Steun het project: ‘Sterren schitteren voor iedereen’

sterren schitteren voor iedereen

.

Alle kinderen uit het bijzonder (speciaal) onderwijs en kwetsbare kinderen moeten de kans krijgen de sterrenhemel te bewonderen met behulp van een telescoop. Dat is het uitgangspunt van de Werkgroep Kijkerbouw van de Volkssterrenwacht Armand Pien, naar een idee van Jean-Pierre Grootaerd en Harrie Rutten. Scholen voor bijzonder (speciaal) onderwijs en instellingen voor kinderen met een beperking kunnen via sponsoring een prachtige telescoop aankopen voor een symbolisch bedrag.

Het gaat om een refractor 80/900 zoals te zien is op de foto (onderaan). De telescoop wordt geleverd met een eenvoudige zelfbouwmontering. Elke ge

Zijn de maantjes van Mars toch geen planetoïden?

Phobos. Credits: NASA/JPL-Caltech/University of Arizona

Mars, de Rode Planeet, heeft twee piepkleine en onregelmatig gevormde maantjes: Phobos en Deimos. In de Space Age werd duidelijk dat beide maantjes donker van kleur zijn, vol met kraters zitten en een beetje een aardappelvorm hebben. Daarnaast hebben ze een nogal lage dichtheid en zijn Phobos en Deimos dus niet helemaal massief. Deze eigenschappen duiden erop dat beide objecten vermoedelijk door Mars zijn ingevangen vanuit de planetoïdengordel. Toch is dit niet de enige mogelijke verklaring – beide maantjes zouden eventueel op dezelfde wijze kunnen zijn ontstaan als onze maan, zo blijkt uit computersimulaties. Als een object zo groot als de dwergplaneet Ceres zou zijn ingeslagen op Mars, zou hierbij veel materiaal weggeworpen worden. Dit materiaal zou dan een compacte ring rondom Mars gevormd hebben, waaruit vervolgens Phobos en Deimos zijn samengeklonterd.Probleem is alleen dat volgens alle simulaties de massa van de ring veel groter moet zijn geweest dan die van Phobos en Deimos bij elkaar. Er zou dus nog een derde, veel grotere, maan moeten zijn ontstaan. Waar is die gebleven? Nou, die is mogelijk ingeslagen op Mars. Kijk, als een maantje trager ronddraait dan de rotatieperiode van de moederplaneet, dan zal de maan langzaam naar buiten bewegen en langzaam aan de planeet ontsnappen. Onze maan en Deimos zijn goede voorbeelden. Als een maantje echter sneller ronddraait dan de planeet, zal deze juist naar binnen bewegen en uiteindelijk inslaan. Phobos gedraagt zich op deze manier en wellicht dus ook het ‘verloren’ derde maantje (die een geprojecteerde diameter van een paar honderd kilometer gehad zou hebben). Toch zijn de meeste astronomen niet overtuigd: volgens hen is een herkomst in de planetoïdengordel veel waarschijnlijker. Om uitsluitsel te verkrijgen zullen eigenlijk een lander naar Phobos en/of Deimos moeten sturen, om te kijken naar het watergehalte. Zijn de maantjes “droog”, dan is dat bewijs voor het inslagscenario. Blijken ze echter veel ijs te bevatten, dan is dat juist bewijs voor het planetoïdescenario. Helaas is momenteel niet zo’n missie gepland. Bron: American Association for the Advancement of Science.

Radboud Radio Lab ontvangt investering van 1,3 miljoen euro

De eigen radiotelescoop van de Radboud Universiteit. Credit: Radboud Universiteit

De Radboud Universiteit investeert 1,3 miljoen euro in de oprichting van het nieuwe ‘Radboud Radio Lab’, een expertisecentrum rond een sterke troef van de Nijmeegse astronomen: radio-interferometrie. Met deze inmiddels veelgebruikte techniek kunnen bronnen van radiostraling – zoals zwarte gaten in de ruimte of kunstmatige radiozenders op aarde – heel precies in beeld gebracht en gelokaliseerd worden.De Nijmeegse astronomen hebben een leidende rol in verschillende internationale projecten op het gebied van radiometingen. Met het nieuwe lab kunnen ze deze positie uitbouwen en ook de samenwerking tussen kennisinstellingen en bedrijven versterken.Met radio-interferometrie kan er één beeld gemaakt worden van de gelijktijdige waarnemingen van radiotelescopen over de hele wereld. Dit speelt een belangrijke rol in grote projecten zoals BlackHoleCam en de Event Horizon Telescope, die als doel hebben om voor het eerst een afbeelding van het zwarte gat in het centrum van ons melkwegstelsel te maken. De ondersteuning van BlackHoleCam is dan ook het eerste concrete doel van het Radboud Radio Lab.Sterrenkundige Marc Klein Wolt wordt algemeen directeur van het Radboud Radio Lab: ‘We willen met onze expertise technische ondersteuning bieden aan sterrenkundigen over de hele wereld op het gebied van interferometrie, en we gaan bijbehorende software en hardware zoals elektronica ontwikkelen. Daarnaast willen we binnen internationale samenwerkingen met instituten en bedrijven een belangrijke rol spelen in het ontwerp, de productie en het testen van astronomische instrumentatie voor gebruik op aarde of zelfs in de ruimte.‘Ook in internationale projecten als LOFAR en de Square Kilometre Array komt gespecialiseerde kennis over interferometrie goed van pas. ‘Hier zou een nauwe samenwerking met nationale kennisinstellingen zoals ASTRON en SRON en het bedrijfsleven heel belangrijk voor ons zijn‘, benadrukt Klein-Wolt.Professor Heino Falcke, gespecialiseerd in radio-astronomie, is de wetenschappelijk directeur van het nieuwe Radboud Radio Lab. ‘Ik wil het lab klein, creatief en flexibel houden, om in grote wetenschappelijke projecten effectief een belangrijk rol te kunnen spelen en om nieuwe ideeën te ontwikkelen. Zo kunnen we de internationale concurrentiewedstrijd beter aan. De laatste jaren hebben we gespecialiseerde kennis, ideeën en visies over radio-interferometrie opgebouwd in Nijmegen. Nu kunnen we die hier vasthouden en concentreren. Zo kunnen we vanuit ons lab ook langdurig de juiste partijen uit wetenschap en industrie aan elkaar koppelen en nieuwe samenwerkingen stimuleren, om zo fundamentele wetenschap en maatschappij verder te helpen.‘ Bron: Radboud Universiteit.

De angstaanjagende schoonheid van Medusa

VLT-opname van de Medusanevel. Credit:
ESO

Astronomen hebben, met behulp van ESO’s Very Large Telescope in Chili, de meest gedetailleerde opname ooit gemaakt van de Medusanevel. Toen de ster in het hart van deze nevel aan zijn pensioen begon, blies hij zijn buitenlagen de ruimte in. Daarbij is deze kleurrijke nevel ontstaan. De foto geeft een indruk van het uiteindelijke lot van de zon, die ook in een object van dit type zal veranderen.

Deze prachtige planetaire nevel is genoemd naar een wezen uit de Griekse mythologie: de Gorgo Medusa. Hij is ook bekend als Sharpless 2-274 en staat in het sterrenbeeld Gemini (Tweelingen). De Medusanevel strekt zich over ongeveer vier lichtjaar uit en is ongeveer 1500 lichtjaar van ons verwijderd. Ondanks zijn grote omvang is hij extreem zwak en moeilijk waarneembaar.

Deze kaart toont het bekende dierenriem-sterrenbeeld Gemini (Tweelingen). Alle sterren die tijdens donkere avonden gemakkelijk te zien zijn met het blote oog zijn ingetekend. Ook de positie van de Medusanevel is aangegeven, maar deze omvangrijke en prachtige planetaire nevel is helaas te zwak om met kleine telescopen waarneembaar te zijn. Credit: ESO, IAU and Sky & Telescope.

Medusa was een angstaanjagend schepsel met slangen in plaats van haren. Bij deze nevel bestaan deze slangen uit filamenten van gloeiend gas. De rode gloed van waterstof en de zwakkere groene emissie van zuurstofgas strekken zich tot ver voorbij de randen van deze foto uit, en vormen een sikkelvormige nevel aan de hemel. De uitstoot van massa van sterren in dit evolutiestadium fluctueert vaak sterk, waardoor er fascinerende structuren binnen de planetaire nevel kunnen ontstaan.

Tienduizenden jaren lang is de ster in het centrum van een planetaire nevel omgeven door zo’n spectaculair kleurrijke gaswolk [1]Anders dan je zou verwachten is de heldere ster in het midden van de foto niet de centrale ster van de Medusanevel – dat is een voorgrondster die TYC 776-1339-1 wordt genoemd. De centrale ster … Continue reading. In de loop van nog eens enkele duizenden jaren verspreidt het gas zich langzaam over zijn omgeving. Dit is de laatste fase in de gedaanteverandering van sterren zoals onze zon vóórdat ze hun actieve leven als witte dwergen afsluiten. In het leven van een ster is een planetaire nevel net zo’n vluchtig verschijnsel als een zeepbel in het leven van een kind.

Deze overzichtsfoto toont de hemel rond de grote, maar zwakke planetaire nevel die bekendstaat als de Medusanevel. Behalve deze nevel zijn ook tal van zwakke sterren en verre sterrenstelsels te zien. De foto is opgebouwd uit opnamen die deel uitmaken van de Digitized Sky Survey 2. Credit:ESO/Digitized Sky Survey 2

De intense ultraviolette straling van de zeer hete ster in het hart van de nevel zorgt ervoor dat atomen van het naar buiten bewegende gas hun elektronen kwijtraken, waardoor het gas geïoniseerd raakt. De karakteristieke kleuren van dit gloeiende gas kunnen worden gebruikt om objecten als deze op te sporen. Met name de groene gloed van tweevoudig geïoniseerde zuurstof ([O III]) is een hulpmiddel bij de jacht op planetaire nevels. Door de juiste filters te gebruiken, kunnen astronomen de straling van dit gloeiende gas afzonderen, waardoor de zwakke nevel duidelijker afsteekt tegen een donkere achtergrond.

Toen de groene [O III]-emissie van planetaire nevels voor het eerst werd waargenomen, dachten astronomen dat ze een nieuwe element hadden ontdekt, dat zij nebulium noemden. Later realiseerden zij zich dat het simpelweg een zeldzame golflengte van de straling [2]Dit type straling is zeldzaam, omdat het wordt geproduceerd door een ‘verboden overgang’ – een overgang van het ene energieniveau naar het andere die in strijd is met de … Continue reading van een geïoniseerde vorm van het bekende element zuurstof was.

De nevel wordt ook wel Abell 21 (of formeel PN A66 21) genoemd, naar de Amerikaanse astronoom George O. Abell, die dit object in 1955 ontdekte. Astronomen hebben er nog een tijdje over gediscussieerd of deze wolk het restant van eensupernova-explosie kon zijn. In de jaren ’70 slaagden onderzoekers er echter in om de beweging en andere eigenschappen van de materie in de wolk te meten, en werd deze als planetaire nevel erkend [3]De uitdijingssnelheid van de wolk bleek ongeveer 50 kilometer per seconde te zijn – veel kleiner dan de snelheden die kenmerkend zijn voor een supernova-restant..

Bij de totstandkoming van deze foto is gebruik gemaakt van gegevens van de FOcal Reducer and low dispersion Spectrograph (FORS) van de VLT, die zijn verkregen in het kader van het ESO Cosmic Gems-programma [4]Het ESO Cosmic Gems-programma is een initiatief waarbij interessante, intrigerende of visueel aantrekkelijke objecten voor educatieve of publicitaire doeleinden met ESO-telescopen worden … Continue reading. Bron: ESO.

References[+]

References
1 Anders dan je zou verwachten is de heldere ster in het midden van de foto niet de centrale ster van de Medusanevel – dat is een voorgrondster die TYC 776-1339-1 wordt genoemd. De centrale ster is een zwakkere, blauwachtige ster die niet precies in het midden van de sikkelvorm staat, in het rechterdeel van de foto.
2 Dit type straling is zeldzaam, omdat het wordt geproduceerd door een ‘verboden overgang’ – een overgang van het ene energieniveau naar het andere die in strijd is met de kwantumselectieregels, maar die met zeer kleine waarschijnlijkheid toch kan optreden. De aanduiding [O III] geeft aan dat de straling bestaat uit verboden (de rechte haken) emissie van tweevoudig geïoniseerde (het III-gedeelte van de naam) zuurstof (O).
3 De uitdijingssnelheid van de wolk bleek ongeveer 50 kilometer per seconde te zijn – veel kleiner dan de snelheden die kenmerkend zijn voor een supernova-restant.
4 Het ESO Cosmic Gems-programma is een initiatief waarbij interessante, intrigerende of visueel aantrekkelijke objecten voor educatieve of publicitaire doeleinden met ESO-telescopen worden gefotografeerd. Het programma maakt gebruik van ’telescooptijd’ die niet geschikt is voor wetenschappelijke waarnemingen. Alle verzamelde gegevens, die ook bruikbaar kunnen zijn voor wetenschappelijke doeleinden, staan via ESO’s wetenschappelijk archief ter beschikking van astronomen.

Hoe SpaceX begon

Afgelopen week las ik een zeer interessant artikel over de ontstaansgeschiedenis van SpaceX en hoe topman Elon Musk zijn plan om muizen naar Mars te sturen uiteindelijk omzette tot een succesvol bedrijf dat een van de hofleveranciers van het ISS genoemd mag worden.

Graag zou ik het artikel integraal hier op de Astroblogs plaatsen, maar ik ben bang dat ik dan heel wat copyright-wetten aan mijn laars lap. Ik zal daarom deze korte samenvatting eindigen met een link naar het (Engelstalige) artikel zodat een ieder er ook van kan meegenieten.

Het artikel beschrijft hoe Elon in 2001 naar Rusland trok om goedkoop aan een raket te komen die hem in staat zou stellen om een plant of een paar muizen naar Mars te sturen. Het beschrijft op een enigszins humoristische manier hoe de Russen hem maar een raar mannetje vonden. Zijn Amerikaanse reismetgezellen vonden dat niet minder trouwens… Mede door deze Russische afwijzing is Elon dan maar zelf een raket gaan bouwen.

Elon had een flink kapitaal opgebouwd met de internetbedrijven PayPal en Zip2. Hij was echter van plan om bijna heel zijn kapitaal op te branden in zijn ruimte-ambities. Dit baarde de experts grote zorgen. Want hoewel het een flink kapitaal was, zou Elon met zijn 20 a 30 miljoen dollar misschien net een lancering kunnen uitvoeren. Elon had echter andere plannen en begon zijn eigen bedrijf SpaceX. Door zelf zijn motoren, raketten en capsules te bouwen en zelfs zo ver te gaan als het zelf bouwen van moederborden, sensoren, vluchtcomputers en zonnepanelen kon SpaceX de kosten enorm verlagen. En ondertussen financierde hij ook nog eens de startup Tesla, bekend van de elektrische auto’s…

Genoeg geïntroduceerd… lees het volledige artikel hier.

Waarom is een zonsondergang op Mars anders dan op aarde?

Dit is een GIF-afbeelding, dus afhankelijk van je browser moet je misschien even klikken voor de animatie. Credit: NASA/JPL-Caltech

De Marsrover Curiosity heeft een prachtige opname gemaakt van een zonsondergang op Mars. De opname bestaat uit vier foto’s die op 15 april j.l. zijn gemaakt door de Amerikaanse Marsverkenner, aan het einde van z’n 956ste dag op de Rode Planeet. Het geheel doet denken aan een aardse zonsondergang, maar toch zijn er een aantal belangrijke verschillen.

Een dag op Mars duurt 24 uur en 39 minuten – de dagelijkse cyclus van zonsopkomst en zonsondergang volgt dus bijna hetzelfde ritme als op aarde. Toch is het kleurenpalet tijdens de schemering heel anders dan bij ons. Dat komt ondermeer doordat de maximale helderheid van de zon op Mars vergelijkbaar is met een zeer bewolkte dag op aarde. Dat is het gevolg van het feit dat de gemiddelde afstand tussen Mars en de zon de helft meer is dan de afstand tussen de aarde en de zon. Bij een grotere afstand heb je simpelweg minder zonlicht. Dat is trouwens niet het enige: de zonneschijf op Mars meet slechts 0,35 hemelgraden, tegenover 0,5 graden op aarde. Hier op aarde bedekt je pink op een armlengte afstand ongeveer twee zonnen, maar dat zouden er op Mars dus drie zijn 🙂

Credit: NASA/JPL-Caltech

Goed, maar hoe zit het dan met kleuren? Stof en overige kleine deeltjes in de aardatmosfeer verstrooien het blauwe en groene licht van een ondergaande (of opkomende) zon, zodat het geel, oranje of rood zal kleuren. Zodra deze tinten gereflecteerd worden door wolken, worden de kleuren versterkt en verspreid – dit zijn de momenten waarop fotografen hun camera pakken, om de lucht in al zijn glorie vast te leggen.

Op Mars liggen de zaken anders. Het altijd aanwezige stof in de Martiaanse dampkring absorbeert het blauwe licht en verstrooit juist de warmere kleuren. Dat betekent dat het grootste deel van de Marshemel z’n karakteristieke rode kleur zal verkrijgen. Tegelijkertijd zullen stofdeeltjes in de richting van de zon het blauwe licht naar voren verstrooien, om zo een koele, blauwe kring te maken rondom de ondergaande zon. Dat betekent dat de hemel op Mars alleen blauw zal kleuren als de zon dicht bij de horizon staat, waardoor het zonlicht gedwongen wordt om de grootst mogelijke afstand door de Martiaanse dampkring af te leggen.

Op aarde wordt het blauwe licht van de zon verstrooit door luchtmoleculen, zodat onze hemel blauw kleurt. De dampkring van de Rode Planeet heeft slechts 1 procent de dikte van de de aardatmosfeer, dus er is simpelweg minder lucht om het blauwe licht van de zon te verstrooien. Vandaar dat de hemel op Mars alleen blauw kleurt tijdens zonsopkomst en zonsondergang, als het zonlicht de grootste afstand door de dampkring moet afleggen, en dus meer luchtdeeltjes tegenkomt om blauw licht te verstrooien.

Bron: Universe Today.

Aardse oceanen zijn meerdere keren aan de kook gebracht door inslagen

Credit: Johan Swanepoel/Shutterstock

Ongeveer 3,3 miljard jaar geleden veranderde onze blauwe planeet in een onvoorstelbare hel, toen een reeks enorme inslagen de aarde geteisterd hebben. Hierbij zijn de oceanen (gevuld met leven) voor een deel verdampt, terwijl onze dampkring geroosterd werd. De bekendste van deze superinslagen werd veroorzaakt door een asteroïde van maar liefst 58 kilometer in doorsnede, die na z’n botsing met de aarde onze planeet maar liefst een half uur liet natrillen. Nu heeft de geoloog Don Lowe bewijs gevonden voor nog twee enorme inslagen in dezelfde periode. Bij ieder van deze inslagen zijn de oceanen gaan koken, waardoor de zeespiegel wereldwijd maar liefst 100 meter daalde. Deze cataclysmische gebeurtenissen moeten een enorme impact gehad hebben op de vroege evolutie van het leven. Steeds als het leven probeerde te evolueren tot complexere organismen, werd door zo’n megasmakker de evolutieklok meteen weer terug gezet. De nieuwe bevindingen zijn afkomst van een studie van een geologische rotsformatie in Zuid-Afrika, de zogenaamde Barberton greenstone belt. Binnen deze gordel zijn 8 afzonderlijke lagen gevonden die wijzen op grote inslagen, die allemaal tussen de 3,5 miljard en 3,2 miljard jaar geleden hebben plaatsgevonden.De twee lagen waar dit artikel over gaat zijn gevuld met kleine siliciumdruppels, die volgens de geologen afkomstig moeten zijn van regens van gesmolten rotsen – als gevolg van asteroïden die de aarde verschroeiden. Berekeningen hebben uitgewezen dat de oceanen zo’n honderd jaar aan de kook zijn geweest. Het is een wonder dat iets het überhaupt overleefd heeft, maar ach: microben lijken altijd wel een manier te vinden. Bron: Gizmodo

Doem Alert 2! Op 28 mei a.s. zou een planetaire uitlijning voor een aardbeving zorgen

nog maar drie dagen geleden? Een planetoïde zou op 24 september 2015 inslaan op aarde en voor hel en verdoemenis zorgen. We zijn nog niet bekomen van de schrik of tot ons komt het verhaal dat ene Frank Hoogerbeets uit Nederland van Ditrianum.nl beweert dat er op 28 mei a.s. een planetaire uitlijning (Engels: ‘planetary alignment’) is en dat er als gevolg daarvan een zware aardbeving zal plaatsvinden.

De planeten op 28 mei 2015 om 23.00 uur UTC (via https://www.fourmilab.ch/solar/).

Er staat sinds 29 april j.l. een 24 minuten durende video op YouTube (zie hieronder), waarin Hoogerbeets in gaat op die komende uitlijning, met name van de twee binnenplaneten Mercurius en Venus, welke zal leiden tot een aardbeving in Californië met een kracht van – schrik niet – 9,8 op de schaal van Richter. Tijd voor de bewoners aldaar om de koffers te pakken en snel naar Europa te migreren? Nee hoor, zelfde verhaal als bij Doem Alert 1 over de planetoïde van 24 september a.s.: het klopt van geen kanten, het is op géén enkel geldig argument gebaseerd! Kijk eerst naar de video, lees daarna waarom het niet klopt.

In de video komt Hoogerbeets met diverse vormen van uitlijningen, waarbij de ene keer enkele planeten op één lijn staan, maar de aarde daar weer buiten ligt, de andere keer dat uitlijningen haaks op elkaar staan. In beide gevallen zijn ze niet eens uitgelijnd met de aarde! Door hun gezamenlijke gravitationele interactie zouden de planeten op 28 mei a.s. – een ‘earth key date’ volgens Hoogerbeets – zo´n enorme kracht uitoefenen op de breuklijn van de Noordamerikaanse en Pacifische platen dat er een enorm krachtige aardbeving van 9,8 op de schaal van Richter in Californië zou volgen. Kan dit? NEE, dit kan absoluut niet! De gravitationele interactie van de planeten is te zwak om zo’n aardbeving te veroorzaken. Er is hoogstens een zwakke correlatie gevonden tussen een bepaald soort lichte aardbevingen en de maan. Maar dat is logisch: door z’n nabijheid is de invloed van de maan 50 keer sterker dan van alle planeten bij elkaar, dus een planetaire uitlijning – welke dan ook! – kan nooit een krachtige aardbeving veroorzaken.Hier komt nog bij dat Hoogerbeets een rijm van de beroemde voorspeller Nostradamus ten tonele voert, dat de planetaire uitlijning van 28 mei zou beschrijven:

`The trembling so hard in the month of may, Saturn, Capricorn, Jupiter, Mercury in Taurus: Venus also, Cancer, Mars, in Virgo, Hail will fall larger than an egg.`

Als we dan vervolgens kijken waar de planeten zich bevinden klopt er niet veel van deze rijm: Saturnus staat die dag in Weegschaal (Libra), Jupiter staat in Kreeft (Cancer), Mercurius in Stier (Taurus) – ah, da´s wel juist! – Venus staat in Tweelingen (Gemini) en Mars tenslotte staat in Stier (Taurus), dus slechts één van de vijf planeten is goed. Geen idee waarom deze kwatrijn gebruikt wordt, maar hij strookt niet echt met de werkelijke situatie op 28 mei a.s. aan de hemel.Kortom, mijn advies is om 28 mei 2015 gewoon te gaan doen wat je altijd zou doen, zelfs als je bewoner van Californië bent, en je niet van de wijs te laten brengen door het bericht. Bron: Bad Astronomy.