Hoe mooi kan het noorderlicht wel niet zijn?

De noordelijke delen van de wereld werden deze week na een serie zonnevlammen vanuit zonnevlek 1302 getrakteerd op een paar nachtjes vol wonderschoon noorderlicht (Aurora Borealis). Zo blijkt bijvoorbeeld uit de APOD – the Astronomy Picture of the Day – van vandaag, een prachtige foto van noorderlicht, gezien vanaf het eiland Kvalá¸ya in het noorden van Noorwegen. Net zo betoverend mooi als de foto is de volgende timelapse video, afgelopen winter gemaakt door ene Flatlight Films van noorderlicht in Lapland in Finland.

Aurora Borealis in Finnish Lapland 2011 from Flatlight Films on Vimeo.

Bron: Universe Today.

Sixty Symbols over de FTL neutrino’s

Binnen een week is het in de blogosfeer een ingeburgerde term geworden: FTL neutrino’s. Faster than light neutrino’s, goed geraden, neutrino’s die bij het OPERA-experiment in Italië sneller dan het licht lijken te gaan. De wetenschappers die betrokken zijn bij het Sixty Symbols project hebben er een interessante video over gemaakt:

Bron: Astropixie.

Arp 220, een echte supernovafabriek

Maar liefst zeven supernovae in de kern van Arp 220. Credit: NASA, ESA, HUBBLE HERITAGE TEAM, CHALMERS

Sterrenkundigen hebben een sterrenstelsel ontdekt dat een ware fabriek van supernovae mag worden genoemd: Arp 220, een zogenaamde Ultraluminous Infrared Galaxy (ULIRG), gelegen op een afstand van 250 miljoen lichtjaar van de aarde. Feitelijk het resultaat van een botsing van twee afzonderlijke sterrenstelsels. Met een grote hoeveelheid aan elkaar gekoppelde radiotelescopen, verspreid over vijf landen, waaronder Zweden, wist men in een gebied van 250 lichtjaar in de kern van Arp 220 40 afzonderlijke radiobronnen te  ontdekken. Met optische telescopen waren de bronnen – verhuld door dichte stofwolken – verborgen, maar de radiotelescopen konden de puntbronnen wel zien. Zeven van de 40 bronnen bleken echte supernovae te zijn, sterren die korte tijd – binnen een periode van 60 jaren – na elkaar in een gigantische knal explodeerden. Knalt er in sterrenstelsels zoals de Melkweg één per eeuw uit elkaar, in supernovafabrieken zoals Arp 220 zijn dat er vermoedelijk vier per jaar! 😯 We wisten al dat er ‘stervormings-fabrieken‘ zijn, sterrenstelsels waar in hoog tempo sterren worden gevormd, maar kennelijk zijn er ook supernova-fabrieken, waar ze aan de lopende band weer uit elkaar knallen. Verder onderzoek aan de zeven supernovae – beschreven in dit wetenschappelijke artikel – laat tenslotte zien dat de radiostraling een gevolg is van de magnetische velden die de supernovae creëren, niet de magnetische velden van het stelsel Arp 220. Bron: SpaceRef.

 

Astrotweets van de week

Hier weer een verse lading Astrotweets van de week, je wekelijkse dosis leuke, wetenswaardige, merkwaardige tweets over sterrenkunde, natuurkunde, ruimtevaart en andere aanverwante bezigheden. Klik er gerust op als de tweets linkjes bevatten.

Rond 8 oktober a.s. komende Draconiden weer tevoorschijn, een meteorenzwerm waar we in Europa een gunstige blik op kunnen werpen:

[blackbirdpie url=”http://twitter.com/#!/VirtualAstro/status/119765658157326336″]

Met de infrarood-satelliet WISE hebben ontdekt dat er minder ‘aardscheerders’ zijn – planeto

Het heelal op z’n best nagebootst: de Bolshoi Simulatie

De Bolshoi Simulatie van het heelal. Credit: Bolshoi Collaboration/UC-HPACC

Met behulp van zes miljoen CPU-uren op de Pleiades supercomputer van NASA’s Ames Research Center hebben sterrenkundigen onlangs een simulatie van het heelal gedaan die goed overeenkomt met de waarnemingen en die op dit moment als beste nabootsing van het heelal wordt beschouwd: de Bolshoi Simulatie. Beter dan de zogenaamde Millennium Run, de beroemde simulatie uit 2005 van het Virgo Consertium, die je op YouTube talloze malen kunt vinden, o.a. hier. Zowel de Millenium Run als de Bolshoi Simulatie laten zien hoe de massa in het vroege heelal evolueert tot sterrenstelsels, die samenklonteren in clusters van lange slierten en die hier en daar dichte knooppunten rondom enorme elliptische sterrenstelsels vormen. In beide simulaties spelen naast de gewone materie ook donkere materie en donkere energie een belangrijke rol. Met name de donkere materie – die 82% van alle massa in het heelal vormt (afgezien van donkere energie) – vormt de onzichtbare ruggegraat van de clusters van sterrenstelsels. Beide simulaties gaan uit van het zogenaamde Lambda Koude Donkere Materie (Λ CDM op z’n Engels) model, welke een mix bevat van Einstein’s Kosmologische Constante &Lambda(lees: een constante donkere energie) en ‘koude’ donkere materie, bestaande uit koude (lees: langzaam bewegende) massieve deeltjes, WIMP’s. De Millennium Run haalde z’n gegevens uit NASA’s Wilkinson Microwave Anisotropy Probe (WMAP), een satelliet waarmee men de kosmische microgolf-achtergrondstraling heeft onderzocht. De Millennium Run maakte gebruik van WMAP1, de gegevens die de WMAP na één jaar bijeen had vergaard. Bij de Bolshoi Simulatie maakt men gebruik van WMAP5 – yep heel goed, de gegevens na vijf jaar – en die verschillen weinig van de uiteindelijke gegevens, WMAP7. In de Bolshoi simulatie wordt een kubus heelal met zijden van 1 miljard lichtjaar en met een inhoud van 8,6 miljard donkere materiedeeltjes nagebootst. Er zijn twee varianten van de simulatie: de BigBolshoi of MultiDark Simulatie, waarbij het volume 64 keer zo groot is, en de MiniBolshoi Simulatie, die kleiner maar met meer resolutie is. Hieronder een stukje uit de Bolshoi Simulatie.

Bolshoi Simulation Visualization from UC-HPACC on Vimeo.

Bron: PhysOrg.com.

Massieve sterren in NGC 281, alias de Pacman Nevel


Credit: X-ray: NASA/CXC/CfA/S.Wolk; IR: NASA/JPL/CfA/S.Wolk

9200 lichtjaren verwijderd van de aarde in het sterrenbeeld Cassiopeia ligt NGC 281, een groepje massieve jonge sterren, elk minstens acht zonmassa’s zwaar, die omgeven zijn door wolken vol met gas en stof. Die afstand is voor sterrenkundigen relatief dichtbij en omdat de cluster zo’n 1000 lichtjaar boven het vlak van de Melkweg ligt zijn er weinig tussenliggende interstellaire stofwolken, die het zicht op NGC 281 verhinderen. Vandaar dat NGC 281 – die vanwege z’n uiterlijk ook wel de Pacman Nevel wordt genoemd, eh… vraag mij niet waarom – voor sterrenkundigen een ideaal object is om te kijken hoe dergelijke clusters ontstaan en evolueren en welke invloed ze hebben op hun omgeving. Ja ja ik weet het, eerst de Gebakken Einevel en nou weer de Pacman Nevel, zucht… De foto hierboven is een mix van röntgenopnamen gemaakt met de Chandra satelliet  (paars) en infraroodopnamen met de Spitzer satelliet (rood, groen, blauw), beiden van de NASA. Links zie je allemaal slierten – vergelijkbaar met de beroemde Pillars of Creation in de Adelaarsnevel M16 – die veroorzaakt zijn doordat de jonge massieve sterren in het midden met hun enorme sterrenwinden het gas en stof wegblazen. Hieronder zie je waar NGC 281 zich precies ophoudt in de Melkweg.

Credit: X-ray: NASA/CXC/CfA/S.Wolk; IR: NASA/JPL/CfA/S.Wolk

Bron: Chandra.

Eerste module Chinees ruimtestation Tiangong-1 gelanceerd

Vanmiddag om 15.16 uur Nederlandse tijd is vanaf het Jiuquan Satellite Launch Center in het noordwesten van China met behulp van een Lange Mars 2F draagraket de eerste module van het Chinese ruimtestation Tiangong-1 gelanceerd. De onbemande module is succesvol in een baan om de aarde gebracht en zal later dit jaar worden uitgebreid met een andere module. Daarna zullen diverse capsules aan de Tiangong-1 gekoppeld worden: eerst eind dit jaar de onbemande Shenzhou-8, vervolgens volgend jaar de Shenzhou-9 met drie ‘taikonauten’ – Chinese ruimtevaarders – aan boord en tenslotte volgt nog een reis met de Shenzhou-10, die twee mannelijke taikonauten én de eerste Chinese vrouw in de ruimte zal brengen. Als die weer huiswaarts zijn gekeerd zal de Tiangong-1 terugvallen naar de aarde en verbranden in de atmosfeer. Hier de beelden van de lancering:

Bron: Space.com.

Deze video MOET je zien: de landing van de Apollo 11 op de Google Maan

Foto’s van NASA’s Lunar Reconnaissance Orbiter (LRO) en de Japanse Kaguya sonde zijn gebruikt om Google Maan – een extensie van Google Earth – tot een fenominabele resolutie van 0,25 meter te tillen. Iemand die zich GoneToPlaid noemt heeft met behulp van die foto’s in Google Moon – met name de foto van de LRO genaamd M116161085 – een video gemaakt waarin je de oorspronkelijke beelden van de afdaling en landing van de Apollo 11 op 20 juli 1969 ziet tegelijk met de beelden van Google Moon. In twee vensters naast elkaar worden de laatste vier minuten van de afdaling getoond, links de beelden geschoten door het kleine venster van de Apollo 11, rechts de beelden van Google Moon – lichtrood gemaskerd met de vorm van dat venster. Wat je ziet is echt subliem.

Ik heb die zenuwslopende afdaling van de Apollo 11 eerder beschreven en de beelden ervan, inclusief het oorspronkelijke geluid, zijn zijn bij bosjes op YouTube te vinden, zoals deze. Als je zelf Google Moon op je PC hebt staan – durf es te zeggen van niet – dan kan je met deze KMZ zelf naar de landingsplek van de Apollo 11 gaan. Dubbelklikken maar en reis naar die historische plek. Bron: Bad Astronomy.

Is het raadsel van de ‘maan van Frankenstein’ opgelost?

Woehahaha, is het raadsel van de ‘maan van Frankenstein’ opgelost?

Gaat wel lekker vanavond, nietwaar? Eerst het verhaal van de Gebakken-Einnevel en nu weer iets over ‘de maan van Frankenstein’. Woehahaha, hoor je de wolven al huilen buiten? OK, genoeg gekkigheid, even serieus nu. Het gaat om de schrijfster van het boek over Frankenstein, Mary Shelley. Die schijnt ergens in juni 1816 – poosje terug al weer – in Villa Donati in Zwitserland na een nachtje slapen vol dromen ontwaakt te zijn. Ze keek toen uit haar raam en zag een ‘heldere en stralende maan’. Ze verbleef daar met haar echtgenoot, de dichter Percy Shelly en met Lord Byron en John Polidori en ze hadden afgesproken om ieder een spookverhaal te schrijven. Voor de tien 19-jarige Mary Shelley waren die droom en de maan de inspiratiebronnen voor haar boek Frankenstein (The Modern Prometheus), dat wereldberoemd zou worden. Men heeft wel eens gedacht dat die maan een verzinsel was van Shelley om de totstandkoming van haar boek wat aan te dikker en te romantiseren, maar daar denkt een groep sterrenkundigen onder leiding van Donald Olson (Texas State University in San Marcos) anders over. Zij hebben het gebouw van Villa Donati, de omgeving en de lokale weersomstandigheden in juni 1816 onderzocht. Uitkomst is dat volgens hen Mary Shelley op 16 juni 1816 tussen 2 en 3 uur ’s nachts vanuit haar kamer een dergelijke maan kan hebben gezien en dat zij daardoor geïnspireerd kan zijn geraakt voor het schrijven van Frankenstein. In november zal Olson’s team er een artikel over publiceren in Sky and Telescope Magazine. OK, ik ga maar eens naar bed, poosje slapen en dan lekker dromen… Bron: International Business Times.

Vrijdag gaat de Tevatron deeltjesversneller voorgoed dicht

De Tevatron deeltjesversneller. Credit: Fermi National Accelerator Laboratory

Komende vrijdag – 30 september 2011 – zal de befaamde deeltjesversneller Tevatron van het Fermi National Accelerator Laboratory (Fermilab) in Batavia, Illinois, door bezuinigingen voorgoed z’n deuren sluiten. Daarmee komt er een einde aan een wetenschappelijk instrument, dat tientallen jaren de grootste in zijn soort ter wereld was en waar vele natuurkundige waarnemingen mee zijn gedaan. Pas met de komst en ingebruikname van de Large Hadron Collider (LHC) in Genéve moest de Tevatron z’n meerdere erkennen. De Tevatron ring is een 6,28 km lange deeltjesversneller, waarin vanaf 13 februari 1985 protonen en antiprotonen [1]In de LHC knallen ze alleen protonen tegen elkaar, geen antiprotonen. worden versneld tot bijna de lichtsnelheid. Op twee verschillende plekken – bij de 5000 ton zware D0 (‘D Zero’) en CDF detectoren – botsen die deeltjes bij elkaar en dat levert nieuwe deeltjes op. In 1995 ontdekte men op deze manier met de Tevatron het top quark, het zwaardere broertje van de op- en neer-quark, waaruit protonen en neutronen bestaan. De laatste twee jaar hoopte men om bij de botsingen een glimp op te vangen van het Higgs boson en van supersymmetrie, maar helaas pindakaas, dat resultaat bleef uit. Ook waren er nogal eens tegenstrijdige berichten uit het D0- en CDF-kamp, zoals het geval was bij de ‘Wjj-hobbel’, die wel door het CDF, maar niet door Do werd waargenomen. Wat het Higgs boson betreft – waarvan de verwachting is dat deze in het annus mirabilis 2012 door de LHC zal worden gedetecteerd – heeft het Tevatron wel het massabereik ervan kunnen verfijnen. De botsingen van de protonen en antiprotonen in de Tevatron hebben geleid tot maar liefst 937 wetenschappelijke publicaties. Na vrijdag zijn alle ogen alleen op de LHC gericht en mag deze het ‘grote werk’ – de speurtocht naar het Higgs boson en supersymmetrie – verder afmaken. Bron: Science.

 

References[+]

References
1 In de LHC knallen ze alleen protonen tegen elkaar, geen antiprotonen.