We blijven Astroblogs over Lego schrijven. Hadden we eerst de Canadese Legoman in Space, astronauten die met Lego spelen en het Legomodel van de Hayabusa, dit keer een nieuwe pagina in de Lego-geschiedenis: de lancering van een space shuttle van Lego gemaakt. OK, het is er weliswaar eentje die niet met vaste raketbrandstof de lucht in gaat, maar met een heliumballon, maar toch… Ene Vinciverse uit Duitsland lanceerde het geval, een Lego Space Shuttle model 3367, en dat kwam onder aan die ballon tot een hoogte van 35 km. En gelukkig hebben we de beelden nog:
Oké, hier is dan mijn allereerste Astroblog. Als nieuwe auteur van deze geweldig informatieve Astromonieblog website zal ik af en toe mijn ervaringen als beginnend amateur astrofotograaf met jullie delen.Dit weekend waren het de landelijke sterrenkijkdagen. Zo ook bij amateur astronomie vereniging Christiaan Huygens, waar ik voor het eerst op vrijdagavond met een simpel ‘jeugd’kijkertje stond. In de korte tijd dat het enigszins helder was, keken veel kleine kinderen door de telescoop naar de maan die in eerste kwartier stond waardoor de kraters goed te zien waren. Sommige kinderen hoorde je hardop ‘WOW’ zeggen, en dat is precies mijn ervaring toen ik in mijn jeugd voor het eerst door zo’n kijker keek. Geweldig om dat te horen. Nu, ongeveer 35 jaar later, ben ik zo’n 1,5 jaar geleden weer actief bezig met deze hobby en ook sinds een jaartje begonnen met fotograferen. De maan en planeten zijn geweldig mooi om visueel door een kijker te bewonderen, maar deepsky objecten zoals nevels en sterrenstelsels blijken maar tegenvallende vage vlekjes als je door een telescoop kijkt en kun je veel beter zichtbaar maken als je deze lang met een fototoestel belicht.De momenten om tijdens de landelijke sterrenkijkdagen door een telescoop te kijken waren beperkt door de bewolking en gisteravond werd het pas na 22:00 uur weer helder. Het zou de verdere nacht helder blijven. Dus thuis mijn opstelling in haast opgesteld voor een nieuwe foto-sessie, dit gekozen voor de Leo-triplet, drie sterrenstelsels M65, M66 en NGC3628 in het sterrenbeeld Leeuw (Leo). Deze sterrenstelsels staan zo’n 30 a 35 miljoen lichtjaar van ons vandaan. Hier op het plaatje zijn ze te vinden ongeveer tussen de ster Denebola en de planeet Mars in.
waar Leo-triplet te vinden is
Op de foto is het resultaat van 3 uur foto’s maken in subs van 5 minuten met ISO800 te zien.Nog enig nabewerken in een programma DeepSkyStacker (DDS) om de foto’s te en vervolgens het contrast van de grijze gebieden versterken met o.a. de tool Curves in Photoshop. Door de lichtstorende maan waren de omstandigheden voor fotograferen niet optimaal, maar het resultaat viel me toch niet tegen.
Leo-triplet M65 – M66 – NGC3628
Tijdens het opstellen van mijn telescoop + montering – wat gemiddeld zo’n 3 kwartier in beslag neemt – heb ik een videocamera in timelapse mode laten lopen. Elke seconde 1 beeldje. Het resultaat hiervan in te zien in dit filmpje.
Natalie Batalha, met een model van de bevestigde exoplaneet Kepler-10b. Credit: NASA/Kepler
Uit de analyse van gegevens die de ruimtetelescoop Kepler tussen mei 2009 en september 2010 heeft vergaard zijn welgeteld 1091 nieuwe kandidaat-exoplaneten naar voren gekomen. Opgeteld bij het aantal kandidaat-exoplaneten dat al bekend was komen we nu uit op een totaal van 2321 kandidaat-exoplaneten, die om 1790 sterren draaien. Yep, minder sterren dan exoplaneten, eenvoudig omdat sommige sterren meer planeten tellen. Ik spreek hier telkens van kandidaat-exoplaneten, omdat de ontdekking ervan door Kepler nog niet bevestigd is door andere, onafhankelijke instrumenten. Hoe groot de gevonden exoplaneten zijn zie je in de grafiek hieronder, waarin je verschillende grootteklassen ziet, variërend van aardgrootte tot groter dan Jupiter. Op de foto hiernaast zie je Natalie Batalha, hoofdauteur van het wetenschappelijke artikel in The Astrophysical Journal, waarin de nieuw gevonden planeten worden beschreven. Het blijkt dat steeds vaker kleinere exoplaneten worden gevonden, die grotere omloopperiodes om hun ster hebben. Kepler kijkt naar meer dan 150.000 sterren in een vast gebied aan de hemel, tussen de sterrenbeelden Zwaan (Cygnus) en Lier (Lyra) en dat doet ‘ie steeds beter, zodat ook kleinere planeten kunnen worden gedetecteerd. En met succes dus. Nu nog de bevestiging, zodat de catalogus van bevestigde exoplaneten – waarvan de teller momenteel staat op 760 – flink kan uitdijen.
Het interessante van de video zijn de beelden die je ziet van de bewegende camera. López heeft een stellage, waarmee hij de camera over een lengte van een paar meter langzaam kan laten bewegen en ook een soort van wip, waarmee de camera omhoog en omlaag kan. Dat zorgt er voor dat het standpunt waar vandaan de foto’s voor de timelapse worden gemaakt verschuift. Bron: Bad Astronomy.
Eind goed al goed voor de Japanse planetoïdenverkenner Hayabusa, zullen we maar zeggen. November 2005 landde deze na een moeizame tocht op de kleine planetoïde Itokawa. Na een nog moeizamere terugtocht wist de sonde – wonder boven wonder – een capsule naar de aarde terug te brengen, welke op 13 juni 2010 met een parachute in Australië landde. Laboratoriumonderzoek van de capsule bracht aan het licht dat – wonder boven wonder – 1500 minuscule stofdeeltjes van het oppervlak van Itokawa waren meegebracht, waarmee de wetenschappers heel wat over de ontstaansgeschiedenis van Itokawa te weten kwamen. En wat blijkt deze week: dat de Deense onderneming de Hayabusa heeft gekozen als model, 369 stukjes lego waarmee je een eigen Hayabusa kunt bouwen. In Japan is de bouwdoos sinds deze week te koop en elders kan je de Hayabusa via de website van Lego kopen, voor een luttele ¥4118. Eh… Hoeveel is dat ook al weer, oh ja even de zakjapanner erbij gepakt: da’s € 38,11. De Hayabusa werd uitverkoren door Lego om een echt te verkopen model te worden na een actie via de website Lego CUUSOO. Je kan daar eigen ideeën voor model voorstellen en als je vervolgens 10.000 mensen vind die je idee omarmen dan gaat Lego er over na denken. En da’s kennelijk gelukt, want Hayabusa is het tweede model dat op die manier werd uitgebracht. Het eerste is de #001 Shinkai 6500, ook al zo’n Japans ding, dus kennelijk zijn die Japanners nogal Legofanaat. Afijn, we eindigen even met een video waarin we zien hoe de Hayabusa in de Legofabriek in de doos eindigt:
Tektonische breuken en kraters op de maan Dione. Credit: NASA/JPL-Caltech.
Met de sonde Cassini van de NASA hebben sterrenkundigen bij de maan Dione van Saturnus moleculaire zuurstofionen ontdekt. Nee, verwacht geen tweede aarde in ons eigen zonnestelsel, de ionen komen zeer spaarzaam voor: iedere 11 kubieke cm is er één zo’n zuurstofion, da’s 90.000 stuks per kubieke meter. Dat komt neer op de situatie in onze eigen atmosfeer op 480 km hoogte. Men spreekt bij dergelijke ijle omstandigheden niet van een atmosfeer, maar van een exosfeer. Eerder was zo’n exosfeer bij een andere maan van Saturnus ontdekt, Rhea. De dichtheid van de exosfeer van Dione en Rhea is zo’n 5 biljard keer ijler dan de dichtheid van de atmosfeer aan de oppervlakte van de aarde. Kennelijk is er in het systeem rondom Saturnus een proces gaande dat zuurstof genereert. Mogelijk dat fotonen van de zon of kosmische straling de ijskorst van Rhea en Dione bombarderen en dat daarbij zuurstofatomen vrijkomen. Bron: NASA/JPL.
OK toegegeven, er zijn al twee maanden verstreken en de derde maand is al weer drie dagen oud. En toch is het leuk om in een video van ruim twee minuten de maan te zien, zoals ‘ie er in 2012 van begin tot eind uit ziet. Je ziet diverse effecten, waarvan sommigen niet direct opvallen als je ’s avonds naar de maan tuurt:
de schijngestalten van de maan, van Nieuwe Maan, via Eerste Kwartier, dan Volle Maan en tenslotte naar Laatste Kwartier.
de wisselende afstand tot de maan, variërend van 363.104 km (perigeum) tot 405.696 km (apogeum). Heb je perigeum én Volle Maan dan praten we over zo’n Supermaan – woehahahahaá
de zogenaamde libratie van de maan, de schommeling zowel in de lengte (‘jaknikken’) als in de breedte (‘neeschudden’).
André Kuipers is echt goed bezig vanuit het ISS. Nou heeft ‘ie vanuit het internationale ruimtestation ISS met z’n camera weer een juweeltje van een foto getoverd waarop je niet alleen het ISS ziet en de aarde – de twee vaste onderdelen van dergelijke foto’s – maar dit keer ook de Melkweg! Niet alleen mooi om te zien, maar ook knap gemaakt. Per slot van rekening moet je voor zo’n foto toch wel enige tijd belichten. Als je stilstaat is dat geen probleem, ware het niet dat Kuipers met 28.000 km per uur om de aarde heen beweegt. Lang belichten leidt dan onherroepelijk tot streepjes, stersporen. Die zie je niet, dus ik vermoed dat Kuipers een hoge gevoeligheid op z’n camera – een Nikon D3S – heeft ingesteld, hetgeen je ook kan zien aan de ruis in het donkergroen gekleurde gedeelte van de aarde. In de bron kan je de foto ook in hogere resoluties zien. Bron: Kuipers op Flickr.
Ik was gisteravond even een kijkje wezen nemen bij de Landelijke Sterrenkijkdag bij Chr. Huygens in Papendrecht. Het weer werkte helaas niet mee, het was behoorlijk nevelig en dat zorgde er voor dat buiten slechts de helderste objecten konden worden gezien: de maan, Venus en Jupiter, Mars, Alcor en Mizar en de Pleiaden. Voor ander kijkgenot was het weer niet geschikt. Binnen was het echter kraakhelder en had Huygens voor een aantrekkelijk programma gezorgd. Er was een verkoopstand en Paul Bakker hield daar voor de ruim 40 aanwezigen een praatje over wat je allemaal aan de hemel kunt zien. Het is voor iedereen te hopen dat het vandaag beter weer zal zijn, ook overdag om de zon te kunnen laten zien middels het zonne-observatorium Helios. Maar ja, als ik nou naar buiten kijk ziet dat er helaas pindakaas niet zo best uit.