22 januari 2018

Nee, het is geen megastructuur van aliens die het gedrag van Tabby’s Ster veroorzaakt

Impressie van een ring van stof rondom Tabby’s ster. Credit: NASA/JPL-Caltech

Beetje bij beetje wordt het raadsel van Tabby’s Ster (‘de meest mysterieuze ster in het heelal’, ook wel bekend als Boyajian’s ster of KIC 8462852) opgelost. Met NASA’s Kepler ruimtetelescoop werden jaren terug grote dips waargenomen, die niet verklaard konden worden door ‘normale’ astronomische processen. De sterrenkundige Jason Wright kwam toen zelfs met het idee dat een hoogintelligente buitenaardse beschaving wellicht verantwoordelijk zou zijn voor de dips, doordat ze om de ster KIC 8462852, die 50% groter dan de zon is en zo’n 1000 graden warmer, een Dysonbol aan het bouwen zijn, die op bepaalde momenten het licht weg neemt. De voorpagina’s met krantenkoppen over alien megastructuren waren vanaf dat moment niet meer weg te denken. Die krantenkoppen kunnen nu weer vernieuwd worden, want duidelijk is dat de dips in de lichtkracht NIET veroorzaakt worden door een dysonbol of andere megastructuur van aliens.

KIC 8462852 links in infrarood (2MASS survey) en rechts in ultraviolet (GALEX).

Onderzoek van meer dan 200 sterrenkundigen onder leiding van Tabetha Boyajian – naamgever van Tabby’s ster – van de Penn State Universiteit laat zien dat het licht van de ster op de ene golflengte meer verzwakt dan op de andere. De waarnemingen zijn gedaan tussen maart 2016 en december 2017 door het Las Cumbres Observatorium (LCO), dat beschikt over een wereldwijd netwerk van robotische telescopen en grote telescopen, waaronder de Gran Telescopio de Canarias (GTC). De waarnemingen werden financieel gesteund door een campagne die gehouden werd op Kickstarter en die door meer dan 1700 mensen werd ondersteund. De campagne leverde meer dan $100.000,- op.

In de waarneemperiode werden vier dips in de lichtcurve van Tabby’s ster gedetecteerd, allemaal in 2017, die alle vier een naam kregen (zie ook de afbeelding hierboven):

  • Vanaf 14 mei (“Elsie”; 2% dip)
  • Vanaf 11 juni (“Celeste”; 2% dip)
  • Vanaf 2 augustus (“Skara Brae”; 1% dip)
  • Vanaf 5 september (“Angkor”; 2.3% tot 3% dip)

De metingen wijzen er op dat verschillende kleuren afnamen met verschillende intensiteit. De dalingen zijn bijvoorbeeld dieper in het blauw dan in het rood. Zou er een solide megastructuur om de ster zijn, dan zou de daling in alle kleuren even intensief moeten zijn. Eerder moet daarom gedacht worden aan een diffuse bron van de lichtdips. Men denkt daarom dat de oorzaak ligt in een ring van microscopisch kleine stofdeeltjes rondom de ster.

Hierboven zie je de Elsie-dip, die op 14 mei startte, in drie verschillende banden (blauw B, rood r’en nabij-infrarood i’). De grootte van de stofdeeltjes die verantwoordelijk zijn voor de dips in de banden B, r’ en i’ worden geschat op respectievelijk 0,4361,  0,6215 en 0,7545 micrometer. Er zou ook nog een mogelijkheid zijn dat de ster omgeven is door een zwerm van uiteenvallende kometen. De daadwerkelijke oorzaak voor het gedrag van Tabby’s ster moet daarom nog verder uitgezocht worden. Het resultaat van de waarnemingen is hier terug te lezen: The First Post-Kepler Brightness Dips of KIC 8462852, gepubliceerd in The Astrophysical Journal Letters. Bron: PSU + Francis Naukas.

Reacties

  1. De onmogelijke gok. Deze ster begint rond een zwart gat te tollen. Fout. Is het mogelijk dat een klein zwart gat rond een ster tolt ? Is het mogelijk dat lang niet alle zwarte gaten uniform zijn ?

  2. Dat lijkt mij uitgesloten. De ster vertoont geen radiële snelheid, die er op wijst dat ‘ie om een ander object draait. En zo’n zwart gat zou zich verraden door röntgenstraling van z’n accretieschijf, maar die is niet waargenomen.

  3. Op naar de volgende theorie….

Laat wat van je horen

*