De op één na kleinste exoplaneet ontdekt

De ‘wiebel’ van HD156668b. Credit: Keck Observatorium

Sterrenkundigen zijn er gebruikmakend van het HIRES [1]High Resolution Echelle Spectrograph. instrument van het Keck Observatorium op Hawaï in geslaagd om een exoplaneet te ontdekken die met een geschatte massa van 4 aardmassa’s de op één na kleinste exoplaneet is. Het gaat om HD156668b, die één keer per vier dagen draait om de ster HD156668, 80 lichtjaar verderop in het sterrenbeeld Hercules. Vanwege z’n massa noemt men exoplaneten á  la HD156668b ook wel super-aardes. De planeet werd ontdekt door de ‘wiebel-methode’, waarbij middels een spectrum gekeken wordt of een ster lichtjes heen en weer wiebelt. Als een exoplaneet tussen ster en aarde staat zal de ster een tikkeltje onze kant uit bewegen en staat de exoplaneet aan de andere kant, dan gaat de ster lichtjes die kant uit. Middels zogenaamde Dopplerverschuivingen in de spectraallijnen (zie de afbeelding) is dat mooi te zien. Er zijn op dit moment 423 exoplaneten bekend en zoals gezegd is HD156668b op dit moment de een-na lichtste. Uiteraard willen jullie weten wat dan de lichtste exoplaneet is. Nou, laat ik het dan maar verklappen: da’s Gliese 581 e, op de kosmische keukenweegschaal goed voor 1,9 aardmassa’s. Zeg maar een super-aarde light, of maak ik het nou al te ingewikkeld? 🙂 Bron: A Darker View.

References[+]

References
1 High Resolution Echelle Spectrograph.

Snif, het internationale jaar van de Sterrenkunde is voorbij

Credit: IAU

Wie goed op de kalender kijkt ziet dat het al weer 8 januari is en dat kan twee dingen betekenen: Eén, het Internationaal Jaar van de Sterrenkunde 2009 (IYA2009) wordt komend weekend officieel afgesloten met een bijeenkomst in Padua, Italië. 148 landen hebben aan het VN-jaar meegedaan, waarmee IYA2009 het grootste netwerk in de wetenschap ooit is geworden. En twee, dat ik vandaag jarig ben. 😀 Yep, een halve eeuw minus 1 jaar, zoals Jan al verklapte. Iedereen schijnt te zijn uitgenodigd, dus voorlopig even geen astroblogjes meer. CU tomorrow. Bron voor IYA2009: Nova.

Vormt T Pyxidis een bedreiging voor de Aarde?

T Pyxidis. Credits: NASA/ESA/STScI/AURA/NSF/Mike Shara, Bob Williams, David Zurek, Dina Prialnik

Je zal er vermoedelijk nog nooit van gehoord hebben, maar in potentie zóu T Pyxidis een bedreiging kúnnen vormen voor de Aarde. Niet gelijk je koffers pakken en het vliegtuig naar de Malediven nemen, want je hebt grote kans dat die potentiële dreiging pas over tien miljoen jaar uitkomt. Pffffff, valt dat effe mee. T Pyxidis is een zogenaamde recurrente nova in het zuidelijke sterrenbeeld Kompas, een witte dwerg die periodiek tot uitbarsting komt. Hij maakt deel uit van een dubbelstersysteem en krijgt materiaal toegevoerd van z’n partner, een gewone ster. Soms leidt die massatoevoer  tot een thermonucleaire explosie en stijgt de lichtsterkte van T Pyxidis van magnitude 15,5 (schijnbaar) tot magnitude 7. Dat is vijf keer waargenomen, in 1890, 1902, 1920, 1944 en 1966, gemiddeld zo om de 19 jaar. In eerste instantie dacht men dat de witte dwerg 6.000 lichtjaar van de Aarde verwijderd is, maar onlangs is door Edward Sion (Villanova Universiteit in Spanje) becijferd dat de afstand ‘slechts 3.260 lichtjaar bedraagt. Da’s niet zo erg, maar verontrustend is wel dat Sion denkt dat T Pyxidis in de toekomst wel eens meer zou kunnen zijn dan een nova. Als de witte dwerg namelijk bij die nova-uitbarstingen te weinig massa uitspuwt zou z’n massa door de toevoer van de andere ster op een gegeven moment wel eens boven de zogenaamde Chandrasekhar-limiet kunnen komen, da’s 1,44 zonmassa. En als een witte dwerg die grens bereikt dan kan je de klok erop gelijk zetten dat er herrie in de tent komt: dan krijg je een regelrechte type Ia supernova. In diverse persberichten kwam te staan dat Sion geroepen heeft dat dá t doemscenario ‘spoedig’ zou kunnen plaatsvinden. Maar in een daaropvolgende verklaring heeft Sion dat begrip spoedig enigzins genuanceerd:

At the accretion rate we derived, the white dwarf in T Pyxidis will reach the Chandrasekhar Limit in ten million years.

Oooooohhhh, is dat spoedig? De vraag is trouwens of een supernovae op die afstand echt een ramp voor de Aarde zal vormen. Ja, eentje op honderd lichtjaar afstand is een regelrechte ramp. Maar daar is gelukkig geen sprake van. 🙂 Bron: Universe Today.

200 vyomanauten gezocht

De GSLV-Mk II draagraket. Credit: ISRO.

We hadden al drie smaken astronauten: dé astronauten, uit de Verenigde Staten en Europa, de kosmonauten uit Rusland en de Taikonauten tenslotte uit China. Maar daar kan over enkele jaren een nieuwe smaak aan worden toegevoegd, want in India zijn ze hevig op zoek naar vyomanauten, zoals ruimtereizigers daar worden genoemd. Vyoma betekent ‘ruimte’ en ‘hemel’ in het Sanskriet. De Indiase ruimtevaartorganisatie ISRO is onder straaljagerpiloten op zoek naar 200 kandidaten om te worden getraind tot vyomanaut. Straaljagerpiloten zijn gewend aan de g-krachten die optreden bij lanceringen en landingen, dus da’s best handig en dat is ook wat de VS, Rusland en China met hun eerste lichting astronauten deden. Van die 200 kandidaat-vyomanauten zijn er uiteindelijk vier die een vyomanauten-opleiding gaan volgen. Twee van hun worden reserve en de andere twee moeten in 2015 enkele dagen rondjes om de aarde maken in een door India te bouwen automatisch bestuurd ruimteschip, omhoog te brengen met de GSLV-Mk II draagraket (zie afbeelding). India is wat ruimtevaart betreft erg ambitieus, want ze willen al ergens rond 2020 naar de maan, eerder dan China. Die term vyomanaut heeft overigens een poosje een concurrent gehad, want de term gaganaut schijnt erg favoriet te zijn geweest onder Indiase ruimtevaartdeskundigen. Gagana betekent in het Sanskriet ‘hemelen’ en ‘de lucht boven’. Mmmmm, wat onthouden betreft heeft die naam gaganaut ook mij voorkeur boven voyama eh… vyomanaut. 😉 Bron: NRC-Handelsblad, 7 december 2010.

Galileïsche manen van Jupiter zijn jarig vandaag

De Galileïsche Manen. Credit: NASA

Vandaag precies vierhonderd jaar geleden, op 7 januari 1610 [1]Op de Nederlandse Wikipedia-pagina over de manen wordt gezegd dat hij ze die dag voor het eerst zag. Da’s echter niet juist, hij maakte er die dag voor het eerst melding van. om precies te zijn, maakte Galileo Galileï voor het allereerst melding in een brief van enkele stipjes die hij gezien had bij de planeet Jupiter. Met een verbeterde versie van z’n telescoop, die dertig keer kon vergroten, had hij drie stipjes bij Jupiter gezien. Enkele maanden later maakte hij melding van een vierde stip én van de observatie dat de stipjes geen vaste sterren waren, maar dat ze volgens hem óm Jupiter heen draaien. Galileï zag uiteraard de vier grote manen van Jupiter, Io, Europa, Ganymedes en Callisto, in de afbeelding van boven naar beneden. Met z’n observatie had hij voor het eerst een soort van mini-zonnestelsel gezien: manen die allemaal om een planeet draaien, net zoals de (toen bekende) vijf planeten om de zon draaien. In eerste instantie noemde Galileï de manen Cosmica Sidera, d.w.z de sterren van Cosmica. Later ging hij akkoord met de namen die Simon Marius eraan gaf, allemaal ontleend aan geliefden van de Griekse god Zeus. Marius was overigens van mening dat hij de manen gelijktijdig met Galileï had ontdekt. Vanwege de algemene opvatting dat Galileï er in ieder geval als eerste melding van maakte worden de vier manen ook wel de Galileïsche manen genoemd. En die zijn vandaag dus een tikkie jarig. 🙂 Bron: Wikipedia.

References[+]

References
1 Op de Nederlandse Wikipedia-pagina over de manen wordt gezegd dat hij ze die dag voor het eerst zag. Da’s echter niet juist, hij maakte er die dag voor het eerst melding van.

Fermi ontdekt maar liefst 17 milliseconde pulsars

Kaart van de gevonden milliseconde pulsars. Credit: NASA/FERMI.

Astronomen van ASTRON hebben samen met een international team in rap tempo vele nieuwe bijzondere sterren, genaamd ‘milliseconde pulsars’, gevonden. In de afgelopen dertig jaar zijn slechts zestig van dit soort sterren ontdekt, maar dankzij recente informatie over mogelijke vindplaatsen hebben astronomen de afgelopen drie maanden plotseling zeventien nieuwe milliseconde pulsars ontdekt. Dit deden zij met de grootste radiotelescopen ter wereld. De ontdekking werd mogelijk gemaakt door de Fermi Gamma-ray Space Telescope van NASA. Met de ontdekking van zoveel nieuwe milliseconde pulsars kunnen astronomen de evolutie en het bestaan van deze extreme sterren beter bestuderen. De kans wordt ook groter dat astronomen met de pulsars zwaartekrachtsgolven kunnen waarnemen. De ontdekking werd deze week wereldkundig gemaakt op de jaarlijkse conferentie van de American Astronomical Society – gáááp -in Washington. Pulsars blijven over als sterren aan het eind van hun leven ontploffen. Milliseconde pulsars zijn de snelst draaiende pulsars, met omwentelingen van slechts enkele milliseconden. Ze draaien nog sneller dan een keukenmixer. Ze zijn het beste waar te nemen met grote radiotelescopen, maar soms kunnen astronomen ook gammastraling van deze sterren waarnemen. Dit is onzichtbare elektromagnetische straling met een hogere energie dan bijvoorbeeld ultraviolet licht en röntgenstraling. Dat kan een aanwijzing zijn voor het bestaan van pulsars. Het vinden van milliseconde pulsars is altijd lastig geweest omdat de pulsen heel zwak zijn, en omdat astronomen van tevoren niet weten waar ze aan de hemel te vinden zijn.

Schets van een milliseconde pulsar. Credit: NASA

Dankzij de Fermi-telescoop is dit in korte tijd sterk veranderd. Met deze telescoop zijn de laatste maanden honderden nieuwe bronnen van gammastraling ontdekt die heel goed pulsars kunnen zijn. De ontdekking van zoveel nieuwe milliseconde pulsars sterkt astronomen in hun plannen om zulke bronnen als een soort galactische GPS-bakens te gebruiken voor het meten van zwaartekrachtsgolven. Zwaartekrachtsgolven zijn een belangrijke voorspelling van de algemene relativiteitstheorie van Einstein. Bron: Nova.

Twee dingen over Chandra

Sagittarius A*, kern van de Melkweg. Credit:  NASA/ CXC/ MIT/F.K. Baganoff et al.

Ik heb twee dingen te zeggen over Chandra, NASA’s röntgensatelliet, en ik dacht ‘kom, ik zet het in één astroblogje bij elkaar’. Scheelt weer een liter digitale inkt. Ten eerste is daar het nieuws – uiteraard bekendgemaakt op de 215e bijeenkomst van de AAS, zucht… – dat de Chandra nauwkeurige röntgenwaarnemingen heeft gedaan van Sagittarius A* (kortweg Sgr A), de kern van de Melkweg, alwaar zich een superzwaar zwart gat bevindt. Op de afbeelding zie je Sgr A in beeld. Dat zwarte gat houdt zich opvallend rustig, gelukkig maar zeg ik dan maar, en de vraag is hoe dat precies komt. Er staan enkele jonge, zware sterren in de buurt en daarvan was altijd gedacht dat het zwarte gat ongeveer 1% weet ’te vangen’ van de winden die door deze sterren worden uitgezonden. Chandra’s metingen laten echter zien dat die hoeveelheid nog minder is, slechts 1/100e van die schamele één procent. Voor de dames/heren theoretici reden om aan de slag te gaan met de modellen van dat zwarte gat en te kijken hoe de gemeten röntgenstraling van het zwarte gat met dat kleine beetje sterrenwind verklaard kan worden.  Dan het tweede nieuwsfeit over Chandra:

Credit: NASA + yann arthus-bertrand

Yep, van de Aarde tot de Hemel. Een website van Chandra waar het kleine op Aarde en het grote in het universum naast elkaar worden gezet en vergeleken. Waarbij telkens weer opvalt welke gelijkenis er is tussen dat kleine en grote. Bijvoorbeeld tussen het Grote Barriérerif bij Australië en Cassiopeia A, een supernovarestant:

Credit: NASA + yann arthus-bertrand

Op de site staan prachtige gelijkenissen tussen dingen op Aarde, allemaal gefotografeerd door Yann Arthus-Bertrand, en dingen in het heelal, zoals in beeld gebracht door Chandra. Bron over Sgr A*: Chandra. Bron over die foto’s van Aarde en Hemel: Astropixie.

Space Shuttle kopen? Grijp nu je kans!

Voor $ 42 miljoen mag je ‘m hebben

Mocht je $ 42 miljoen in je portemonnee hebben én liefhebber van ruimtevaart zijn dan is dá­t je kans: de NASA heeft namelijk bekendgemaakt dat het na het einde van shuttle-programma – eind 2010 – twee Space Shuttles in de verkoop doet. 😯 Voor die lieve som van $ 42 miljoen, zeg € 29 miljoen tegen de huidige koers, wordt je dan bezitter van zo’n ruimtependel. Eén shuttle is al voorbestemd: de Discovery gaat naar het Smithsonian National Air and Space Museum. Je kan dus nog opteren voor de andere twee, de Endeavour of Atlantis. Van dat aankoopbedrag is $ 6 miljoen bestemd om de shuttle schoon te maken en vervolgens met de postbode naar de plaats van bestemming te brengen. Er schijnen al twintig instituten te zijn, kennelijk met een goede penningmeester in huis, die belangstelling hebben getoond. Nog gegadigden in Europa? Geen idee. Kandidaten onder de lezers misschien? Bron: John’s Space.

Is de maan losgeslagen van de aarde?

Credit: Museum Naturalis

De gangbare theorie voor het ontstaan van de maan is dat in de beginfase van het zonnestelsel – 4,5 miljard jaar terug op de kalender – de aarde botste tegen een object met de grootte van Mars en dat uit de brokstukken de maan is ontstaan. Niet volgens Wim van Westrenen (1973), petroloog (steenkundige) van beroep aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. Volgens hem is de maan op een geheel andere manier onstaan, namelijk door een explosie die in de aarde plaatsvond, waardoor een enorme hoeveelheid aardmateriaal werd weggeslingerd. Hét argument voor hem om te twijfelen aan de gangbare botsing is dat de maan na zo’n botsing zou moeten bestaan uit twee soorten materiaal: dat van de aarde en dat van het andere object, de botser. Uit de gesteenten die de Apollo’s vanaf de maan hebben meegenomen blijkt echter dat van ‘vreemd’ materiaal geen sprake is. Al het maangesteente heeft sterke overeenkomsten met gesteenten uit de aardkorst en -mantel. Vandaar Westrenen z’n alternatieve theorie. Hij denkt dat een soort van natuurlijke kernreactor diep in de aarde op de grens van kern en mantel – zo’n 3000 km diep – op een gegeven moment tot een explosie kwam. Omdat de aarde toen een stuk sneller roteerde – eens in de 4 uren in plaats van 24 uren – kon door de hitte van de explosie vrij gemakkelijk materiaal vanaf de aarde losraken en in een baan om de aarde terechtkomen. En dat kwam vervolgens weer bijeen en vormde zo onze maan. De eerste die dit idee opperde was George Darwin, yep, de zoon van Charles Darwin. Wie komende zondag 10 januari ’s middags niet te doen heeft kan luisteren naar een presentatie van Van Westrenen over z’n maantheorie. ‘De dag dat de Aarde de Maan baarde’ heet ’t en het vindt allemaal plaats in Museum Naturalis vanaf 13.00 uur. Adres: Darwinweg 2 in Leiden. Hé, weer die Darwin. 🙂 Oh ja, toegang kost één museumkaartje. Geen idee hoe duur dat is. Bron: NRC-Handelsblad, 5 januari 2010.

Sterrenkundewereld positief over NASA-baas Bolden

Bolden op de AAS-meeting. credit: Bill Ingalls/NASA

De grote baas van de NASA, ex-astronaut Charles Bolden, heeft vandaag meer dan duizend sterrenkundigen toegesproken op de 215e bijeenkomst van de American Astronomical Society (AAS) in Washington. Het schijnt traditie te zijn dat de NASA-baas die club jaarlijks toespreekt en de vorig jaar door Obama aangestelde topman heeft die traditie gevolgd. Twee jaar geleden was Bolden’s voorganger, Mike Griffin, op de 211e bijeenkomst van de AAS, maar dat liep op een grote ruzie uit. Wat ik uit de eerste berichten begrijp heeft Bolden het een stuk beter gedaan en deed z’n speech veel goeds bij de verzamelde astronomische wereld. Pamela Gay (Starstryder) had over Bolden al na dertig seconden een positieve indruk, moet je nagaan. Over de eventuele verlenging van het Shuttle-programma kon Bolden weinig nieuws melden, want die beslissing moet door Obama worden genomen. Wel liet hij weten dat het niet zo kan zijn dat de bemande ruimtevaart verder gaat ten koste van wetenschappelijke programma’s, een uitspraak die applaus opleverde. Ook vond hij dat Amerika weer terug naar de Maan moet en dat alles op alles moet worden gezet om dat te realiseren. Bolden wees er op dat Amerika met Obama een president heeft die wetenschap hoog in het vaandel heeft staan. En daar zijn we op 7 oktober vorig jaar allemaal getuige van geweest, toen Obama een heuse Star Party hield in de tuin van het Witte Huis. Kortom, het zit weer goed tussen de NASA en de sterrenkundigen. 😀 Bron: Bad Astronomy +  Starstryder.