19 augustus 2018

Over het leven na de dood van sterren

E.P.J. van den Heuvel bij sterrenkundevereniging Chr. Huygens

Gisteravond was Edward van den Heuvel bij sterrenkundevereniging Chr. Huygens in Papendrecht om daar een lezing te geven over het leven na de dood van sterren. Een zeer boeiende lezing in een goed gevulde zaal, die ging over witte dwergen, neutronensterren en zwarte gaten, de drie bekende categorieën van extreme objecten na de fase van fusieverbranding van sterren – met enige regelmaat onderwerpen van blogs alhier.

De Krabnevel, ook bekend als M1, is een supernovarest in het sterrenbeeld Stier (Taurus). Credit: NASA/ESA

In z’n lezing kwam op een gegeven moment de Krabnevel (M1 – zie de afbeelding hierboven) in het sterrenbeeld Stier ter sprake, het restant van de supernova die in 1054 aan de hemel verscheen en die maanden te zien was, zelfs overdag. Van die supernova was bekend dat ‘ie onder andere door Chinese astrologen was waargenomen, maar dat er geen meldingen van waarnemingen uit West-Europa bekend waren. Maar dat klopte niet, want van den Heuvel meldde dat er wel degelijk een waarneming in Vlaanderen was gedaan, door een monnik, die de verschijning van de nieuwe ster in verband bracht met de dood van de paus. Ik had daar niet eerder van gehoord en daarom ben ik even in die waarneming gedoken. Het blijkt te gaan om een monnik, die hoorde bij de St. Pieterskerk in het Vlaamse Oudenburg. In een kroniek genaamd Tractus de ecclesia S. Petri Aldenburgensis staat te lezen dat op het moment van de dood van Paus Leo IX (1002-1054) er over de hele wereld ‘een cirkel verscheen van buitengewone helderheid’, die ongeveer een half uur te zien was. Hieronder een fragment van de oorspronkelijke tekst in het Latijn (onderaan) en de Engelse vertaling.

Paus Leo IX stierf op 19 april 1054, twee en een halve maand eerder dan de 4 juli 1054, die altijd als datum wordt aangehouden voor het verschijnen van de supernova. Vandaar dat drie Italiaanse sterrenkundigen in dit vakartikel uit 1994 beargumenteren dat de datum van SN1054 herzien moet worden en ongeveer drie maanden naar voren moet worden geschoven.

Edward van den Heuvel is emeritus hoogleraar van de Universiteit van Amsterdam. Het boek dat hij samen met prof. Cornelis de Jager in 1972 schreef, ‘Ontstaan en levensloop van sterren’, ken ik al meer dan veertig jaar, want toen ik ergens medio 1976 actief aan sterrenkunde ging doen was dat één van de eerste boeken die ik aanschafte. Gisteravond had ik de eer om samen met collega-blogger Jan Brandt Van Den Heuvel van het station in Dordrecht op te halen en naar de sterrenclub te brengen. Ik had de klassieker van Van den Heuvel meegenomen in de auto en ik vroeg hem uiteraard deze te willen signeren. Dat deed hij (zie boven). Jan moest ook nog ergens een exemplaar van het boek op zolder liggen, maar talloze speurtochten afgelopen week leverden hem nog minder op dan de speurtochten naar donkere materie. Als goedmakertje konden we wel een leuke selfie met ons drietjes maken, toen we Van Den Heuvel na afloop weer bij het station afleverden.

 

Reacties

  1. Jan Brandt zegt:

    Yeah….het was een hele leuke avond met één van de vele “astro-iconen” die onze vaderlandse sterrenkunde-wereld steeds maar weer weet voort te brengen…..een hele aardige “gozer” en tevens een strakke boeiende lezing.
    Nu moeten ook nog eens een keertje de leermeester van professor Edward van den Heuvel..nog zo’n “astro-icoon van wereldformaat”, dik in de 90 en nog steeds heftig actief op sterrenkundig gebied (en blijkbaar net zoals Arie horror..oh horror ook een fanatiek marathonloper!) ….professor Cornelis de Jager zien te strikken voor een kluplezing.
    Dat schijnt ie in Utrecht in elk geval nog steeds te doen…maarre….misschien ziet ie een uitstapje naar Papendrecht ook nog wel zitten. Ik vind zijn (astro)geschiedenistukjes in ZENIT altijd zulk heerlijk leesvoer!!

    Afijn, Ik ga toch nog maar eens verder zoeken naar mijn exemplaar van “ontstaan en levensloop van sterren” want ook al was het dus een zeer geslaagde avond, dan was dit toch wel even een klein uitglijertje richting het grote enge zwarte gat!!

    • Ill Matilled zegt:

      “…dik in de 90 en nog steeds heftig actief op sterrenkundig gebied…”

      Ja, het valt op dat de ouwe generatie onderzoekers nog steeds zeer goed bij is mentaal en fysiek lijken ze ook niet te veel betutteling nodig te hebben. Ze lopen zonder hulpmiddelen, zorgen voor zichzelf en geven desnoods een toegankelijke show van inzicht en dedicatie zonder enige teken van dementie, verwarring of hulpeloosheid.

      Ze vroegen onlangs François Englert (België, 84 jaar) die het BEH-deeltje voor het eerst kloppend wiskundig heeft beschreven hoe hij erover dacht dat de ontdekking, in combinatie met een laat toegewezen Nobel-prijs, aan Peter Higgs wordt toegeschreven. Hij zei dat het hem “geen moer kon schelen” met de kanttekening dat hij het wel jammer vond dat collega onderzoeker Robert Brout (België, overl. 2011) het niet meer in levende lijve kon meemaken. Hij zegt ook dat de theoretische fysica in een ‘crisis’ zit en dat Anderson en Nambu de theoretische weg hebben geplaveid die uiteindelijk zou leiden tot de ontdekking. Op de nijpende, dringende vraag wat tegenwoordig het voornaamste struikelblok vormt antwoordt hij direct: ‘quantumzwaartekracht’ oftewel de lang gezochte brug tussen quantummechanica en de algemene relativiteitstheorie met de kanttekening dat er volgens hem ‘meer’ nodig is dan een lame-ass, onbewijsbare (excuses voor mijn Frans) snaartheorie.

      Gerardus ’t Hooft (Nederland, 71), ook een veteraan inmiddels, is evenzo voorzichtig en waarschuwt alvast dat alhoewel supersymmetrie ‘heel mooi’ is het niet persé waar hoeft te zijn en de daaromheen gebouwde mentale excursies zoals de “supersnaartheorie” dus ook niet en dat het ‘beauty’ aspect te veel wordt aangehangen wat verdere ontwikkelingen in de weg staat. Als er om wordt gevraagd geeft hij ook een simpel, direct antwoord: “de aanwijzingen zijn voor mij niet overtuigend”.

      De stamoudsten weten dus nog steeds een emergente, moderne wereld-psychose voor te blijven door simpelweg nuchter en productief te denken en dragen met of zonder prijzen, ego of pigment-, kind-, homo-vrees bij aan de wetenschappelijke vooruitgang.

      Ik denk dat we het ‘cool’ zijn zouden moeten herdefiniëren om de echte (oude) helden te eren en te volgen zodat wij onze eigen weg kunnen vinden temidden van catastrofale biologische ontwikkelingen zoals het zichtbaar verdwijnen van insecten en andere levensvormen op aarde.

      Dat we zeer binnenkort klassikaal op onze ‘onwetende’ flikker gaan krijgen staat buiten kijf en ik denk niet dat we al te goed voorbereid zijn op het dragen van de consequenties dat we te lang, te uitbundig op te grote voet hebben geleefd terwijl we het wel beter wisten en onterugdraaibare, bijzonder kostbare tijd hebben verkwanseld aan vergankelijkheid en ronduit niet kloppende, onharmonische ideologieën en sociaal geaccepteerde waanideeën nu al duizenden jaren lang.

      Het weer is wel schitterend. Dat dan weer wel.

  2. Enceladus Enceladus zegt:

    De zolder van heeft sinds deze week de bijnaam ‘Zwart Gat’, als ik het goed begrijp? 😉

    Zonnige groeten,
    Gert (Enceladus)

  3. Paul Bakker Paul Bakker zegt:

    Jammer dat ik er niet bij kon zijn. Maar fijn dat het een geslaagde avond was!

  4. Obelix Obelix zegt:

    18 dagen voor 1 mei is tegenwoordig 13 april, en zelfs volgens de Juliaanse kalender had april 30 dagen….
    Waar gaat het mis?

    Dat een monnik voor “30 hele minuten” een ‘kroon voor Leo’ ziet, lijkt mij niet het zelfde verschijnsel dat Chinese astrologen maanden lang een verschijnsel zien waar wij de “ontsteking” van de Krab-nevel aan koppelen. Vooral niet omdat ook het jaargetijde niet overeenstemt.

    Groet, Paul

Laat wat van je horen

*

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.