Maandelijks archief: mei 2008
Harde schijf van Columbia hersteld
Van de honderden nieuwsberichten die je na een week vakantie gemist heb en die je diagonaal lezend tot je probeert te nemen was er eentje die mij direct opviel: het kunstje dat ene Jon Edwards heeft geflikt door een harde schijf van de Columbia Space Shuttle te ‘recoveren’, en data van die harde schijf, tenminste wat ooit door het leven ging als een harde schijf, af te lezen. De Columbia verbrandde op 1 februari 2003 bij de terugkeer naar Aarde in de dampkring, viel in stukjes uit elkaar en alle zeven bemanningsleden kwamen daarbij om het leven. Edwards, technicus bij Kroll Ontrack inc. uit Minneapolis (VS), kreeg zes maanden na de ramp twee stukken verbrand en zwartgeblakerd metaal in handen, waarvan men zelfs niets wist of het de restanten van één of twee harde schijven waren. Het bleek er uiteindelijk één te zijn, welke informatie moest bevatten over een experiment dat aan boord van de Columbia was uitgevoerd met behulp van vloeibaar xenon. De 340 Mb grote schijf bleek voor de helft gevuld met data en de meeste onherstelbare delen bevatten geen data. Door de schijf met een speciaal chemisch goedje te behandelen wist Edwards 99% van de data te herstellen. Een geluk daarbij was dat de schijf nog onder DOS werkt [1]Bij de NASA hebben ze vaker dat soort ouderwetse besturingssystemen. Daarvan weten ze tenminste zeker dat het werkt en dat kan je niet zeggen van zoiets als Vista., die de bestanden nog bij elkaar zet op een schijf en ze niet los verspreid. Twee andere schijven van de Columbia die Edwards in bezit kreeg waren helaas niet meer te redden. Een artikel over het experiment met het vloeibare xenon dat in de Columbia werd uitgevoerd is hier te lezen. Bron: NASA watch.
References
| ↑1 | Bij de NASA hebben ze vaker dat soort ouderwetse besturingssystemen. Daarvan weten ze tenminste zeker dat het werkt en dat kan je niet zeggen van zoiets als Vista. |
|---|
Ik ben d’r weer + NGC 4631
Het bijgeplaktje plaatje, waar ik echt wel trots op ben, betreft een 20 minuten belichte opname van het Melkwegstelsel NGC 4631 (die grote) en NGC 4627 (die kleine) in het sterrenbeeld de Jachthonden. NGC 4631 is ook bekend onder de namen Arp 281 en “the whale galaxy”………dit laatste ondat hij/zij valt onder de cattegorie “peculiar galaxies”……. In principe is NGC 4631 geclassificeerd als waarschijnlijk een Sc melkwegstelsel maar omdat het stelsel duidelijk zichtbare vervorming vertoont door interactie met o.a. het dichtbij staande dwergstelsel (zie foto) NGC 4627, valt zij ook onder de “interactieve”stelsels……. Ofwel wellicht het toekomstbeeld van wat “ons” nog te wachten staat als de Amdromeda-nevel bij ons op de thee komt… NGC 4631 is er weer zo eentje waarvan je bij eerste kennismaking meteen gaat afvragen waarom deze over het hoofd is gezien door ene meneer Messier want ook voor deze “Edge-on beauty” geldt dat onbekend (lees het hebben van een NGC nummer inplaats van een M-nummer!!) zeer onterecht onbemind maakt……want….dit stelsel kan zich zowel visueel als fotografisch prima meten met zijn/haar andere veel beroemdere “edge-on starburst” broeder, M82, in de grote beer.
Mooie foto hoor Jan. Binnenkort heeft ‘ie ook nog de Virgocluster in de aanbieding, onder andere met M84 en M86. Ik ben benieuwd. Als ik vanavond alles uitgepakt heb wellicht weer een eigen blogje.
Bijzondere astrofoto’s deel 7
Is ‘ie niet schitterend? Een foto van Herman Hernandez uit de VS. Hoe krijg je ’t voor elkaar. Bron: Bad Astronomy.
Bijzondere astrofoto’s deel 6
Zie hier het bekende sterrenstelsel M106, een spiraalstelsel in het sterrenbeeld Jachthonden (Canes Venatici), dat in 1781 door Pierre Méchain werd ontdekt. Op zich geen bijzondere foto, maar wel bijzonder is het feit dat de foto genomen is met de Galaxy Evolution Explorer (GALEX), de ultraviolette satelliet van de NASA die vorige week vijf jaar actief was. Hoera, weer een verjaardag dus! 🙂 Gedurende die vijf jaar heeft de GALEX ongeveer een half miljard objecten bestudeerd ( 😯 ), verspreid over een gebied aan de hemel van 27.000º, zeg 138.000 volle manen groot. GALEX, ga zo door! Bron: NASA/JPL.
Bijzondere astrofoto’s deel 5
Op 19 maart j.l. overleed de science fictionschrijver Arthur C. Clarke. Zijn bekendste boek is waarschijnlijk 2001: A Space Odyssey, gebaseerd op het filmscenario dat hij samen met Stanley Kubrick schreef voor diens gelijknamige film, dat op zijn beurt weer was gebaseerd op Clarkes korte verhaal The Sentinel. De film start met de monoliet, het rechthoekige stuk steen dat door onze verre voorouders wordt gevonden, welk moment de start van de beschaving (én alle daarbij behorende ellende zoals geweld) zou inluiden. In het vervolg op A Space Odyssey, genaamd 2010, spelen die monolieten ook een grote rol: ze vallen massaal op Jupiter en zorgen ervoor dat de massa van deze reuzenplaneet de kritische grens overschrijdt om over te gaan tot kernfusie. Jupiter wordt daardoor de tweede ster in het zonnestelsel! 😯
Bijzondere ‘astro’-foto’s deel 4
e zou toch denken dat hier een zwart gat doorheen is gevlogen? Of was het Kimi Raikkonen, die met z’n Ferrari uit de bocht vloog? 😀 Bron: Daily Galaxy.
Bijzondere astrofoto’s deel 3
Het zijn toch net de schubben van één of ander aards reptiel? Niets is echter minder waar. We kijken naar zandduinen op Mars in het gebied Olympia Undae. De foto is op 9 december 2006 genomen met de HiRISE camera aan boord van de Mars Reconnaissance Orbiter. Bron: HiRISE.
Bijzondere astrofoto’s deel 2
Een tijdje terug hoorde ik in een podcast van radio 538 dat er zoiets bestaat als Latte Art, de kunst van het gieten van decoratieve ontwerpen op een cappuccino. Daar worden zelfs kampioenschappen voor gehouden, zoals vorig jaar in Café de Blonde Pater in Nijmegen, waar Rose van Asten winnaar werd. Zou hij (of zij?) ook bovenstaande stukje kunst kunnen doen? Bron: Daily Galaxy.
Bijzondere astrofoto’s deel 1
Je zou zo toch maar ronddobberen in je kajak! 😀 Een schitterende foto, genaamd Surgar Pine Star Party, gemaakt door Tony en Daphne Hallas (© Astrophoto.com.) OK, wel bewerkt volgens mij. Maar ’t blijft een mooi gezicht. Zou ’t op Thassos ook zo zijn?
