Maandelijks archief: februari 2009
Lancering Space Shuttle Discovery uitgesteld
References
| ↑1 | Hubble Space Telescope Service Mission 4. |
|---|
LCROSS op zoek naar waterijs in maankrater
Als het goed gaat wordt 24 april dit jaar met behulp van een Atlas V draagraket de Lunar Reconnaissance Orbiter (LRO) gelanceerd. De LRO heeft één bijzonder onderdeel aan boord, de zogenaamde Lunar CRater Observation and Sensing Satellite (LCROSS), die kort na de lancering zal afkoppelen van de LRO. De bedoeling is dat ergens in augustus dit jaar een deel van de LCROSS, Centaur genaamd, met een snelheid van zo’n 9.000 km per uur te pletter zal slaan in een maankrater. Die krater ligt aan de noordpool van de maan en wordt nooit door de Zon beschenen. Op de bodem van die krater ligt misschien waterijs. De inslag van de LCROSS zal een pluim van ongeveer 50 km hoogte opleveren, welke vanaf de Aarde te zien zal zijn. Het andere deel van de LCROSS moet 4 minuten na de inslag dóór de pluim heenvliegen De inslag zal in ieder geval ook bestudeerd worden met behulp van de 6,5 meter telescoop van het Arizona/Smithsonian MMT Observatory (MMTO) op Mount Hopkins in Arizona. Men hoopt door spectraalanalyse van de pluim aanwijzingen te vinden voor de aanwezigheid van waterijs op de bodem van die krater. Dat waterijs zou cruciaal kunnen zijn voor de bevoorrading met water van toekomstige maanreizigers. Scheelt weer de nodige mee te nemen flesjes Spa Blauw. 🙂 Mocht de MMTO te kampen krijgen met slecht weer dan kan de NASA besluiten om de inslag van de LCROSS uit te stellen naar september of oktober. Dan wordt alleen het doel anders, namelijk een krater op de zuidpool van de maan. Bron: Moon Today.
Nieuwe techniek om grootte planetoiden te meten
References
| ↑1 | Hierbij is de telescoop in staat om trillingen in de atmosfeer van de Aarde, veroorzaakt door luchtbewegingen, te compenseren. |
|---|
Dienschtmeededelingen
Even wat non-astro dingetjes (hoewel?). Ten eerste Hannes kon z’n commentaar niet editten. Klopt, met de standaard commentaar-software lukt dat niet, tenzij je geloof ik ingelogd bent. Ik heb daarom zojuist een plugin geïnstalleerd, waarmee je korte tijd na publicatie van een commentaar/reactie wél kan wijzigen indien dat nodig is. Probeer ’t maar eens even uit. Ten tweede: Met Jan probeerde ik vandaag via Skype een videochat tot stand te brengen met enkele andere zooïsten van de Galaxy Zoo. Het lukte met Weezerd in Manchester, Kevin en Jordan in New York, LovetheTropic op Puerto Rico en Stellar190 en Curtis van ergens op deze aardkloot. Dat wil zeggen dat audiocommunicatie aardig lukte, maar de videosignalen kwamen helaas niet door. 🙁 En met de zooïsten in Londen op de Astrofest was helemaal geen kontakt te krijgen. Die zaten zeker aan/onder de bar. 🙂 Op de officiële Galaxy Zoo blog is overigens ook een verslag van onze ‘conferentie’ verschenen! Leuk.
Wat moet je hier nou van denken?
Zie hier een bizarre foto van een deel van de Schiaparellikrater op Mars, gefotografeerd met de HiRISE camera aan boord van de Mars Reconnaissance Orbiter (MRO). Die krater is genoemd naar de Italiaanse sterrenkundige Giovanni Schiaparelli, degene die in de 19e eeuw als eerste kanalen op Mars meende te zien. De krater ligt aan de evenaar van Mars en hij is 461 km in diameter. IJs zal er op de evenaar niet voorkomen, dus wat we op de foto zien zal een (niet-kleurechte) compositie zijn van zand en rotsen. De patronen zullen het resultaat zijn van de wind, maar hoe dat precies in z’n werk is gegaan is niet bekend. Voor m’n gevoel lijkt het wel alsof er één of andere stukadoor flink tekeer is gegaan. Beetje raufaser effect, heette dat niet zo? 🙂 Bron: Martian Chronicles.
Babysterrenstelsels: klein, maar hyperactief
PAMELA heeft geen donkere materie gevonden?
Vorig jaar augustus gingen geruchten de wetenschappelijke wereld rond dat men met behulp van de satelliet PAMELA [1]De in juni 2006 gelanceerde Payload for Antimatter/Matter Exploration and Light-nuclei Astrophysics. een anomalie had ontdekt in de verhouding tussen electronen en positronen in de hogere delen van de dampkring en die anomalie zou wel eens kunnen wijzen op annihilerende donkere materiedeeltjes. De claim was dus gelegd dat men met PAMELA voor het eerst donkere materie had ‘gezien’. De resultaten van PAMELA werden eerst op een besloten bijeenkomst gepubliceerd, maar gegevens lekten via ‘collega’-wetenschappers uit en kort daarna kwamen de officiële publicaties. Maar telkens werd bij de uitleg van de gegevens ook vermeld dat donkere materie niet de enige verklaring van de data was. Er zou ook sprake kunnen zijn van een pulsar als bron. Deze week kwam het PAMELA-team met nieuwe gegevens. Niet over de electron-positronverhouding, maar dit keer over de proton-antiproton verhouding. Die verhouding blijkt 0 te zijn bij een energie van 1 GeV tot een maximum van 0,00002 rond 10 GeV (zie afbeelding). Analyse van deze gegevens wijst op een ‘normale’ bron, een pulsar wiens hoge energiedeeltjes botsen met het interstellaire gas. Kortom, meer gegevens die wijzen op de pulsar-bron. Officiëel blijft het PAMELA-team de annihilatie van donkere materie open houden als mogelijke bron, maar het lijkt er op dat het duidelijk verloren heeft van de pulsar als kandidaat. Bron: Physics Web.
References
| ↑1 | De in juni 2006 gelanceerde Payload for Antimatter/Matter Exploration and Light-nuclei Astrophysics. |
|---|
