Raar maar waar: een professionele telescoopspiegel met zes kogelgaten erin

credit: McDonald Observatory

Je gelooft het misschien niet, maar de professionele 107″ (272 cm) spiegel van het McDonald Observatorium in Austin (Texas, VS) telt maar liefst zes kogelgaten! En ondanks die gaten wordt de telescoop met deze spiegel erin nog steeds gebruikt voor professionele doeleinden. Je ziet de spiegel hierboven, met rechts duidelijk zichtbaar de kogelgaten die er sinds 5 februari 1970 in zitten, ruim 45 jaar geleden al weer. Die dag was een kort daarvoor bij het observatorium in dienst getreden medewerker door het lint gegaan, toen hij toch niet helemaal tevreden was over z’n werk. Hij had een 9mm revolver bij zich en daarmee schoot hij eerst op z’n baas en daarna zeven maal recht op de hoofdspiegel van het observatorium. De man dacht dat de spiegel in duizend stukjes zou versplinteren, maar dat gebeurde niet. Vervolgens pakte hij een hamer om daarmee de spiegel te bewerken, maar ook dat zorgde niet voor het voor hem gewenste effect. Daarna werd de man door de overige personeelsleden overmeesterd en aan de inmiddels gearriveerde politie overgedragen. De baas van de dolgedraaide medewerker had gelukkig geen noemenswaardige verwondingen, maar de spiegel was wel zes kogelgaten rijker, ieder 3 tot 5 cm in straal. Je zou denken dat het einde verhaal voor de spiegel was, rijp voor de astronomische schroothoop, maar dat was het allerminst.

credit: McDonald Observatory

De directeur van het McDonald Observatorium reageerde kalm als volgt: andere spiegeltelescopen kunnen ook gaten hebben, zoals de Cassegrain reflectors, die in het midden een groot gat hebben dat naar het brandpunt leidt. De zes kogelgaten vormen samen slechts 1% van de oppervlakte van de spiegel, dus het verlies om licht op te vangen is maar 1% plus een klein beetje diffractie. Vandaar dat men niet meer deed dan de gaten opvullen en zwart maken, zodat storende reflecties door de gaten tot een minimum werden beperkt. En met deze gehavende spiegel bleef men sindsdien waarnemingen verrichten, onder andere aan quasars. De dader van dit alles belandde uiteindelijk in een inrichting voor geestelijk gestoorden.Ik kwam dit verhaal tegen op astro-anekdotes, een prachtige site vol met raar-maar-waar-verhalen die gaan over sterrenkunde. Toen ik bovenstaand verhaal las – hier het volledige rapport over het incident – moest ik direct terugdenken aan de Astrovacaná§e vorige week op Grand Champ in de Zuid-Franse Provená§e. Ans Viervant en ik hebben daar ‘s nachts veel waargenomen met de 25 cm Dobson. Toen we een keer overdag naar de spiegel keken schrokken we behoorlijk, want de spiegel leek wel een maanlandschap vol putten, rillen en vlekken – hieronder een foto die ik ervan maakte.

We hadden daar ook te maken met een flinke aanval van pollen, die een gele waas over de apparatuur opleverden, plus woestijnstof dat vanuit Noord-Afrika over de Middellandse Zee was overgewaaid (zou mij niets verbazen als IS hier achter zit). Maar ondanks die pokdalige scheerspiegel in de Dobson konden we bevestigen wat Harlan J. Smith ook al riep: de lichtopbrengst van de spiegel wordt maar een klein beetje minder, dus je kunt er nog prima mee waarnemen. En dat hebben we inderdaad gedaan! Maar je weet ook dat we altijd voor 100% willen gaan, dus een spiegel met een nieuwe veraluminiseerde laag staat hoog op ons wensenlijstje. 😀 Bron: Astropixie.

Deze blog brengt mij gelijk op een idee: hebben jullie ook leuke astro-anekdotes? Laat het mij dan weten! Mail mij, reageer via een commentaar op deze blog of plaats het zelf in de Astrocorner. Bedankt alvast!

Messier 91, een Superbe “S”-spiraal

Messier 91, een fraaie balkspiraal in Coma berenices

Er bestaat in onzer schonen Nederlandsche taal het spreekwoord “Jantje huilt, Jantje lacht”….enne……ik

er schonen Nederlandsche taal het spreekwoord “Jantje huilt, Jantje lacht”….enne……ik  moet bekennen dat dat spreekwoord de astronomische lading,  als het gaat om het “praktische buitengebeuren”,  behoorlijk lijkt te dekken de laatste paar weekjes. Want zo hopeloos gierig als “Moedertje Meteo” was tot zeg maar vorige week, zo uitzinnig royaal lijkt  Zij nu opeens uit te willen pakken. Op dit moment lijken de kraakheldere nachten bijkans niet aan te slepen…..enne….dat geeft dan weer aanleiding tot een wel heel maf probleempje en wel in de vorm van “Astro-meteorologische schuldgevoelens”. Ziet U, dat heerlijke “buitengebeuren” heeft namelijk één specifiek nadeeltje en wel in de vorm van langzaam maar zeker insluipende complete fysieke uitputting als je bijvoorbeeld vijf nachten achtereen tot in het holst van de nacht op pad gaat naar de sterren, omdat je je hoegenaamd schuldig zou kunnen gaan voelen als je eens “een keertje overslaat”, daar een normaal nachtje pitten “ook zo z’n voordelen” schijnt te hebben ten opzichte van al die “hazenslaap-nachtjes”.

Zie hier best wel een groot “probleem”, het is in deze streken namelijk over het algemeen niet “royaal gezaaid” als het gaat om heldere nachten en als het dan eens een keer helder is dan is het vaak een aanééngesloten reeks van heldere nachten, waarbij je je dus eigenlijk haast “verplicht” zou gaan voelen om toch maar ELKE nacht te gaan….want ja…”het kan zo weer voorbij zijn” en dan is het weer gewoon ouderwets “astronomisch wachten en chagerijnig tandhakken onder Meteo-moeder’s paraplu”!!!

Afijn…..het ging heel lekker in Zuid Frankrijk…maarre…ook 1200 kilometer noorderlijker in “les pays bas” mag er op dit moment bepaaldelijk niet geklaagd worden als het gaat om het genieten van het “astronomische buitengebeuren”. Afgelopen vrijdag ben ik, ge-inspireerd door dat verdraaid kekke foto’tje van M46 met die twee schattige planetaire neveltjes geschoten door waarde collega paul, ook maar weer eens op pad geweest naar de sterren.

OK…..M46 bleek bij aankomst op de waarneemplek een beetje te hoog….nou ja…in dit specifieke geval….te laag gegrepen. De open sterrenhoop M46 is te vinden in het sterrenbeeld Puppis en dat sterrenbeeld komt op “Hollandse breedten” niet echt hoog boven de horizon, gelegen een beetje links van Sirius, de hoofdster van de Grote Hond. Aangezien de Grote Hond vanuit deze streken in April bij het donker worden al dicht boven de westelijke horizon te vinden is, was dit object dus uitgesloten….en dus..over naar “plan B” en wel in de vorm van Messier 91, een allerschattigst “s-vormig balkspiraal melkwegstelsel” flink wat hoger aan de hemel te vinden in het sterrenbeeld Coma Berenices, ook leuk!!

Planetenstelsel HR8799 is wellicht een opgeschaalde versie van het zonnestelsel

Credit: A.-L. Maire / LBTO

Astronomen zijn meer te weten gekomen over de architectuur van HR8799, een “opgeschaalde” versie van ons zonnestelsel. De waarnemingen zijn gedaan in het kader van de LEECH-survey, waarbij gekeken wordt naar jonge exoplaneten die gloeien met een golflengte van 3,8 micrometers, de zogenaamde infrarode L-band. Deze survey wordt verricht vanuit de Large Binocular Telescope in Arizona.

Het planetenstelsel HR8799 staat op een afstand van 130 lichtjaar en bestaat uit een jonge ster van slechts 30 miljoen jaar oud en minstens vier planeten, die opmerkelijk genoeg allemaal direct zijn gefotografeerd. In het kader van LEECH heeft men het planetenstelsel bestudeerd, in de hoop meer te weten te komen over de baanparameters en onderlinge resonanties tussen de vier planeten, die overigens allemaal Jupiterachtige gasreuzen zijn.

Uit het onderzoek is gebleken dat de buitenste drie van de vier planeten inderdaad onderlinge baanresonanties vertonen, waarbij iedere planeet twee keer langer over een omloop doet dan z’n buurman dichterbij de moederster. Verder is het bestaan van aanvullende gasreuzen, op kortere afstand tot de moederster, vrijwel uitgesloten. Het is wel goed mogelijk dat zich op deze locatie kleinere, rotsachtige planeten bevinden.In dat geval zou de architectuur van HR8799 inderdaad veel weghebben van dat van het zonnestelsel: vier gasreuzen op grote afstand tot de moederster, en meerdere rotsplaneten op kortere afstand. Het grote verschil zit ‘m in de schaal van het geheel: in het HR8799-stelsel zijn de afstanden tussen de planeten en de moederster én tussen de planeten onderling veel groter dan bij ons. Bron: Large Binocular Telescope Observatory.

‘Nabije’ superholte verklaart mysterieuze koude plek in achtergrondstraling

Kaart van de kosmische achtergrondstraling, waargenomen door de ruimtetelescoop Planck. De linker inzet toont de superholte die nu is gevonden. Credit: ESA Planck Collaboration

Sterrenkundigen hebben een verklaring gevonden voor de mysterieuze ‘koude plek’ die in 2004 werd ontdekt in de kosmische achtergrondstraling – het afgekoelde overblijfsel van de energierijke straling waarmee het heelal kort na de oerknal was gevuld. De achtergrondstraling, die gedetailleerd in kaart is gebracht door de Europese ruimtetelescoop Planck, bevat kleine gebiedjes met een net iets hogere of net iets lagere temperatuur dan gemiddeld. Die temperatuurvariaties worden veroorzaakt door kleine dichtheidsvariaties in het hete gas waarmee het heelal een paar honderdduizend jaar na de oerknal was gevuld. Uit die dichtheidsvariaties ontstond later de groteschaalstructuur van het heelal, met sterrenstelsels die gegroepeerd zijn in clusters en superclusters.

In de richting van het sterrenbeeld Eridanus werd echter een groot gebied ontdekt met een lagere temperatuur dan gemiddeld, en het bestaan van zo’n grote ‘cold spot’ bleek moeilijk te verklaren. Waarnemingen met de PanSTARRS-1 telescoop op Hawaii en de Amerikaanse WISE-satelliet hebben nu het bestaan aan het licht gebracht van een gigantische superholte in de verdeling van sterrenstelsels, met een middellijn van ca. 1,8 miljard lichtjaar, en op een afstand van ‘slechts’ zo’n 3 miljard lichtjaar.

Fotonen van de kosmische achtergrondstraling die deze superholte binnendringen, verliezen een klein beetje energie. Die zouden ze normaalgesproken weer terugwinnen wanneer ze de holte na verloop van tijd weer verlaten, maar in de tussentijd is het heelal uitgedijd, waardoor de fotonen uiteindelijk met een lagere energie verder reizen dan waarmee ze van start gingen. De grote koude plek in de achtergrondstraling kan volgens de onderzoekers goed verklaard worden door dit ISW-effect (Integrated Sachs-Wolfe effect, genoemd naar de ontdekkers).

Bron: Astronomie.nl