De beste waarneemplek ter wereld

Waarnemen in Antartica. Credit: (Liu et al. 2001)

Ik schreef drie jaar geleden een astroblog over Dome C, een plek op de ijskoude Zuidpool, die op dat moment door sterrenkundigen werd omschreven als de beste plek ter wereld om waar te nemen. De ‘beste’ waarneemplaatsen op ‘normale’ lokaties, zoals die van de VLT in Chili hebben een seeing van 0,5 tot 1 boogseconden, de kleinste afstand tussen objecten die gescheiden kan worden. Op Dome C is de seeing 0,07 boogseconden, net iets meer dan de 0,05 seeing van Hubble – die búiten de dampkring cirkelt. Dome C is echter onttroond, want een recent onderzoek heeft laten zien dat er een nóg betere plek is om naar de sterren te turen: Ridge A, een plateau op 4 km hoogte, gelegen in het Australische zuidpoolgedeelte (lokatie 81,5 °Z 73,5 ºO). In dat onderzoek worden diverse lokaties op Antartica onderzocht, te weten Domes A, B, C en F, en Ridges A en B. De sterrenkundigen onder leiding van Dr. Will Saunders (Anglo-Australian Observatory in Australie) keken bij hun ‘vergelijkend warenonderzoek’ naar diverse aspecten, zoals luchtvochtigheid, bewolking, seeïng, poollicht, thermische achtergrond, etc… Uitkomst was zoals gezegd dat Ridge A, eigenlijk een bergkam die loopt vanaf Dome A, de allerbeste waarneemplek ter wereld is. Het is er extreem koud (gemiddeld wintertemperatuurtje -70 °C, brrrrrr….) en zéér droog. De hoeveelheid vocht in de dampkring boven Ride A blijkt minder te zijn dan het equivalent van de hoeveelheid water in een laag met de dikte van een menselijke haar. 😯 Er staat ook bijna geen wind en dat zorgt er voor dat het oplossend vermogen op die plek drie keer zo scherp is als van de huidige beste waarneemlokaties in de wereld. Kortom, waar gaat de eerstvolgende Astrovaçance van Christiaan Huygens naar toe? Yep, naar Ridge A! Bontjassen meenemen. 😀 Bron: Universe Today.

Goede tijden, slechte tijden

Het ISS nét voor de koppeling. credit: NASA TV.

Het zijn goede tijden, slechte tijden, ook in de ruimtevaart en sterrenkunde. Eerst maar even de goede tijden: de vijfentwintigjarige Discovery, hieperdepiep hoera, is vannacht aan het internationale ruimtestation ISS gekoppeld. Vanmorgen vroeg, 02.54 uur Nederlandse tijd, vond de rendez-vouz plaats, ergens boven de Atlantische Oceaan. Negentig minuten later konden de luiken tussen Discovery en ISS worden geopend en konden de zeven astronauten van de Discovery een handje geven en/of zoenen aan/met de zes ISS-astronauten. Wie goed is in rekenen komt dus op 12 13 astronauten in totaal aan boord van het ISS, een record. Op de foto hierboven zie je het ISS vanuit de Discovery, net voor het moment van de koppeling. Bron: Space.com.

De westkant van Mt Wilson. Credit: UCLA.

Dan het slechte nieuws: het JPL en het historische observatorium op de berg Mount Wilson lopen nog steeds gevaar door de nabije bosbranden. Met name bij het Mt Wilson observatorium schijnt de situatie penibel te zijn. Afgelopen nacht hebben de branden zich in omvang verdubbeld. 😯 De brandweer schijnt zich te hebben teruggetrokken van de berg, al zijn er berichten dat dá t juist goed nieuws is omdat de reden is dat de brand zich daar niet uitbreidt. Op de foto zie je een beeld van de automatische camera van Mt Wilson aan de westkant, vannacht genomen. Wie nu probeert beelden van die camera te bekijken merkt dat de pagina niet te openen is, dus het zou kunnen dat ’t een tikkeltje verbrand is. Goed nieuws is in ieder geval dat zich vandaag twee zogenaamde Super Scoopers uit Canada hebben gemeld, blusvliegtuigen die enorme hoeveelheden water kunnen transporteren en lozen boven de brandhaarden. Ik zou zeggen: volgieten die berg! 😀 Bron: Mount Wilson Observatorium.

Bosbranden bedreigen JPL en Mt Wilson

De bosbranden vlakbij het JPL. Credit: Mbtrana/Wikipedia.

Van bosbranden hebben ze niet alleen in Griekenland of Schoorl last. Ook in Californië in de buurt van Los Angeles woedden hevige branden en volgens de berichten schijnen ze het nabijgelegen Jet Propulsion Lab (JPL) van de NASA en het observatorium van Mount Wilson te bedreigen. 🙁 De branden zijn in de bergen ten noorden van La Caá±ada Flintridge, in welke stad de gebouwen van JPL zich bevinden. Die gebouwen – op de foto op de voorgrond – zouden zich op redelijk veilige afstand van het vuur bevinden, maar dat geldt niet voor huizen van medewerkers van JPL. Mount Wilson lijkt meer gevaar op te leveren. Het wereldberoemde observatorium van Mt Wilson aldaar, opgericht in december 1904 door George Ellery Hale, bevindt zich vlakbij brandhaarden, waarvan de rook op de webcam van het observatorium te zien is. Onder het plaatje van de webcam wordt het weer bij Mt Wilson genoemd: “hot, fire close, smoke”. Geen beste mededeling dus. De directeur van het observatorium, Hal McAlister, heeft een speciale pagina gemaakt op de site van Mt Wilson waar hij om de paar uur meldingen doet van de situatie. Laten we hopen dat beide faciliteiten in Californië behouden kunnen blijven, net zoals oktober 2007 met Mount Palomar het geval was. Bron: StarstryderPlanetary Society.

[Update]: Op deze Google Map kan je de situatie vlakbij JPL zien. Een lezer op de JPL site schrijft: “at 12 noon PDT a report on the local NPR station now puts the hillside fire only about 500 m above JPL.” Oeps, dat klinkt niet zo best.

’t Is afgelopen met de maansatelliet Chandrayaan-1

De Chandrayaan-1. Credit: ISRO.

Volgens berichten uit India zou afgelopen vrijdag, 27 augustus j.l., om 22.00 uur Nederlandse tijd de communicatieverbindingen met de maansatelliet Chandrayaan-1 verbroken zijn. Hierdoor zou het definitief afgelopen zij met de satelliet. Da’s erg jammer, want de Chandrayaan-1 was nog geen jaar geleden gelanceerd en de bedoeling was dat hij twee jaar onderzoek aan de Maan zou doen. In juli dit jaar was al duidelijk geworden dat de Chandrayaan-1 technische problemen had. Een belangrijke sensor was kapot gegaan, waardoor de baan van de sonde om de maan minder precies was en de camerabeelden van het maanoppervlak minder scherp waren. En nu dus die verbroken communicatie met de satelliet. Korte tijd na het bekend worden daarvan verklaarde de projectdirecteur van de Indiase satelliet, M. Annadurai, dat het definitief over en uit is. Tegenover The Times of India zei hij:

The mission is definitely over. We have lost contact with the spacecraft. It (Chandrayaan-1) has done its job technically…100 per cent. Scientifically also, it has done almost 90-95 percent of its job.

Gedurende de 312 dagen dat de satelliet om de maan draaide – welgeteld 3.400 omwentelingen bij elkaar – maakte ‘ie zo’n 70.000 opnames van het maanoppervlak. Op 14 november 2008 werd een onderdeel van de Chandrayaan-1, de Moon Impact Probe (MIP), naar de maan gestuurd om daar te pletter te slaan en tijdens de afdaling metingen te verrichten. Ook kon men  met behulp van een door de NASA gebouwde radar in de satelliet de bodem van een krater op de zuidpool bekijken, die normaal gesproken wegens de permanente schaduw niet te zien is. Chandrayaan-1 (22 oktober 2008 – 27 augustus 2009): RIP. Bron: Planetary Society.

Hèhè, de Discovery is eindelijk gelanceerd

De Discovery wordt gelanceerd. Credit: NASA TV.

Vanmorgen om 05.59 uur Nederlandse tijd is na drie eerdere pogingen de Space Shuttle Discovery eindelijk gelanceerd. Vanaf Cape Canaveral in Florida werd de Discovery gelanceerd voor missie STS-128 naar het internationaal ruimtestation ISS. Aan boord zeven bemanningsleden – zes Amerikanen en een Zweed – naar het ISS voor een bezoek van twee weken. Die Zweed – Fugelsang -schijnt ook een ‘neutralino’ mee naar boven te hebben genomen, geen echte uiteraard – want die krengen zijn nog nooit waargenomen – maar een stoffen versie, afkomstig uit de uitgebreidde collectie van pluchen ‘deeltjes’ van de Particle Zoo. Afijn, de Discovery is onderweg naar het ISS en daar schijnt ‘ie zondag aan te komen en te koppelen. Dan zullen ze onder andere dat fitness-apparaat Colbert gaan installeren, genoemd naar die Amerikaanse TV-presentator. Voor de Discovery is het overigens één van de laatste vluchten, want ’t beestje is al vijfentwintig jaar oud. Tijd dat ‘ie met pensioen gaat. Een overzicht van de resterende vluchten van de hele shuttlevloot vind je hier. Bron: NASA + Universe Today.

Zwart gat nr. 1 trekt al 45 jaar de aandacht

Cygnus X-1. Credit: NASA/CXC/SAO

Vijfenveertig jaar geleden werd Cygnus X-1 geïdentificeerd als een zeer sterke bron van röntgenstraling. Zoals de naam al doet vermoeden ligt het object in het sterrenbeeld Zwaan, 6.000 lichtjaar van ons verwijderd, al was de exacte bron in de jaren zestig niet bekend. In 1971 werd met behulp van de Westerbork Synthese Radiotelescoop (WSRT) ook radiostraling afkomstig van Cygnus X-1 ontdekt en pas toen kon de preciese lokatie [1]Voor de liefhebbers: rechte klimming = 19h 58m 21,6756s declinatie = +35° 12″05,775. worden vastgesteld. Toen werd duidelijk dat Cygnus X-1 eigenlijk een dubbelster is: de zichtbare component is de zeer zware, blauwe ster AGK2 +35 1910, ook wel HDE 226868 genoemd. De andere, niet zichtbare component, is een zwart gat dat tien zonmassa’s zwaar is. De waargenomen röntgenstraling ontstaat doordat gas uit de grote ster in het zwarte gat wordt gezogen, daarbij een accretieschijf vormend. Hierin wordt de massa zo sterk versneld dat deze röntgenstraling gaat uitzenden. Cygnus X-1 is de eerste röntgenbron die als zwart gat is geïdentificeerd, hetgeen tot nu toe tot meer dan duizend wetenschappelijk artikelen heeft geleid. Jazeker, duizend artikelen! Onlangs hebben ook de röntgensatellieten Chandra en XMM-Newton hun vizier op Cygnus X-1 gericht en daar kwam uit naar voren dat het zwarte gat opmerkelijk langzaam roteert. Dat doet vermoeden dat Cygnus X-1 het resultaat is van een vreemde supernova-explosie. Maar hoe dat precies gegaan is weet men niet. Met andere woorden: er zullen nog véle artikelen over zwart gat nummer 1 volgen. Bron: Chandra.

References[+]

References
1 Voor de liefhebbers: rechte klimming = 19h 58m 21,6756s declinatie = +35° 12″05,775.

De oerknal in twee minuten en 20 seconden

Ik kwam zojuist deze mooie video tegen, waarin door sterrenkundige Janna Levin op heldere wijze wordt uitgelegd wat er precies bij de oerknal gebeurde. Koppel de video aan de tijdbalk van het heelal van Planck en je bent hélemaal weer bij!

Nooit meer zeggen dus dat bij de oerknal het heelal explodeerde ín de ruimte. 😉 Bron: Bad Astronomy.

Planck biedt een tijdbalk van het heelal

De tijdbalk van het heelal. Credit: ESA/Planck Collaboration

Op de website van Planck, de satelliet die momenteel onderzoek doet aan de kosmische microgolf-achtergrondstraling, is een Tijdbalk van het Heelal verschenen. In tien stappen wordt uit de doeken gedaan wat zich allemaal voordeed in de evolutie van het heelal, van het moment van de oerknal zelf – 13,7 miljard jaar geleden – tot heden. Handig om even door te wandelen en te lezen wat zich precies wanneer afspeelde. In ‘hoofdstuk’ 4 komt die achtergrondstraling zelf aan de beurt. Zodra Planck klaar is met z’n waarnemingen zal dat hoofdstuk vast en zeker herschreven gaan worden. 🙂 Bijna twee weken geleden verscheen overigens ook al een interactieve strip van het Max Planckinstituut over diezelfde kosmische achtergrondstraling, ook in verband met de start van Planck’s waarnemingen. Kortom, de PR-machine rondom Planck draait op volle toeren. Bron: Planck.

Zag de B-fabriek een supersymmetrisch deeltje?

Verval van deeltjes in Belle. Credit: Belle Collaboration.

Met de Belle deeltjesversneller in Tsukuba, Japan, knallen ze continue met hoge snelheid electronen en positronen tegen elkaar, waarbij miljoenen paren van zogenaamde B mesonen en anti-B mesonen worden gecreeërd. Om die reden noemen ze Belle ook wel de B-factory, de B-fabriek dus. Onlangs hebben ze bij die experimenten een asymmetrie in de resultaten gevonden die niet verklaard kan worden met het standaardmodel van de elementaire deeltjes. Af en toe – dat wil zeggen één keer per miljoen botsingen van een electron en positron – verandert zo’n B meson in een K* meson plus een deeltje/antideeltje. Dat laatste kan bijvoorbeeld opnieuw een electron en positron zijn of hun zwaardere neefjes het muon en anti-muon. Voor natuurkundigen is het belangrijk op te letten wat de richting is van die geproduceerde deeltjes. Het standaardmodel voorspelt al een asymmetrie in die richting, maar wat de natuurkundigen in de B-fabriek zagen was een kleine asymmetrie bóvenop die ‘standaard-asymmetrie’. In maar liefst 230 gevallen werd die extra asymmetrie waargenomen. Dit wijst er op dat bij het verval van de electronen en positronen naast het B meson nog een zeer massief, maar kortlevend deeltje wordt geproduceerd. Een dergelijk deeltje zóu de supersymmetrische partner van een gewoon elementair deeltje kunnen zijn, maar zeker is dit nog niet. Volgens de zogenaamde SUSY-theorie zouden álle elementaire deeltjes een supersymmetrische partner hebben. Eén van die supersymmetrische deeltjes is het neutralino. En het leuke van dit alles is dat dá t neutralino op dit moment dé kandidaat is voor Donkere Materie! Kortom, de waarnemingen in de B-fabriek in het verre Japan hebben mogelijk een hint gegeven voor het bestaan van SUSY-deeltjes. Mmmmm, nou nog ergens een bevestiging vinden. Werk aan de winkel voor de Large Hadron Collider. 🙂 Liefhebbers van hardcore natuurkunde kunnen overigens hier (bijna 3 Mb) een uitgebreide beschrijving van de experimenten in de B-fabriek vinden. Bron: ScienceNews.