7 februari 2012

Variatie in duinenvelden op Titan verklaard door hoogte en breedtegraad

Duinen op Titan (links) en in Saoedi-Arabië (rechts)

Op Titan, de grootste maan van Saturnus, komen uitgebreide duinenvelden voor. Maar liefst 13% van het oppervlak van de maan is bedekt met duinen, zich uitstrekkend over een gebied ter grootte van Canada, da’s zo’n 10 miljoen vierkante km. Hoewel de duinen op Titan qua vorm overeenkomen met soortgelijke duinen op aarde in Namibië en Saoedi-Arabië, zijn ze qua afmetingen veel groter. Gemiddeld zijn ze 1 á 2 km breed, 100 km lang en wel 100 meter hoog. Gebruikmakend van de radargegevens van de sonde Cassini,  die al een paar jaar om Saturnus draait, heeft Alice Le Gall (o.a. LATMOS-UVSQ, Parijs) ontdekt waardoor de variatie in de duinen op Titan ontstaat: door de hoogte en door de breedtegraad. De duinen komen vooral voor in de laaglanden op Titan en in de equatoriale zone, in een strook tussen 30°Z  en 30°N. Op het noordelijk halfrond blijken de duinen ook smaller te zijn en staan ze verder van elkaar af, hetgeen vermoedelijk komt door de elliptische baan van Saturnus om de zon. De geringde planeet doet zo’n 30 jaar over één omwenteling en in de seizoenen, die ieder zo’n zeven jaar duren, krijgt de zuidelijke helft van Titan iets meer zonnewarmte dan de noordelijke helft. De duinen op Titan bestaan niet zoals op aarde uit silicaten, maar uit vaste korrels hydrokoolstof, die neerdwarrelen uit de atmosfeer. Op het noordelijk halfrond zijn de omstandigheden vochtiger en daarom zijn die korrels er zwaarder, zodat de duinen minder kans hebben om er uit te breiden. Op de afbeelding linksboven zie je links twee door Cassini waargenomen duinen op Titan, Belet en Fensal genaamd, rechts vergelijkbare duinen op aarde, beiden in het gebied Rub Al Khali in Saudi Arabië. :bron: Bron: ESA.

Saturnus-achtig ringensysteem ontdekt dat ster bijna 2 maanden verduistert


Sterrenkundigen van de Universiteit van Rochester hebben bij een op onze zon lijkende ster in het zuidelijke sterrenbeeld Centaurus een ringensysteem ontdekt, dat er voor gezorgd heeft dat het licht van de ster vanaf de aarde gezien bijna twee maanden lang werd verduisterd. Het systeem werd ontdekt in het kader van het internationale SuperWASP (Wide Angle Search for Planets) en All Sky Automated Survey (ASAS) project, waarbij sterren van de nabije Scorpius-Centaurus associatie in de gaten worden gehouden. Het draait allemaal om de ster 1SWASP J140747.93-394542.6, alias ASAS J140748-3945.7 –  leuk om te onthouden – die zich 420 lichtjaren van ons bevindt en die qua massa vergelijkbaar is met de zon. In één opzicht is er een duidelijk verschil met de zon: 1SWASP J140… etc is slechts 16 miljoen jaar oud, da’s 1/300e van de leeftijd van de zon. Scheelt een poepie. In 2007 werd al opgemerkt dat de ster gedurende 54 dagen achteruit ging in lichtkracht, waarbij maximaal 95% van het sterlicht werd geblokkeerd (zie afbeelding hieronder). Meestal duurt het dipje van een passerende exoplaneet enkele uren, maar die 54 dagen is extreem lang. Ook kwam er vier keer een korte onderbreking van de lange dip.

Nadat het Rochester-team andere verklaringen kon uitsluiten – een sferische ster bijvoorbeeld en een stofschijf om de ster – kwam er maar één logische verklaring uit de bus: de verduistering moet veroorzaakt zijn door een gigantisch ringensysteem, bestaande uit vier ringen, met tussenruimtes. Het systeem is enkele tientallen miljoenen kilometers groot, gigantisch als je het vergelijkt met de ringen van Saturnus, die zo’n 300.000 km groot zijn. De vraag is: wat bevindt zich in het midden van het ringensysteem? Een planeet of een bruine dwerg? Die vraag kan op dit moment nog niet beantwoord worden, omdat de massa door het ontbreken van gegevens over de Doppler-verschuiving niet bekend is. Als de massa tussen 16 en 75 Jupitermassa ligt, dan is het een bruine dwerg, een soort van mislukte ster. Is de massa onder de 16 Jupitermassa, dan is het een super-Jupiter, eh… nee meer een super-Saturnus. :bron: Bron: Univ. van Rochester.

Saturnus is echt groot


Ik kwam deze foto tegen van Saturnus, z’n ringen – inclusief de schaduwen daarvan op Saturnus – en Enceladus, de maan die we vooral kennen van z’n actieve geisers op de polen. Gemaakt door de sonde Cassini op 4 november 2011 met z’n ‘wide-angle camera’. De afstand tot Saturnus was op dat moment 1,2 miljoen km, tot Enceladus 1 miljoen km. Door deze foto krijg je een goed indruk hoe groot Saturnus wel niet is. Even wat cijfers: de middellijn van Saturnus is 120.536 km, die van Enceladus 498 km. Scheelt een tikkeltje. Wie op de foto hierboven dubbelklikt en de grote versie bekijkt ziet een stukje links van Enceladus nog een zwart puntje, ook onder de ringen te zien. Nee, da’s geen vuiltje op de foto, dat is de nog kleinere maan Epimetheus, 113 km in doorsnede. Op Bad Astronomy was nog een lezer die in bovenstaande foto de Verenigde Staten had geplakt op dezelfde schaal, om een nog beter beeld te krijgen van de grootte van Saturnus. Mmmmm, moeten wij daar niet een afbeelding van Europa in plakken? :-) :bron: Bron: Bad Astronomy.

Alle zeven planeten zijn in één nacht te zien!


Wat dacht je er van om in één nacht alle zeven planeten van het zonnestelsel te bekijken? Grijp deze week je kans, want de omstandigheden om dat te doen zijn nu erg gunstig. Eh… zeven planeten, het zonnestelsel had toch acht planeten? Yep klopt, op eentje er van sta je nou. ;-) De andere zeven zijn als volgt te zien:

  • Venus zie je in het zuidwesten in de avondschemering. Hij is nu al erg helder, dus het kan niet missen om ‘m te zien.
  • Neptunus is een stuk lastiger, daar heb je een verrekijker of telescoop voor nodig. Gebruik deze pagina voor meer opzoekgegevens.
  • Dat geldt ook voor Uranus, ook die is niet met het blote oog zichtbaar. Hij staat in het sterrenbeeld Vissen en kan met de info op deze pagina worden opgezocht.
  • Jupiter is ‘s avonds en tot lang na middernacht zichtbaar en net als Venus kan je de reuzenplaneet zonder hulpmiddelen gemakkelijk zien. Neptunus en Uranus staan zo’n beetje tussen Venus en Jupiter in, om het opzoeken iets te vergemakkelijken.

Voor de drie andere planeten moet je even tot ‘s morgens een uur of zes wachten – oeps!

  • Mercurius zie je in het zuidoosten staan, laag aan de hemel. De maansikkel staat er vlakbij. Om Mercurius te kunnen zien heb je geen verrekijker, want hij is van de nulde grootte. Wel moet je een vrij uitzicht op de horizon hebben.
  • Saturnus staat een stukje hoger aan de hemel, te noordoosten van de ster Spica, hoofdster van het sterrenbeeld Maagd. Ook deze planeet kan je zonder kijker zien, al kan je ‘m natuurlijk beter mét kijker zien, om de ringen te bewonderen.
  • Tenslotte kunnen we Mars in het zuiden zien staan. Hij komt al rond middernacht op en hij staat in het sterrenbeeld Leeuw. Ook Mars is zonder hulpmiddelen zichtbaar.

Kortom mensen, grijp je kans en ga alle zeven planeten buiten de aarde bekijken. Succes! :bron: Bron: Sterrengids 2011 + Space.com.

Enceladus voedt enorme donutachtige wolk vol water rondom Saturnus


Een gigantische wolk vol met waterdeeltjes rond de planeet Saturnus, met de vorm van een donut of torus, blijkt gevoed te worden door de maan Enceladus. Zo blijkt uit waarnemingen die gemaakt zijn met de Europese infrarood-satelliet Herschel én uit computerberekeningen. Dát Saturnus omringd wordt door zo’n wolk werd al langer vermoed, onder andere door waarnemingen gedaan met de Voyager, de Hubble ruimtetelescoop, het Infrared Space Observatory (ISO) en de Submillimeter Wave Astronomy Satellite. Herschel kon die vermoedens voor het eerst bevestigen. Dát Enceladus via z’n geisers op de noord- en zuidpool wolken vol waterdamp uitstoot wisten de sterrenkundigen ook al, sinds de sonde Cassini dat in 2005 voor het eerst waarnam. Maar nu blijkt er dus een direct verband te zijn tussen de donut-wolk vol water om Saturnus – 600.000 km in diameter en zo’n 60.000 km dik – en de door Enceladus uitgestoten waterdamp. Eerder was al duidelijk geworden dat die waterdamp in de E-ring rondom Saturnus terecht komt. De waterdeeltjes in de donutring verdwijnen op den duur deels weer in de ruimte, maar een klein gedeelte – zo’n 3 á 5% – weet via het ringenstelsel in de bovenste delen van de atmosfeer van Saturnus te komen. Men had dat water daar al eerder waargenomen, maar zich altijd afgevraagd hoe het er kwam. Vanuit de lagere, warme gedeeltes van de atmosfeer van Saturnus is het niet mogelijk voor waterdeeltjes omhoog te stijgen en de hogere delen te bereiken. Er moest dus een andere manier zijn en die is nu gevonden in de vorm van de maan Enceladus. Uit de waarnemingen van Herschel blijkt de 500 km grote maan zo’n 200 kg water per seconde uit te stoten, hetgeen een bevestiging is van de schattingen die men aan de hand van waarnemingen met Cassini had gemaakt. :bron: Bron: NASA/JPL.

Een zwarte Saturnus en drie manen

Mooi tafereel, nietwaar? Op de voorgrond zien we de maan Rhea, 1528 km in doorsnede. Rechts ervan de maan Enceladus, bekend op z’n waterdamp spuwende geisers, die ongeveer eenderde van de omvang van Rhea is. En linksachter Rhea zien we Dione, nog een maan van Saturnus, die 1123 km groot is. Tussendoor zien we een deel van de ringen van Saturnus. En Saturnus zelf? Dat is de donkere schaduw links. Cassini nam de foto april dit jaar. :bron: Bron: New Scientist.

Sector 6: golf spelen op één van de manen van Saturnus


Astronaut Alan Shepard heeft het wel eens op de maan gedaan, tijdens Apollo 14 in 1971: een partijtje golf spelen. En in de ruimte heeft de Russische ISS-astronaut Mikhail Tyurin in 2006 een bal héél ver weg geslagen. Maar verder dan dat zijn we als mensheid in de kosmische golfwereld niet terechtgekomen. Maar daar is nu gelukkig verandering in gekomen, want dankzij het online spel Sector 6 kunnen we ook golfen op één van de manen van Saturnus. Gebruikmakend van echte foto’s van negen manen die de sonde Cassini gemaakt heeft kan je op die manen golf spelen. Het is de makers van het spel erom te doen dat je een idee krijgt van de zwaartekracht op zo’n maan. Shepard had te maken met een zwaartekracht die zes keer zo klein was als de aardse zwaartekracht. Op het maantje Hyperion – een vreemd tuimelende ‘spons’, bedekt met organisch stof – is de zwaartekracht zelfs 500 keer kleiner. Best lastig om daar een put te slaan! Afijn, probeer zelfs maar eens een balletje te slaan. Met je muis kan je het spel bedienen: richting bepalen en de kracht van de slag en golfen maar! Succes! :-) :bron: Bron: Cosmic Log.

Die gigantische storm op Saturnus raast maar door


Met de Cassini sonde zagen ze ‘m al op 5 december vorig jaar: een gigantische, witgekleurde storm op de planeet Saturnus. Nu, zeven maanden later, woedt die storm nog steeds en lijkt ‘ie zelfs in hevigheid toegenomen. De storm, hierboven op een recentelijk door Cassini gemaakte foto te zien, is maar liefst 500 keren groter – ding dong 8-O – dan de grootste stormen die zichtbaar waren in de periode 2009-2010. En de bliksems in de superstorm kwamen tien keer vaker voor dan in andere stormen. Net als sommige tsunami’s op aarde doen heeft de storm inmiddels een rondje om Saturnus gemaakt en zichzelf als ‘t ware ingehaald. Vandaag verschenen in het vakblad Nature twee artikelen, waarin wetenschappers in gaan op de alsmaar voortdurende storm. Men spreekt van een Great White Spot (GWS) – yeah, Saturnus heeft witte en Jupiter heeft rode vlekken – en het blijkt dat sinds de allereerste waarnemingen aan de atmosfeer van Saturnus in 1876 zes van die GWS’ waargenomen zijn. Ieder Saturnus’ jaar (≈29,5 aardse jaren) komt zo’n storm één keertje voor. :bron: Bron: NASA/JPL.

De Cassini Missie – de film

Sinds 1 juli 2004 draait de sonde Cassini continue rondjes om de planeet Saturnus, daarbij laverend tussen diens ringen en vele manen. Dat heeft ziljoenen prachtige foto’s en ziljarden wetenschappelijke data opgeleverd, regelmatig onderwerp van Astroblogs. Van die foto’s heeft Chris Abbas van Digital Kitchen een werkelijk prachtige video in de stijl van een film noir gemaakt, waarin o.a. manen als Titan, Rhea en Enceladus, de ringen van Saturnus en uiteraard Saturnus zelf naar voren komen.

CASSINI MISSION from cabbas on Vimeo

Op z’n vimeo-site citeert Abbas de wijze woorden van wijlen Carl Sagan:

Somewhere, something incredible is waiting to be known.

Prachtig gezegd, nietwaar? D’r staan ons nog mooie dingen te wachten. :bron: Bron: Universe Today.

Gigantische storm Saturnus in detail waargenomen

Saturnus 3x: optisch (links) en 2x in het thermisch infrarood

ESO’s Very Large Telescope (VLT) en de ruimtesonde Cassini hebben gedetailleerder dan ooit een zeldzame storm in de atmosfeer van de planeet Saturnus waargenomen. De resultaten van het internationale onderzoek verschijnen deze week in het tijdschrift Science. De atmosfeer van Saturnus lijkt altijd kalm en rustig. Slechts eenmaal per Saturnus-jaar (ongeveer 30 aardse jaren), als het voorjaar wordt op het noordelijk halfrond van de reuzenplaneet, wordt het ver onder de wolken onrustig in de atmosfeer en ontstaat er een enorme verstoring. De laatste grote storm is in december 2010 ontdekt door het instrument aan boord van NASA’s ruimtesonde Cassini dat radio- en plasmagolven onderzoekt. Hij is ook gezien èn gefilmd door sterrenkunde-amateurs. Daarna is de storm bestudeerd door VISIR, de infraroodcamera van de VLT, en het CIRS-instrument op Cassini. Op de afbeelding hierboven zie je in het midden en rechts die IR-opnames. Links is een optische opname, gemaakt door de amateur Trevor Barry (Broken Hill, Australië).  Deze storm is een van de zes gigantische stormen die sinds 1876 op de planeet hebben gewoed. Het is de eerste die is bestudeerd in het thermisch infrarood – waardoor de temperatuurvariaties in zo’n Saturnus-storm te zien zijn – en de eerste die ooit is waargenomen door een om de planeet cirkelend ruimtescheepje. De storm zou zijn ontstaan diep beneden in de waterwolken, waar een fenomeen dat te vergelijken is met een onweersbui, een gigantische convectiepluim heeft gevormd: net zoals hete lucht opstijgt in een verwarmde ruimte, is het gas omhooggestegen en door de normaalgesproken rustige bovenste atmosfeer van Saturnus gestoten. Door een wisselwerking met circulerende luchtstromen die naar het oosten en westen waaien zijn er hoog in de atmosfeer grote temperatuurverschillen ontstaan. :bron: Bron: NOVA.

Switch to our mobile site