Goed idee, zo’n ‘sterrenlicht reservaat’

Ik liet jullie vorige week die foto zien van het nachtelijke West-Europa, gemaakt vanuit het ISS, waarop goed te zien is hoe wij ’s nachts baden in het licht. Gevolg is niet alleen dat we in grote delen van Nederland niet alleen de Melkweg niet meer kunnen zien, maar dat ook alleen de helderste sterren en objecten zichtbaar zijn. In theorie kunnen we 6.000 sterren met het blote oog zien en in sommige donkere gebieden op aarde kan dat zelfs oplopen tot 45.000. Da’s op onderstaand plaatje de situatie links. En wat hebben wij? Yep, de situatie rechts. 🙁

Credit: International Dark Sky Association

Middels de jaarlijks terugkerende Nacht van de Nacht wordt altijd wel aandacht geschonken aan het thema lichtvervuiling, maar weinig concrete verbetering heeft dit volgens mij nog niet opgeleverd. Een goed initiatief dat navolging verdient is volgens mij hetgeen ze in het dorpje Lake Tekapo in het verre Nieuw-Zeeland hebben gedaan. Daar wonen minder dan 1000 mensen en hun nachthemel is jaloersmakend donker. Dat willen ze graag zo houden en daarom hebben ze in het kader van de World Heritage Site hun dorp uitgeroepen tot ’s werelds eerste ‘sterrenlicht reservaat.’ Dat betekent dat ze middels regelgeving beperkingen gaan stellen aan het licht dat bewoners en ondernemers mogen gebruiken. Dus wel tuin- en straatlampen die enkel naar beneden schijnen, zonder vervuiling naar boven toe. Ik heb overigens in dit verband ooit aandacht besteed aan de zogenaamde schaal van Bortle, waarmee je de ‘donkerheid’ van een sterrenhemel kan aangeven.

De schaal van Bortle

Ik weet dat het in Nederland qua lichtvervuiling bedroevend slecht gesteld is, maar ik hoor ook regelmatig mensen die zeggen dat er nog enkele ‘ongerepte’ plekjes in ons lichtovergoten kikkerlandje zijn, waar het ’s nachts wél donker kan zijn. Je hoort dan van Zeeland, Drenthe en andere plaatsen ver buiten de Randstad, waar de Melkweg nog wel zichtbaar zou zijn. Misschien een idee om dat eens te inventariseren en lezers te vragen om donkere plekken in Nederland – en hup, van mij part direct België erbij – te noemen. Waar kan je dus nog wel 6.000 sterren plus de Melkweg zien, zonder storend licht van kassen, snelwegen en skybeamers? En hoe zou je ze rangschikken in de schaal van Bortle? Graag reacties. En als we die plekjes dan ‘in kaart’ hebben gebracht, kunnen we ze dan ook beschermen als sterrenlicht reservaat? Goed idee! 😀 Bron: Starts with a Bang.

Ruimtepuin begint serieus probleem te worden voor ruimtevaart


Credit: ESA

We wisten al dat er een gigantische hoeveelheid ruimtepuin rondom de aarde rondzweeft, variërend van kleine metalen scherfjes, bouten en moeren tot grote stukken afval. Met name een botsing van twee satellieten in 2009 én een test van China in 2007, waarbij ze een oude weersatelliet op 865 km hoogte aan flarden schoten, heeft de hoeveelheid puin enorm doen toenemen. Schattingen zeggen dat er 20.000 brokstukken ter grote van een honkbal rondvliegen en maar liefst 500.000 stukken zo groot als een kiezelsteen. In de figuur hierboven zie je een schets van de aarde, omringt door brokstukken, zoals bekend in 2008. Al die brokstukken – restanten van satellieten en stuwraketten – vliegen met snelheden tot 28.163 km per uur rond de aarde. Al diverse keren moest de bemanning van het ISS uitwijken naar de Sojoez-capsule, zoals 28 juni dit jaar nog, omdat er een dreigende botsing van puin met het ISS was. Deze week kwam het Amerikaanse National Research Council met een rapport, waarin de risico’s van het ruimtepuin voor de ruimtevaart en de communicatiesatellieten beschreven worden. De onderzoekers zeggen dat een kritische grens is bereikt en dat er iets aan de hoeveelheid puin moet gebeuren. Er zijn ideeën genoeg om dat voor elkaar te krijgen, zoals magnetische netten, harpoenen of een soort paraplu om het puin uit de ruimte te vissen. Die magnetische netten zouden gevormd worden door een vloot van kleine nano-satellieten, die gezamelijk een zogenaamde ElectroDynamic Debris Eliminator (EDDE) vormen, welke gevoed zou worden door het magnetische veld van de aarde. Je kan trouwens de grootste stukken ruimtepuin zelf ook in de gaten houden via Google Earth, probeer maar eens! Bron: NRC-Handelsblad, 2 september 2011 + Space.com.

Hoe GRAIL precies het zwaartekrachtsveld van de maan gaat meten

Wat de GOCE satelliet voor de aarde heeft gedaan, dat gaan binnenkort de twee GRAIL-satellieten voor de maan doen: heel nauwkeurig het zwaartekrachtsveld in kaart brengen. Komende donderdag 8 september worden ze – als ’t allemaal goed gaat – gelanceerd en beginnen ze aan een ingewikkelde reis naar de maan. Hoe GRAIL-A en -B het zwaartekrachtsveld van de maan gaan meten verteld de volgende infografiek je:

Credit: Karl Tate/Space.com

Source: SPACE.com: All about our solar system, outer space and explorationRoept bij mij wel gelijk een vraag op: het door GOCE bestudeerde zwaartekrachtsveld van de aarde heet een geoïde. Hoe heet het van de maan, een lunoïde ❓ Bron: Space.com.

Bekijk NASA’s driedimensionale Eyes on the Solar System

De NASA heeft vandaag een nieuwe website op internet gelanceerd, waar je een fantastische driedimensionale reis door het zonnestelsel kunt maken: Eyes on the Solar System.  Je kan via de menu’s onderaan je bestemming kiezen (planeten, manen, planetoïden, noem maar op), iedere gewenste datum/tijd, de snelheid waarmee je door het zonnestelsel wilt razen, real-time de vele sondes die zich ergens in het zonnestelsel bevinden volgen, enzovoorts. Ik kan er een kilo woorden aan wijden om uit te leggen hoe mooi het allemaal werkt en hoe simpel het is om te zien waar Cassini, Dawn, New Horizons, STEREO en andere sondes zich bevinden, maar het is makkelijker gewoon naar de volgende video te kijken, waarin Amy Mainzer (JPL) ons uitlegt hoe Eyes on the Solar System werkt:

Bron: NASA.

Zeldzame delta onderzocht in de Eberswalde krater op Mars

Credit: ESA/DLR/FU Berlin (G. Neukum), CC BY-SA 3.0 IGO

Met hulp van de Europese sonde Mars Express, die getooid met allerlei krachtige camera’s sinds Eerste Kerstdag 2003 om de planeet Mars draait, hebben wetenschappers in de krater Eberswalde een delta onderzocht, die vol met sedimenten zit, stammend uit de tijd lang geleden dat er vloeibaar water op de Rode Planeet stroomde. Op de foto hierboven zie je links een deel van de naburige Holden krater (diameter 140 km) en rechts de halve Eberswalde krater (Ø 65 km). Dat we van Eberswalde nog maar de helft zien komt omdat deze eerder ontstond uit de inslag van een groot object, welke meer dan 3,7 miljard jaar geleden moet zijn neergestort. Daarna ontstond de Holden krater en het uitgeworpen materiaal daarvan bedekte de linkerkant van de Eberswalde krater. In laatstgenoemde krater is op foto’s van de Mars Express een deltavormig gebied te zien, zo’n 115 km² groot, en enkele ‘stromingen’ (Engels: channels, nee dat zijn geen kanalen), via welke in de natte tijd van Mars water moet hebben gevloeid. Op de foto hieronder zie je de delta – iets onder het midden – en de stromingen uitvergroot.

Credit: ESA/DLR/FU Berlin (G. Neukum), CC BY-SA 3.0 IGO

De Holden en Eberswalde krater vormden nog niet zo lang geleden twee van de vier kandidaat landingsplekken voor het Mars Science Laboratory (MSL) Curiosity, de opvolger van de Marsrovers Spirit en Opportunity. De twee andere kandidaten waren Mawrth Vallis en de Gale krater en uiteindelijk werd in juli door de NASA de Gale krater als definitieve landingsplaats uitgekozen. De bedoeling is dat Curiosity ergens tussen 25 november en 18 december dit jaar wordt gelanceerd. Meer foto’s van de delta in de Eberswalde krater, onder andere enkele prachtige perspectief-foto’s, zijn in de bron te vinden. Bron: ESA.

We kunnen er geen genoeg van krijgen: de supernova in M101

De supernova die vorige week verscheen in het nabije sterrenstelsel M101 in Grote Beer trekt iedere dag wereldwijd belangstelling van menig (amateur-) sterrenkundige. Bijvoorbeeld van André v.d. Hoeven, die ‘m 1 september j.l. fotografeerde:

Net als uit de foto die lezer Jurgen Kobierczynski maakte blijkt de supernova – getooid met de naam SN 2011fe (of PTF11kly)- inmiddels helderder dan de kern van M101 te zijn. Heel mooi gemaakt, André! Ik had trouwens zelf gisteren een trucje om M101 te vinden via de methode van het star hopping. Er is echter nóg een manier om M101 te vinden en dat gaat via een driehoek. Kijk maar naar deze video:

Bron: Universe Today.

Astrotweets van de week

Hier weer een verse lading Astrotweets van de week, je wekelijkse dosis leuke, wetenswaardige, merkwaardige tweets over sterrenkunde, natuurkunde, ruimtevaart en andere aanverwante bezigheden. Klik er gerust op als de tweets linkjes bevatten.

Allereerst een interessant ’t-weetje’ over de dichtheid van Saturnus:

[blackbirdpie url=”http://twitter.com/#!/YoungStargazers/status/108229125726158849″]

Smartphones worden in de ruimte gebruikt om wetenschap te ‘socialiseren’:

[blackbirdpie url=”http://twitter.com/#!/NASA_FB/status/109261709113442304″]

Het puin dat in de ruimte zweeft wordt een steeds groter probleem – lees: risico – voor de ruimtevaart:

[blackbirdpie url=”http://twitter.com/#!/NASA_APPEL/status/109350046205624320″]

Is donkere materie een illusie?

[blackbirdpie url=”http://twitter.com/#!/chandraxray/status/109311438987866112″]

Zo, dat was ‘ie weer voor deze week. Wil je mij op Twitter volgen of heb je zelf nog interessante Astrotweets en wil je die doortweeten: hier ben ik te vinden. Tot zo!

Hoe kom je bij de supernova in M101 terecht?

De supernova SN 2011fe in het spiraalstelsel in M101 schijnt nu iets meer dan 11m te zijn. Mocht je een poging willen wagen ‘m te zien of fotograferen met een telescoop, dan zal je eerst M101 moeten opsporen. Die ligt 4° verwijderd van de ster Mizar (? UMa), die samen met Alcor de bekendste dubbelster aan de hemel vormt. Mizar en M101 liggen in het sterrenbeeld Grote Beer – ’t steelpannetje, momenteel in het noordwesten te vinden – en die kennen we allemaal:

Hé, op dat kaartje staat ook M51 en daar was enkele maanden terug ook al een supernova te vinden. Het is druk in die omgeving! OK toegegeven, M51 ligt niet in Grote Beer, maar in het naburige sterrenbeeld Jachthonden. Middels de techniek van het star hopping, waarbij je in de zoeker van je telescoop van de ene ster naar de andere ‘hopt’ kan je vanaf de met het blote oog zichtbare Mizar M101 vinden:

Die getallen bij de sterren zijn scvhijnbare helderheden. Dus eerst hop je vanaf Mizar naar die ster van 8,1m, dan naar 8,3m, enzovoorts. M101 zelf is een groot, maar zwak sterrenstelsel. Z’n totale schijnbare helderheid is 7,7m, maar dat is verspreid over een flinke oppervlak. SN 2011fe ligt ten zuidwesten van de kern van M1o1, dus zeg maar voor ’t gemak linksonder (als je geen omkerend beeld hebt tenminste). Succes d’r mee! Bron: Space.com.

Waarom astronauten in de ruimte niet kunnen fluiten

Astronauten kunnen tijdens een ruimtewandeling niet fluiten. Credit: NASA

Dit is weer zo’n Astroblog in de ‘leuk-maar-er-zijn-toch-wel-belangrijker-dingen-in-het-leven-categorie‘. Ik lees net dat astronauten in de ruimte niet kunnen fluiten, tenminste niet als ze in een ruimtepak bezig zijn aan een ruimtewandeling. In het internationale ruimtestation ISS daarentegen kan je wel fluiten. De reden: luchtdruk. Fluiten doe je door je mond te tuiten en lucht met kracht er door heen te blazen, waardoor de lucht gaat rondwervelen en hoge tonen worden gegenereerd. Hier op aarde kunnen bouwvakkers de hele dag fluiten naar voorbijtrekkend vrouwelijk schoon vanwege een luchtdruk van gemiddeld 101,325 kPa. In een ruimtepak is de druk drie keer zo laag, te weinig om voldoende lucht door je mond te blazen en te kunnen fluiten. Astronaut Dan Barry schijnt de eerste te zijn geweest die ’t tijdens een ruimtewandeling ondervond. Dat was ergens in 1999. Na hem hebben velen het geprobeerd, maar niemand slaagde er in om te fluiten in zo’n pak. Binnen in het ISS heerst een ‘normale’ luchtdruk, dus daarom kan daar naar hartelust gefloten worden. Bron: Pillownaut.’

 

Chandra vindt meest nabije paar superzware zwarte gaten

Het spiraalstelsel NGC 3393, waarin Chandra een dubbel superzwaar zwart gat heeft ontdekt. Credit: X-ray: NASA/CXC/SAO/G.Fabbiano et al; Optical: NASA/STScI

Met behulp van de Chandra röntgen-ruimtetelescoop van de NASA hebben sterrenkundigen het meest nabije paar (tot nu toe) van superzware zwarte gaten ontdekt. Het duo bevindt zich 160 miljoen lichtjaar van de aarde en is gelegen in de kern van het sterrenstelsel NGC 3393 in het sterrenbeeld Slang (Hydra). Naast de afstand is er nog iets bijzonders: het genoemde stelsel is een spiraalsterrenstelsel, geen elliptisch stelsel of quasar, waar eerdere dubbele superzware zwarte gaten tot nu toe werden gevonden. Met Chandra kon men opnames maken van de kern van NGC 3393 en daar bleek vanuit twee bronnen hoogenergetische röntgenstraling te komen. De grote foto hiernaast toont NGC 3393 in z’n geheel, een combi van optische waarnemingen met Hubble (geel) en röntgen-waarnemingen met Chandra (blauw). Buiten de kern van NGC 3393 is de röntgenstraling ‘zacht’, d.w.z. minder energetisch dan in de kern. Hieronder zie je die kern in detail, met de twee pieken van röntgenstraling ‘op 4 en 11 uur’. De zwarte gaten veroorzaken de pieken en ze liggen 490 lichtjaar van elkaar vandaan. NGC 3393 zal vermoedelijk het resultaat zijn van een botsing meer dan een miljard jaar geleden tussen een groot en een klein sterrenstelsel. De superzware zwarte gaten in beide stelsels zullen langzaam aan steeds dichter bij elkaar komen en uiteindelijk samensmelten. Dát is vermoedelijk de manier waarop dergelijke zwarte gaten, die ieder meer dan een miljoen zonmassa groot zijn, in omvang groeien.

Credit: X-ray: NASA/CXC/SAO/G.Fabbiano et al; Optical: NASA/STScI

Bron: Chandra.