Ik kwam een poosje terug deze video tegen, van iemand die onweer aan het filmen was. Kijken!
Bron: Starts with a Bang.

Ik kwam een poosje terug deze video tegen, van iemand die onweer aan het filmen was. Kijken!
Bron: Starts with a Bang.
Vorig jaar ontdekten sterrenkundigen een vreemd gevormd sterrenstelsel, Auriga’s Wiel genaamd – yep, in het sterrenbeeld Auriga, oftewel Voerman:
Men denkt dat dit een gevolg is van een ‘head-on-collision’ van twee sterrenstelsels. Hieronder een schets van de twee sterrenstelsels, daaronder een video waarin getoond wordt hoe Auriga’s Wiel ontstaan is.
Video:
:bron: Bron: Astropixie.
NASA’s nieuwste Marsrover Curiosity ligt sinds de lancering op 26 november 2011 uitstekend op koers naar z’n einddoel, de Gale krater op Mars, waar ‘ie over ongeveer 88 dagen aan zal komen – zie de countdown-klok. De volgende video laat zien dat het niet eenvoudig is om zo’n sonde precies te laten landen waar ‘ie moet wezen en dat de nodige koerscorrecties nodig zijn.
Bron: Space.com.
Ik ben een weekje met vakantie, dus even geen Astroblogjes van mij. Wel af en toe een leuke astrofoto of -video, in het kader van de ‘voorjaarsgallerij’. Zoals de foto hierboven, de maan in groot formaat, gemaakt door Arnold Knokke. Leuk toch, zo’n maan op de zijkant van je huis? Bron: Astropixie.
Al jaren woedt er een strijd welk model de juiste is voor de zogenaamde type Ia supernovae, een klasse van exploderende sterren die gebruikt wordt als afstandsindicator voor verre afstanden in het heelal. In alle modellen gaat het om een witte dwerg, die materiaal aangeleverd krijgt van een compagnon en daardoor een massa krijgt boven de zogenaamde Limiet van Chandrasekhar (1,44 zonmassa), zodat een thermonucleaire explosie ontstaat en de gehele ster uiteengerukt wordt. In het single-degenerate model is die compagnon een gewone ster, in het double-degenerate model is sprake van een tweede witte dwerg, die op een gegeven moment botst en samensmelt met z’n collega-dwerg. De laatste tijd was vooral het laatste model populair, met name omdat recente waarnemingen lieten zien dat die compagnon geen reus of superreus kan zijn. Maar als echte kosmische polder-c0mpromiszoekers hebben Ryan Foley (Harvard-Smithsonian Center for Astrophysics) en z’n collegae door studie aan 23 type Ia supernovae laten zien dat beide modellen juist zijn. Foley en z’n maatjes bestudeerden het gas rondom de supernovae en ontdekten dat het gas eigenschappen heeft die bij beide modellen passen. Hoe dat precies zit wordt in dit wetenschappelijke artikel uitgelegd. Bron: CfA.
Eén van de moeilijkste bezigheden van sterrenkundigen is het bepalen van afstanden tot verre sterren en sterrenstelsels. Tot nu toe gebruikt men twee methodes om afstanden te schatten: voor nabije afstanden (tot ongeveer 60 miljoen lichtjaar) gebruikt men de veranderlijke sterren genaamd Cepheïden, voor verre afstanden type Ia supernovae (tot ongeveer 9,7 miljard lichtjaar). Die laatste afstand behoort bij een roodverschuiving z=1,7. Op grotere afstanden zijn zelfs supernovae niet zichtbaar, dus daarvoor moeten sterrenkundigen naar andere methodes kijken. Daarom is nu de blik gericht op de zogenaamde quasars, de heldere kernen van actieve sterrenstelsels, wiens lichtkracht afkomstig is van een accretieschijf rondom het centrale superzware zwart gat. Tot nu toe kon men op de – vaak veranderlijke – lichtkracht van quasars geen vat krijgen en waren ze onbruikbaar als betrouwbare afstandsindicator. Maar recent onderzoek van Dejan Stojkovic (State University of New York in Buffalo, VS) en z’n collegae laat zien dat ze wellicht wel bruikbaar zijn. Zij maakten daarbij gebruik van lichtcurves van quasars, die zichtbaar zijn achter de Magelhaense Wolken – twee dwergstelsels van onze Melkweg – en die waargenomen zijn met het Massive Compact Halo Objects (MACHO) project. In die curves kon Stojkovic’ team bepaalde patronen herkennen, die verwant waren aan de roodverschuiving van de quasar.
Als men vervolgens de lichtcurves van verschillende quasars op elkaar legde – zie de grafiek hieronder – kon een match worden gemaakt: middels de quasars waarvan men de roodverschuiving reeds kende kon de roodverschuiving van andere quasars worden bepaald.
Of de methode echt bruikbaar is moet nog wel onafhankelijk worden vastgesteld. Tot die tijd probeert het team van Stojkovic zelf de methode te verbeteren. Meer info in dit wetenschappelijke artikel. Bron: Physics World.
| Over hoeveel jaar? | Wat gebeurt er dan? |
|---|---|
| 8.000 | Deneb zal door de precessie van de aarde de nieuwe Poolster zijn. |
| 36.000 | De ster Ross 248 zal met een afstand van 3,024 lichtjaar de meest nabije ster van het zonnestelsel zijn. |
| 36.160 jaar en 148 dagen | In oktober 38.172 zal een zéér zeldzame transitie plaatsvinden: gezien vanaf de aarde zal Uranus voor Neptunus langsschuiven. |
| 42.000 | Het stersysteem van Alpha Centauri is dan weer het dichtste bij het zonnestelsel. |
| 67.151 jaar en 81 dagen | Een gelijktijdige transitie van de planeten Venus en Mercurius over het zonsoppervlak. Dat is op 26 juli 69.163, schrijf 't maar vast in je agenda. |
| 1.000.000 | Grote kans dat de ster Betelgeuze in Orion nou wel een keer als supernova is geëxplodeerd. |
| 1.400.000 | De ster Gliese 710 passeert het zonnestelsel op 1,1 lichtjaar afstand en verstoort mogelijk de Oortwolk met kometen. |
| 600 miljoen | De maan is zo ver van de aarde geraakt dat we geen totale zonsverduisteringen meer kunnen zien. |
| 3,3 miljard | 1% kans dat Mercurius op Venus zal botsen, hetgeen op haar beurt weer tot een botsing met de aarde kan leiden. |
| 10^10^76 | Alle materie zal in zwarte gaten zitten, even er van uitgaande dat er geen verval van protonen bestaat. |
Ik raad je aan die Wikipedia-pagina te kijken voor nog veel meer verre gebeurtenissen. Oh ja, nog één gebeurtenis die niets met sterrenkunde te maken heeft: op zondag 4 december 292.277.026.596 AD om 7:30:08 Nederlandse tijd zal de 64-bit versie van de Unix tijdcode ophouden, want de hoogste waarde van de 64-bit tijdwaarde is dan bereikt. Tegen die tijd hebben we vast al een 128-bit Unix versie. 🙂 Bekijk trouwens ook m’n Het einde van Alles-dossier, waarin een blik op het einde van het heelal wordt geworpen. Bron: It’s OK to be Smart.
Japanse sterrenkundigen hebben met behulp van de 8,2 meter Subaru telescoop op Hawaï de verst verwijderde protocluster van sterrenstelsels ontdekt. In een piepklein stukje hemel, het 0,25 vierkante graad grote Subaru Deep Field in het sterrenbeeld Haar van Berenice (Coma Berenice) ontdekten ze een grote groep sterrenstelsels die gravitationeel aan elkaar gebonden zijn en die op maar liefst 12,72 miljard lichtjaar afstand staan, een nieuw record. De cluster is erg lichtzwak, maar dankzij de Subaru Prime Focus Camera (Suprime-Cam) waren de afzonderlijke sterrenstelsels toch zichtbaar. Hieronder zie je de kern van de cluster, met de roodgekleurde sterrenstelsels, zo gekleurd door de opgetreden roodverschuiving (z=6).
Men spreekt van een protocluster, omdat het nog een cluster is z’n vroegste stadium van ontwikkeling is. De waarnemingen laten zien dat sprake is van subgroepen van sterrenstelsels, die bezig zijn om samen te komen en te groeien tot één grote, massieve cluster. De Japanners hopen met de opvolger van de Suprime-Cam, de Hyper-Suprime Camera (HSC), die een zeven maal groter beeldveld heeft, de protocluster nader te kunnen bestuderen. Hieronder nog een andere weergave van de cluster, waarin de witte stippen de sterrenstelsels voorstellen, de grootte van de stippen de lichtkracht en de achtergrondkleur de dichtheid van het veld van sterrenstelsels (rood=grootste dichtheid).
Meer informatie over de record protocluster vind je in dit wetenschappelijke artikel, welke 1 mei j.l. verscheen in het vakblad The Astrophysical Journal. Bron: NAOJ.
Hubble gaat de Venusovergang van 6 juni 2012 bekijken via de maan. Credit: NASA, ESA, and A. Feild (STScI)
In de vroege ochtend van 6 juni 2012 vindt er een Venusovergang of -transitie plaats, waarbij de planeet Venus gezien vanaf grote delen van de aarde voor de zon langs schuift. Die zeldzame gebeurtenis – voor de volgende overgang moeten we wachten tot 11 december 2117 – zal niet alleen door miljoenen mensen op aarde worden bekeken en gefotografeerd, maar zal ook vanuit de ruimte worden waargenomen. Men is van plan de Hubble ruimtetelescoop naar de Venusovergang te laten kijken. Nee, de Hubble zal niet rechtstreeks naar de zon kijken, dat zal door het felle licht van de zon direct het einde betekenen van de hypergevoelige apparatuur van Hubble. Wat ‘ie wel zal doen is naar de maan kijken. De maan reflecteert namelijk het zonlicht en op die manier is ook het licht van Venus via de maan te zien. Het gaat de sterrenkundigen er vooral om te kijken naar de chemische samenstelling van het licht dat van Venus komt en dat via de maan Hubble zal bereiken. Die samenstelling is uiteraard door directe waarneming van de atmosfeer van Venus bekend, maar nu wil men het op indirecte manier bekijken. Bij exoplaneten bij andere sterren doet men precies hetzelfde: de planeet zelf is niet te zien, maar via het licht van de ster pikt men een graantje mee van de elementen die in de atmosfeer van de exoplaneet zitten. Door de komende Venusovergang hoopt men die techniek te kunnen verbeteren. Goh, waar een Venusovergang zoal niet toe kan leiden. Bron: Hubble + Science Daily.