16 januari 2021

Zwak sissen geeft informatie over vroege fase van ster die explodeerde als SN 1987A

Supernova SN 1987A in de Grote Magelhaense Wolk. Credit: CAASTRO / Mats Björklund (Magipics).

Op 24 februari 1987 verscheen er een nieuwe ster aan de zuidelijke hemel, aan de rand van de Tarantulanevel in de Grote Magelhaense Wolk, een naburige begeleider van de Melkweg. Het was een supernova, enkele maanden zichtbaar met het blote oog (maximale schijnbare helderheid +2,9m), en met een afstand van 168.000 lichtjaar was het de meest nabije supernova sinds 1604. De ster die toen tot supernova explodeerde werd op Hubble foto’s herkend als een blauwe superreus, Sanduleak -69° 202 heette de ‘progenitor’, de ster die explodeerde, en die voordat ‘ie boem zei van schijnbare helderheid +12,2m was. De fase dat zo’n ster een blauwe superreus is duurt maar kort, voor die tijd moet ‘ie volgens theoretische modellen een rode superreus zijn geweest, waarvan je hieronder een impressie ziet.

Impressie van de voorloper van SN 1987A als rode superreus. Credit: CAASTRO / Mats Björklund (Magipics).

Sterrenkundigen zijn er nu in geslaagd om met de Murchison Widefield Array, een serie van kleine radioschotels in West-Australië, zeer laagfrequente radiostraling op te vangen van sterk afgekoeld gas, dat door de progenitor de ruimte in was geblazen toen ‘ie nog een rode superreus was. Die straling is als een soort zwak sissen vanuit de ruimte opgevangen met de MWA, vanuit de richting van de Grote Magelhaense Wolk. Uit de waarnemingen kan men afleiden dat de sterrenwind van de rode superreus zwakker was en dat ‘ie minder massa verloor dan de sterrenkundigen aannamen. Hieronder een video over de waarneming aan het zwakke radiogesis van de voorganger van SN 1987A.

Bron: Royal Astronomical Society.

Speak Your Mind

*

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.