Stuwraketten 36 jaar oude ISEE-3 sonde met succes aangezet

De positie van de A en B stuwraketten. Credit: NASA

Afgelopen week zijn met succes de twee stuwraketten A en B van de 36 jaar oude International Sun-Earth Explorer 3 (ISEE-3) sonde aangezet. De sonde was al in 1997 door de NASA uitgezet, omdat z’n wetenschappelijke missie er op zat, maar door de inzet van een groepje enthousiaste vrijwilligers van het ISEE-3 Reboot Project werd eind mei het contact met de sonde weer hersteld. Het geld dat ze nodig hadden om dit allemaal te kunnen realiseren werd opgehaald via een Crowdfunding actie – ruim $ 150.000,- opleverend. ISEE-3 draaide 19,16 keer per minuut om z’n as, maar door het aanzetten van de twee kleine op hydrazine draaiende stuwraketten werd dat opgevoerd naar 19,76 rondjes per minuut – de oorspronkelijke rotatiesnelheid. Komende weken gaat men kijken wat de staat is van de 13 wetenschappelijke instrumenten aan boord van de sonde. Op 6 augustus a.s. is de ISEE-3 erg dichtbij, want dan scheert ‘ie op slechts 50 km boven het oppervlak van de maan. Als het allemaal lukt willen ze de sonde terug sturen naar Lagrangepunt L1, waar ‘ie de eerste jaren van z’n bestaan bivakkeerde en daar vandaan willen ze ‘m naar een nieuw te bestuderen komeet sturen. Deze week slaagden ook de radioamateurs van de 25 meter radiotelescoop van Dwingeloo in om het signaal op te vangen van de sonde. Hieronder een tweet van Mike Loucks over de huidige positie van ISEE-3:

Bron: ISEE-3 Reboot Project.

Leeftijd van sterren kan bepaald worden aan de hand van trillingen

In de sterrenhoop ‘Christmas Tree Cluster’ (achtergrond) is de vorming van sterren nog gaande. Eens een ster optisch zichtbaar wordt, is ze ‘geboren’ (rechts onderaan). Tijdens haar verdere evolutie krimpt de ster en wordt ze heter, tot de temperatuur in de kern hoog genoeg oploopt om kernfusie mogelijk te maken. Daarmee eindigt de kindertijd van de ster en wordt ze volwassen (links). Tussen haar geboorte en het moment dat een ster waterstof begint te verbranden, veranderen de eigenschappen van de trillingen: de minst ontwikkelde sterren trillen trager, de oudere sterren trillen sneller. | © Pieter Degroote (KU Leuven) / achtergrondbeeld © ESO

Uit de studie van de akoestische trillingen van een honderdtal sterren die jonger zijn dan 10 miljoen jaar en één tot vijfmaal de massa van onze zon hebben, heeft Konstanze Zwintz van het Leuvense Instituut voor Sterrenkunde voor het eerst aangetoond dat jonge sterren andere trillingspatronen vertonen dat ietwat oudere sterren. Dat meldt de KU Leuven in een persbericht.Sterren worden dikwijls in groep geboren als een deel van hun moleculaire wolk – gas en stof – samentrekt om vervolgens te krimpen door de zwaartekracht. Ze worden volwassen sterren die een hele tijd stabiel blijven na een kernfusie. De leeftijd van jonge sterren was tot voor kort moeilijk te bepalen. De moleculaire wolk waaruit de sterrenhoop ontstaan is, geeft enkel een ruwe indicatie want er bevinden zich zowel jonge als oudere sterren. Theoretici hadden voor jonge sterren al andere trillingspatronen voorspeld dan voor oudere sterren en dat wordt nu bevestigd door het onderzoek van Zwintz. Uit haar studie blijkt dat de sterren kunnen onderverdeeld worden in verschillende levensfases. “De allerjongste sterren vertonen tragere trillingen, de sterren die dichter bij volwassenheid staan, trillen sneller”, aldus Zwintz, die voor dit onderzoek gegevens verzamelde van sterren uit de sterrenhoop Christmas Tree Clusters afkomstig van de MOST- en CoRot-satelliet. Bron: Belga (Belgische ANP).

“Potentieel bewoonbare” planeten Gliese 581 blijken helemaal niet te bestaan

Impressie van het systeem van Gliese 581. Credit: Zina Deretsky, National Science Foundation.

De zwakke rode dwergster Gliese 581 werd lange tijd beschouwd als een belangrijk doelwit voor de zoektocht naar leven. Rondom de ster draaien namelijk twee planeten in de zogenaamde leefbare zone, namelijk Gliese 581 d en Gliese 581 g. Maar helaas pindakaas: het “signaal” dat is opgepikt van de planeten, blijkt afkomstig te zijn vanuit de ster zelf. Conclusie: planeten d en g bij Gliese 581…..bestaan helemaal niet!

Dat betekent dat er ‘slechts’ drie hete planeten rond Gliese 581 draaien. De planeten in het stelsel zijn ontdekt doordat ze met hun zwaartekracht de moederster doen “wiebelen” (de zogenaamde “wobble” methode). Als gevolg hiervan wordt het licht van de ster periodiek verschoven (dopplerverschuiving).

Maar wat blijkt nou? Het dopplersignaal van drie van de zes planeten van Gliese 581 kan toegeschreven worden aan magnetische activiteit van de moederster. De drie buitenste planeten bestaan dus helemaal niet en Gliese 581 kan geschrapt worden van de lijst van “potentieel bewoonde stersystemen”.

Bron: Penn State University

Galactisch vuurwerk maakt sterrenstelsel impotent

Bovenstaande foto toont een zeer fotogenieke opname van het spiraalstelsel Messier 106. Het lijkt alsof vuurwerk is afgestoken in dit stelsel, die zich bevindt op een afstand van 26 miljoen lichtjaar. Het gaat hierbij niet om papier, poeder en vuur – in plaats daarvan zijn zwarte gaten, schokgolven en gaswolken erbij betrokken.

M106 staat bekend om een merkwaardige eigenschap: naast de “gewone” spiraalarmen, zijn er twee extra armen die oplichten in r

Ontdekking vergroot de kans op leefbare planeten

Astronomen hebben een soort van aardeachtige planeet gevonden in een omloopbaan rondom een dubbelster op een afstand van 3000 lichtjaar. Dat betekent dat potentieel leefbare planeten ook bij dubbelsterren kunnen ontstaan. Goed nieuws, want de meeste sterren maken deel uit van een meervoudig systeem.

Staar je trouwens niet blind op het begrip “aards” – ze bedoelen hiermee een rotsachtige planeet, ongeveer zo groot als het onze. De moedersterren zijn te lichtzwak om leven op de planeet mogelijk te maken – de temperatuur bedraagt zo’n 200 graden onder nul.

De planeet is ontdekt via de microlensmethode. Hierbij zorgt de zwaartekracht van de planeet ervoor dat het licht van een achterliggende ster een beetje wordt versterkt. Dit effect kun je niet zien, maar wel meten. Zo heeft men bewijs gevonden voor een planeet van twee aardemassa’s op ongeveer 1 AU van de moederster.

Uit computermodellen, naar aanleiding van de gegevens, heeft men vervolgens het bestaan afgeleid van een tweede ster in hetzelfde stelsel, op ongeveer dezelfde afstand tot de primaire ster als de afstand tussen Saturnus en de zon. Die tweede ster is

Ook nu kan er vloeibaar water voorkomen op Mars

Stroomgeulen op Mars. Credit: NASA/JPL/UNIVERSITY OF ARIZONA

Ondanks de extreem lage temperatuur en luchtdruk op Mars kan er ook nu vloeibaar water voorkomen aan het oppervlak, zij het in kleine hoeveelheden en gedurende korte perioden. Die conclusie trekken onderzoekers van de Universiteit van Michigan op basis van proeven in een Mars-simulatiekamer.

In een laboratoriumopstelling waarin de omstandigheden op Mars zorgvuldig worden nagebootst, zijn experimenten uitgevoerd met calciumperchloraat – een zout waarvan bekend is dat het ook aan het Marsoppervlak voorkomt. Wanneer dit zout in contact komt met ijs, ontstaan er spontaan kleine vloeibare waterdruppeltjes.

Vermoedelijk zijn de merkwaardige ‘druppeltjes’ die enkele jaren geleden gefotografeerd zijn op de poten van de Marslander Phoenix ook op die manier ontstaan. De onderzoekers denken dat ook kleine geulen aan de binnenwanden van Marskraters ontstaan kunnen zijn doordat oppervlakteijs smolt onder invloed van verschillende perchloraten.

Bron: Astronomie.nl