Maandelijks archief: mei 2009
Kunnen raketten echt met WARP snelheid reizen?
Deze week is de nieuwste Star Trek film in premiére gegaan, Star Trek: The Future begins. Daarin snellen een jonge Captain Kirk en dr. Spock met warp speed weer dwars door de Melkweg op weg naar nieuwe avonturen. Interessante vraag is natuurlijk of die warp snelheid, bereikt door toepassing van de technologie om ruimteschepen met de lichtsnelheid of sneller zelfs te laten voortbewegen, fantasie is of dat het werkelijkheid is of kan zijn. Twee natuurkundigen van de Baylor Universiteit, te weten Gerald Cleaver en Richard Obousy, zijn van mening dat het niet alleen fictie is, maar dat ruimtevaartuigen daadwerkelijk met die snelheid kunnen reizen. Hun idee is dat de ruimte rondom het vaartuig kan worden gemanipuleerd op een dusdanige wijze dat er een soort van bel ontstaat, waarmee de lichtsnelheid kan worden bereikt. Door die manipulatie van de 11 -dimensionale ruimtetijd kan Donkere Energie worden geproduceerd. Die energie is verantwoordelijk voor de versnelling van de expansie van het gehele heelal, maar Cleaver en Obousy denken dat ‘ie lokaal ook kan zorgen voor een versnelling van de bel waarin het ruimtevaartuig zich bevindt. Het idee van Cleaver en Obousy is gebaseerd op de zogenaamde Alcubierre drive. Bij deze voortstuwing wordt de ruimtetijd aan de voorzijde van het ruimteschip verkleind en aan de achterzijde vergroot. Het schip zelf beweegt in feite niet, maar de ruimtetijd stroomt er door toepassing van die Alcubierre drive langs en zodoende reist het een bepaalde richting uit. Dit alles kan zonder overtreding van de wetten van de Algemene Relativiteitstheorie van mijnheer Einstein. Om de noodzakelijke manipulatie van de ruimte te kunnen bereiken denken Cleaver en Obousy ongeveer net zoveel energie nodig te hebben als de gehele massa van de planeet Jupiter, omgezet in energie. 😯 En dat is realiteit volgens hun? Ja ja. 😉 Bron: Science Daily.
Heb je naast zwarte gaten ook zwarte ringen?
Het creatieve vermogen van sommige sterrenkundigen schijnt grenzeloos te zijn. We zijn zelf inmiddels al enkele decennia gewend aan de term zwarte gaten, de objecten in het heelal wiens massa zo opeengehoopt zit dat hun gravitatieveld ervoor zorgt dat zelfs licht niet kan ontsnappen. Zwarte gaten komen we in alle maten voor, van rondzwervende micro-zwarte gaten die bij de oerknal zijn ontstaan, via stellaire zwarte gaten die uit zware sterren voortkomen tot de superzware zwarte gaten in de centra van sterrenstelsels. Voor de Japanse sterrenkundige Masashi Kimura (Osaka City University) zijn zwarte gaten echter niet genoeg. Hij vroeg zich af of zwarte gaten altijd in dezelfde vorm voorkomen, namelijk bolvormig. Tenminste, hun waarneemhorizon is een bol, de echte kern van een zwart gat, de zogenaamde singulariteit, is niet meer dan een stip. Kimura’s berekeningen tonen aan dat het theoretisch mogelijk moet zijn dat zich in het vroege heelal zwarte gaten moeten hebben gevormd, die een ringvorm hadden. Zwarte ringen dus. Er zouden zelfs multi-ringen kunnen voorkomen, als ware kosmologische olympische ringen. Alleen zonder de bekende kleuren. Later in de evolutie van het heelal zouden de ringen getransformeerd zijn tot gewone zwarte gaten. De factor die een belangrijke rol speelt bij de vraag hoe stabiel de zwarte ringen kunnen zijn is de Donkere Energie. Die biedt namelijk een tegenwicht aan de gravitationele collaps, die leidt tot de conventionele zwarte gaten. Probleem wat ik zelf met die theorie van Kimura heb is dat volgens mij die Donkere Energie in dat vroege heelal helemaal niet zo sterk was. De energie is constant en de totale hoeveelheid Donkere Energie is gebonden aan de hoeveelheid ruimte die er is. Hoe groter het heelal des te groter de afstotende werking. En andersom uiteraard. Hoe kan de Donkere Energie dan genoeg tegenwicht bieden aan die gravitationele collaps in het vroege heelal? Nou, ik ga Kimura’s artikel maar eens goed lezen. 🙂 Bron: ArXiv Blog.
Beter inzicht donkere energie door nauwkeurige bepaling Hubble constante
References
| ↑1 | De absolute helderheid is de helderheid die een hemellichaam zou hebben als het zich op de overeengekomen afstand van exact 10 parsec zou bevinden. Ze wordt uitgedrukt in magnitudes. |
|---|
HIFI aan boord van Herschel
Hoe hard is de korst van een neutronenster?
References
| ↑1 | Eén theelepel kan wel 100 miljoen ton wegen. |
|---|---|
| ↑2 | Bij de twee pulsars PSR J0737-3039A en B, die om elkaar draaien. Pulsars zijn neutronensterren. Door het uitzenden van gravitatiegolven komen ze steeds dichterbij elkaar: per dag komen beide pulsars 7 millimeter dichter bij elkaar (!), hetgeen gemeten is door sterrenkundigen. |
Naamgeefster van Pluto is overleden
References
| ↑1 | Nee, ze was op dat moment náet in Apeldoorn, wees gerust. |
|---|
Maanfoto’s herstellen bij McDonalds
Op de één of andere manier gaat de NASA erg slecht om met haar archieven. Ik heb eerder al bericht over 173 tapes met informatie over maanstof, die met moeite kunnen worden afgelezen, en over de verdwenen originele film van de maanlanding van de Apollo 11 (dat is toch dé maanlanding, zou je zo zeggen). Vandaag las ik weer zo’n verhaal van oude archieven waar slordig mee wordt omgesprongen. Het gaat over meer dan 1.500 70 mm banden waarop allemaal foto’s van de maan staan, die door de diverse Apollovluchten zijn genomen. In een verlaten McDonalds restaurant (!) bij Moffet Naval Airfield doen een paar digitale archeologen pogingen om die banden af te lezen en ze te digitaliseren. Da’s het Lunar Orbiter Image Recovery Project. Temidden van de apparatuur van de voormalige McDonalds, zoals de Frymaster waar voorheen de broodjes hamburger werden gemaakt, liggen de ingeblikte tapes, te wachten om door een oude ampex-machine te worden afgelezen. Die machine hebben ze ergens anders weer op de kop getikt. De NASA is geïnteresseerd in de oude foto’s omdat ze in het kader van de toekomstige bemande maanvluchten alle informatie over de maan die voorradig is kan gebruiken. Leuk dat ze dat in zo’n McDonald’s doen, al kleeft er wel een geurtje aan. 🙂 Hier een video over het project:
😀 Bron: Gizmodo.
+10.000 lezers astroblog over 2012
Op 16 oktober 2007 schreef ik een astroblog over de Maya-voorspelling dat de Aarde zal vergaan op 21 december 2012. Dat werd de meest gelezen blog van m’n site en dat blijkt wel uit het feit dat vandaag de grens van 10.000 (unieke) lezers werd gepasseerd. 😀 Nummer 2 is m’n blog over rolwolken (4.172 lezers) en 3 gaat over het nabootsen van de oerknal (2.417 lezers). Handig hoor, die WordPress statistieken. Over 2012 gesproken: 12 november 2009 gaat 2012 in premiére, de film van Roland Emmerich [1]Regisseur van onder andere Independance Day, Godzilla, The Day after Tomorrow en 10.000 B.C.. Klik op de afbeelding voor de (indrukwekkende) trailer.
Nog eventjes voor de helderheid: ik, Adrianus V, geloof NIET dat de wereld vergaat op 21 december 2012. Dat was ook de strekking van die astroblog. Duidelijk? 😀
References
| ↑1 | Regisseur van onder andere Independance Day, Godzilla, The Day after Tomorrow en 10.000 B.C. |
|---|
Nog even over Fermi’s waarnemingen
Gisteren had ik dat bericht over de waarnemingen gedaan met de Fermi gamma-satelliet. Hoogst interessant verhaal, al zeg ik het zelf, maar de grafiek met de waarnemingen zelf ontbrak. Voor de harde data-fetisjisten onder ons daarom hierbij de Fermi-grafiek:
Hierin zien we de hoeveelheid electronen en positronen die Fermi gemeten heeft. De blauwe lijn is wat je zou verwachten in een donkere materieloos heelal. De rode punten, inclusief de foutenmarges, zijn de metingen van Fermi. De grijze vierkantjes zijn van ATIC en zoals je ziet zitten die in het gbeied van 400-700 GeV veel hoger dan de Fermi-punten. Grote vraag blijft waar het waargenomen exces aan electronen en positronen vandaan komt: een nabije pulsar of annihilatie van donkere materie. We blijven Fermi, H.E.S.S., Pamela, ATIC en al die andere experimenten op de voet volgen. 🙂 Bron: Cosmic Variance.
