De lage landen vanuit het ISS te zien als zee van licht

Credit: ESA

De Franse ESA-astronaut Thomas Pesquet maakte vanuit het internationale ruimtestation ISS deze indrukwekkende foto van een in het licht badend Nederland en België.

‘De nachtelijke passages zijn magisch, een schitterend tapijt van licht zo mooi als men zich kan inbeelden! De lage landen zijn heel gemakkelijk te zien door de verlichte snelwegen.’ Zo tweette Thomas Pesquet vanuit het ISS. Hij werd op 17 november 2016 aan boord van het Russische ruimteschip Sojoez MS-03 naar het ISS gelanceerd en keert in mei 2017 naar de aarde terug.

Op bijgaande opname is Nederland helemaal links te zien. Een deel van Groot-Brittannië, inclusief Londen, is ook goed te zien (linksonder) en België is herkenbaar als de grote gele vlek rechts van Nederland. Rechts onder de Belgische lichtvlek zien we de stad van licht: de Franse hoofdstad Parijs.

Voor meer informatie over Thomas Pesquet, zijn missie en meer indrukwekkende opnamen vanuit het ISS, klik dan hier.

Bron: ESA

SpaceX wil in 2018 twee toeristen rond de maan vliegen

Credit: SpaceX

Gisteren heeft SpaceX’ baas Elon Musk bekend gemaakt dat zijn bedrijf volgend jaar twee toeristen rond de maan wil laten vliegen. Volgens Musk hebben twee mensen SpaceX benaderd voor een vlucht, waarvoor ze een onbekend bedrag betalen. Een aanbetaling zou al binnen zijn – ‘a significant deposit’, zoals SpaceX het in een verklaring noemt.

Het duo, dat elkaar kent, zal een week lang onderweg zijn. Wie de twee zijn wilde Musk niet zeggen. Hij wilde alleen kwijt dat het “niemand uit Hollywood” is. “Ze zijn zeker niet naïef en we zullen er alles aan doen om de risico’s te beperken, maar er blijft een risico.” Ze weten waar ze aan beginnen, voegde Musk eraan toe. De komende tijd worden ze onderworpen aan fitheids- en gezondheidstests. Hun ruimtetraining begint eind dit jaar, waarbij NASA’s Commercial Crew Program betrokken is. Voor de vlucht zal gebruik worden gemaakt van de Falcon Heavy rocket, de opvolger van de huidige Falcon 9 raket. De twee ‘astronauten’ zullen in de Dragon 2 capsule (zie afbeelding bovenaan) plaatsnemen, de opvolger van de huidige Dragon capsule, die alleen voor lading bestemd voor het ISS gebruikt wordt. De Dragon 2 zal straks ook astronauten naar het ISS gaan brengen. Hieronder een infografiek over die capsule.

Credit: SpaceX/Karl Tate/Space.com

Source SPACE.com: All about our solar system, outer space and exploration.

Bron: NOS + SpaceX.

Puik idee: exoplaneten in detail waarnemen met een telescoop met de zon als lens [Update]

Credit: Claudio Maccone

[Update 27 februari 12.00 uur, exact een jaar na publicatie van deze blog – toevallig?] Deze week verscheen er een uitgebreide studie van een groep wetenschappers ten behoeve van de zogeheten NASA Innovative Advanced Concepts (NIAC) Phase I. In dit final report wordt uitgebreid ingegaan op een missie naar het brandpuntsafstand van de zon, op een afstand van 547 keer de afstand aarde-zon. De groep denkt dat het mogelijk moet zijn zo’n missie op te zetten en uit te voeren en vanuit dat punt van de solar gravitational lens (SGL) exoplaneten te bestuderen met details van slechts enkele kilometers!

Impressie van een exoplaneet gezien vanaf de SGL. Credit: Slava G. Turyshev et al / NASA.

Our results indicate that a mission to the SGL with an objective of direct imaging and spectroscopy of a distant exoplanet is challenging, but possible“, Slava G. Turyshev et al. Hieronder nog een interessante video, waarin wordt ingegaan op het waarnemen van exoplaneten met behulp van de zwaartekrachtslens van de zon.

Probleem met exoplaneten is dat ze zo verschrikkelijk ver weg staan. Proxima (Centauri) b is de meest nabije exoplaneet en die staat op 4,2 lichtjaar afstand, da’s 3,97342193 × 10^13 kilometers – dus bijna 40 biljoen km. Om details op zo’n planeet waar te kunnen nemen zou je denken dat de enige mogelijkheid is om er heen te reizen, iets wat met de hedendaagse ruimtevaarttechnieken al gauw bijna 100.000 jaar duurt. Maar er is nog een andere mogelijkheid: je zou gebruik kunnen maken van een nog niet toegepaste techniek, namelijk om een telescoop te bouwen, die de zon als lens gebruikt! Zoals we bij zwaartekrachtslenzen zien kunnen objecten met massa de hun omringende ruimte krommen en dat zorgt er vervolgens voor dat licht van erachter liggende objecten afbuigt. Voorbeelden daarvan zijn er genoeg, zoals de lenzen rondom de cluster van sterrenstelsels Abell 1689. Niet alleen sterrenstelsels en clusters van sterrenstelsels werken als zwaartekrachtslens, ook onze eigen zon werkt als zo’n lens. In 1919 nam Arthur Eddington al waar dat de zon de ruimte in haar nabijheid kromt, hetgeen Eddington tijdens een zonsverduistering door sterren in de buurt van de zon kon zien en waarmee hij de Relativiteitstheorie van Einstein kon bewijzen.

Credit: NASA/JPL.

Het was Einstein zelf die al in 1936 berekende dat de zon als een zwaartekrachtslens kan werken en dat diens brandpuntsafstand gelegen is begint op een afstand van 542 Astronomische Eenheden, 542 keer de afstand aarde-zon (149 miljoen km), dat is 0,0085 lichtjaar van ons vandaan. Als je dáár op die afstand van de zon, 18 keer verder weg dan Neptunus van de zon staat, een ruimtevaartuig zou hebben, en die zou naar de zon kijken precies op het moment dat daar recht achter een exoplaneet zoals Proxima b staat, dan zou die planeet in detail te zien zijn. Een 1 meter telescoop op die plek, zou foto’s kunnen maken van planeten tot een afstand van 30 parsec, bijna 100 lichtjaar, en details op het oppervlak van de planeet tot 10 km (!) of zelfs beter zouden dan mogelijk zijn! De ESA heeft al eens een plan geopperd om zo’n telescoop de ruimte in te sturen, de zogeheten FOCAL missie (zie afbeelding bovenaan). Die zou op een afstand van minstens 550 AE van de zon komen te opereren, waarbij ‘ie volgens berekeningen van de Italiaanse astronoom Claudio Maccone (die ik zelf vorig jaar in Drenthe tijdens een SETI bijeenkomst heb ontmoet) bij een golflengte van 203 GHz versterking van het signaal kan waarnemen van maar liefst 1,3 x 10^15, hetgeen die details op de planeet zichtbaar moet maken. Bron: Deze tweet.

De Opticadag der Lage Landen komt er aan

Op zaterdag 18 maart 2017 wordt ‘ie gehouden en wel in de Volkssterrenwacht Armand Pien in Gent: de Opticadag der Lage Landen. Het begint om 10.00 uur en dit is het programma van die dag:

  • 10:00 – 10:30  Ido Oosterveld en Hans Dekker: restauratie van eerste in Nederland gebouwde SCT waarbij vacuümtechniek werd gebruikt voor het maken van de correctorplaat. We schrijven 1976.
  • 10:30 – 11:15  Jorg Versluys: professionele optische ontwerpen voor amateur spiegelbouwers
  • 11:15 – 12:15  Guy Wauters – Hans Dekker en Rik ter Horst: paneldiscussie over spiegeltesten met interferometer en andere. Hoe doen de sprekers het en wat is in de praktijk merkbaar. Korte presentaties met uitleg en onderlinge discussie.
  • 12:15 – 13:30 MIDDAGPAUZE  mogelijkheid bezichtiging oude telescoop van 1880.
  • 13:30 – 14:15  Marc Trypsteen; Spectrograph Optics:Hoe werkt het en hoe wordt dit getest
  • 14:15 – 15:45  Steven Bloemen : BlackGEM project: op jacht naar zwaartekrachtsgolven.
    Gastspreker is Steven Bloemen van de Radboud Universiteit die een lezing houdt over ‘BlackGEM: op jacht naar zwaartekrachtsgolven’. Steven Bloemen is projectleider van BlackGEM, Harrie Rutten en Rik ter Horst staan in voor het optisch design. Het prototype van de BlackGEM Array telescopen, MeerLICHT, is bijna afgewerkt en wordt in april in Zuid-Afrika geïnstalleerd. De BlackGEM Array gaat vanaf 2018 met drie telescopen meehelpen in de jacht op zwaartekrachtsgolven: rimpels in de ruimtetijd, veroorzaakt door de samensmeltingen van zwarte gaten en neutronensterren. BlackGEM gaat in samenwerking met geavanceerde zwaartekrachtsgolf-detectoren de locaties van zulke samensmeltingen precies bepalen. BlackGEM is een initiatief van professoren Paul Groot en Gijs Nelemans van de Radboud Universiteit.
  • 15:45 – 16:00 KORTE PAUZE
  • 16:00 – 16:30  Kees Moddemeijer , optisch ontwerper universiteit Leiden. Ontwerp van een 11 cm Kutter met drie spiegels. Derde spiegel is een correctiespiegel ipv een correctielens. De complete telescoop werd met de specificaties van de heer Moddemeijer door Kijkerbouw gemaakt.
  • 16:30 – 17:00 Rik ter Horst en Geert Kwast: 40cm F3 met meniscus spiegels (mmv Kijkerbouw Gent) en een H. Rutten corrector.
  • 17:00 – 17:30 Ralph Snel: over het vinden van de oorzaak van reflecties en strooilicht in je opnames

Bron en meer info: Volkssterrenwacht Armand Pien.

We feliciteren supernova SN 1987A met z’n 168.030e verjaardag

De restanten van SN 1987A in het midden van de foto, omgeven door delen van de Tarantulanevel. Copyright: NASA, ESA, and R. Kirshner (Harvard-Smithsonian Center for Astrophysics and Gordon and Betty Moore Foundation) and P. Challis (Harvard-Smithsonian Center for Astrophysics)

Op 23 februari 1987, vorige week donderdag precies dertig jaar geleden, namen we op aarde de explosie waar van SN 1987A, de supernova die in de Grote Magelhaense Wolk plaatsvond, het begeleidende dwergstelsel van ons Melkwegstelsel. Dat dwergstelsel staat op pakweg 168.000 lichtjaar afstand, dus gelet op de tijd die de signalen erover hebben gedaan om met de lichtsnelheid de aarde te bereiken trad de supernova 168.030 jaar geleden op. Als eerste arriveerden om 07.35 uur die dag enkele neutrino’s van de supernova bij de aarde, in een tijdspanne van 13 seconden 07:35 UT detecteerde de Kamiokande II in Japan 12 antineutrino’s, IMB in de VS  8 antineutrino’s en Baksan in Rusland antineutrino’s. Drie uur later arriveerden de lichtsignalen, de fotonen van de supernova, die een dag later als eerste werden opgemerkt door Ian Shelton en Oscar Duhalde van het Las Campanas Observatorium in Chili. Ter gelegenheid van de 30e verjaardag van de supernova – de reistijd even niet meegerekend – heeft de ESA/NASA Hubble ruimtetelescoop met z’n Wide Field Planetary Camera 2 (WFPC2) in januari opnieuw een foto gemaakt van de restanten van de supernova, hierboven te zien.

Credit: NASA, ESA and R. Kirshner (Harvard-Smithsonian Center for Astrophysics and Gordon and Betty Moore Foundation) and P. Challis (Harvard-Smithsonian Center for Astrophysics)

Onderzoek heeft uitgewezen dat de heldere ring om de supernova heen, die afgelopen decennium steeds meer is gaan gloeien als een prachtig oplichtend parelsnoer (zie afbeelding hierboven), al 20.000 jaar geleden vóór de supernova door de ‘progenitor’, de ster genaamd Sanduleak -69° 202, twintig keer zo zwaar als de zon, die als supernova is uitgebarsten, is uitgestoten. In 1987 lichtte die ring op door de initiële uitbarsting van licht, die er doorheen ging. In het decennium erna doofde de ring vervolgens weer uit, waarna de ring daarna weer oplichtte, doordat een schokgolf van heet gas, uitgezonden door de supernova, de ring bereikte en deed verhitten.

https://media.stsci.edu/uploads/video_file/video_attachment/4357/STScI-H-v1708a-1280x720.mp4

inmiddels is de lichtkracht van de ring in het röntgengedeelte van het spectrum weer aan het afnemen en lijkt het erop dat de schokgolf de ring voor het grootste gedeelte heeft gepasseerd. Bron: Hubble + ESA.

Help mee om exoplaneten te ontdekken

Credit: ESO/M. Kornmesser

De teller van het aantal ontdekte en bevestigde exoplaneten staat momenteel op 3583, de volgende drempel die genomen moet worden is die van N=10.000. De ontdekking van een aardachtige planeet bij Proxima Centauri was al goed nieuws, maar met de ontdekking van de zeven aardachtige exoplaneten bij de ultrakoele rode dwergster TRAPPIST-1, waarvan er drie in de leefbare zone liggen, is een nieuw hoofdstuk geopend in de sterrenkunde, het daadwerkelijk zoeken naar tekenen van leven bij nabije aardachtige planeten. De telescopen van nu zijn vermoedelijk nog niet zo ver om in de spectrografische gegevens van de atmosferen van TRAPPIST-1e, -1f en -1g biomarkers te zien, maar zodra de James Webb Space Telescope en de European Extremely Large Telescope over enkele jaren in gebruik worden genomen ligt dat binnen bereik.

Impressie van de planeet die het MIT-team zelf al vond bij de ster GJ 411, de op vier na dichtstbijzijnde ster van de aarde. Credit: MIT

OK, 3583 exoplaneten, waarvan er vele zijn die zich in de leefbare zone van hun ster bevinden en die in potentie leven kunnen herbergen. Dat aantal kan komende jaren omhoog, niet alleen dankzij de verdere inzet van professionele telescopen, maar óók dankzij de inzet van lligers, van iedereen die enthousiast is en er een steentje aan bij wil dragen. Dat kan en wel dankzij een internationaal team van planetenjagers, dat onlangs bijna 61.000 snelheidsmetingen aan meer dan 1600 nabijgelegen sterren gepubliceerd heeft in een publiek toegankelijke database. Met behulp van eveneens beschikbaar gestelde software – hier te downloaden – kan iedereen in de meetgegevens op zoek gaan naar aanwijzingen voor de aanwezigheid van exoplaneten. Het gaat om gegevens die de radiale snelheid van de sterren weergeeft. Als er planeten om de ster heen draaien zorgen die er voor dat er kleine, periodieke variaties ontstaan in de radiale snelheid van de ster, de snelheid langs de gezichtslijn, dus naar ons toe of van ons af. Met de High Resolution Echelle Spectrometer (HIRES) op de 10-meter Keck-telescoop op Mauna Kea (Hawaï) zijn tussen 1994 en 208 tienduizenden ‘Doppler-snelheidsmetingen’ verricht aan 1600 sterren op afstanden van minder dan ca. 325 lichtjaar, in een waaier van kleuren in het spectrum van de sterren. Elk van die 61.000 waarnemingen is een video, die tussen 30 seconden en twee minuten duurt.

Een voorbeeld van de periodieke verandering in de radiale snelheid (RV) van een ster. Credit: MIT.

De astronomen zouden die gegevens zelf kunnen analyseren op zoek naar signalen voor de aanwezigheid van planeten bij de sterren, maar dat neemt veel tijd in beslag en zeer veel computercapaciteit. vandaar dat de planetenjagers van het MIT nu de hulp in schakelen van het publiek, dat á la de vele projecten van de Zooniverse, waaronder ook het succesvolle Galaxy Zoo én de Planet Hunters (dat ook al jaagt op exoplaneten), wereldwijd mee wil helpen in dit soort Citizen Science projecten. Bron: MIT.

NASA’s Fermi satelliet vindt aanwijzing voor donkere materie in kern M31, het Andromedastelsel

Credits: NASA’s Goddard Space Flight Center/Scott Wiessinger, producer

Met behulp van de Fermi satelliet van de NASA heeft men een signaal ontdekt van gammastraling vanuit de kern van het welbekende Andromedastelsel (M31), het sterrenstelsels dat de naaste buur van het Melkwegstelsel is. De gammastraling zou wellicht afkomstig kunnen zijn van donkere materie, die in de kern van M31 annihileert, elkaar in paren van deeltje en antideeltje vernietigend. Hierboven zie je een afbeelding van de gammastraling, bovenop een gewone, optische foto van M31. Eerder werd zo’n vergelijkbare soort straling ook al door Fermi gedetecteerd in de kern van ons Melkwegstelsel. Er is echter nog wel een andere mogelijkheid voor de bron van de straling. Het zou ook kunnen dat er een enorme concentratie van pulsars in de kern van M31 zit, snel roterende neutronensterren, die dergelijke energierijke straling ook unnen produceren. Met vervolgwaarnemingen hoopt men duidelijk te kunnen maken wat de ware aard van de bron van de gammastraling is, donkere materie of pulsars. Hieronder tenslotte een video over de waarnemingen met Fermi aan de gammastraling vanuit M31.

Bron: NASA.

Wie reist er mee naar TRAPPIST-1e?

Credit: NASA/JPL-Caltech

TRAPPIST-1e is één van de zeven exoplaneten, die Belgische astronomen bij de ultrakoele rode dwergster TRAPPIST-1 hebben ontdekt, waarvan de ontdekking deze week bekend werd gemaakt. Drie van de zeven planeten liggen in de leefbare zone van de ster, de zone waar de temperatuur precies goed is om er water in vloeibare vorm te laten bestaan. Het reisbureau van de NASA – haha, hoe verzinnen ze ’t – kwam kort na de bekendmaking met bovenstaande poster, een reisje aanbevelend naar TRAPPIST-1e, de planeet die in ruim 6 dagen om z’n ster draait – Voted Best ‘Hab Zone’ Vacation Within 12 Parsecs of Earth. Interessante vraag is natuurlijk hoe lang zo’n reis met hedendaagse transportmogelijkheden zou duren. TRAPPIST-1e staat op een afstand van 39 lichtjaren. Voor sterrenkundigen is dat om de hoek, maar het is nog altijd een afstand 369 biljoen kilometer, da’s 369.000.000.000.000 km.

Kenmerken van de zeven exoplaneten van TRAPPIST-1, vergeleken met de vier rotsachtige planeten van het zonnestelsel. Credit: svs.gsfc.nasa.gov.

De New Horizon ruimteverkenner, die op 14 juli 2015 langs Pluto vloog, is op dit moment met een snelheid van 14,31 km/s het snelste ruimtevaartuig dat mensen gebouwd hebben. Met die snelheid duurt het nog altijd 817.000 jaar om bij TRAPPIST-1e te komen. De JUNO sonde, die momenteel rondjes om Jupiter draait, heeft tijdens z’n reis met behulp van de zwaartekracht van Jupiter eventjes een hogere snelheid gehad, bijna 74 km/s maar liefst. Met die snelheid zou de reis naar TRAPPIST-1e 159.000 jaar duren, mmm… nog steeds een tikkeltje lang. Met het zogeheten Breakthrough Starshot initiatief, waar ook Stephen Hawking aan mee doet, willen ze kleine sondes de ruimte in sturen, die door laserlicht worden voortgestuwd en die in theorie een snelheid van 20% van de lichtsnelheid kunnen bereiken, 4000 keer sneller dan de New Horizons. Die sondes zouden er slechts 200 jaar over doen om TRAPPIST-1e te bereiken. Kijk, now we’re talking. 🙂 Bron: Space.com.

Interessante comic over TRAPPIST-1

Het zal je natuurlijk niet zijn ontgaan – Belgische wetenschappers hebben maar liefst zeven aarde-achtige planeten aangetroffen bij de rode dwergster TRAPPIST-1. Nu wordt de term aarde-achtig overigens wel overdreven in de media, want we weten vrij weinig over de planeten. Goed, ze zijn allemaal ongeveer even groot als de aarde, maar dat zegt natuurlijk niet alles. Misschien zijn de planeten wel bijzonder vulkanisch actief, zoals Io, of hebben ze ‘last’ van een op hol geslagen superbroeikaseffect, zoals Venus. Het enige dat we weten is dat het waarschijnlijk om rotsplaneten moet gaan, waarvan minimaal drie op een dusdanige afstand van de moederster staan, dat de aanwezigheid van vloeibaar water aan het oppervlak mogelijk zou kunnen zijn. Met de nadruk op zou kunnen zijn.

Binnen tien jaar zouden we meer moeten weten, aangezien de nieuwe super-telescopen die nu in aanbouw zijn, dan operationeel worden. Met deze telescopen, zoals de European Extremely Large Telescope en de James Webb Space Telescope, zouden we atmosferische metingen kunnen verrichten bij de planeten in kwestie. Zien we veel zuurstof en stikstof? Dan zouden de planeten werkelijk aarde-achtig kunnen zijn. Zien we echter veel waterstof en methaan (om maar wat te noemen), dan zijn de planeten helemaal niet aarde-achtig!

Anyway, ik ben door een goede kennis getipt over een interessante comic, waarin op een leuke en begrijpelijke manier wordt ingegaan op de ontdekking van de planeten bij TRAPPIST-1. Best wel een aanrader om eens te lezen. Trouwens, de maker van de comic heeft liever niet dat we het geheel hier plaatsen, maar een linkje is prima. Nou, bij deze. Bob, bedankt voor de tip!

Landelijke Sterrenkijkdagen op 3, 4 en 5 maart 2017

    De sterren dichterbij. (foto: Volkssterrenwacht Bussloo)

Onder het motto: “De hemel is van iedereen” organiseert de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Weer- en Sterrenkunde (KNVWS) elk jaar de Landelijke Sterrenkijkdagen. De 41ste Landelijke Sterrenkijkdagen vinden plaats op 3, 4 en 5 maart 2017.

Bij meer dan zestig publieksterrenwachten, bij afdelingen van de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Weer- en Sterrenkunde en bij particulieren verspreid over Nederland is iedereen welkom om eens door een telescoop naar de hemel te kijken. Op www.sterrenkijkdagen.nl staat een overzicht van alle activiteiten.

Ook als het niet helder zou zijn, is het nog steeds de moeite waard eens uit te zoeken waar u in de buurt terecht kunt. Er is meestal een aanvullend programma met verhalen over sterrenkundige onderwerpen en rondleidingen en met een planetarium kan de hemel ook naar binnen worden gehaald.

Wat is er te zien?

Van de wassende maan zien we een sikkel die van dag tot dag duidelijk breder wordt. Met de telescoop is te zien dat de maan bedekt is met kraters. In het zuiden staat het sterrenbeeld Orion. De mythologische jager wordt op zijn tocht langs de hemel gevolgd door twee honden: de sterrenbeelden Grote Hond (Canis Major) en Kleine Hond (Canis Minor). Rond half negen gaat Venus in het westen onder als Avondster. Door de telescoop is Venus te zien als een smalle sikkel, net als een kleine maan. De rode planeet Mars gaat rond half tien onder. Rond hetzelfde tijdstip komt Jupiter in het oosten op. Deze planeet staat in het sterrenbeeld Maagd niet ver van de hoofdster Spica. Door de telescoop zien we naast Jupiter drie of vier van zijn manen. Met de telescoop is goed te zien hoe deze zich in de loop van de avond verplaatsen in hun baan om de planeet.

De sterrenhemel tijdens de Sterrenkijkdagen richting het zuiden

KNVWS

De Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Weer- en Sterrenkunde is een landelijke federatie, waarvan ruim vijftig verenigingen en stichtingen lid zijn. De KNVWS is opgericht in 1901 vanuit de gedachte dat wetenschap “algemeen eigendom, d.w.z. populair” moet worden. De leden houden zich bezig met het op populairwetenschappelijke wijze bevorderen van weer- en/of sterrenkunde. Jaarlijks organiseert de KNVWS een symposium waarin de actuele thema’s behandeld worden. Meer informatie vindt u op www.knvws.nl.

De Sterrenkijkdagen bij sterrenkundevereniging Huygens in Papendrecht

De sterren, Maan en planeten zijn prachtig om naar te kijken. Je hebt vast wel eens vol verwondering omhoog gekeken naar de nachtelijke hemel. Wil je een keer dieper het heelal in kijken, met goede uitleg daarbij? Kom dan op vrijdag 3 en zaterdag 4 maart langs bij Sterrenkundevereniging Christiaan Huygens. Wij doen mee met de Landelijke Sterrenkijkdagen en openen onze sterrenwacht voor iedereen die langs wil komen.
Wat kunt u verwachten als u ons een bezoek brengt?

  • s-Avonds: door meerdere telescopen kijken naar de sterren (kan alleen bij helder weer);
  • Uitleg over de sterrenhemel, sterrenbeelden en wat er allemaal te zien is;
  • Overdag: kijken naar de zon via een telescoop met speciale filters (zeer veilig);
  • Korte lezingen van 15-20 minuten over ons zonnestelsel en de oneindige grootsheid van het heelal;
  • Diverse artikelen die te koop zijn in onze astroshop;
  • Informatie over onze vereniging.

Wat is er te zien?

De Maan met haar kraters, bergen en valleien.
Vroeg op de avond: de planeet Venus, als een smal sikkeltje.
Laat op de avond: de planeet Jupiter met maantjes en wolkenbanden.
De Orion-nevel, een kraamkamer voor nieuwe sterren.
Prachtige dubbelsterren en sterrenhopen.
En zelfs sterrenstelsels die miljoenen lichtjaren ver weg staan.

De Zon

Op zaterdagmiddag vanaf 14:00 uur richten de leden van Huygens hun kijkers met speciale filters op de dichtstbijzijnde ster: de zon. De zon is niet alleen tijdens een verduistering interessant. Op de zon zijn fraaie zonnevlekken te zien. Mogelijk staan aan de rand van de zon spectaculaire protuberansen, een soort zonnevlammen.

Andere activiteiten

Uiteraard zijn zon en sterren alleen te zien bij een heldere hemel. Maar ook bij bewolkt weer kan er een kijkje worden genomen in de sterrenwacht. Er is doorlopend uitleg over de telescopen. Binnen in de zaal zijn er presentaties over het zonnestelsel. Alle vragen over het heelal en de sterrenhemel boven ons kunnen gesteld worden.

Wanneer zijn we open?

Vrijdag 3 maart van 19.00 – 23.00 uur
Zaterdag 4 maart van 14.00 – 17.00 en van 19.00 – 23.00 uur

Waar kunt u ons vinden?

Matenaweg 1, 3356 LS, Papendrecht
Zie hier voor een routebeschrijving.
De toegang is gratis!

Bron: Astronomie.nl + Huygens.