19 september 2021

Een vervormd galactisch paar

Credit: ESO/Igor Chekalin

Dit tweetal sterrenstelsels, vastgelegd met de Wide Field Imager van de 2,2-meter MPG/ESO-telescoop van de ESO-sterrenwacht op La Silla in Chili, vertoont enkele merkwaardige kenmerken, waaruit blijkt dat de twee elkaar dicht genoeg zijn genaderd om elkaars zwaartekrachtsinvloed te voelen. Door dit getouwtrek is de spiraalvorm van het ene stelsel, NGC 3169, verstoord en zijn de stofbanen van zijn begeleider, NGC 3166, verbrokkeld. Ondertussen kan het derde, kleinere stelsel NGC 3165, rechtsonder, het krachtenspel tussen zijn grote buren vanaf een plekje op de eerste rang volgen. Dit groepje sterrenstelsels, dat zich op een afstand van ongeveer 70 miljoen lichtjaar in het sterrenbeeld Sextant bevindt, is in 1783 ontdekt door de Engelse astronoom William Herschel. De astronomen van nu schatten de afstand tussen NGC 3169 (links) en NGC 3166 (rechts) op slechts 50.000 lichtjaar. Daarmee is hun onderlinge afstand half zo klein als de middellijn van onze Melkweg: dermate gering dat de zwaartekracht een verwoestende uitwerking heeft op de galactische structuur. Spiraalstelsels zoals NGC 3169 en NGC 3166 zijn doorgaans ordentelijke maalstromen van sterren en stofwolken die om een heldere kern draaien. Nabije ontmoetingen met andere zware objecten kunnen deze klassieke configuratie echter verstoren, wat vaak een voorbode is van het samensmelten van sterrenstelsels tot één groter stelsel. Zo ver is het bij NGC 3169 en NGC 3166 nog niet. Wel zijn de spiraalarmen van NGC 3169, die rijk zijn aan grote, jonge, blauwe sterren, uit elkaar getrokken en zijn grote hoeveelheden gloeiend gas uit zijn schijf ontsnapt. In het geval van NGC 3166 zijn de stofbanen die doorgaans de spiraalarmen omlijnen in wanorde gebracht.

Anders dan zijn blauwere soortgenoot produceert NGC 3166 niet veel nieuwe sterren. NGC 3169 onderscheidt zich ook door iets anders: de zwakke gele stip die door een sluier van donker stof links van het centrum van het stelsel heen schemert. Deze lichtvlek is het overblijfsel van een supernova die in 2003 werd gedetecteerd en bekendstaat als SN 2003cg. Een supernova van dit soort, dat Type Ia wordt genoemd, ontstaat als een witte dwerg – een compacte, hete ster die het restant is van een middelgrote ster zoals onze zon – gas onttrekt aan een nabije begeleidende ster. Deze verse brandstof zorgt er uiteindelijk voor dat de witte dwerg op catastrofale wijze explodeert. De hier getoonde foto van dit opmerkelijke galactische duo is gebaseerd op gegevens die door Igor Chekalin zijn geselecteerd in het kader van de ESO-fotowedstrijd Hidden Treasures 2010. Chekalin won de eerste prijs en deze foto haalde de op één na hoogste score van de bijna honderd inzendingen. Bron: ESO.

Speak Your Mind

*

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.