Vanmiddag om 16.23 uur is vanaf lanceerplatform
Maandelijks archief: februari 2010
Kijk, dà t is pas een bron
Goh, gebruiken ze de Astroblogs ook al als bron voor een artikel op Wikipedia. Ik las het artikel over de LCROSS aldaar en zag
Schitterende infraroodblik van VISTA op de Orionnevel
Kadunk, als je bovenstaande foto ziet valt je kaak toch gelijk op de grond? Het is de beroemde Orionnevel (M42) in het sterrenbeeld Orion, geportretteerd door de Europese telescoop VISTA – Visible and Infrared Survey Telescope for Astronomy – in Chili. Dubbelklikken op die foto levert de screensize versie op. Leuk, maar het echte werk begint pas bij de grote versie (167,7 Mb) en de durfals wagen zich aan de reusachtige ‘fullsize original’ (341 Mb in tif-formaat). Slik… Over de Orionnevel heb ik al vaak geschreven, maar nog even in een korte notendop de samenvatting (eh… da’s driedubbel): het is een diffuse nevel in Orion, 1350 lichtjaren van ons vandaan, die tot lichten wordt gebracht door de jonge sterren in de nevel.
Met name een viertal sterren in het centrum van de Orionnevel, het beroemde Trapezium (hiernaast linksboven te bewonderen), zorgt met hun enorm sterke ultraviolette straling voor de emissie van straling door de omringende H-II (geïoniseerd atomair waterstof). Veel details in de nevel zijn verborgen voor telescopen die in zichtbaar licht kijken, maar VISTA kan zeer goed in het infrarood kijken en dat heeft veel verborgen zaken aan het licht gebracht. Op de afbeelding hiernaast zie je enkele van die details. Zo heeft men allerlei gasstromen gezien, op de grote foto de donkerrode slierten, die door jonge sterren zijn uitgestoten en die met snelheden van zo’n 700.000 km per uur door het omringende gas snellen. Meer over de waarneming van VISTA aan de Orionnevel wordt je verteld door Dr. J van de ESO in de volgende video:Meer video’s waarin wordt ingezoomd op de Orionnevel vind je in de bron: ESO.
Nieuwe 3D-kaart van interstellair gas in nabijheid van de Zon
Gaat de LHC op halve kracht het Higgsdeeltje missen?
Aanwijzing gevonden voor oceaan bij Enceladus
Alleen voor de hardcore WMAP-fetisjisten
De meesten van jullie zullen er niet warm of koud van worden, maar voor degenen die álle details willen weten van de waarnemingen die de WMAP de afgelopen 7 jaar heeft gedaan aan de kosmische achtergrondstraling, restant van de oerknal, volgen hier de links naar dé wetenschappelijke publicaties:
- Seven-Year Wilkinson Microwave Anisotropy Probe (WMAP) Observations: Cosmological Interpretation (E.Komatsu et al).
- Seven-Year Wilkinson Microwave Anisotropy Probe (WMAP) Observations: Are There Cosmic Microwave Background Anomalies? (C.L.Bennett et al).
- Seven-Year Wilkinson Microwave Anisotropy Probe (WMAP) Observations: Planets and Celestial Calibration Sources (J.L.Weiland et al).
- Seven-Year Wilkinson Microwave Anisotropy Probe (WMAP) Observations: Sky Maps, Systematic Errors, and Basic Results (N.Jarosik et al).
- Seven-Year Wilkinson Microwave Anisotropy Probe (WMAP) Observations: Power Spectra and WMAP-Derived Parameters (D.Larson et al).
- Seven-Year Wilkinson Microwave Anisotropy Probe (WMAP) Observations: Galactic Foreground Emission (B.Gold et al).
Woehaha, lees en huiver. 😀 Het mooie van al die vlijmscherpe waarnemingen door de WMAP aan de kosmische straling is trouwens de constatering dat er daarboven in de ruimte in Lagrangepunt L2 een satelliet zweeft die momenteel data aan het verzamelen is over diezelfde straling en dat die nog véél scherper kan zien dan WMAP: de Planck-satelliet. 😯 Ik kan bijna niet wachten tot dáe data gepubliceerd wordt. Bron: Universe Today.
Het resultaat van zeven jaar turen naar de oerknal
Enkele weken geleden werden de resultaten bekendgemaakt van zeven jaar onafgebroken turen naar de oerknal door de WMAP, de Wilkinson Microwave Anisotropy Probe, de in 2001 gelanceerde satelliet die tot taak heeft de temperatuurfluctuaties van de kosmische achtergrondstraling in kaart te brengen. Die straling heeft een gemiddelde temperatuur van 2,7 graad boven het absolute nulpunt en het is het overblijfsel van de hete straling van die oerknal. Bijna twee jaar terug kon ik jullie de zogenaamde vijf-jaar-data van WMAP laten zien, in de vorm van een Curriculum Vitae van het heelal. Nu, februari 2010, kan dat beeld op onderdelen worden gecorrigeerd en heeft men ook geheel nieuwe inzichten in die oerknal. Even kort de belangrijkste resultaten van zeven jaar onderzoek door de WMAP aan de kosmische achtergrondstraling op een rijtje:
- Ten eerste zijn enkele parameters van het heelal scherper gesteld: het heelal is 13,75 (± 0,11) miljard jaar oud. Het heelal bestaat voor 72,8% (± 1,5%) uit donkere energie, 4,56% (± 0,16%) uit gewone materie en voor 22,7% (± 1,4%) uit koude donkere materie. Genoteerd?
- Voor het eerst heeft men aanwijzingen voor oer-helium gevonden, helium dat enkele minuten na de oerknal is ontstaan. Het meeste helium in het heelal stamt uit die tijd, maar lastig is om het te onderscheiden van helium dat door waterstofverbranding in sterren zoals de Zon ontstaat. Tot nu toe mat men de heliumhoeveelheid in zeer oude sterren, om te achterhalen hoeveel helium er vóór deze sterren moet zijn geweest, maar dit keer heeft WMAP ín de kosmische achtergrondstraling de invloed van het oerhelium gedetecteerd.
- WMAP is iets meer te weten gekomen over de inflatie, de kortstondige versnelling in de expansie van het vroege heelal. Het blijkt dat de inflatie er voor heeft gezorgd dat de grootschalige fluctuaties in de achtergrondstraling iets intenser waren dan de kleinschalige. Zegt wellicht weinig, maar weet dat de (super-)clusters van sterrenstelsels een direct product zijn van die fluctuaties.
- De door WMAP waargenomen polarisatie en temperatuurverdeling in de warme en koude plekken van de kosmische achtergrondstraling is precies conform de theorisch voorspelde waarden. Hieronder zie je ’t in beeld gebracht
- Met WMAP heeft men het zogenaamde Sunyaev-Zel’dovich (SZ) effect [1]Door dit effect reageren fotonen van de kosmische achtergrondstraling (CMB) met electronen in het hete gas in die clusters. Door de interactie tussen fotonen en electronen wordt de CMB in de … Continue reading gemeten in de Comacluster van sterrenstelsels, maar de hoeveelheid is afwijkend van de theoretische modellen.
- Tenslotte heeft men op basis van de waarnemingen berekend dat er maximaal 4,34 soorten neutrino’s kunnen bestaan. Goh, nooit geweten dat er niet-integere hoeveelheden soorten elementaire deeltjes kunnen voorkomen. Voor de duidelijkheid: er zijn op dit moment drie soorten neutrino’s bekend. Er kunnen dus nog 1,34 soorten neutrino”s ontdekt worden. 🙂
Afijn, hoofdconclusie van de gepubliceerde zevenjaarsdata van WMAP is dat het zogenaamde ?CDM-model staat als een huis. Da’s het model waarin donkere energie voorkomt in de vorm van ?, oftewel lambda, de ooit door Albert Einstein geïntroduceerde Kosmologische Constante, en CDM, koude donkere materie. Bij dat laatste moet je denken aan WIMP’s, de weakly interactive massive particles. Eh… ’t is al laat, dus ik ga een volgende keer wel verder met deze zeer boeiende materie. Morgen zal ik jullie ‘vermoeien’ met de zes wetenschappelijke artikelen over de laatste WMAP-data. Bron: Universe Today + WMAP.
References
| ↑1 | Door dit effect reageren fotonen van de kosmische achtergrondstraling (CMB) met electronen in het hete gas in die clusters. Door de interactie tussen fotonen en electronen wordt de CMB in de richting van de sterrenstelsels met het hete gas verstoort en dat zou in de vorm van ‘schaduwen’ van de CMB te zien moeten zijn. |
|---|
Space Shuttle Endeavour onderweg naar het ISS
Bron: NASA.
Water ontdekt bij naburig proto-zonnestelsel
References
| ↑1 | Astronomische Eenheden, de afstand tussen Aarde en Zon = 149 miljoen km. |
|---|
