Nieuwe satelliet maakt foto’s van de aarde bij nacht

De aarde bij nacht. Credit: NASA Earth Observatory/NOAA NGDC

Nieuwe satellietopnamen die wetenschappers tijdens de najaarsbijeenkomst van de American Geophysical Union hebben gepresenteerd, geven een ongekend beeld van de natuurlijke en (vooral) kunstmatige lichtbronnen die de nachtzijde van onze planeet doen oplichten. Uit een selectie van wolkeloze opnamen is ook een gedetailleerde wereldkaart van de nachtelijke aarde samengesteld.

De opnamen zijn gemaakt door de Suomi National Polar-orbiting Partnership-satelliet (NPP) van NASA en de National Oceanic and Atmospheric Administration (NOAA). Deze nieuwe satelliet heeft een speciale sensor aan boord om atmosfeer en oppervlak van de aarde ook ’s nachts te kunnen bestuderen. De sensor is gevoelig genoeg om de natuurlijke nachtgloed van de aardatmosfeer en het licht van schepen op zee te registreren.

West-Europa bij nacht. Credit: NASA Earth Observatory/NOAA NGDC

Verenigde Staten bij nacht. Credit: NASA Earth Observatory/NOAA NGDC

Klik hier voor een grote kaart van de wereld bij nacht. Bron: NASA.

Magnetisch veld van donkere sterrenvlek gemeten

Zonnevlekken zijn hetzelfde fenomeen als stervlekken. Credit: NASA

Onderzoekers van het Leibniz-instituut voor astrofysica, in Potsdam (Duitsland), zijn er voor het eerst in geslaagd om de magnetische veldsterkte te bepalen van een donkere sterrenvlek. Daarbij is aangetoond dat sterrenvlekken, net als zonnevlekken, gepaard gaan met zeer sterke magnetische velden.

Magnetische velden laten karakteristieke sporen achter in het spectrum van een ster – de verdeling van het sterlicht over de verschillende golflengten. Maar omdat sterrenvlekken heel donker zijn, en ongeveer tweeduizend graden koeler dan hun omgeving, is het heel moeilijk om het spectrum van zo’n gebied te analyseren.Speciaal voor dit doel hebben de astronomen complexe software ontwikkeld die het mogelijk maakt om de temperatuur en de verdeling van magnetische velden over het oppervlak van een ster te reconstrueren. De ster waarbij dat voor het eerst is gebeurd, is V410 Tauri, een jonge zonachtige ster in het sterrenbeeld Stier.Over enkele jaren zullen nog meer sterren van dit type onder de loep worden genomen. Het wachten is op een nieuw meetinstrument, de spectropolarimeter PEPSI, dat momenteel in Potsdam wordt ontwikkeld. In 2014 zal dit instrument worden gekoppeld aan de Large Binocular Telescope in Arizona.

Reconstructie van de magnetische velden van de ster V410 Tauri. Credit: AIP.

Bron: Astronomie.nl.

De teloorgang van het Amerikaanse Fermilab in beeld gebracht

Credit: FermiLab

In NRC-Handelsblad wordt vandaag gewezen op de film A death on the Frontier – Who Killed America`s Biggest Gadget, waarin door redacteur Alex Pasternack van de site Motherboard.tv de teloorgang van het Amerikaanse deeltjesinstituut Fermilab in beeld wordt gebracht. Ooit was het Fermilab de belichaming van de leidende positie van de Verenigde Staten in de beta-wetenschappen. “Fermilab helpt je niet het land te verdedigen, maar het maakt het land wel het verdedigen waard“, aldus een toepasselijke quote van Robert Roser, onderzoeker bij Fermilab. Sinds het sluiten van Fermilab’s deeltjesversneller de Tevatron herfst vorig jaar is de trekkersrol naar Europa gegaan, waar de Large Hadron Collider van CERN nu doet wat eigenlijk de ‘Superconducting Supercollider’ van Fermilab had moeten doen. Maar dat superproject werd in 1993 door het Amerikaanse congres wegens het te dure budget afgeblazen en sindsdien is het eigenlijk bergafwaarts gegaan met het Fermilab. En we kennen de uitkomst: het Higgs deeltje is met de LHC van CERN ontdekt en niet met de Tevatron van Fermilab. Afijn, een film die zeker de moeite waard is om te bekijken.

Bron: NRC-Handelsblad, 5 december 2012.

Mars-oceaan mogelijk ingevangen in grottenstelsel

Impressie van een Marsoceaan. Mogelijk heeft deze nooit bestaan en is al het water ondergronds terecht gekomen. Credit: ESA, C. Carreau

Een internationaal team van astronomen en geologen heeft voorgesteld dat de massale overstromingen die 2 miljard jaar geleden zijn voorgekomen op Mars, zijn ‘opgeslokt’ door een enorm grottenstelsel op de Rode Planeet.

De wetenschappers zijn tot deze conclusie gekomen nadat ze onderzoek hadden verricht naar het eindpunt van Hebrus Valles, een enorm stroomkanaal van 250 kilometer lang. Hebrus Valles, en vergelijkbare stroomkanalen, behoren tot de langste in het zonnestelsel. Het is voorgesteld dat de afvoer van deze kanalen groot genoeg is geweest om oceanen te hebben gevormd, maar het ultieme lot van de vloeistofstromen is 40 jaar lang een mysterie geweest. Zelfs de aard van de stromende vloeistof is niet precies bekend: water is de meestgebruikte suggestie, maar ook gletsjers, modderstromen en zelfs lavastromen zouden een rol kunnen hebben gespeeld.

Hebrus Valles is een dankbaar onderzoeksobject, omdat hier oeroude landvormen gepreserveerd worden – elders op Mars zijn de stroomkanalen in de loop van de tijd soms onherkenbaar veranderd, en soms zelfs geheel bedolven onder ander materiaal.

De betrokken onderzoekers denken nu dat Hebrus Valles inderdaad door stromend water is gevormd, maar dat al dit water uiteindelijk weer van het oppervlak is weggestroomd en in grotten zijn eindpunt heeft bereikt. Hun theorie luidt dat Mars vroeger op grote schaal moddervulkanisme heeft gekend, en dat hierdoor een onvoorstelbaar uitgebreid grottennetwerk is ontstaan. Grote waterstromen aan het oppervlak zouden dan de grotten ingestroomd zijn, en geen uitgebreide oceanen hebben gevormd.

Gedeelte Hebrus Valles. Credit: Jim Secosky modified NASA photo

Bron: Physorg

NASA kondigt nieuwe Marsmissies aan

De nieuwe Marsrover zal gebaseerd zijn op hetzelfde ontwerp als de huidige Curiosity-rover. Credit: NASA

NASA heeft plannen bekend gemaakt om in 2020 een nieuwe Marsrover naar de Rode Planeet te sturen. De nieuwe missie zal voortbouwen op de recente succesvolle missies naar Mars. Het gaat trouwens druk worden op onze buurplaneet: het oude Marskarretje Opportunity is nog steeds aan het rondrijden en de nieuwe Marsrover Curiosity heeft zojuist zijn eerste hap zand geanalyseerd. Bovendien zal in 2016 en 2018 de Europese dubbelmissie ExoMars op de Rode Planeet arriveren.

De nieuwe Marsrover is niet de enige nieuwe Marsmissie van de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA. In 2013 zal de Mars Atmosphere and Volatile EvolutioN (MAVEN) ruimtesonde gelanceerd worden, die onderzoek zal doen naar de Marsatmosfeer. Daarnaast zal nog een lander gestuurd worden: Interior Exploration using Seismic Investigations, Geodesy and Heat Transport (InSight), die onderzoek zal doen naar de inwendige structuur van Mars.

Dit alles betekent dat NASA in totaal maar liefst zeven Marsmissies heeft lopen, of heeft gepland. Al deze missies kunnen gezien worden als de opmaat naar een bemande missie in 2030. De nieuwe rover zal gebaseerd zijn op de Mars Science Laboratory-architectuur, waar ook de huidige Curiosity-rover op gebaseerd is. Doordat geen nieuwe architectuur ontwikkeld hoeft te worden, kunnen de kosten worden gedrukt, zonder in te leveren op de wetenschappelijke mogelijkheden.

De InSight-lander zal onderzoek doen naar het inwendige van Mars. Credit: NASA

Bron: NASA

André Kuipers spreker op NVB jubileumcongres – 15 november (Walking on air)

Credit; June63

Out of the box, into space: denk creatief en inspirerend over de toekomst van ons bestaan. André Kuipers verbleef maanden in het ruimteschip ISS en keek van daaruit naar moeder aarde. Op het NVB100 jubileumcongres van de Informatie Professionals op 15 november deelde hij met ons zijn ervaringen, de inspiratie die hij opdeed en de lessen die je leert als je gewichtloos bent. Zo’n 1000 mensen zitten vol verwachting in de zaal als Kuipers van wal steekt. Kuipers gaat tijdens de lezing in op het belang van de juiste informatie op het juiste moment: relevant, kritiek en van levensbelang. Welke impact heeft die informatie op de ruimtevaarder en welke rol speelde de informatieprofessional? Vragen die we André gesteld hebben en waar hij tijdens ons jubileumcongres met als titel: Informatie die ertoe doet! antwoord op gaf. André Kuipers: “In de Sonius heb je naast alle digitale systemen nog de analoge mechanische knoppen zitten voor als de boel uit valt. – ik ben benieuwd of dat in bibliotheken ook zo is. Als daar de computers uitvallen, heb je dan nog steeds boeken?” Inventory management system voor het beheer van alle fysieke objecten die in het ruimtestation liggen. Is een papieren back-up altijd wel nodig in de ruimte? aldus Kuipers over informatiemanagement in space. Kuipers had een virtuele bibliotheek aan boord van het ruimteschip en er werd van alles aangevoerd via een satelliet. Tekeningen van de kinderen, nieuwe apparatuur en reparatie spullen. Alles werd geordend, gelabeld en kreeg zijn vaste plek. Je weet namelijk nooit wie van je toekomstige collega’s, misschien wel over 15 jaar, dat specifieke werktuig nodig heeft. Vooral bij spoedreparaties is het van levensbelang dat iedereen blindelings de weg kent.

Opmerkelijke details over zijn aanwezigheid daar. “Ik sliep in een kast, want het is wel zo knus om je eigen plekje te hebben.” De eelt op de bovenkant van zijn voeten, verkregen door het vastzetten achter diverse beugels om de dagelijkse klussen te klaren, de werkdagen van 9 tot 6 en op zaterdag de wc poetsen. Dat het nooit verveelt om 8 keer per dag de zonsondergang te zien ergens boven moeder aarde en even zoveel keer komt de zon weer op. Na deze ervaring, landde hij “als een zak aardappelen” weer terug op de aarde. Na een week went het weer en laat je niet alles meer uit je handen vallen. Het glas melk dat je leegdrinkt en dan onnadenkend loslaat en kapot valt op de vloer. Mooi is dat. André Kuipers is natuurlijk een topspreker, passend bij het feestelijke tintje in het programma van ons jubileumcongres. Totaal opgaand in zijn verhaal nam hij ons mee de ruimte in. Meer dan een uur, terwijl er slecht 30 minuten gepland waren, enthousiast en meeslepend vertellend over zijn ervaringen. Geen van de deelnemers nam het hem kwalijk en hing ademloos aan zijn lippen.Woorden schieten tekort om zijn immense ervaring en hetgeen hij ons heeft laten zien te beschrijven. Het zijn de beelden, op het laatst ondersteund door ruimtelijke muziek, Walking on Air. Niet te hard, want het blijft de hele dag in je hoofd hangen.

Intel-oprichter Gordon Moore steunt speurtocht naar donkere energie

Credit: BOSS/SDSS/NOAO

De Amerikaanse Gordon and Betty Moore Foundation – opgericht door Gordon Moore [1]Ook bekend van de beroemde Wet van Moore, die stelt dat het aantal transistors in een geïntegreerde schakeling door de technologische vooruitgang elke 2 jaar verdubbelt. (1929) en z’n vrouw Betty – heeft besloten om een bedrag van $ 2,1 miljoen te doneren aan het Berkeley Center for Cosmological Physics (BCCP) voor het BigBOSS project. Dat project is bedoeld om met een uitbreiding van de 4 meter Mayall Telescoop van het Kitt Peak Observarium in de VS in totaal 24 miljoen sterrenstelsels en 2 miljoen quasars aan de noordelijke sterrenhemel in kaart te brengen. Door exact de locatie en afstand van die sterrenstelsels en quasars te bepalen wil BigBOSS de zogenaamde “baryon acoustic oscillations” (BAO) meten, overblijfselen van geluidsgolven die in de eerste momenten na de oerknal voorkwamen en die in golven met een piek van 500 miljoen lichtjaar voortbewogen, resulterend in een piek met dezelfde afmetingen in zowel de kosmische microgolf-achtergrondstraling (Engelse afkorting: CMB) als de clustering van materie in sterrenstelsels, clusters van sterrenstelsels en superclusters van clusters van sterrenstelsels. Door bestudering van die BAO’s wil men meer te weten komen over donkere energie, het mysterieuze spul dat 73% van alle massa-energie van het heelal vormt en dat door z’n afstotende werking zorgt voor een versnelde uitdijing van het heelal, een fenomeen dat in 1998 werd ontdekt – onder andere door Brian Schmidt. BAO’s worden momenteel al onderzocht met BOSS (Baryon Oscillation Spectroscopic Survey), de voorloper van BigBOSS. BOSS is een onderdeel van de derde Sloan Digital Sky Survey (SDSS) en augustus dit jaar werden de resultaten daarvan bekendgemaakt. Met BOSS wil men uiteindelijk 1,5 miljoen sterrenstelsels in kaart brengen, maar dat aantal valt in het niet bij het aantal dat BigBOSS wil bereiken. Altijd baas boven baas eh… boss boven boss. Hieronder een voorstelling van hoe die uitbreiding van de Mayall telescoop er uit moet gaan zien. Als het spul er op zit wil men per opname in één keer 5000 afzonderlijke sterrenstelsels in beeld brengen en wordt van ieder van die stelsels middels een spectrogram de afstand bepaald.

Credit: Lawrence Berkeley National Laboratory. Background photo Mark Duggan.

Bron: LBL.

References[+]

References
1 Ook bekend van de beroemde Wet van Moore, die stelt dat het aantal transistors in een geïntegreerde schakeling door de technologische vooruitgang elke 2 jaar verdubbelt.

Zouden we ooit terug kunnen reizen in de tijd?

Credit: Ben Gilliland/Cosmonline

Het blijft toch een fascinerende gedachte, dat we ooit wellicht in staat zijn om terug te reizen in de tijd. Sinds Albert Einstein in z’n Speciale Relativiteitstheorie (1905) aantoonde dat tijd niet de statisch en monotoom voortgaande grootheid is zoals het voor zijn tijd werd beschouwd is discussiëren over reizen door de tijd een favoriete bezigheid van wetenschappers, sciencefictionschrijvers, regisseurs en lezers van Astroblogs en NUjij.nl. Specifiek over de vraag of je ook terug kan reizen in de tijd heeft Ben Gilliland van Cosmonline een tweetal schitterende infografieken gemaakt, waarin getoond wordt of het haalbaar en dus realistisch is of niet. Kijken!

Credit: Ben Gilliland/Cosmonline

OK, nou nog een wormgat zien te vinden. 🙂 Bron: Cosmonline.