Wil je de foto bovenaan met die twee OB-associaties en de stercluster NGC 6910, dan moet je deze versie ervan even downloaden.
Bron: NASA.
Noot:
Astronomisch nieuws, wetenswaardigheden én persoonlijke opinies
Wil je de foto bovenaan met die twee OB-associaties en de stercluster NGC 6910, dan moet je deze versie ervan even downloaden.
Bron: NASA.
Noot:
Bron: Science Daily.

Door het licht van de gammflitser te analyseren op de verschillende absorptielijnen krijgt men een indruk van de chemische samenstelling van de sterrenstelsels.
Bron: ESO.

Een jaar geleden ontdekte de gammasatelliet Fermi van de NASA dat zich aan weerszijden van de kern van de Melkweg twee gigantische gasbellen bevinden, die zich verraden door de gamma- en röntgenstraling die ze duitzenden. Iedere bel is wel zo’n 20.000 lichtjaar in doorsnede, een kwart van de gehele doorsnede van het Melkwegstelsel. De straling is afkomstig van een zich uitbreidende schokgolf, waarbij elektronen in botsing komen met fotonen, die daardoor in energie toenemen en gammastraling worden. De vraag is wat de schokgolf heeft veroorzaakt. Een groep sterrenkundigen onder leiding van Kwong Sang Chen (Universiteit van Hong Kong) denkt dat de oorzaak het centrale superzware zwart gat de Melkweg is – 4,31 miljoen zonmassa op de weegschaal – dat de bellen als gigantische kosmische boeren heeft gelaten na het verorberen van een complete ster. Eens per 1000 jaar ongeveer komt een ster te dicht in de buurt van het zwarte gat, aldus Chen en kornuiten, en dan komt een deel in het zwarte gat. De rest wordt in de vorm van protonen uitgeboerd. Die komen in botsing met het omringende gas en stof. Dat wordt verhit en er ontstaat een expanderende schokgolf van electronen. Die kan zich in het vlak van de Melkweg slecht voortbewegen, maar van het vlak af – zowel naar ‘onderen’ als naar ‘ boven’ – kan de schokgolf zich ongehinderd uitbreiden. De protonen die in eerste instantie uitgeboerd worden door het zwarte gat spelen nog een rol, want een deel ervan bereikt de aarde in de vorm van hoog-energetische kosmische straling.
Bron: Technology Review.
Bron: New Scientist.

Met de Amerikaanse satelliet Fermi1 – genoemd naar de Italiaans-Amerikaanse natuurkundige Enrico Fermi – bestuderen ze de gammastraling afkomstig van diverse bronnen uit het heelal. Begin dit jaar werd de tweede catalogus gepubliceerd, welke welgeteld 1873 objecten bevat. Allemaal waargenomen met Fermi’s Large Area Telescope (LAT). Vandaar dat ze spreken van de LAT 2-year Point Source Catalog, yep allemaal puntbronnen. Het is een bonte verzameling van allerlei soorten van objecten, variërend van zogenaamde blazars – actieve sterrenstelsels, wiens ‘motor’ wordt aangedreven door een supermassief zwart gat – via pulsars tot actieve dubbelstersystemen. Het merendeel van de door Fermi waargenomen 1873 objecten blijkt te bestaan uit blazars, zoals blijkt uit dit schema:
De categorie ‘unknown’ is interessant, omdat de precieze aard van de gammabronnen (nog) niet bekend is en verder onderzoek duidelijk moet maken waarmee we te maken hebben. De wel geïdentificeerde bronnen zijn ook boeiend en de betrokken wetenschappers hebben een top 10 samengesteld van de meest interessante ervan, allen te bekijken in de bron. Enkele van die tien zijn de Krabnevel en Centaurus A.
Bron: NASA.
Bron: Chandra.

Sterrenkundigen hebben met behulp van de Fermi gammasatelliet een dubbele uitbarsting in gammalicht waargenomen, veroorzaakt door een botsing van een pulsar met materiaal dat door een nabije ster was uitgeworpen. De pulsar, genaamd PSR B1259-63, in het sterrenbeeld Zuiderkruis (Crux) op een afstand van 8000 lichtjaar, draait in 3,4 jaar rondjes om de ster LS 2883. Pulsars zijn snel ronddraaiende objecten, die het overblijfsel zijn van zware sterren, wiens buitenlagen na een kort maar heftig leven in een supernova zijn weggeblazen. De overgebleven kern in het geval van PSR B1259-63 is zo’n 20 km groot, telt twee zonmassa op de weegschaal en draait maar liefst 21 keer per seconde om z’n as. LS 2883 is een hete blauwe Be-ster, maar liefst 24 keer zo zwaar en 9 keer zo groot als onze zon en omgeven door een grote gasschijf. De pulsar heeft een sterk eccentrische baan om de ster en op 15 december 2010 bereikte de pulsar z’n perigeum – de kortste nadering tot de ster, een afstand van bijna 100 miljoen km. Zoals je op de afbeelding hierboven ziet ging de pulsar tot twee keer toe door de gasschijf van LS 2883: de eerste keer in nov/dec 2010, de tweede keer jan/feb 2011. De eerste keer leverde een lichte gamma-uitbarsting op, de tweede keer een sterke uitbarsting, beiden waargenomen door Fermi. Het is niet de eerste keer dat men zo’n duo-uitbarsting in gammalicht waarneemt. In 2006 werd het waargenomen in hetzelfde dubbelstersysteem met de Europese XMM-Newton satelliet. De afgelopen dubbele uitbarsting was dus ook verwacht en bleek inderdaad plaats te vinden. In de video hieronder meer info over deze bijzondere gebeurtenis:
In 2014 is het volgende perigeum en men hoopt dan te kunnen verklaren waarom de tweede gamma-uitbarsting zoveel krachtiger was dan de eerste.
Bron: NASA.
Bron: Cosmic Variance + Vixra.

Zoals aangekondigd zal straks vanaf 21.00 uur Nederlandse tijd een wereldwijde discussie worden gevoerd via Twitter over de waarnemingen van de gammasatelliet Fermi aan kosmische straling, mogelijk verband houdend met donkere materie. Dat is de Astronomy Journal Club! Je kan hieronder live de discussie volgen – tweets worden iedere 30 seconden ververst. Wil je zelf ook meedoen dan moet je via je eigen Twitter-app gezellig meekletsen en de hashtag #astroJC of #astrojc gebruiken:
Knopje rechtsonder (‘view more’) geeft je uitzicht op àlle tweets
Copyright © 2012 · Genesis Framework · WordPress · Log in
Social profiles Adrianus V