Gravitatielens toont botsende sterrenstelsels

PSS J2322+1944. Credit: Riechers et al., NRAO/AUI/NSF

Sterrenkundigen hebben met behulp van de Very Large Array (VLA) radio telescoop een gravitatielens bestudeerd, die een botsing laat zien van twee sterrenstelsels op twaalf miljard lichtjaar afstand (z=4,12). Het licht [1]Dat licht wat men met de VLA bestudeerde was afkomstig van koolmonoxidewolken in PSS J2322+1944. van de botsende stelsels, welke tezamen PSS J2322+1944 worden genoemd, passeerde onderweg naar aarde een ander tussenliggend sterrenstelsel. Dat laatste stelsel fungeert daarmee als gravitatielens of zwaartekrachtslens. Omdat bron, lens en aarde exact op één lijn staan is in het geval van PSS J2322+1944 een Einsteinring te zien, waarbij het licht van PSS J2322+1944 door de zwaartekracht om het lens-sterrenstelsel heenbuigt (zie afbeelding hieronder). Het mooie is nu dat men in staat is om het ringvormige beeld met de computer weer om te toveren tot het oorspronkelijke beeld van PSS J2322+1944 (zie animatie rechts). Op de foto hierboven zie je rechts het ringbeeld en links het beeld hoe PSS J2322+1944 er echt uitziet. Het tussenliggende lens-sterrenstelsels is op de foto niet te zien, omdat diens straling buiten het radiobereik van de VLA viel.

Credit: Riechers et al., NRAO/AUI/NSF

Analyse van het oorspronkelijke beeld van PSS J2322+1944 laat zien dat er een gasreservoir van zo’n 16.000 lichtjaar aanwezig is, waarin stervorming plaatsvindt met een gigantische snelheid van zo’n 700 zonmassa’s per jaar [2]In ons Melkwegstelsel bedraagt die snelheid 3 á  4 zonmassa’s per jaar.. Ook heeft men ontdekt dat PSS J2322+1944 een superzwaar zwart gat moet bevatten. Dat bevindt zich niet exact in het midden van het gigantische gasreservoir, maar aan de rand ervan. Op grond daarvan concludeert men dat zich een botsing van twee sterrenstelsels in PSS J2322+1944 voordoet. Gisteren verscheen een artikel over de ontdekking in het vakblad The Astrophysical Journal. Voor de liefhebbers is dat artikel hier te lezen. Bron: NRAO.

Zo werkt de gravitatielens. Credit: Bill Saxton, NRAO/AUI/NSF

References[+]

References
1 Dat licht wat men met de VLA bestudeerde was afkomstig van koolmonoxidewolken in PSS J2322+1944.
2 In ons Melkwegstelsel bedraagt die snelheid 3 á  4 zonmassa’s per jaar.

Indische Chandrayaan-1 klaar voor lancering

Chandrayaan-1. Credit: ISRO.

Donderdagnacht 22 oktober om 02.50 uur Nederlandse tijd zal de Indische satelliet Chandrayaan-1 [1]Hetgeen maankunst betekent. vanaf basis Sriharikota in India worden gelanceerd. De satelliet bevindt zich bovenop een aangepaste Polar Satellite Launch Vehicle (PSLV) raket. Chandrayaan-1 zal de maan op twee manieren bestuderen: één deel van de missie bestaat uit een ‘orbiter’, die een baan om de maan zal krijgen, en één deel die vanaf een hoogte van 100 km ter pletter zal slaan op de maan, de Moon Impact probe (MIP). Doel van de Chandrayaan-1 missie is om komende twee jaren het oppervlak van de maan nauwkeurig in kaart te brengen, met name de chemische samenstelling van het maanoppervlak. Ook zal een 3D-kaart van het oppervlak worden gemaakt. Vanaf de pagina van de Indische ruimtevaartorganisatie ISRO schijn je de lancering donderdagnacht te kunnen volgen. Wie z’n slaaprust ervoor wil opofferen: de voorstelling begint om 02.20 uur. Bron: Planetary.org.

References[+]

References
1 Hetgeen maankunst betekent.

Geheime Britse UFO-documenten vrijgegeven

Britse overheidsdocumenten over UFO’s, unidentified flying objects, die al meer dan dertig jaar strikt geheim waren zijn onlangs door het Ministerie van Defensie vrijgegeven voor publicatie. Ze zijn nog niet allemaal online gezet, maar áls het zover is zullen 160 UFO-gerelateerde archieven in PDF-formaat van de periode 1950 tot 2007 vrij toegankelijk zijn [1]Men hoopt binnen vier jaar alle documenten online te hebben gezet.. Er zijn inmiddels acht van dergelijke bestanden gezet op de National Archives website. Uit de documenten blijkt bijvoorbeeld dat Amerikaanse gevechtspiloten op het punt hebben gestaan boven het Engelse landschap UFO’s neer te schieten. Een van die piloten is Milton Torres, inmiddels 77 jaar en woonachtig in Florida. Die was mei 1957 slechts enkele seconden verwijderd van het neerschieten van een stilstaand onbekend voorwerp, dat plotseling met een snelheid van maar liefst 12.000 km per uur verdween. Na dit incident kreeg Torres te horen dat hij moest zwijgen over het incident en dat deed hij totdat onlangs de documenten ter publicatie werden vrijgegeven. Leuk om dat soort verhalen te lezen en te spitten in die documenten. Wie geïnteresseerd is in de Franse documenten over de Objet Volant Non Identifié, die vorig jaar al werden gepubliceerd, moet hier maar eens een kijkje nemen. Wanneer worden de Nederlandse geheime UFO-documenten gepubliceerd? Eh… zijn die er eigenlijk wel? Ik ben niet zo thuis in die vliegende schotel-business, dus ik heb geen idee. 🙂 Bron: New Scientist.

References[+]

References
1 Men hoopt binnen vier jaar alle documenten online te hebben gezet.

31.573,52 intelligente beschavingen in de Melkweg

Horen we ander leven? Credit: Brooks.

Er zijn 31.573,52 intelligente beschavingen in de Melkweg. Tenminste, da’s het getal waarop Duncan Forgan (Universiteit van Edinburgh) uitkomt na toepassing van de welbekende formule van Drake in de Schilpad-en-de-Haas-variant. Die formule uit 1961 schat het aantal intelligente beschavingen in ons melkwegstelsel, die via radio met ons kunnen communiceren. Schattingen tot nu toe liepen van 10-5 tot 106, waarbij de laatste jaren vooral de lage waarden de voorkeur hadden. Forgan heeft de meest recente gegevens in de formule van Drake gegoten en daarbij gekeken naar drie varianten:
  1. De Panspermia-variant: als intelligent leven op één planeet kan ontstaan, kan het zich gemakkelijk over andere planeten verspreiden. Uitkomst in deze variant: 37.964,97 (standaardafwijking sigma=20) intelligente beschavingen in ons Melkwegstelsel;
  2. De leven-is-zeldzaam-variant: Aardachtige planeten komen niet veel voor, maar áls ze voorkomen kan het leven zich er goed op ontwikkelen. Uitkomst: 361,2 (sigma=2) beschavingen;
  3. De schildpad-en-de-haas-variant: lage vormen van leven, zoals planten, zijn veelvoorkomend, maar daaruit ontwikkeld zich niet vaak intelligent leven. Uitkomst hiervan zoals gezegd: 31.573,52 (sigma=20) beschavingen;

Er is een welbekend gezegde dat luidt: er zijn kleine leugens, grote leugens en statistieken. Met statistieken kun je alles in feite wel bewijzen. En daarmee denk ik dat het statistische onderzoek van Forgan goed omschreven is. Bron: ArXiv.blog.

Meer bekend over oorsprong Marsmaan Phobos

De Marsmaan Phobos. Credit: ESA/DLR/FU Berlin (G. Neukum), CC BY-SA 3.0 IGO

Europese ruimtewetenschappers ontrafelen steeds meer van de geheimen van Phobos, de grootste maan van Mars. Nu ESA’s Mars Express de maan enkele keren van dichtbij heeft bekeken, staat vrijwel vast dat het eerder om een ‘stapel puin’ gaat dan om een enkel massief lichaam. Resteert de vraag waar dat puin vandaan is gekomen. Anders dan de aarde, met haar enkele grote maan, cirkelen om Mars twee kleine manen. De grootste daarvan is Phobos, een onregelmatige ruimterots van maar 27 x 22 x 19 kilometer. Deze zomer is Mars Express enkele keren langs Phobos gescheerd. Tijdens bijna elke flyby heeft de sonde opnamen gemaakt met zijn HRSC-instrument (High Resolution Stereo Camera), zoals bovenstaande foto die 28 juli gemaakt is. De resolutie van die foto is 14 m/pixel. Een team onder leiding van Gerhard Neukum, van de Vrije Universiteit van Berlijn, werkt nu aan de hand van deze en eerder verzamelde gegevens aan een nauwkeuriger driedimensionaal beeld van Phobos waarmee het volume van de maan exacter te bepalen is. Daarnaast heeft het Mars Express Radio Science (MaRS) Experiment-team, onder leiding van Martin Pá¤tzold van het Rijnlands Instituut voor Milieuonderzoek van de Universiteit van Keulen, een nauwgezette analyse uitgevoerd van de radiosignalen die werden doorgeseind tijdens waarnemingen van heel dichtbij. Het team registreerde de frequentieveranderingen onder invloed van de aantrekkingskracht van Phobos op Mars Express, op basis waarvan men de massa van Phobos 1,072 x 10 16 kilogram kon bepalen. Dat is ongeveer één miljardste van de massa van de aarde.” Op basis van de gegevens over massa en volume samen kunnen de teams de dichtheid bepalen. Uiteindelijk vormt die uitkomst weer een belangrijke aanwijzing voor de oorsprong van deze maan. Bron: ESA.

IBEX is gelanceerd

De Pegasus met daarin IBEX. Credit: NASA

De IBEX is zondag met behulp van een Pegasus XL-raket om 19.48 uur Nederlandse tijd gelanceerd. IBEX is de Interstellar Boundary Explorer die door de NASA is gebouwd om de buitenste delen van het zonnestelsel te onderzoeken. Die Pegasus hing op haar beurt weer onder het Lockheed L-1011 vliegtuig genaamd Stargazer, die opgestegen was vanaf de de Reagan testsite op het Kwajalein Atol, deel uitmakend van de Marshalleilanden ergens in de Stille Oceaan. IBEX zal vanaf een hoogte van 322.000 km boven het aardoppervlak de komende twee jaren onderzoek doen naar de interactie tussen de zonnewind en de interstellaire ruimte, welke zich afspeelt aan de rand van het zonnestelsel. Een video van de bijzondere lancering van IBEX is hier te zien [1]Volgens mij doet die video het niet altijd, heb ik gemerkt. Blijven proberen, zou ik zeggen. 🙂 . Bron: NASA/IBEX.

References[+]

References
1 Volgens mij doet die video het niet altijd, heb ik gemerkt. Blijven proberen, zou ik zeggen. 🙂

De Spirit van boven gezien

Dat stipje is Spirit. Credit: NASA.

Ik had vandaag een hele sloot visite over de vloer (verjaardag van vrouwlief en één van m’n dochters). Vele borrelpraat (o.a. de nodige roddels over de Rabobank) plus borrels (hips) later eindelijk tijd een kort blogje te schrijven. De Marsrover Spirit, die zich iets ten zuiden van de evenaar van Mars bevindt, is vanuit de ruimte gefotografeerd door de Mars Reconnaissance Orbiter. Het tafereeltje dateert alweer van 24 juni 2008 en we zien Spirit aan de rand van het plateau genaamd Home Plate. Foto’s met meer pixels zijn hier te vinden. Bron: Tom’s Astroblog.

De Orioniden komen er aan

De radiant van de Orioniden. Credit: Hemel.waarnemen.com.

In de nacht van dinsdag op woensdag (21 > 22 oktober) is weer het jaarlijkse hoogtepunt van de meteorenzwerm de Orioniden te zien. 🙂 De meteoren worden zo genoemd omdat hun radiant [1]Wanneer men een meteorenzwerm waarneemt lijken alle meteoren uit één punt te komen, dit punt wordt de radiant genoemd. In feite bewegen alle meteoren parallel aan elkaar, de radiant is een gevolg … Continue reading in het sterrenbeeld Orion ligt, vlakbij de heldere ster Betelgeuze. Normaal gesproken zijn tijdens het maximum bij gunstige omstandigheden ongeveer twintig Orioniden per uur zichtbaar, afhankelijk uiteraard van de maanstand. Woensdagnacht is het Laatste Kwartier, dus de maan zal na middernacht wel wat storen. Maar het zou kunnen zijn dat we tóch meer dan twintig Orioniden per uur te zien krijgen. Onderzoek heeft namelijk laten zien dat de ZHR [2]Zenithal Hourly Rate, oftewel de maximale uurfrequentie onder ideale omstandigheden. van de Orioniden varieert van 14 tot 31. Er zou sprake zijn van een twaalfjarige cyclus en in de periode 2008-2010 zou de ZHR groter kunnen zijn dan twintig! De zwerm staat rond 06.00 uur in het hoogste punt, 53° boven de horizon. De meteoren zijn snel en hebben nalichtende sporen. De oorsprong van de Orioniden is de welbekende komeet Halley, die in 1985-1986 z’n dichtste punt tot de Zon had. Bron: Hemel.waarnemen + Sterrengids 2008.

References[+]

References
1 Wanneer men een meteorenzwerm waarneemt lijken alle meteoren uit één punt te komen, dit punt wordt de radiant genoemd. In feite bewegen alle meteoren parallel aan elkaar, de radiant is een gevolg van het perspectief, net zoals spoorrail in de verte elkaar lijken te naderen.
2 Zenithal Hourly Rate, oftewel de maximale uurfrequentie onder ideale omstandigheden.

Chandra en GMRT zien botsing in Abell 521

Abell 521. Credit: X-ray (NASA/CXC/INAF/G.Brunetti et al.); Radio (NRAO/NSF/INAF/G.Brunetti et al.)

Zie hier de cluster van sterrenstelsels genaamd Abell 521, gelegen in het zuidelijke sterrenbeeld Eridanus. Nummertje 521 in de catalogus van George Abell, die in 1958 gegevens van zo’n 4.000 clusters bijeenbracht. Abell keek daarbij alleen naar de noordelijke sterrenhemel. De Abell-catalogus werd met clusters aan de zuidelijke hemel uitgebreid door Corwin en Olowin in 1987. Nummertje 521 bevindt zich 2,9 miljard lichtjaar van ons vandaan en wat opvalt zijn twee felle kleuren: oranje-roze en blauw. Die eerste kleur is radiostraling, in beeld gebracht door de Giant Meterwave Radio Telescope (GMRT) bij Pune in India, en de tweede kleur is röntgenstraling, Chandra’s pakkie-an. Uit de vorm van de gebieden waar röntgenstraling vandaan komt heeft men kunnen afleiden dat er sprake is van een botsing tussen twee clusters van sterrenstelsels. Die ‘radioboog’ links is één van de afzonderlijke clusters. Men spreekt van een radio halo, met een golflengte van 125 cm. Men vermoedt dat radio halo’s ontstaan door synchrotronstraling, afkomstig van electronen die door het magnetische veld van een cluster bewegen, welke een sterkte heeft van 0,1 tot 3 μG. Afgelopen donderdag verscheen een artikel in het Engelse vakblad Nature over Abell 521. Bron: Chandra.

Wonder dat twee ijswerelden bij elkaar zijn

2001 QW322. Credit: J.M. Petit en J.J.Kavelaars.

Sterrenkundigen hebben buiten het zonnestelsel, voorbij de baan van de planeet Neptunus, twee objecten gevonden die op heel grote afstand om elkaar heen draaien. Het duo wordt samen 2001 QW322 genoemd en ze draaien op een afstand van 105.000 tot 130.000 km eens per 25 tot 30 jaar om elkaar heen. Da’s erg vreemd, want de twee ijskoude Kuiperobjecten [1]Ook wel Transneptunische objecten (TNO’s) genoemd, planetoïden of dwergplaneten die zich buiten de baan van Neptunus bevinden. zijn ieder slechts 100 km in diameter en dat maakt hun zwaartekracht zeer zwak. De aantrekkingskracht aan hun oppervlak is ongeveer 600 keer zo zwak als op Aarde. En toch zijn de ijswerelden van 2001 QW322 kennelijk in staat om elkaar gravitationeel te binden in een soort van kosmische ijsdans. Er hoeft volgens sterrenkundigen maar iets te gebeuren om die band te verbreken. Een botsing tegen een kleiner Kuiperobject bijvoorbeeld. Men heeft berekend dat dit statistisch eens in de 0,3 tot 1 miljard jaar kan gebeuren. Als 2001 QW322 uit de beginperiode van het zonnestelsel stamt, wat ruim 4,5 miljard jaar oud is, heeft het kennelijk erg veel geluk gehad. Het zou ook kunnen dat de twee objecten elkaar ‘per toeval’ tegenkwamen en in de ijsdans terecht kwamen. 2001 QW322 werd in 2001 ontdekt door J.M. Petit (Besancon Observatory, Frankrijk) en J.J.Kavelaars (Herzberg Institute of Astrophysics, Canada). Afgelopen donderdag verscheen een artikel van deze heren, plus wat collegae, in het Amerikaanse vakblad Science. Bron: ScienceNews + NRC-Handelsblad, 18 oktober 2008.

References[+]

References
1 Ook wel Transneptunische objecten (TNO’s) genoemd, planetoïden of dwergplaneten die zich buiten de baan van Neptunus bevinden.