Cassini maakt mooie mozaïek van Enceladus

Mozaïek van Enceladus' zuidpool

Credit: NASA/JPL-Caltech/University of Arizona

Afgelopen maandag vloog de Saturnusverkenner Cassini rakelings langs Enceladus, de maan die actieve waterdamp spuwende geisers heeft. Op basis van 32 opnames van Enceladus, waarvan 8 in de hoogste resolutie en 24 in de halfhoge resolutie, heeft men een prachtige mozaïek gemaakt die vandaag werd gepubliceerd. Rechts op de foto bij de terminator, de scheiding tussen dag en nacht, bevindt de zuidpool van Enceladus zich. Je ziet mooi de horizontaal lopende tijgerstrepen op het oppervlak, de zogenaamde sulci. Van boven naar beneden zijn er vier te zien: Damascus, Baghdad, Cairo en Alexandria. Langs de sulci zie je blauw materiaal, scalloped annulus genaamd, dat een soort gesedimenteerd materiaal moet zijn. De kleur geeft aan dat het vers ijs betreft. Linksonder. richting evenaar, zie je kraters. Die bevinden zich in oudere gedeelten van het oppervlak van Enceladus. Het veel niet mee om de mozaïek te maken, want de 32 opnames werden op verschillende tijdstippen met verschillende kleurfilters gebruikt en het ene moment stond Cassini bijvoorbeeld 5.800 km van Enceladus vandaan en enkele tellen later was dat 4.742 km. Niet alleen de afstand tot Enceladus was belangrijk, maar ook de rotatie van de maan zelf. Met al die factoren heeft men rekening gehouden en dat heeft uiteindelijk bovenstaande compilatie opgeleverd. Goed werk hoor! Bron: Planetary.org.

Rode schemering verwacht door vulkaanuitbarsting

Credit: Simon Carn, Joint Center for Earth Systems Technology (JCET), University of Maryland Baltimore County (UMBC).

De komende dagen kan de schemering in Nederland een opvallend rode kleur hebben door vulkaanstof, meldt het KNMI. Het stof is afkomstig van de vulkaan Kasatochi voor de westkust van Alaska, die in de nacht van 7 op 8 augustus uitbarstte. Gas en stof van de vulkaan kwamen in de stratosfeer terecht, op 17 kilometer hoogte. Met de westenwind is de wolk stof naar West-Europa gekomen, zoals het KNMI heeft gemeten met een Brewer spectrophotometer. Het eerste vulkaanstof is hier op 16 augustus gemeten. Dat leidt hier de komende dagen tot een rode schemering. 😀 Hetzelfde verschijnsel deed zich voor toen de Pinatubo in de Filipijnen in 1991 tot uitbarsting kwam.Toen kwam er ook een wolk van stof en zwaveldioxide, SO2, in de stratosfeer boven Nederland. Mmmm, rode schemeringen, moeten wel die regenwolken een keertje verdwijnen. Bron: KNMI.

Voor ’t eerst object uit de Oortwolk gezien

Baan van 2006 SQ372. Credit: N. Kaib.

In 1950 opperde de Nederlandse sterrenkundige Jan Hendrik Oort dat het zonnestelsel omgeven wordt door een enorme wolk van komeetachtige objecten. Die naar hem genoemde Oortwolk zou zich bevinden op een afstand van ongeveer 50.000 tot 100.000 astronomische eenheden (AE [1]1 AE is 149 miljoen km, de afstand tussen Aarde en Zon.), dus tussen de 1 á  2 lichtjaar. In het kader van de Sloan Supernova Survey, onderdeel van SDSS-II, werd twee jaar geleden per toeval het object 2006 SQ372 ontdekt [2]Kijk hier voor de ontdekkingsvideo van 2006 SQ372., een broksteen van 50 tot 100 km doorsnede met een extreem langgerekte baan die één omloop per 22.500 jaar om de Zon aflegt. Op het meest dichtbije punt van z’n baan staat 2006 SQ372 op 24 AE van de Zon, da’s binnen de baan van Neptunus. Op het verst verwijderde punt is de afstand echter 1.600 AE. Dat ligt dichterbij de Zon dan de binnenkant van de Oortwolk, die zoals hierboven gezegd op 50.000 AE ligt. Er is geen enkel ander object bekend met een baan die lijkt op dat van 2006 SQ372. De sterrenkundigen Andy Becker en Nathan Kaib (University of Washington in Seattle, VS) denken nu dat 2006 SQ372 een vertegenwoordiger is van een ‘binnenste Oortwolk’, die maximaal 20.000 AE van de Zon verwijderd is. In feite is 2006 SQ372 een gigantische komeet, alleen is hij niet goed te zien omdat hij zo ver van de Zon staat en daarom geen staart ontwikkeld door vrijkomende gassen. In de toekomst hoopt men andere leden van de binnenste Oortwolk te zien en daarmee de kenmerken van de Oortwolk beter te leren kennen. Op de afbeelding hierboven zie je in blauw de baan van 2006 SQ372 en in rood de baan van Sedna, een kandidaat-Plutoïde. Bron: New Scientist.

References[+]

References
1 1 AE is 149 miljoen km, de afstand tussen Aarde en Zon.
2 Kijk hier voor de ontdekkingsvideo van 2006 SQ372.

Zelfs donkere materie ontbreekt in de kosmische gaten

Credit: Jeremy Tinker et al (University of Chicago).

Dat er tussen de grote clusters van sterrenstelsels grote leegtes zijn is al lang bekend, soms zelfs van gigantische afmetingen, zoals het gat dat sterrenkundigen van de Universiteit van Minnesota hadden ontdekt van 1 miljard lichtjaar doorsnede. Onderzoek van gegevens afkomstig uit de Sloan Digital Sky Survey II (SDSS-II) én de Two-Degree Field Galaxy Redshift Survey (2dFGRS) laat zien dat niet alleen gewone materie in die gaten ontbreekt, maar ook donkere materie, het mysterieuze spulletje dat ongeveer een kwart van het heelal vult. Normaal is donkere materie noodzakelijk om sterrenstelsels te laten vormen, als de zwaartekracht ervan waterstof en helium aantrekt en uit intergalactische wolken daarvan sterren vormen. De vraag was nu of gebieden waar geen zichtbare sterrenstelsels zijn ook de onzichtbare donkere materie ontbreekt. Onderzoek van een groep sterrenkundigen onder leiding van Jeremy Tinker (University of Chicago) laat nu zien dat de kosmische gaten ook donkere materie ontberen. De waargenomen grootte van de kosmische gaten in de 3D-kaart van SDSS-II (zie afbeelding hierboven) komt overeen met het standaardmodel van het heelal, waarin sprake is van de aanwezigheid van koude donkere materie. Kortom, de gaten in de kosmische gatenkaas zijn ook écht leeg. Dit is trouwens al de zoveelste keer dat ik het deze week heb over de SDSS-II. Da’s niet zo heel gek, want afgelopen dagen was er bijeenkomst van de Sloan Digital Sky Survey in Chicago. Genoemde Tinker hield daar als één van de velen een voordracht en binnenkort is het verhaal ook leesbaar in het vakblad The Astrophysical Journal. Wie niet kan wachten tot het volgende nummer daarvan uitkomt kan hier alvast kijken. Op die meeting in Chigago was óók Chris Lintott, één van de initiatiefnemers van de Galaxy Zoo én co-presentator van Patrick Moore’s Sky at Night. Lees z’n verhaal van de gatenkaas maar in de bron. 😀 Bron: Space across the pond.

Obama belooft NASA twee miljard dollar

Credit: NASA/Tony Gray and Tom Farrar

Het is verkiezingstijd in de Verenigde Staten, hetgeen jullie niet ontgaan zal zijn, en dus strooien de kandidaten links en rechts met kadootjes en mooie beloften. Eén daarvan is wel een mooie: Barack Obama, kandidaat voor de Democraten, heeft beloofd om voor de NASA twee miljard dollar budget extra te reserveren. Ook wil hij het gat tussen het moment van pensionering van de Space Shuttles in 2010 en de start van de nieuwe generatie bemande vluchten in 2015 overbruggen door één missie tussendoor. Wow, één missie, het kan niet op. 😉 Met z’n beloften laat Obama zien de ruimtevaart hoog te hebben staan in z’n prioriteitenlijstje. Dat leek aanvankelijk niet het geval, want Obama liet december 2007 nog weten om een opvoedingsprogramma voor kinderen te willen bekostigen met geld uit NASA’s constellation-programma [1]Da’s het programma voor die nieuwe generatie bemande vluchten, de Orion/Ares combinatie die vanaf 2015 van start moet gaan.. In februari zei Obama niet overtuigd te zijn van het pompen van extra geld in bemande vluchten. Mede-Democraten, met name uit de staat Florida, hebben op Obama ingepraat en hem ervan overtuigd dat Obama positiever moet staan tegenover de ruimtevaart en dat heeft kennelijk geholpen. Het Republikeinse kamp van John McCain heeft in een reactie geroepen dat Obama weer aan het draaien is en alleen uit is op het winnen van kiezers in Florida. McCain had eerder al laten weten het vijfjaarsgat te willen overbruggen én twee miljard dollar voor de NASA over te hebben. Hé, dat komt mij bekend voor. ’t Is weer een ouderwetse verkiezingsstrijd merk ik wel. 🙂 Bron: Houston Chronicle.

References[+]

References
1 Da’s het programma voor die nieuwe generatie bemande vluchten, de Orion/Ares combinatie die vanaf 2015 van start moet gaan.

Voor ’t eerst Marsstof onder de atoommicroscoop

Credit: NASA

Voor het eerst is men er in geslaagd om een Marsstofje te bekijken met behulp van de Atomic Force Microscope (AFM) aan boord van de Marslander Phoenix. Eerder al waren beelden van Marsstof gemaakt met de optische microscoop, maar die kan niet zo scherp zien als die atoommicroscoop [1]De AFM kan ongeveer 100 keer scherper zien als de optische microscoop.. Op de afbeelding zie je in rood de foto die de AFM maakte van het stof. Je ziet vier putjes, waarvan de (omcirkelde) linkerput een stofje bevat. Op de foto zijn details in het stofje te zien tot 100 nanometer [2]Een nanometer is gelijk aan 10-9 meter, ofwel 0,000000001 meter.. De drie andere putjes zijn ‘stofloos’. Je zou denken dat zo’n stofdeeltje niet zo erg interessant is, maar voor wetenschappers is het erg belangrijk om het te bestuderen. Stof kleurt de atmosfeer van Mars rood/paars, stof zorgt soms voor enorme stormen (hetgeen vorig jaar de Marsrovers Opportunity en Spirit aan den lijve ondervonden), stof kleurt de Marsbodem rood, stof bepaalt het klimaat van Mars, enzovoorts. Onderzoek van stof met de AFM is daarom wél interessant. De grootte van het door Phoenix onderzochtte stofdeeltje, 1 micrometer (10-6 meter), blijkt overeen te komen met de waarden die men op grond van de kleur van zonsondergangen op Mars had berekend. Lange tijd leek het er overigens naar uit te zien dat de AFM helemaal niet in actie zou komen. Het Phoenixteam had te kampen met vele problemen, zoals beschreven in het dagboek van wetenschapper Tom Pike (lees bij 1 augustus). Maar kennelijk zijn de problemen verholpen en heeft men Marsstof bekeken in een ongeëvenaarde resolutie. 🙂 Bron: Planetary.org.

References[+]

References
1 De AFM kan ongeveer 100 keer scherper zien als de optische microscoop.
2 Een nanometer is gelijk aan 10-9 meter, ofwel 0,000000001 meter.

Meteorietenmysterie lijkt opgelost

Credit: Tommyvideo/Pixabay

De Aarde wordt al miljoenen jaren omgeven door planetoïden die aardscheerders worden genoemd, de Near Earth Asteroids in de Anglicaanse wereld. Ook vallen er dagelijks meteorieten op Aarde, meestal kleine stukjes steen, maar soms ook grote brokstukken. Die meteorieten zijn bijna altijd fragmenten die afkomstig zijn van uit elkaar gevallen planetoïden. Je zou verwachten dat de aardscheerders de grote leveranciers zijn van de meteorieten, maar vreemdgenoeg blijkt dat niet het geval te zijn. Slechts een klein gedeelte van de meteorieten, die van het LL Chondriet type, blijkt afkomstig te zijn van aardscheerders. Dit type vormt zo’n 8% van de totale hoeveelheid meteorieten die op Aarde vallen. Uit waarnemingen van spectra van meteorieten en planetoïden blijkt dat het grootste deel van de meteorieten afkomstig is van de planetoïden die zich tussen de banen van Mars en Jupiter bevinden. Een probleem dus waar de sterrenkundigen voor gesteld staan: waarom komen de meeste meteorieten van ver weg en leveren de aardscheerders slechts een klein gedeelte van de meteorieten? Een recent onderzoek van een team sterrenkundigen onder leiding van Richard Binzel (MIT) heeft vermoedelijk de oplossing van het raadsel opgeleverd. Het heeft allemaal te maken met het zogenaamde Yarkovsky-effect. Onder invloed van geabsorbeerd zonlicht kan de baan van planetoïden een tikkeltje wijzigen, hetgeen voor het eerst door de Rus Ivan Osipovich Yarkovsky is geopperd. Met name kleine planetoïden merken de invloed van het zonlicht en zijn daarom ‘kwetsbaar’ in de stabiliteit van hun baan. Onlangs besprak ik hier nog een gevolg van dat Yarkovsky-effect, namelijk dat planetoïden zelfs kunnen splijten, maar dit eventjes terzijde. De meeste meteorieten die hier op Aarde vallen zijn daarom afkomstig van kleine planetoïden (<1 m ongeveer) uit de grote planetoïdengordel tussen Mars en Jupiter, met name de binnenste ring ervan die de Floragordel wordt genoemd. Die planetoïden merken het Yarkovsky-effect, geraken uit hun baan en via een soort van interplanetaire snelweg vliegen ze naar de binnenste regionen van het zonnestelsel. Fragmenten van deze uit koers geraakte planetoïden vallen vervolgens als meteorieten op Aarde. Kortom, einde raadsel. 😀 Bron: MIT.

Phoenix ziet rijp op Mars

Credit: NASA

De Phoenix lander heeft met z’n Surface Stereo Imager een prachtige foto gemaakt van rijp op het oppervlakte van Mars. Dat was op Sol 79, zeg maar 14 augustus bij ons op Aarde. Rijp is een witte aanslag die ontstaat bij temperaturen onder nul door de overgang van waterdamp in ijs. Kort na de foto werd genomen was de rijp al weer verdwenen. Op het moment van de foto stond de zon 22° boven de horizon. De kleuren zijn wel versterkt om de kleurverschillen duidelijker te maken. Da’s aardig gelukt. Bron: Phoenix.

Een zooitje aan de buitenranden van de Melkweg

Credit: SDSS

Onderzoek van sterren in onze Melkweg aan de hand van de Sloan Digital Sky Survey (SDSS; versie II) laat zien dat het in de buitenste regionen van de Melkweg een zooitje is. Er lopen daar vele stromen van sterren door elkaar heen, veroorzaakt doordat de Melkweg sterren aantrekt van dwergstelsels in de nabije omgeving. Eén van de sterrenkundigen die meedeed aan het onderzoek spreekt van een jumble of pasta. De sterren in de Melkweg zijn onderzocht met één onderdeel van de SDSS, de zogenaamde SEGUE (Sloan Extension for Galactic Understanding and Exploration), waar ik het toevallig ook vanmorgen over had. Het centrale gedeelte van de Melkweg is vrij gestructureerd, met een bolvormig centrum en daaromheen een platte schijf met spiraalarmen. Maar de halo daaromheen, zoals de buitenste regionen van de Melkweg worden genoemd, blijkt zoals gezegd een zooitje van vele door elkaar lopende sterstromen, hetgeen mooi blijkt uit het plaatje hierboven, dat de Universiteit van Ohio vandaag publiceerde. In de sterstromen zijn niet alleen brede stromen te herkennen, maar ook heel smalle stromen, die de onderzoekers ‘Engelenhaar’ noemen. Soms lopen sterstromen door elkaar en is het een hele kunst om aan de hand van de sterbewegingen te achterhalen bij welke stroom welke ster hoort. Met name in de richting van het sterrenbeeld Maagd (Virgo) hebben de onderzoekers diverse sterstromen ontdekt. In totaal werden 11 verschillende sterstromen in de halo ontdekt. Verder onderzoek aan de hand van de nieuwe SDSS-fase III, die ergens in 2008 start op 15 juli j.l. is gestart, zal orde moeten scheppen in dat zooitje daar in de buitenste regionen van de Melkweg. Bron: Universe Today.

Amateurs fotograferen Nieuwe Maan

Credit: Martin Elsásser en Markus Bentz

Twee amateur-sterrenkundigen zijn er in geslaagd om op de Volkssterrenwacht München de maan te fotograferen óp het tijdstip van Nieuwe Maan. De maan is daarop als een ultrasmalle sikkel te zien, op de foto hiernaast als dat dunne gekromde randje van linksboven naar rechtsonder. Het was 5 mei 2008 dat Martin Elsásser en Markus Bentz met behulp van een Williams FLT 110 refractor de maan fotografeerden. Op dat moment stond de maan slechts 4 graden van de zon af en vanwege die afstand hebben de beide heren een nieuw wereldrecord gevestigd. Zij gebruikten een DMK41AF02.AS fotocamera, die per seconde vele opnames kan maken. Als tijdens nieuwe maan de maan net boven of onder de zon langs schuift [1]En niet precies voorlangs, want dan heb je een zonsverduistering. Vanavond is trouwens Volle Maan én gedeeltelijke maansverduistering. Vergeten jullie ’t niet? Aanvang van de voorstelling is … Continue reading is de maan onzichtbaar voor het blote oog. Maar Elsásser en Bentz konden de maansikkel ruim negen uur lang volgen tijdens de ‘conjunctie’, de passage van de maan langs de zon. Door series van telkens honderd opnames bij elkaar op te tellen konden ze het extreem geringe contrast tussen maansikkel en hemelachtergrond versterken. In 1932 had de Franse sterrenkundige André Danjon [2]Yep, die kennen we ook van de bekende maansverduisteringsschaal. berekend dat de maansikkel binnen 7 graden van de zon geheel onzichtbaar zou worden, ook als je ‘m in een telescoop zou bekijken. Sinsdien spreekt men van de Danjon-Limiet. Andere sterrenkundigen hebben die limiet later bevestigd, maar Elsá¤sser en Bentz hebben nu dus laten zien dat Danjon en die napraters het bij het verkeerde eind hadden. Een uitgebreid verslag van de waarneming van de twee Duitsers is hier te vinden, inclusief foto’s van zowel de maan als van de gebruikte apparatuur én een uitleg van de gebruikte technieken. Mooi werk van die twee hoor! Bron: NRC-Handelsblad, 16 augustus 2008.

References[+]

References
1 En niet precies voorlangs, want dan heb je een zonsverduistering. Vanavond is trouwens Volle Maan én gedeeltelijke maansverduistering. Vergeten jullie ’t niet? Aanvang van de voorstelling is 21.36 uur.
2 Yep, die kennen we ook van de bekende maansverduisteringsschaal.