24 februari 2021

Fossiele microben bevatten bewijs voor nabije supernova

Credit: kaalimies / fotolia.

Natuurkundigen van de Technische Universiteit van München hebben bewijs gevonden voor een supernova die zo’n twee miljoen jaar geleden in de buurt van de aarde moet zijn ‘afgegaan’. Als sterren van meer dan tien zonnemassa’s hun brandstof verbruikt hebben, zullen ze onder hun eigen gewicht ineenstorten en sterven in de vorm van een core-collapse supernova. Hierbij wordt een gigantische hoeveelheid materiaal de ruimte in geslingerd. Als een supernova in de buurt van het zonnestelsel heeft plaatsgevonden, dan zou dit zichtbaar moeten zijn in de vorm specifieke radio-isotopen, die door de supernova zijn uitgestoten. Hierbij is vooral IJzer-60 van belang, aangezien dit isotoop door geen enkel natuurlijk proces op aarde geproduceerd kan worden. Dat betekent dat de detectie van IJzer-60 op aarde bewijs moet zijn voor een nabije supernova.Een overschot aan IJzer-60 is eerder al aangetroffen in twee miljoen jaar oude boormonsters die afkomstig zijn uit de Grote Oceaan en is recent ook aangetroffen in maanmonsters die door de Apollo-astronauten zijn meegenomen. Het is in beide gevallen lastig om de exacte leeftijd van het IJzer-60 te achterhalen. Nu hebben onderzoekers bewijs gevonden voor een supernova door microfossielen te bestuderen – de gefossiliseerde restanten van microben. Fossielen bevinden zich meestal in sedimentaire lagen die relatief gemakkelijk te dateren zijn. Hieruit is gebleken dat de aarde 2,7 miljoen jaar geleden voor het eerst in contact moet zijn gekomen met de restanten van een supernova. Zo’n 1,7 miljoen jaar geleden kwam het signaal plotseling ten einde. Dat betekent dat de aarde bijna een miljoen jaar lang moet zijn blootgesteld aan de restanten van een supernova. Berekeningen hebben uitgewezen dat de afstand tot die supernova zo’n 300 lichtjaar moet hebben bedragen. De ster die ontploft is, heeft vermoedelijk deel uitgemaakt van de Scorpius-Centaurus OB-associatie. Een dergelijke associatie bestaat uit enkele honderden sterren die ongeveer even oud zijn en ongeveer in dezelfde richting bewegen. De levensduur van zo’n sterrengroep bedraagt slechts een paar miljoen jaar, omdat hete O- en B-sterren heel snel door hun brandstof heen zijn en vervolgens ontploffen. Modellen hebben uitgewezen dat in de laatste 15 miljoen jaar zo’n 20 sterren uit de Scorpius-Centaurus OB-associatie als supernova aan hun einde zijn gekomen. Deze reeks explosies heeft een soort holte uitgekerfd in onze spiraalarm van de Melkweg, met relatief weinig materie, waarin het zonnestelsel zich momenteel bevindt: de zogenaamde Lokale Bel. Bron: Technische Universitá¤t München.

Speak Your Mind

*

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.