17 november a.s.: de Leoniden komen er aan!

Dáár komen de Leoniden vandaan. Credit: Astro.cz

Op dinsdag 17 november a.s. is het zover: dan is weer het maximum van de jaarlijks terugkerende meteorenzwerm van de Leoniden. Een jaar geleden schreef ik over de voorspelling dat de leoniden in 2009 wel eens spectaculair zouden kunnen worden, tenminste als je ergens in Azië aan het waarnemen bent. Het maximum valt die dag ergens rond 22.40 Nederlandse tijd en bij ons staat het sterrenbeeld Leeuw, waar de Leoniden allemaal vandaan lijken te komen, onder de horizon. De meeste kans op meteoren te zien in ons koude kikkerlandje én bij de Zuiderburen is de 17e november ’s morgens vóór zonsopgang. De radiant staat dan hoog aan de hemel en er is geen storend maanlicht. Dan zijn er naar verwachting zo’n 10 á 15 Leoniden per uur te zien. Een stuk minder dan die paar honderd die ze voor Azië voorspellen. 🙁 Alle Leoniden zijn stukjes gruis, dat achtergelaten is door de komeet 55P/Tempel-Tuttle. Die heeft in de ruimte allerlei langgerekte sporen achtergelaten van stof/gruis en die 17e november trekt de Aarde door het spoor dat de komeet in 1466 – het jaar dat Desiderius Erasmus is geboren, maar dit even terzijde – heeft achtergelaten. Het schijnt dat we dit jaar óók door de stroom gaan die in 1533 door 55P/TT is achtergelaten, maar welke gevolgen dá t heeft is niet bekend. Mmmmm, misschien een plaatselijke opleving boven de Benelux? Hoop hoop. 🙄 Bron:

Bron: Space.com.

Neutronenster Cas A heeft dunne koolstofatmosfeer

Cas A in het midden van een supernovarestant. Credit: X-ray: NASA/CXC/Southampton/W. Ho et al.; Illustration: NASA/CXC/M.Weiss

Met behulp van NASA’s röntgensatelliet Chandra heeft men ontdekt dat de neutronenster Cassiopeia A – het overblijfsel van een supernova dat kortweg Cas A wordt genoemd – een dunne atmosfeer van koolstof heeft. Een zéér dunne atmosfeer mag ik wel stellen, want met een dikte van 10 cm zou zelfs een mier zich daar onbehaaglijk voelen, even afgezien van de plaatselijke zwaartekracht die honder miljard keer sterker is dan hier op Aarde. Het is vermoedelijk vanwege die atmosfeer dat we van Cas A, 10.000 lichtjaar ver weg gelegen, geen röntgenpulsen zien, zoals bij andere neutronensterren wel het geval is. Uit berekeningen blijkt namelijk dat bij neutronensterren mét zo’n atmosfeer de lokale plekken waar röntgenstraling wordt geproduceerd als ’t ware uitsmeren over het gehele oppervlak. En door de snelle rotatie vallen die uitgesmeerde röntgenpulsen helemaal niet  meer op. Het woord atmosfeer moet je overigens in het geval van Cas A met een korreltje koolstof eh… zout nemen hoor. Niet alleen vanwege die dikte van slechts 10 cm, maar ook omdat de dichtheid ervan gelijk is aan die van diamant en de druk tien keer hoger is dan in het centrum van de Aarde. Oeps, hoezo extreem. Oh ja nog iets, de temperatuur van die atmosfeer is tien miljoen graden. 😯 Onder de atmosfeer van Cas A zit een kleine schil van ijzer en daaronder zit de korst van de neutronenster, zoals je in onderstaande animatie kan zien. Daarnaast de aardse atmosfeer, die een een tikkeltje levensvriendelijker is. Bron: Chandra.

X-ray: NASA/CXC/Southampton/W. Ho et al.; Illustration: NASA/CXC/M.Weiss

Magnetars beven anders dan gedacht

Schets van een magnetar. Credit: Public Domain.

De Amsterdamse sterrenkundige Anna Watts (UvA) en haar Amerikaanse collega Andrew Steiner (Michigan State University) hebben ontdekt dat trillingen op magnetars als gevolg van sterbevingen, verband houden met bewegingen van de korst en niet met activiteit in de kern van de neutronenster. Ze stellen dat de atoomkernen in de korst van de magnetar minder protonen en meer neutronen bevatten dan eerder werd gedacht. De onderzoeksresultaten zijn op 30 oktober gepubliceerd in Physical Review Letters. Magnetars zijn jonge neutronensterren met een ultra-sterk magnetisch veld, zo’n 10 miljard keer sterker dan dat van de aarde. Ze vormen de krachtigste magneten in de kosmos. Ze ontstaan nadat een zware ster in een supernovaexplosie aan het einde van zijn leven is gekomen. De laagfrequente röntgenstraling – met frequenties van 20 Hz en lager – komt vrij wanneer magnetars krachtige seismische erupties ondergaan, die sterbevingen worden genoemd, waarbij de hele ster trilt. Net zoals geologen de trillingen tijdens aardbevingen kunnen gebruiken om de interne structuur van de aarde te achterhalen, vertellen sterbevingen iets over de structuur van een ster. Een sterbeving ontstaat door het snelle verval van het sterke magnetische veld van een magnetar. Daardoor scheurt de dichte, harde korst en volgt een uitbarsting van gamma- of röntgenstraling. Volgens recente simulaties is de korst van een neutronenster 10 miljard keer zo sterk als staal. Een video over het onderzoek van Watts en Steiner, waarin onder andere de krachtige uitbarsting van magnetar SGR 1806-20 op 27 december 2004 voorkomt, zie je hieronder:

Bron: Nova.

Cassini’s scheervlucht nr. 120 langs Enceladus

Een geiser op Enceladus’ zuidpool. Credit: NASA/JPL.

Woensdag 3 juni berichtte ik hier over het drukke programma dat Saturnusverkenner Cassini aan het afwerken is. Eén van de onderdelen van de Equinoxmissie, zoals Cassini’s programma nu heet, was een scheervlucht die op 2 november zou plaatsvinden langs de maan Enceladus van gisteren. Twee november, mmmm… hé dat was gisteren! Yep, Cassini vloog toen slechts 99 km boven het ijzige oppervlak van Enceladus, de zevende keer dat deze maan doelgericht gepasseerd werd [1]En de 120e keer in totaal. Kennelijk waren er 113 passages zonder doel. Geen idee hoe dat precies zit, zoeken we nog wel es uit.. Het is de meest nabije passage van Cassini, die ‘m langs de zuidpool én dwars door een pluim van een geiser voerde. Ik heb hierboven alvast een raw, onbewerkte foto van Cassini, genomen met een camera die gevoelig is voor nabij-infraroodlicht (930 nanometer). Komende dagen zullen vast nog meer plaatjes verschijnen van de scheervlucht, maar deze heb je alvast in je binnenzak. De foto toont een geiser op de zuidpool (yep, zuid is boven, logisch hé?) en de afstand bedroeg op ’t moment van de foto nog 190.000 km. Moet je nagaan welke foto’s gemaakt zijn vanaf 100 km afstand. 😯 Op 21 november a.s. volgt de achtste doelgerichtte passage van Cassini langs Enceladus, maar met een afstand van 1603 km lijkt die een stuk minder spectaculair dan nr. 7. Maar vergis je niet, de passage van gisteren was vooral bedoeld voor metingen aan die pluim en niet zozeer de foto’s. De passage van 21 november zal wél gericht zijn op het ophoesten van fantastische plaatjes. We wachten het allemaal rustig af. Bron: Bad Astronomy + Ciclops

 

References[+]

References
1 En de 120e keer in totaal. Kennelijk waren er 113 passages zonder doel. Geen idee hoe dat precies zit, zoeken we nog wel es uit.

Kosmisch ‘skelet’ in beeld gebracht

Het kosmisch skelet in rood. Credit: ESO/L. Calçada/Subaru/National Astronomical Observatory of Japan/M. Tanaka

Astronomen hebben een gigantische verzameling sterrenstelsels ontdekt op een afstand van zeven miljard lichtjaar van de aarde. Deze ontdekking is de eerste observatie van zo’n opvallende structuur van sterrenstelsels in het verre heelal en geeft meer inzicht in het kosmische web en hoe dit is gevormd. “Materie is niet gelijkmatig verdeeld in het universum,” zegt Masayuki Tanaka van ESO, die de studie leidde. “In het nabijgelegen heelal vormen zich sterrenstelsels en deze sterrenstelsels vormen meestal groepen en clusters van stelsels. De meest geaccepteerde kosmische theorieën voorspellen dat materie ook samenklontert op een grotere schaal in het zogenoemde kosmische web waarin sterrenstelsels, gevat in filamenten die zich uitstrekken tussen lege ruimte, een gigantische draadachtige structuur creëren.

Deze filamenten zijn miljoenen lichtjaren lang en vormen het geraamte van het heelal: sterrenstelsels verzamelen zich eromheen en op de knooppunten vormen zich reusachtige clusters van sterrenstelsels die als gigantische spinnen op de loer liggen, wachtend om meer materie op te nemen. Wetenschappers proberen te bepalen hoe deze filamenten ontstaan. Hoewel enorme draadvormige structuren al vaak geobserveerd zijn op relatief kleine afstand van ons, is er tot nu toe nog geen concreet bewijs van het bestaan ervan in het verder afgelegen heelal. Het team onder leiding van Tanaka ontdekte een grote structuur rond een verafgelegen cluster van sterrenstelsels op beelden die ze al eerder hadden verkregen. De onderzoekers gebruikten twee telescopen op aarde om deze structuur gedetailleerder te bestuderen. De spectroscopische waarnemingen zijn gedaan met het VIMOS instrument van ESO’s Very Large Telescope en met FOCAS van de Japanse Subaru-telescoop. Dankzij deze en andere waarnemingen waren de astronomen in staat om een echte demografische studie van deze structuur te maken en hebben ze enkele groepen van sterrenstelsels geïdentificeerd rondom het hoofdsterrenstelsel (zie afbeelding hieronder).

Credit: ESO/Subaru/National Astronomical Observatory of Japan/M. Tanaka

Ze konden tientallen van zulke groepen onderscheiden, de meeste tien keer groter dan onze Melkweg – en sommige wel duizend keer groter – en ze berekenden dat de massa van het hoofdsterrenstelsel minstens tienduizend keer de massa van de Melkweg bedraagt. Sommige groepen sterrenstelsels voelen de fatale zwaartekracht van het hoofdsterrenstelsel en zullen er uiteindelijk door worden opgeslokt. Het filament staat op 6,7 miljard lichtjaar van ons vandaan en strekt zich uit over minstens 60 miljoen lichtjaar. De nieuw ontdekte structuur reikt waarschijnlijk nog verder, voorbij het door het team onderzochte gebied en daarom zijn er al toekomstige waarnemingen gepland om de afmeting exact te kunnen bepalen. Een mega-resolutiefoto van het kosmische skelet is trouwens hier in tif-formaat te vinden, 140 Megabytjes zwaar. Voor de liefhebbers. 🙂 Bron: Nova.

QUaD meet polarisatie van het vroege heelal

QUaD en de CMB. Credit: Nicolle Rager Fuller, NSF.

Het gehele heelal is doordrenkt met fotonen met een temperatuurtje van 2,7 graden boven het absolute nulpunt, die een overblijfsel zijn van de hete oerknal waarmee 13,7 miljard jaar geleden het heelal op het toneel kwam. Die fotonen kennen we onder de naam Kosmische Microgolf-achtergrondstraling en onderzoekers onder leiding van Sarah Church (Kavli Institute for Particle Astrophysics and Cosmology) zijn er in geslaagd om van die straling minieme temperatuursverschillen én polarisatie te meten. Die verschillen in temperatuur worden al jaren vanuit de ruimte bestudeerd, eerst door de COBE satelliet, daarna door de WMAP en tegenwoordig door Planck. Maar Church en haar collegae keken niet vanuit de ruimte naar de CMB, zoals ze de straling in ’t Engels noemen [1]Yep, de Cosmic Microwave Backgroundradiation., maar vanaf de Zuidpool. Daar in de bittere kou staat een instrument met een 2,6 meter spiegel genaamd QUaD, hetgeen een vreselijke afkorting is [2]Nee, serieus, kijk maar: QUaD staat voor het QUEST at DASI project. Dat maakt gebruik van het Q U Extra-galactic Survey Telescope (QUEST) instrument op de Zuidpool, geïnstalleerd op een … Continue reading, waarmee ze de CMB hebben bestudeerd. De uitkomsten zie je in de afbeelding, waarin je onderaan het QUaD instrument ziet staan. Daarin zie je niet alleen de temperatuursverschillen (rood is iets warmer dan gemiddeld, blauw iets kouder), maar met streepjes ook de polarisatie van de fotonen. Die polarisatie is niet iets van de oerknal zelf, want die braakte alleen ongepolariseerde fotonen uit, maar van zo’n 376.000 jaar ná de oerknal, toen de fotonen loskoppelden van de materie. De QUaD waarnemingen bevestigen datgene wat sterrenkundigen al langer denken: namelijk dat slechts 5% van het heelal zit in gewone materie en dat de overige 95% verborgen zit in Donkere Materie en Energie. Op 1 november j.l., zondag bij mijn weten, verscheen een artikel over de QUaD waarnemingen aan de CMB in het vakblad The Astrophysical Journal. Wie geen zin heeft om morgen (tevergeefs) naar de Bruna te rennen kan dat artikel hier lezen. Bron: Eurekalert.

References[+]

References
1 Yep, de Cosmic Microwave Backgroundradiation.
2 Nee, serieus, kijk maar: QUaD staat voor het QUEST at DASI project. Dat maakt gebruik van het Q U Extra-galactic Survey Telescope (QUEST) instrument op de Zuidpool, geïnstalleerd op een overblijfsel van een vroeger experiment genaamd DASI (Degree Angular Scale Interferometer). En dan weet ik niet eens waar Q U voor staat. 😉

16 november a.s. lancering Atlantis voor STS-129

Het logo van STS-129. Credit: NASA

Op maandag 16 november a.s. om 20.27 uur én 54 seconden stipt Nederlandse tijd staat de lancering gepland van Space Shuttle Atlantis voor missie STS-129. Eerst ’t Achtuur-journaal of Goede Tijden, Slechte Tijden kijken en daarna middels NASA TV naar de lancering van de Atlantis, wat wil je nog meer. 🙂 Onder bezielende leiding van commandant Charles O.Hobaugh zal de Atlantis richting internationaal ruimtestation ISS reizen. STS-129 heet ook wel ISS Utilization and Logistics Flight – 3 (ULF3), waarmee bedoeld wordt dat ‘ie het ISS van nieuwe voorraden zal voorzien. Dat doet ‘ie door middel van twee zogenaamde ExPRESS Logistics Carriers (ELC 1 & 2), die volgeladen zijn met gyroscopen, stikstoftanken, pompen, een ammoniaktank, reserveonderdelen en nog wat vaag spul. De missie duurt 14 dagen, waarvan netto 11 bij het ISS en de overige drie voor heen en weer reizen. De bedoeling is dat er drie ruimtewandelingen worden ondernomen om al het meegebrachte spul te installeren.  16 november 2009, 20:27:54, zet ’t in je agenda!  Bron: NASA Spaceflight.

De Helixnevel vanuit de Haute Provençe

Helixnevel (NGC 7293)

Dat de laatste nacht van de astrovacance helder was, gaf de gelegenheid om één van mijn vooraf bepaalde doelen alsnog te bereiken: een mooie plaat van de Helix-nevel. De Helix-nevel, ook bekend als NGC 7293, is één van de dichtst bijzijnde planetaire nevels. Het is ook één van de helderste, maar toch lastig waar te nemen, want de oppervlaktehelderheid is erg laag. Als je het licht van de nevel zou concentreren in één punt zou die even helder zijn als een ster van magnitude 7.3. De planetaire nevel heeft een uitzonderlijke schijnbare grootte: zo’n beetje de helft van de diameter van de Maan. Daardoor is de oppervlaktehelderheid erg laag. Nog een handicap voor ons noorderlingen is dat het object met een declinatie van -20 graden nooit ver boven de horizon uit komt. Zelfs in de Provence staat de Helix nog erg laag in het zuiden en dreigt het strooilicht (ja, alhoewel een stuk minder dan bij ons is er in de Provence ook lichtvervuiling) van Forcalquier terecht te komen. De foto is 10 keer 4 minuten belicht op 1600 iso met een Canon350D camera door een 80mm William Optics apochromatische refractor. Ik heb gevolgd met een off-axis guider en een ST-4 volgcamera. De gebruikte montering is een Gemini41. De 10 opnames heb ik gestapeld met K3CCD-tools en nabewerkt met PhotoshopCS2 en Neat-image om de ruis te onderdrukken. P.s., de beloofde opname van IC410 heb ik nog niet nabewerkt en houden jullie nog tegoed.

Dít is de gemiddelde kleur van het heelal

De gemiddelde kleur van het heelal. Credit: Karl Glazebrook & Ivan Baldry (JHU)

Misschien dat je je de hele dag net als ik al afvroeg of er iets mis was met de APOD, de Astrophoto of the Day. Die van vandaag laat slechts één monotone kleur zien. Geen sterren, geen nevels, geen planeten, gewoon één beige kleur [1]Of is ’t nou roze? Help me es.. Wie het naschrift leest komt er echter achter dat deze kleur dé gemiddelde kleur van het heelal blijkt te zijn. Neem de kleur van alle sterren van het heelal, alle nevels en alle planeten, tel dat allemaal bij elkaar op en kijk wat er dan uitkomt als gemiddelde kleur. Net zoals een kleuter verf mengt op een tekenvel, alles door elkaar smeert en kijkt wat eruit komt. Van 200.000 sterrenstelsels uit de 2dF survey werd dat optelsommetje gedaan door Karl Glazebrook en Ivan Baldry en deze beige kleur kwam er als resultaat uit. Zou je ’t tien miljard jaar geleden hebben gedaan, dan zou de uitkomst een stuk blauwer zijn geweest. Dat komt omdat er tegenwoordig meer rode sterren zijn, ouder en koeler, dan blauwe sterren, die jonger en heter zijn. Voor de gemiddelde kleur van het heelal is trouwens ook al een naam bedacht: Cosmic Latte! Wie het in een grafisch programma na wil zoeken: de kleurcode is #FFF8E7. De naam is bedacht door Peter Drum, toen hij bij Starbucks een latte aan het drinken was. Bij ons heet zo’n latte koffie verkeerd. Kosmische koffie verkeerd dus. 😀 Bron: APOD.

References[+]

References
1 Of is ’t nou roze? Help me es.