrajaya, KL Bron; PvO

Toch moest er een duidelijker ruimtevaartbeleid komen zodat de gehele ruimtevaartsector alle mogelijkheden optimaal kan benutten en zoveel mogelijk mensen ervan kunnen gaan profiteren. Het promotie onderzoek van Dr. Che Zuhaida Binti Saari, Future Perspectives for Malaysian Space Law, Leiden, 2014, biedt, naast trouwens een unieke inkijk in ’s lands geschiedenis  en haar bestaande ruimtevaartwetgeving, een nieuw beleidsvoortstel voor ruimtevaartwetgeving. Dr. Saari kijkt naar hoe de bestaande ‘Malaysian Space Policy’ eruit ziet en zich verhoudt met de (grond) wet, hoe het bestaande ruimtevaartbeleid is geïmplementeerd en de organisaties die ermee gemoeid zijn. Ook vergelijkt ze Maleisië met de omringende  landen die nog vrijwel niets hebben qua wetgeving, als Brunei en Thailand, maar ook hoe de VS en het UK hun nationale ruimtevaartwetgeving ingebed en afgestemd hebben op de  internationale afspraken. Aan de hand van dit onderzoek doet ze een voorstel voor een beter ontwerp, met als doel ruimtevaartorganisaties te voorzien van een solide legale basis. Dit mede n.a.v. VN beleid. Al in de loop van het eerste decennium is er veel aandacht vanuit de VN, via UNCOPUOS, naar landen toe  om aandacht om hun nationaal ruimtevaartbeleid goed op orde te brengen.  Saari toont dat het huidige Maleisisch ruimtevaartbeleid nog veel hiaten kent en stelt een nieuw beleid voor dat als ‘specimen’ kan dienen voor een betere wet. Het ruimtevaartbeleid valt onder de verantwoordelijkheid van het ministerie van ‘Sains, Tecnologi dan Inovasi’ MOSTI, gehuisd in de statige diplomatieke wijk Putrajaya, even ten zuid-westen van Kuala Lumpur. Het hart dat het beleid gestalte moet geven vormt ANGKASA i.s.m. met de nationale wetenschaps- en veiligheidsraad. In het kader van de tweede ‘science and technology policy’ is binnen MOSTI een  infrastructuur in het leven geroepen gericht op ruimtevaart gerelateerde onderwerpen. Er bestaan vijf onderdelen van deze ‘divisie’; a. Sea tot Space Division, kennisacquisitie van zee en ruimte (2007) b. ANGKASA (2002), c. het Malaysian Remote Sensing Agency (1988), d. MMS, het meteorologisch instituut en e. ATSB, Astronautic Technology (M) Sdn Bhd (1995), overheidsbedrijf satelliettechnologie. ANGKASA ingericht op vier pijlers, technologie, educatie, human resources en space system engineering. ANGKASA’s taak is mede het uitstippelen van het ruimtevaartbeleid. Het ANGKASA huist op een half uur rijden van KL te Banting in de provincie Selangor, en leidt tevens het National Observatory te Langkawi Island alsook  het Planetarium Negara te Kuala Lumpur (l.o.).

Planetarium Negara, KL Bron; PvO

ANGKASA opgericht in 2002 door Dr. Mazlan Othman, astrofysicus, was verantwoordelijk voor het opzetten van het Program Angkasawan Negara en heeft een leidende rol in het formuleren van het  het ruimtevaartbeleid. Het MRSA en het MMS zijn zeer belangrijk voor het monitoren van de rijstoogst, rampenbestrijding alsook het precision farming’. Aan de non-gouvernementele kant zijn  de twee bedrijven MeaSAT Systems en Astra holdings belangrijke spelers, ze zijn de ontwerpers en bouwers’, i.s.m. bedrijven als SSTL, Setrec en Boeing, van de Maleisische satellieten.

ANGKASA Bron; PvO

ANGKASA is verantwoordelijk voor het Maleisische satelliet programma en haar lanceringen. Drie satellieten: TiungSAT-1, was de allereerste satelliet, geproduceerd door Astronautic Tech   (ATSB) i.s.m. SSTL. RazakSAT, (2009-11) i.s.m. Zuid-Korea gemaakt woog 180 kg., gelanceerd op de Falcon1 raket, en werd geplaatst in  een unieke NeqO, de eerste Remote Sensing satelliet in een equatoriale baan. Uitgerust met een HR Medium-Sized Aperture Camera (MAC). Het moest voorzien in hoge resolutie beelden van Maleisie voor landmanagement en bosbouw.Ten derde de MeaSAT, 4 commsats, geproduceerd door MeaSAT Systems (MSS) i.s.m. Orbital Sciences en Boeing. Eerst genoemde was het allereerste succes  en geïnitieerd door Astronautic Tech Sdn Bhd (ATSB).

MeaSAT 1 en 2 Bron; Wikipedia

MeaSAT-1 en -2 werden gelanceerd in 1996. Beiden moesten ze 12 jaar voorzien in direct-to-user tv services, als aanvulling op de algemene communicatie service in de regio, van Maleisië tot de Filipijnen. Beide satellieten zijn gecategoriseerd als high-power Boeing 376HP commsats die voorzien in C-band coverage voor zowel Azië als Australië als Hawaï. Ze pionierden ook het gebruik van de Ku-band transponder in de zuidoost Aziatische gebieden met overvloedige neerslag als Indonesië en Oost-Australië enz. De vierde MeaSAT-3B is in 2014 gelanceerd en bedient een gebied dat zich uitstrekt van Oost-Europa tot Oceanië.

N.a.v. instemming van de regering op 7 februari j.l. met het ‘Malaysian Space Policy 2030’ ruimtevaartbeleid, verscheen er een artikel in het ‘Coordinates’ magazine van april 2017 j.l. Het Indiaas maandelijks magazine behandelt vooral nieuws over navigatie, plaatsbepaling en geeft de laatste updates op dit gebied. Het artikel is geschreven door Dr. Noordin B. Ahmad  S. Ismail, resp. directeur en hoofd ruimtevaartbeleid ANGKASA en  getiteld ‘NSP 2030; Driving the Space Sector in Malaysia. Figuratief aan de hand van twee modellen schetsen ze de NSP. Het eerste figuur toont de algemene structuur van de NSP 2030, gebaseerd op vijf ‘thrusts’, het optimaliseren van toegang tot de ruimte in het algemeen, de focus op remote sensing en navigatie o.a. i.v.m. de veiligheid van het land, stimulering wetenschappelijk lucht- en ruimtevaartonderwijs, ontwerp van een strategisch businessmodel voor de industrie en als laatste meer internationale samenwerking. Hierbij  becommentariëren de auteurs hun keuzes. Het tweede figuur toont met name de centrale rol qua beleidsformulering die voor ANGKASA, in nauwe samenwerking met de binnenlandse veiligheids- en  wetenschapsraad, is weggelegd.  Een degelijk raamwerk te creëren die als legale basis voor nationale ruimtevaartbeleid kan dienen komt mede ten goede aan de transparantie van alle aan ruimtevaart gerelateerde activiteiten. Opdat de in totaal vier gekozen doelstellingen, verhoging van de productiviteit, het optimaliseren van ruimtevaartmogelijkheden,  investering arbeidskapitaal en conformiteit naar internationale verdragen, haalbaar worden. De MNSP (ook wel Malaysian Aerospace Blueprint 2030) is in lijn gebracht met DSTIN, meer  algemener wetenschappelijk en innovatierichtlijn, doordat ze toegang tot de ruimte(vaart) zekert stelt, een betere coördinatie garandeert, en als ‘mal’ dient om de ruimte(vaart)sector,  ook naar de toekomst toe, een degelijke legaal fundament te bieden. Hier is een grote rol weggelegd voor ANGKASA, die de beleidslijnen uit moet blijven zetten.   Het algemeen belang strekt zich breder naar zowel een groeiende economische ontwikkeling, meer binnenlandse veiligheid en welvaart.

Bronnen:

Dr. C. Saari Binti, dissertatie ‘Future Perspectives for Malaysian Space Law, Leiden, Fac. Air- and Spacelaw, Leiden, 2014 / https://openaccess.leidenuniv.nl/handle/1887/29353

NVR, PDF archief, 2016/1;  http://www.ruimtevaart-nvr.nl/pagina.php?pagina_id=18&onderdeel_id=1&cat_id=5&ms=26#RV2016

http://astronautik.blogspot.nl/

‘National Space Policy 2030; Driving the space sector in Malaysia’, Dr. N.B.Ahmad, S.Ismail, Magazine ‘Coordinates’, CMPL Ltd, april 2017, India.

 

Laat wat van je horen

*