Publicatie over globale afkoeling goed gelezen

Credit: MIT

Een artikel van de Bulgaars sterrenkundige dr. Boris en z’n Russische colleaga Boris Kaftan over de mogelijke afkoeling van de temperatuur op Aarde behoorde in 2008 tot één van de meest gelezen publicaties. In de top tien van publicaties door Cambridge University Press, die het artikel overigens al in 2004 publiceerden, staat het artikel op nummer vier. Kennelijk is er het afgelopen jaar grote belangstelling geweest voor het onderwerp globale afkoeling. In het artikel stellen Komitov en Kaftan dat we ondanks de voorspelde globale verwarming de komende jaren een afkoeling mee zullen maken. Dat hangt samen met de komende zonnecyclus, de 24e om precies te zijn sinds het begin van de waarnemingen ervan, die volgens het tweetal een lage activiteit zal vertonen. Zij denken dat de cyclus qua sterkte zal lijken op het zogenaamde Daltonminimum, een periode van lage zonne-activiteit tussen 1790 en 1830, maar de komende periode zou lánger gaan duren. De ideeën van Komitov en Kaftan sluiten goed aan bij m’n astroblog van ruim een maand geleden over de komende mini-ijstijd, die voorspelt wordt op basis van de minimale hoeveelheid zonnevlekken die de afgelopen twee jaar op het zonsoppervlak te zien geweest zijn. Zo, ik ga buiten maar es een tochtje schaatsen op het natuurijs. 😀 Bron: Standart.

Saturnus’ ringen steeds platter

Saturnus 2001-2029. Credit: NASA

Wie met z’n telescoop naar Saturnus kijkt zal zien dat de ringen steeds platter worden. Gisteren bedroeg de hoogte van de Aarde boven het ringvlak van Saturnus slechts 0° 48′, een minimum dit jaar. Dat zal nog kleiner worden tot 4 september 2009. Die dag zal de Aarde door het ringvlak van Saturnus trekken en zal de zogenaamde saturnicentrische breedte 0° zijn. Hiernaast een mooi plaatje van Saturnus tussen 2001 en 2009, telkens op de dagen dat de planeet in oppositie staat, d.w.z. vanaf de Aarde gezien recht tegenover de Zon. Vanwege de omloop van de Aarde om de Zon schommelt die saturnicentrische breedte voortdurend. Komende tijd zal ‘ie weer toenemen tot 4,1° in mei 2009 en daarna zal ‘ie afnemen tot genoemde datum in september ’09. Omdat Saturnus op dat moment echter dichtbij de Zon staat kan je beter nu naar Saturnus kijken als je ‘m bijna ringloos wilt zien. Bron: What’s up astronomy + Sterrengids 2008/2009.

Over Zwitserse kaas en donkere energie

Ali Vanderveld. Credit: NASA/JPL.

Over donkere energie blijven maar publicaties verschijnen. Niet onterecht, want nog steeds is niet bekend wat donkere energie precies is, terwijl zo’n 73% van het gehele heelal eruit bestaat. Een poosje terug kwamen enkele sterrenkundigen met de stelling dat donkere energie wellicht niet bestaat. Het bestaan van donkere energie werd in 1998 geopperd nadat waargenomen was aan de hand van verwegstaande supernovae dat het heelal versneld uitdijt. De anti-zwaartekracht van de donkere energie zou voor die versnelling in de expansie zorgen. Als de Aarde zich midden in het centrum van een gigantische leegte in het heelal zou bevinden zou donkere energie niet hoeven te bestaan, aldus Robert Caldwell en Albert Stebbins. Die leegten zijn enkele jaren geleden ontdekt, waarvan een joekel met een doorsnede van maar liefst 1 miljard lichtjaar. Een paar weken geleden kwamen Jim Zibin, Adam Moss en Douglas Scott daarentegen weer met de stelling dat donkere energie tóch bestaat omdat uit analyses van de WMAP-gegevens blijkt dat we niet in een grote kosmische leegte wonen. Afijn, vandaag las ik een artikel over de ideeën van Ali Vanderveld, een dame die werkt bij het Jet Propulsion Laboratory (JPL/NASA), die van mening is dat het heelal toch een soort van Zwitserse kaas is vol met gaten. In feite neemt ze een soort van tussenpositie in, waarbij er wel leegten voorkomen, maar ondanks die leegten is er wel donkere energie. Samen met twee andere vrouwen, Eanna Flanagan en Ira Wasserman, heeft Vanderveld er onlangs een artikel over gepubliceerd in het vakblad The Physical Review. Weer eens wat anders dan een trio dames dat zingt. 😀 Bron: Science Daily.

Rozettenevel en Krabnevel vanuit Arkel

Zie hier de Rozettenevel in het sterrenbeeld Eenhoorn (Monoceros), ten westen van Orion. Gefotografeerd op 23 december vanuit Arkel door Peter Pulles in z’n nieuwe onderkomen. Boven een carport heeft ‘ie een plateau gebouwd, genaamd Observatorium De Linge, waar al z’n apparatuur uitgestald staat en waarvandaan hij het grootste gedeelte van de hemel ‘onder vuur kan nemen’. Prachtige foto, dat zal iedereen toch met mij eens zijn. In feite heeft Peter tien foto’s gemaakt, ieder 300 seconden belicht op 800 iso, door z’n William Optics 80 mm en z’n Hutech gemodificeerde Canon 350D. Drie dagen later dacht Peter ‘kom, ik pak er maar eens de spiksplinternieuwe 20 cm F9 Ritchey-Chretien kijker van GSO bij en ga die eventjes uittesten’.

En dat leverde een soort van kerstfoto op van Messier 1, beter bekend als de Krabnevel in Stier (Taurus), ten oosten van Orion. Hier heeft Peter 20 opnames van 150 seconden aan gewijd op 1600 iso. Ook dat leverde gestackt en wel een prachtige foto op, hiernaast te bewonderen. Kortom Peter, jij hebt je kerstdagen weer goed besteed! 😀

Winnaars NASA-wedstrijd krijgen $ 3,5 miljard

Credit: NASA

Een poosje terug schreef de NASA een wedstrijd uit, de Commercial Orbital Transportation Services (COTS) wedstrijd genaamd. Niet zo maar een wedstrijd om een leuke tekening in te leveren en daarmee een giga-bedrag te winnen. Nee, het was allemaal bedoeld voor serieuze ondernemingen om mee te mogen dingen in de vraag wie in het post-Space Shuttletijdperk (> 2010), als de ruimteveren met pensioen zijn, de ladingen naar het internationale ruimtestation ISS mogen vliegen. Er waren diverse aanmeldingen van commerciële ruimtevaartbedrijven, die wel oren hadden in de lucratieve opdracht. Eentje daarvan was PlanetSpace, maar toen de NASA er achter kwam dat á chter dit bedrijf Lockheed en Boeing zaten was men bang om met PlanetSpace een soort van Paard van Troje binnen te halen. Dat bedrijf viel dus af. Uiteindelijk is de COTS wedstrijd gewonnen door twee bedrijven, te weten:
  • Orbital Sciences, die $ 1,9 miljard krijgt voor 8 vluchten
  • SpaceX, die 12 vluchten voor $ 1,6 miljard gaan verzorgen. Hé, tikkie goedkoper. 😀

Drie en een halve miljard dollar om de tijd te overbruggen tussen 2010 en 2015, als de opvolger van de ruimteveren, de combi Ares/Orion van het Constellationprogramma, gaat vliegen. Ik vrees dat er geen verlenging van de ruimteveren meer in zit. Bron: Motley Fool.

Even wat anders: ik heb vandaag K2 geupdate, naar een versie van RC7 die aangepast is aan WordPress 2.7. Probleem is wel dat K2 met deze versie gestopt is met z’n sidebars en ik daarom afhankelijk ben van de ‘widgets’ van WP. Die zijn minder flexibel dan de sidebars, dus het is even aanpassen. Ik doe m’n best en hoop dat het voor jullie weinig overlast geeft.

De Grote Komeet van Dirk Klinkenberg

Komeet Klinkenberg-Cheseaux. Credit: Amedee Guillemin, after Jean-Philippe de Cheseaux – Amedee Guillemin, The World of Comets (London, 1877) / Public Domain.

Ooit gehoord van de grote komeet van Klinkenberg? Ik tot gisteren in ieder geval niet. En toch heb ik het hier over dé Grote Komeet (C/1743 X1), met hoofdletters geschreven, die 9 december 1743 werd ontdekt, en die op z’n hoogtepunt een maximale helderheid bereikte van -7m! De ontdekker van die komeet was niemand minder dan Dirk Dirkerz Klinkenberg (1709-1799), de landmeter en sterrenkundige uit Haarlem. Jammer voor hem is dat vier dagen later onafhankelijk van Klinkenberg de Zwitserse sterrenkundige Jean-Philippe de Chéseaux ‘ontdekte’. De Chésaux wist ook de baanelementen van de komeet te brekenen. Laat men nou sindsdien spreken van de komeet van de Chéseaux. OK, af en toe valt ook de naam komeet Klinkenberg-Chéseaux, maar in de meeste gevallen is het de Grote Komeet of de komeet de Chéseaux. 🙁 Ik stel voor om voortaan toch over de komeet Klinkenberg-Chéseaux te spreken, om de historie recht aan te doen. Waarom wordt de komeet Klinkenberg-Chéseaux groot genoemd? Zoals gezegd was ‘ie visueel erg helder. Zó helder zelfs dat hij voorjaar 1744 lange tijd overdag zichtbaar was. In maart 1744 ontdekten Chéseaux en anderen een opmerkelijk verschijnsel: de komeet had maar liefst zes staarten! 😯 Men denkt dat dit stofstromen waren in de staart van de komeet, zoals ook waargenomen in de komeet West en McNaught. De komeet Klinkenberg-Chéseaux werd ook gezien door de toen dertienjarige Charles Messier. De waarneming wekte de interesse in hem op voor sterrenkunde, dus het zou kunnen dat we onze lijst van Messierlijsten te danken hebben aan de door onze landgenoot ontdekte komeet. Postuum is Dirk Klinkenberg nog wel geëerd voor z’n werk, want op aandragen van W.A.Fröger is de planetoïde  10427 naar klinkenberg genoemd, welke 24 september 1960 werd ontdekt door C. J. van Houten en I. van Houten-Groeneveld. Wie nog per ongeluk geïnteresseerd is in de genealogie van Dirk Klinkenberg die kan hier terecht. Oh ja, hoe kwam ik ook weer op die naam Klinkenberg verzeild geraakt? Door (alweer) het boek Cosmological Enigmas van Mark Kidger, waar ik gisteravond voor de zoveelste keer m’n Aha Erlebnis mee had. Alleen spreekt Kidger van Klinkenburg, maar dat neem ik ‘m niet kwalijk. Nederlands is ook zo lastig voor Engelstaligen. 🙂 Bron: Wikipedia.

RCW 49 is ‘opwarmertje’ voor Spitzer

RCW 49 in twee kanalen. Credit: NASA/JPL-Caltech

De foto hiernaast is het stervormingsgebied RCW 49, welk met z’n 2.200 sterren (!) 13.700 lichtjaren van ons verwijderd is en die staat in

het zuidelijke sterrenbeeld Centaurus. In beeld gebracht door NASA’s infrarood-satelliet Spitzer. Op zich geen bijzondere foto, ware het niet dat er iets met Spitzer aan de hand is. De foto is namelijk genomen in twee kanalen, dat wil zeggen op twee golflengten, 3,6 micrometer (cyanide) en 4,5 micrometer (rood). Da’s bijzonder, want normaal gesproken maakt Spitzer foto’s in vier kanalen. Een eerdere opname van RCW 49 gemaakt door Spitzer maakt gebruik van vier kanalen, waar ook de golflengten op 5,8  µm en 8 µm gebruikt zijn. Waarom vier jaar geleden met vier kanalen en nu met twee? De reden is eenvoudig: volgend jaar april is het vloeibare helium in de Spitzer op. Dat betekent dat de camera’s niet meer gekoeld kunnen worden en da’s voor infraroodopnames een vereiste. Dat betekent dat vanaf dat moment de Spitzer te warm is om de langere golflengtes van  5,8  en 8 μm te zien. De iets kortere golflengtes van 3,6 en 4,5 µm zijn nog wel in een ‘warme Spitzer’ te zien en dus zullen alle foto’s dan twee-kanaals zijn. Vandaar dat de NASA af en toe dit soort foto’s maakt om alvast te wennen. Een soort opwarmertje voor de Spitzer dus. Bron: Spitzer.

Voor ’t eerst één enkel electron gefilmd

Een enkel electron. Credit: Johan Mauritsson (Lund Universiteit in Zweden) et al.

Voor het eerst zijn natuurkundigen erin geslaagd om één enkel electron te filmen. Via een stoot UV-licht werd een electron uit z’n baan rondom de atoomkern geslingerd. Normaal gesproken beweegt een electron te snel om te kunnen filmen, gelet alleen al op het feit dat een electron er 150 attoseconden over doet om één rondje om de kern van een waterstofatoom te maken. Een attoseconde is ééntriljoenste van een seconde [1]Voor de duidelijkheid: in één seconde passen ongeveer net zoveel attoseconden als er seconden in de leeftijd van het heelal, zijnde 13,7 miljard jaar, passen! 😯 ., dus da’s zéér kort. Met behulp van kortstondige laserpulsen is men in staat een soort van stroboscoop te maken en daarmee de electronen te filmen. Iedere puls duurt één attoseconde. Het electron werd gefilmd door Johan Mauritsson (Lund Universiteit in Zweden) en z’n collegae. In de video ‘rijdt’ het electron als het ware mee met een lichtgolf. Bedenk dat een electron in de quantum-mechanica als deeltje én tegelijkertijd als golf wordt beschouwd. De beelden zijn een triljoen (1018) keer vertraagd om het zichtbaar te maken voor ons. Ik vraag mij wel af  in hoeverre het filmen van een electron wordt beperkt door het onzekerheidsprincipe van Heisenberg. Deze stelt dat er altijd een bepaalde mate van onzekerheid zit in hetgeen we meten aan een deeltje. Weten we de exacte lokatie, dan weten we minder over de impuls, en andersom. Een gefilmd electron moet dus een niet bekende impuls hebben, dat kan niet anders. Nou ja, whatever, een knap staaltje werk in ieder geval. Bron: Discover Magazine.

References[+]

References
1 Voor de duidelijkheid: in één seconde passen ongeveer net zoveel attoseconden als er seconden in de leeftijd van het heelal, zijnde 13,7 miljard jaar, passen! 😯 .

De MRO ziet stofstormen op Mars

Storfstorm op Mars. credits: NASA/JPL-Caltech/MSSS

De Mars Reconnaissance Orbiter (MRO) van de NASA heeft enkele stofstormen op Mars gefotografeerd. Eén zo’n stofstorm zie je op de foto hiernaast, boven een netwerk van diepe kloven. De storm beweegt zich naar linksboven. Door de storm worden stofdeeltjes omhooggedreven. Hoog in de Martiaanse atmosfeer dienen deze als condensatiekernen, waar waterijs omheen bevriest en dat levert de prachtig witte wolken op die je op de foto ziet. Andere stofstormen die de MRO heeft gefotografeerd zijn die op de top van twee vulkanen, hieronder te zien. Links zie je een tegen de klok draaiende storm op Arsia Mons, rechts eentje net ten zuiden van de krater van de bekende vulkaan Olympus Mons. Bron: NASA

credits: NASA/JPL-Caltech/MSSS

Nog 7 nachtjes slapen en IYA 2009 begint!

Credit: IYA 2009

Het is bijna zover: nog zeven luttele nachtjes slapen en het Internationale Jaar van de Sterrenkunde 2009 (in ’t Engels afgekort tot IYA 2009) begint. 😀 Bedoeld om sterrenkunde te populariseren in het jaar dat het precies vierhonderd jaar geleden is dat de Italiaan Galileo Galileï voor het eerst de telescoop, een Hollandse uitvinding, op de hemel richtte. Er doen 135 landen wereldwijd mee aan IYA 2009, waaronder uiteraard Nederland, waar begin 17e eeuw bij enkele Zeeuwse brillenmakers de victorie begon. Als je op de Nederlandse website van IYA 2009 gaat kijken kom je vreemdgenoeg de melding tegen ‘under construction’. Veel pagina’s in het menu links vertonen veel niet bestaande links, dus daar moet de komende zes dagen nog flink aan gesleuteld worden. Hieronder de officiële trailer van het internationale jaar van de sterrenkunde. Luidsprekers voluit en kijken maar!