Ene Olaf Frohn heeft een prachtige interactieve infografiek gemaakt van alle missies die door het zonnestelsel zijn gereisd of dat nog steeds doen. Ik krijg de infografiek helaas niet ‘embedded’ op de Astroblogs, maar als je op de afbeelding hierboven klikt kom je er vanzelf terecht. Klap ‘m helemaal uit tot schermgrootte en scroll rechts op en neer, want je ziet niet alles in één keer in beeld. Alles is ‘klikbaar’ en levert megahoeveelheden informatie over verschillende missies op. Prachtig gemaakt. Bron: Planetary Society.
Maandelijks archief: mei 2013
Mei-gallerij: onbegrijpelijk
Het is Star Wars dag! Hoe lang zou het duren om de Death Star te bouwen?
May the Fourth be with you – Credit: Death Star: Lucasfilm Ltd. © & TM. All Rights Reserved. ATV: ESA.
Jawel, het is vandaag Star Wars-dag! Een leuk moment om eens na te gaan denken over het bouwen van de Death Star – hoe lang zal dat duren? Stel dat we bij het bouwen van de Death Star alleen gebruik maken van de Automated Transfer Vehicles (ATV’s) van de Europese ruimtevaartorganisatie ESA. In dat geval zouden we LANG moeten wachten totdat de Death Star voltooit is.
Stel dat we als mensheid zouden besluiten om in tien jaar tijd de Death Star te voltooien. Dan zouden vier ATV’s PER SECONDE gelanceerd moeten worden om de klus te klaren. Als we één ATV per maand zouden lanceren, zou het vijf miljard jaar (!) duren. Tegen de tijd dat we eindelijk klaar zijn om de Rebel Aliance te verslaan, is de zon al overleden. Bron: SPACE.com.
Spectaculaire zonne-uitbarsting waargenomen
Gisteren (3 mei) heeft er een spectaculaire uitbarsting plaatsgevonden op de zon. De Amerikaanse zonnetelescoop Solar Dynamics Observatory heeft een reeks prachtige plaatjes geschoten van de gebeurtenis. Het is de tweede grote zonnestorm in drie dagen tijd, maar was gelukkig niet op aarde gericht. Bij de uitbarsting is een grote hoeveelheid superheet plasma “gelanceerd” tot hoogtes van 200.000 km boven het oppervlak van de zon. De krachtigste zonne-uitbarsting van 2013 vond plaats op 11 april en werd geregistreerd als een klasse M6.5 zonnestrom. Da’s nog altijd een middelmatige kracht als het om zonnestormen gaat. De krachtigste zonnestormen zijn van de X-klasse. Als zo’n zonnevlam op de aarde gericht staat, kan dat gevaar vormen voor satellieten en astronauten. Ook kunnen communicatie- en gps-signalen dan uitvallen.
“Oogverblindende” kosmische explosie waargenomen
Astronomen hebben een “schokkend heldere” gammaflits waargenomen. Bij de gammaflits (GRB 130427A) is gammastraling (een vorm van licht) waargenomen met een energie van minstens 94 miljard elektronvolt – dat is 35 miljard keer meer energie dan zichtbaar licht. Een absoluut record. Daarnaast hield de gammaflits zeer lang aan: niet alleen twee ruimtetelescopen (Swift en Fermi), maar zelfs een aantal grondtelescopen hebben de gammaflits kunnen waarnemen. De flits duurde in totaal bijna een halve dag – ook dat is een record.
Bij de gammaflits is niet alleen gammastraling waargenomen: overige observatoria hebben de uitbarsting ook in optisch licht, infrarood en radiogolflengten kunnen waarnemen. Aan de hand van deze gegevens hebben astronomen de afstand tot de gammaflits op 3,6 miljard lichtjaar bepaald, wat voor dit soort gebeurtenissen relatief dichtbij is.
Gammaflitsen zijn de helderste uitbarstingen in het universum. Astronomen vermoeden dat ze veroorzaakt worden door extreem zware sterren, die aan het einde van hun leven instorten tot een zwart gat. Naarmate de kern van de ster instort, wordt de rest van de ster weggeblazen in de vorm van een supernova. Vanuit het zwarte gat schieten twee straalstromen de ruimte in – als zo’n straalstroom precies op de aarde gericht staat, dan zien we een gammaflits.
Bij gammaflitsen van deze helderheid wordt een week later meestal een supernova waargenomen op de positie van de uitbarsting. Een netwerk van observatoria houden de positie van GRB 130427A nauwlettend in de gaten, om te zien of daadwerkelijk een supernova zal worden waargenomen.
Bron: NASA
Nieuwe NASA-rover verkent Groenlandse ijskap
NASA’s Marsrovers Curiosity en Opportunity hebben er een nieuw neefje bij: Grover. Maar in tegenstelling tot de Marswagens, test de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie zijn nieuwste wetenschappelijke onderzoeksvaartuig in het hoogste deel van Groenland.De nieuwe ‘Groverrover’ – kort voor zowel Greenland Rover als Goddard Remotely Operated Vehicle for Exploration and Research – ziet eruit als een rover die normaal gesproken het landschap van Mars onderzoekt. Maar deze rover moet de koude en moeilijk bereikbare landschappen van Groenland en andere ijzige gebieden onderzoeken. Hierdoor krijgt NASA een beter beeld van de veranderingen in de Arctische ijskap.In 2012 werd bekend dat de bovenste ijslaag van Groenland voor 97 procent aan het smelten was. Dat kwam voor het laatst in 1889 voor. Grover moet de laag van de ijskap detecteren die in de nasleep van die extreme smelt is gevormd. De rover weegt ongeveer 350 kilogram, is bijna twee meter hoog en wordt aangedreven door zonne-energie. Doordat de rover op zonne-energie werkt, zal het kwetsbare Arctische landschap niet vervuild raken. Grover heeft een radar waarmee hij de bodem kan bekijken.’De rover heeft een groot vermogen’, vertelt Gabriel Trisca, een van de ontwikkelaars van de software van de rover aan NASA. ‘De rover kan overal ter wereld geplaatst worden, en wij kunnen hem overal in de wereld besturen.’ ‘Grover is net als een ruimteschip, alleen werkt hij op de grond’, zegt oud-NASA-medewerker Michael Comberiate. ‘De rover is in staat maanden zonder toezicht in een ‘vijandige’ omgeving te kunnen werken, met slechts een paar commando’s.
Ruimtetelescoop aan de dood ontsnapt
Het gebeurt niet vaak dat een ruimtetelescoop bijna in botsing komt met een andere satelliet. Toch was dat bijna gebeurd: de Fermi Gamma-ray Space Telescope (een ruimtetelescoop dat kosmische gammastraling waarneemt) heeft op een haar na een Russische spionagesatelliet ontweken. De gebeurtenissen dateren van maart/april vorig jaar, maar zijn nu pas vrijgegeven door NASA. Een verslag van wat bijna de duurste ruimtebotsing in de geschiedenis is geweest.
Julie McEnery is het hoofd van het wetenschapsteam dat verbonden is aan de Fermi-telescoop. Zoals iedere ochtend checkte zij op 29 maart 2012 haar email. Tot haar verrassing trof ze een automatisch gegenereerde email aan, die afkomstig was van NASA’s Robotic Conjunction Assessment Risk Analysis (CARA) – een geautomatiseerd systeem dat waarschuwingen afgeeft bij mogelijke ruimte-botsingen. De inhoud van deze mail was een nog grotere verrassing….van het meest onaangename soort.
McEnery ontdekte namelijk dat haar geliefde Fermi-telescoop een week later akelig dicht in de buurt zou komen van een oude Sovjet-spionagesatelliet, namelijk de Cosmos 1805. Beide satellieten vlogen met een snelheid van duizenden kilometers per uur op elkaar af, en zouden elkaar op slechts een paar honderd meter afstand passeren.
Nu lijkt dat een meevaller: net mis, is ook mis, toch? Helaas hebben technici en satelliet-deskundigen kwaadschiks geleerd dat het niet altijd zo werkt. We schrijven 10 februari 2009, toen een geautomatiseerde waarschuwing van CARA aangaf dat de Cosmos 2251 (een dode Russische communicatiesatelliet) en een functionerende Iridium-satelliet elkaar zouden passeren op slechts een kilometer afstand. Niets aan de hand, zou je zeggen….maar op het tijdstip van de voorspelde passage, werd het contact met de Iridium-33 verbroken. Op de radar was een puinwolk te zien op de plaats waar kort daarvoor nog een satelliet had gestaan. Beide satellieten bleken frontaal op elkaar te zijn gebotst.
Je snapt nu waarom Julie McEnery er niet gerust op was. Zij wist dat de voorspelde positie van satellieten kan afwijken van de werkelijke positie. Zo’n afwijking is nooit groot, hoogstens een paar honderd meter, maar groot genoeg om een gevaar te vormen voor de peperdure, hightech Fermi-ruimtetelescoop. Peentjes zweten en schietgebedjes dus voor de leden van het Fermi-team.
Fermi en de Cosmos 1805 kwamen met een relatieve onderlinge snelheid van 42.000 km/u op elkaar af. Bij een frontale botsing zou evenveel energie vrijkomen als bij 2500 kilogram springstof, waardoor beide satellieten volledig vernietigd zouden worden. De volgende dag, op 30 maart, bleek het helemaal alarmfase rood te zijn: nieuwe berekeningen hadden uitgewezen dat beide satellieten slechts 30 milliseconde na elkaar op dezelfde plek zouden staan. Het was dus noodzakelijk om Fermi een stap opzij te laten zetten, en wel heel snel.
Sommige lezers zullen zich trouwens afvragen waarom het lastig is om de exacte positie van een satelliet te bepalen. Dat komt doordat het vergelijkbaar is met het voorspellen van regen: een week van tevoren hebben weersvoorspellingen een grote onzekerheid, en deze wordt steeds kleiner naarmate de datum in kwestie dichterbij komt. Hetzelfde geldt voor satellieten: op ieder willekeurig moment is hun huidige (exacte) positie bekend, maar een week van tevoren dus niet.
Goed, Fermi moest dus aan de kant. Maar hoe doe je dat? Vriendelijk vragen zal alvast weinig nut hebben. Gelukkig is Fermi uitgerust met een stel stuwraketten, die eigenlijk bedoeld zijn om de ruimtetelescoop aan het einde van zijn levensduur te laten opbranden in de atmosfeer. Helaas zijn deze stuwraketten nooit getest (althans niet in combinatie met Fermi) – hetgeen logisch is, want stel dat het misgaat, dan zou de Fermi-ruimtetelescoop voltooid verleden tijd zijn. Bovendien zou Fermi in een baan kunnen komen die het einde zou betekenen voor z’n wetenschappelijke missie. Dan zou de telescoop weliswaar gered zijn, maar verder geen nuttige dingen meer kunnen doen. De betrokken wetenschappers en ingenieurs hadden echter weinig keus.
Het was tijd voor de volgende stap: het uitrekenen van het precieze moment waarop de stuwraketten de telescoop een “duw” moesten geven, om te zorgen dat de missie van Fermi gered zou zijn én om te voorkomen dat de ruimtetelescoop op het pad van een ánder object zou komen. In de dagen erna werd de Cosmos 1805 nauwlettend in de gaten gehouden, evenals de overige 17.000 objecten (groter dan een centimeter) die in omloop zijn rond de aarde. Saillant detail: van die 17.000 objecten bestaat slechts 7 procent uit actieve satellieten (!).Op dinsdag 3 april werd duidelijk dat de onzekerheid nog altijd te groot was. De Fermi-telescoop werd gereedgemaakt om z’n stuwraketten af te vuren. Iets na het middaguur (lokale tijd bij Mission Command) werden de wetenschappelijke instrumenten van Fermi uitgeschakeld, werden de zonnepanelen ingeklapt (om te voorkomen dat ze geraakt zouden worden door de raketvlammen) en stroomde de hoogst brandbare substantie door de leidingen van het peperdure sterrenkundespeeltje.Het moment was daar: gedurende een seconde werden alle stuwraketten afgevuurd. Het systeem werkte: Fermi vloog niet in de fik en kreeg een broodnodige duw in de rug. De betrokken wetenschappers en ingenieurs leefden vol spanning toe naar het “moment supráªme” en toen alles achter de rug was, was de opluchting tastbaar. Maar was het ook voldoende? Zou de Cosmos 1805 werkelijk op veilige afstand voorbij vliegen? Niet lang daarna bleek dat inderdaad het geval te zijn: beide satellieten zouden elkaar op meerdere kilometers passeren. Later die middag werd de wetenschappelijke missie van Fermi hervat.Dit alles had wel een voordeel voor Julie McEnery: “ik ben die week 10 kilo afgevallen”. Waarvan akte. Bron: NASA.
Mei-gallerij: uitgesmeerde luchten
Waarom ons zonnestelsel een buitenbeentje is
Het lijkt erop dat ons zonnestelsel een buitenbeetje is, althans in vergelijking met de meeste andere planetenstelsels die we ontdekt hebben. Wetenschappers schatten dat ons melkwegstelsels minstens evenveel planeten als sterren bevat – en waarschijnlijk nog veel meer. Van ongeveer 900 exoplaneten is het bestaan bevestigd, terwijl nog vele duizenden kandidaten op bevestiging zitten te wachten.
Al deze exoplaneten behoren voor het merendeel tot categorie
Met nieuwe app kun je helderheid van sterrenhemel bepalen
Onderzoekers van het Duitse “Loss of the Night” project hebben een Android-app ontwikkelt waarmee de helderheid van de sterrenhemel bepaald kan worden. De gegevens worden door wetenschappers gebruikt om lichtvervuiling op wereldwijde schaal te bestuderen.
“In natuurgebieden kun je duizenden sterren met het blote oog zien”, aldus het hoofd van het onderzoeksproject. “In Berlijn zijn enkele honderden sterren zichtbaar, maar in de meeste steden is het veel erger”. Dat klopt ook, want in downtown Manhattan moet je blij zijn als je er tien kunt zien.
De app vraagt gebruikers welke individuele sterren zichtbaar zijn. Door te bepalen wat de zwakste ster is die nog zichtbaar is, kan berekend worden hoeveel sterren in totaal zichtbaar zijn. Zo kan de app bepalen hoe helder de nachthemel is. Het probleem van lichtvervuiling kan zo in kaart worden gebracht. Dat is belangrijk, omdat een teveel aan kunstmatig licht een negatieve invloed heeft op ecosystemen en zelfs op de biologische klok van de mens. Om over het humeur van astrofotografen maar te zwijgen 😀
Bron: Physorg
