20 maart 2019

Aha, daar komt al dat stof vandaan!

De Rode Rechthoeknevel

De Rode Rechthoeknevel

Stof, we hebben er allemaal mee te maken. De twee beroemdste schoonmakers van Nederland, moeder en dochter Liny van Oyen en Marja Middeldorp van het RTL-4 programma Hoe schoon is jouw huis, doen hun uiterste best er vanaf te komen. Maar ook sterrenkundigen blijken geïnteresseerd te zijn in stof. Ruimtestof welteverstaan. Het zonnestelsel heeft de afgelopen jaren behoorlijk last gehad van interstellair ruimtestof, hetgeen samenhangt met de verminderde magnetische activiteit van de Zon, die normaal gesproken als een uitstekend schild dient tegen dat stof. Die wordt op haar beurt weer veroorzaakt doordat de Zon in een minimum zit van haar zonnevlekkencyclus. Interessante vraag is natuurlijk wat ruimtestof precies is, hoe het ontstaat en waar het vandaan komt. Op de eerste twee vragen hebben sterrenkundigen op dit moment nog geen definitief antwoord, maar op de derde vraag is er een redelijk vermoeden: de dubbelster genaamd HD 44179, gelegen middenin de beroemde Rode Rechthoeksnevel, een protoplanetaire nevel in het sterrenbeeld Eenhoorn (Monoceros), 2.300 lichtjaar verderop. Eén van die sterren van HD 44179 is een ster die al z’n waterstof in het centrum opgebrand heeft. Vandaar dat ‘ie op dit moment in een fase verkeert van inkrimping van dat centrum, waardoor de temperatuur stijgt en de ster over zo’n 10.000 jaar aan z’n volgende fase van heliumverbranding kan beginnen. Deze tussenfase noemt men een post-AGB (post-asymptotic giant branch) ster. Terwijl de kern krimpt dijen de buitenlagen echter uit. Materiaal van de post-AGB ster komt in een schijf om de andere ster van HD 44179 terecht en die weet het spul vervolgens in straalstromen (jets) de interstellaire ruimte in te spuwen. En zo denken Donald York (Universiteit van Chicago) en z’n collegae te weten waar dat stof dat ons zonnestelsel belaagt vandaan komt. Sterrenkundigen zijn erg benieuwd naar de rol van stof in het ontstaan van sterren. Het zou zo maar kunnen zijn dat zonder stof interstellaire wolken van waterstofgas niet in staat zijn om samen te trekken en zo sterren te vormen. Nader onderzoek van HD 44179 in de Rode Rechthoeksnevel kan laten zien hoe stof én gas samenwerken om sterren te vormen. Kortom, stof kan best nuttig zijn. Begrepen Liny en Marja? 😉 Bron: Space.com.

Reacties

  1. Circinus X-1 zou ook een binary zijn.
    Ook daar is er een conusvormige bipolaire stroming naar buiten, maar die kun je tenminste aan de hand van accretieschijven verklaren.

    Dat is alleen geen verklaring voor BI-polaire stromen. Dat veronderstelt een magnetisch veld en een geladen stroom deeltjes. Zwaartekracht kan immers in het standaard model hier geen verklaring voor zijn.

    Wat is dan de verklaring hiervoor? …?
    Wel heel erg "convenient thinking", zwaartekracht zorgt immers niet voor jets volgens de standaard theorie. In dit geval dus toch wel?
    Ik dacht dat ik de enige was die gelooft in hyperbolen als verklaring voor de zwaartekracht [edit] geen reclame voor je theorie Hannes, foei.

    Ik vergis me zelf ook wel eens, als ik kritisch ben 😉

    Zie maar: http://www.nwtonline.nl/00/NT/nl/52_95/forum/3964

    Groeten Hannes.

  2. http://Hannes zegt

    Voor de geïnteresseerden:

    Mijn theorie is een uitbouw van het equivalentieprincipe van Einstein. Er is namelijk geen verschil tussen een waarnemer die een constante versnelling ondergaat en een waarnemer die onder invloed van de zwaartekracht eenzelfde kracht ondervindt.

    Voor mensen die in een driedimensionale wereld leven is het onbegrijpelijk dat de zwaartekracht als puntbron (zwaartekrachtcentrum) een versnelling produceert, we bewegen immers niet naar de aardkern.

    Toch schrijft het equivalentieprincipe voor dat er geen verschil is met een evenredige versnelling veroorzaakt door een raketmotor. In een hyperbool (een in zichzelf gekromde ruimte) kun je deze kracht wel visualiseren en laat zich de equivalentie veel makkelijker verduidelijken.

    In mijn theorie wordt een oorzakelijk verband gelegd tussen het atoom en de zwaartekracht als hyperbolisch verschijnsel. Op die manier is het uit te leggen hoe het mogelijk is dat er vanuit een puntbron(=zwaartekrachtcentrum)een versnelling wordt ondervonden. Deze kracht wordt in een hyperbool door een evenredige tegenkracht vertegenwoordigd – de lambda van Einstein, oftewel de kosmologische constante. Die uit zich dan door het omgekeerde van een samenkomende versnelling richting puntbron, de uitdijing van het heelal.

    In mijn theorie heffen deze krachten elkaar volledig op, ze zijn zelfs equivalent.

Laat wat van je horen

*

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: