Dawn’s wetenschappelijke onderzoek aan Vesta is begonnen

Dawn heeft Vesta driedimensionaal gefotografeerd. Credit: NASA/JPL-Caltech.

Afgelopen donderdag 11 augustus om 18.13 uur Nederlandse tijd was het zo ver: toen kwam sonde Dawn in zijn zogenaamde survey orbit terecht – 2700 km boven het oppervlak van Vesta – en daarmee startte officieel het wetenschappelijke onderzoek aan deze planetoïde. Op die hoogte is Dawn in staat om Vesta als geheel waar te nemen en informatie over diens oppervlak en zwaartekrachtsveld te vergaren. Dawn kwam op 16 juli in een baan om Vesta terecht, na een reis van bijna vier jaar. De survey orbit zal zo’n twintig dagen worden gevolgd. Daarna zullen de door ionen voortgedreven motoren van Dawn de sonde naar een lagere baan brengen, naar de High Altitude Mapping Orbit (HAMO) en daar – 660 km boven het oppervlak van Vesta – zal eind september de volgende fase van onderzoek beginnen. Doet Dawn er nu nog drie dagen over om één keer om Vesta te draaien, in de HAMO-fase zal dat eens per halve dag zijn. De fase duurt ongeveer een maand en in de zestig baantjes om Vesta zal Dawn hoge resolutiefoto’s maken, inclusief stereofoto’s. Op 11 augustus nam Dawn overigens ook al zo’n 3D-foto en die zie je hiernaast. Na HAMO volgt…. ja heel goed geraden: LAMO, 180 km boven Vesta. Die laatste fase zal twee maanden duren. Juli 2012 is het onderzoek aan Vesta klaar en zal Dawn afreizen naar z’n laatste bestemming, de dwergplaneet Ceres. Bron: NASA + Planetary Society.

 

Zwarte gaten kunnen mogelijk toch iets lekken: informatie

Zwarte gaten kunnen mogelijk toch iets lekken, namelijk informatie. Credit: NASA

Van zwarte gaten hadden we toch altijd het beeld dat het allesverslindende objecten zijn, die slechts éénrichtingsverkeer kennen. Doordat hun ontsnappingssnelheid hoger is dan de lichtsnelheid – de allerhoogste snelheid in het heelal – kan er van alles in verdwijnen, maar niets uit ontsnappen. Maar recent werk van de twee natuurkundigen Samuel Braunstein en Manas Patra (Universiteit van York) – hier voor de moedigen onder ons te lezen – laat zien dat het goed mogelijk is dat er wel degelijk iets kan ontsnappen uit een zwart gat, namelijk informatie. Braunstein en Patra hebben zich bezig gehouden met de zogenaamde ‘quantum informatie theorie’ en volgens hen moet een complete theorie van de zwaartekracht gebaseerd zijn op zo’n quantum informatie theorie. Er zijn vier natuurkrachten en daarvan kennen er drie een quantum-mechanische beschrijving: de sterke, zwakke en electromagnetische wisselwerking. Van de zwaartekracht bestaat zo’n theorie nog niet. De ontsnappende informatie is een resultaat dat boven komt drijven uit de beschrijving van een zwart gat volgens het model van Braunstein en Patra. De suggestie voor de koppeling tussen zwaartekracht en informatie komt van Erik Verlinde, die daarvoor in het artikel van het tweetal alle krediet krijgt. Verlinde kwam twee jaar geleden al met een informatie-zwaartekrachtstheorie, die in de natuurkundige wereld voor veel opzien baarde. In juli stonden Verlinde’s ideeën centraal in dit artikel in de New York Times. Overigens kwam al in 1974 de Britse natuurkundige Stephen Hawking met de theorie van de verdampende zwarte gaten, waarbij door een soort van quantum-tunneleffect van virtuele deeltjesparen binnen de horizon één deeltje kan ontsnappen en daarmee van virtueel echt kan worden. Bron: Universiteit van York.

Even wat recente astrofoto’s van Jan Heuser op een rijtje

Van amateur-astrofotograaf Jan Heuser – net als ik lid van sterrenkundevereniging Chr. Huygens – heb ik vaker foto’s getoond, zoals deze van M57 en M27. Hij is sinds februari dit jaar bezig met het fotograferen van hemelobjecten, vooral deepsky-objecten zoals sterrenstelsels, planetaire nevels en gasnevels, en de mooiste resultaten daarvan heeft hij op een rijtje gezet in deze video:

Jan, heel mooi gedaan hoor! Eén vraag: kan jij misschien even op een rijtje zetten welke objecten allemaal de revue passeren? Je hebt wel eens van die video’s op YouTube die zo’n CC-knop bevatten, zoals deze video over zonnevlammen, en met die knop kan je onderaan een commentaarregel invoeren, welke men al of niet wil/kan zien. Geen idee hoe je dat moet instellen, maar het is wel handig voor bijschriften.

Hoe slijp je een telescoopspiegel?

Gemak dient de mensch zeggen ze wel eens en daarom stappen de meesten naar zaken als Ganymedes of Robtics om een kant en klare telescoop aan te schaffen en die thuis out-of-the-box te gebruiken. Je zou ’t bijna vergeten, maar er zijn nog altijd genoeg mensen die helemaal niets van zo’n fabrieksproduct moeten hebben en die zelf een telescoop bouwen. Voor spiegelkijkers zoals een Newtontelescoop of een Dobson is de spiegel het meest essentiële onderdeel. De volgende 40 minuten durende hoogst interessante video van BBC’s Sky at Night Magazine laat precies zien hoe je zelf zo”n spiegel kan slijpen, polijsten en afstellen:

Neutronen kunnen vierkant worden in neutronensterren

Neutronen zouden een vierkante symmetrie kunnen krijgen in extreme neutronensterren. Credit: Felipe J. Llanes-Estrada, Gaspar Moreno Navarro/MIT.

Wellicht is dit een bericht uit de categorie fantasiebeelden van studeerkamergeleerden, dat kan ik even vanuit mijn positie niet beoordelen, maar interessant is het wel. Het duo Felipe Llanes-Estrada (Technische Universiteit in Munchen) en Gaspar Moreno Navarro (Complutense Universiteit in Madrid) heeft berekend dat neutronen in de extreme omstandigheden van een neutronenster in staat zijn om in plaats van een – zoals gebruikelijk – sferische symmetrie een vierkante symmetrie te krijgen. Als dat het geval is dan stapelen de neutronen zich in kristallen met vierkante vorm op en zijn ze in staat om bijna 100% van de ruimte in beslag te nemen. Dat laatste wordt uitgedrukt met de term packing density en die bedraagt in ‘normale’ atoomkernen 0,74, d.w.z. dat 26% van het volume van de kern leeg is. Er is één probleem bij de theorie van Llanes-Estrada en Navarro: neutronensterren zijn in theorie maximaal 1,4 zonmassa zwaar en bij een dergelijke massa hebben ze te weinig druk om die vierkante symmetrie op te bouwen. Maar voor problemen bestaan ook oplossingen en die heet in dit geval PSR J1614-2230, een 20 km groot bolletje op 3000 lichtjaar afstand. Da’s ook een neutronenster en die is maar liefst 1,97 zonmassa zwaar. Zou eigenlijk niet mogen bestaan volgens de gangbare modellen, maar hij is er toch echt. In zo’n extreme neutronenster zijn die vierkante neutronen volgens het duo heel goed mogelijk. Mmmmm, zou PSR J1614-2230 zelf ook vierkant zijn? Dat zou pas leuk zijn! 🙂 Meer info over de ideeën van Llanes-Estrada en Navarro vindt je in dit wetenschappelijke artikel van hun hand. Bron: Technology Review.

Poll: krijgen we door komeet Elenin een “hete herfst” of niet?

Aankondigingen van het einde der tijden, zoals in gevallen als komeet Elenin, de Maya-voorspelling van 21 december 2012, de prediker Harold Camping met z’n voorspellingen, trekken altijd veel belangstelling op de Astroblogs. De verhalen die de ronde doen over komeet Elenin en de laatste profetie van Camping voorspellen niet veel goeds voor komende herfst. Vandaar dat we er een ouderwetse poll tegenaan gooien om de lezers eens te vragen hoe zij aankijken tegen deze berichten. Klik op het volgens jou juiste antwoord en lees vervolgens hoe anderen hebben gestemd.

Take Our Poll

Ik zal de poll laten staan tot vrijdag 23 september om 11.05 uur Nederlandse tijd. Huh, waarom dan? Nou eenvoudig: dan begint de herfst. Misschien een hete herfst?

Nee, type Ia supernovae ontstaan niet in systemen met twee witte dwergen

Voorstelling van een type Ia supernova, met een witte dwerg én gewone ster. Credit: LBL.

Aan supernovae van het type Ia hebben sterrenkundigen veel te danken: de ontdekking in 1998 van de versnelling in de uitdijing van het heelal door de invloed van de mysterieuze donkere energie is gedaan dankzij de nauwkeurige meting van de afstand van dergelijke supernovae, gelegen op verre afstanden. Basis voor dergelijke waarnemingen is de absolute lichtkracht van type Ia supernovae: ze vertonen heel weinig variatie in hun absolute helderheid, de helderheid die een ze zouden hebben als ze zich op de overeengekomen afstand van exact 10 parsec zouden bevinden. Maar stel nou dat type Ia supernovae zich vroeger – lees: verder weg in het heelal – anders gedroegen dan nu, dan kan die lichtkracht wellicht variëren in de loop van de tijd, toch? Vandaar dat sterrenkundigen graag willen weten hoe een dergelijke type supernova precies ontstaat. En da’s meteen het probleem, want tot voor kort waren er twee modellen: in het single-degenerate model is sprake van een dubbelstersysteem, met een witte dwerg en een gewone ster, waarbij de witte dwerg een thermonucleaire explosie ondergaat als door voeding met massa van de begeleider een kritische massa wordt overschreden. In het concurrerende double-degenerate model is sprake van twee witte dwergen, die elkaar in één geweldige explosie vernietigen. Recent onderzoek aan 41 supernovae van dit type laat nu zien dat het laatste model in de prullenbak kan. Men heeft natrium waargenomen in de uitdijende restanten van de supernovae en dat natrium kan alleen ontstaan zijn in nabije gewone sterren. Bron: Space.com.

De NASA legt wel even uit hoe dat zit met die zonnevlammen

We beleefden afgelopen dinsdag de grootste zonnevlam in de afgelopen vijf jaar, een joekel van een vlam van de buitengewone categorie X6,9. Ik heb dezelfde dag nog een poging gedaan om uit te leggen hoe het nou zit met die groottes van zonnevlammen, maar tegen de volgende video van de NASA over dat onderwerp kunnen duizend woorden van mij niet op:

Er wordt trouwens in die video gezegd dat de allergrootste waargenomen zonnevlam, die superjoekel uit november 2003, van X54 was, maar da’s toch echt X28. Wat kunnen ze overdrijven, daar bij de NASA. 😉 Bron: Bad Astronomy.

Sterrenkundigen ontdekken exoplaneet die zwarter is dan kool

TrES-2b, begeleid door enkele (fictieve) manen. Credit: David A. Aguilar (CfA)

Hij draait om de ster genaamd GSC 03549-02811, 750 lichtjaren van ons verwijderd in het sterrenbeeld Draak, en sterrenkundigen beschouwen ‘m als de meest donkere exoplaneet die ze ooit hebben waargenomen: TrES-2b. De planeet werd in 2006 ontdekt door de Trans-Atlantic Exoplanet Survey (TrES) en hij reflecteert slechts 1% van het licht van die ster met de ingewikkelde naam. TrES-2b staat slechts 5 miljoen km van GSC huppeldepup vandaan en die korte afstand zorgt er voor dat de oppervlaktetemperatuur bijna duizend graden bedraagt. Dat tropische temperatuurtje betekent voor dat er geen ammonia op de planeet voorkomt – het spul dat wel op Jupiter voorkomt en dat er voor zorgt dat 1/3e van al het zonlicht wordt gereflecteerd. Wat wel in de atmosfeer van TrES-2b voorkomt zijn verdampte vormen van natrium, kalium en titanium oxide, allemaal lichtabsorberende elementen. Helemaal kunnen deze elementen de donkerte van TrES-2b niet verklaren, maar wel grotendeels. De planeet is niet compleet zwart, want z’n warmte genereert een lichte, roodachtige gloed. De ‘zwartheid’ van TrES-2b kwam naar voren door onderzoek met de ruimtetelescoop Kepler, die maar liefst 50 omwentelingen van de planeet om GSC huppeldepup kon zien en uit de variatie in de helderheid van zowel ster als planeet kon men het reflecterend vermogen van de planeet afleiden. Bron: CfA/Harvard.