Komende maandag 16 oktober wordt een erg interessante dag en voor degenen die het nieuws hier op de Astroblogs gevolgd hebben is dat geen verrassing. Er wordt ’s middags om 16.00 uur een bijzondere ontdekking onthuld en iedereen is uiteraard stiknieuwsgierig wat dat precies inhoudt. Zo rond 07.00 uur ’s ochtend zal ik op BNR Nieuwsradio voor het programma Ochtendspits door Bas van Werven worden gebeld, die mij hierover gaat interviewen – ik zal m’n wekker moeten zetten, want ik heb herfstvakantie. 😀 Dan zijn er ’s middags om 16.00 uur diverse persconferenties, zoals van de ESO als van LIGO. Ik zal hier maandag wel een blogje plaatsen met links naar die persconferenties en als het lukt zal ik het hier ‘embedden’, zodat je het hier live kunt volgen. Om exact 16.00 uur zal ik ook het feitelijke nieuws hier melden, waar het allemaal om draait. Kortom, dit weekend allemaal lekker genieten van het prachtige herstweer en maandag luisteren naar de Ochtendspits en kijken naar de persconferenties.
Maandelijks archief: oktober 2017
“De kwantumwereld kan onmogelijk een computersimulatie zijn”
Bestaan we wel echt? Deze filosofische vraag wordt al gesteld sinds de oudheid. Ook binnen de popcultuur van de twintigste eeuw vormt dit vraagstuk een dankbaar onderwerp. De films Videodrome (1983) en Brazil (1985) draaien rondom het idee dat iemand gevangen kan zijn in een “mentaal universum”, dat gecreëerd wordt door de menselijke geest. De film The Matrix (1999) gaat nog verder. In deze film(reeks) bestaat de dagelijkse realiteit uit een computersimulatie die wordt uitgevoerd door een hypercomplexe kunstmatige intelligentie.
Het idee dat ons bestaan niets meer is dan een computersimulatie, die wordt uitgevoerd door een hogere entiteit, heeft de laatste jaren flink aan populariteit gewonnen. Zelfs bekende figuren als Elon Musk en Ray Kurzweil (expert op het gebied van kunstmatige intelligentie) hebben geopperd dat dit idee realiteit zou kunnen zijn.
Nu hebben onderzoekers eens gekeken hoeveel rekenkracht noodzakelijk zou zijn om een compleet universum te simuleren. Wat blijkt nou? De noodzakelijke rekenkracht om een universum op kwantumniveau te simuleren is groter dan wat theoretisch gezien mogelijk is!
De onderzoekers hebben uitgerekend dat bij een kwantumsimulatie van slechts een paar honderd deeltjes de noodzakelijke geheugenmodule uit meer atomen zou moeten bestaan dan het totale aantal atomen in het heelal. Dat komt doordat de wetten en regels van de kwantumwereld dusdanig vreemd en complex zijn, dat bij het toevoegen van één gesimuleerd deeltje de noodzakelijke rekenkracht, geheugencapaciteit en elektriciteitsgebruik zal verdubbelen!
Goed, maar het onderzoek houdt zich alleen bezig met apparaten die wij mensen zouden herkennen als computers. Het is goed mogelijk dat een hypergeavanceerde beschaving de beschikking heeft over computerachtige machines die het menselijk voorstellingsvermogen te boven gaan. Dat betekent dat de vraag “leven we in een simulatie” vooralsnog niet honderd procent zeker beantwoord kan worden.
Bron: TechSpot
Nederlandse klimaatsonde Tropomi succesvol gelanceerd
Het nieuwe satellietinstrument Tropomi is vrijdag 13 oktober om 11:27 uur Nederlandse Tijd succesvol gelanceerd. Tropomi is een grotendeels Nederlands ruimte-instrument aan boord van de Sentinel-5P satelliet. Het instrument gaat gassen en fijnstof meten die belangrijk zijn voor luchtkwaliteit en klimaatverandering. De wetenschappelijke leiding is in handen van het KNMI.
Op de lanceerbasis Plesetzk in Rusland is de polaire satelliet de ruimte in gegaan en gestart met zijn eerste baan om de aarde . De nieuwe satelliet, die onderdeel is van het milieuprogramma Copernicus van de Europese Commissie, gaat wereldwijd metingen doen van luchtkwaliteit en broeikasgassen. Dankzij de baan over de polen op 824 kilometer hoogte is Tropomi in staat om de hele aardse atmosfeer in één dag volledig in kaart te brengen, elke dag opnieuw.
De lucht die we inademen
Tropomi is de opvolger van OMI, het instrument dat nu de luchtkwaliteit meet en na dertien jaar toe toe is aan vervanging. Pepijn Veefkind, hoofdonderzoeker van Tropomi: “OMI is een prachtig instrument, dat een belangrijke meetreeks heeft opgeleverd. Tropomi zal deze voorzetten met veel nauwkeuriger en meer gedetailleerde beelden. Vanuit de hele wereld is nu al interesse in de data die Tropomi straks levert.”
De gedetailleerde satellietbeelden van 7 bij 4 kilometer bieden mogelijkheden om in te zoomen op steden of gebieden met veel luchtverontreiniging, zodat de effecten van het milieubeleid kunnen worden gevolgd. Zo kan Tropomi stikstofdioxide in kaart brengen op de schaal van een stadsdeel. Wereldwijd worden dagelijks metingen gedaan van verschillende gassen, zoals stikstofdioxide, zwaveldioxide, koolmonoxide en methaan.
Nog nooit zo nauwkeurig
Tropomi is het vlaggenschip van de Nederlandse ruimtevaart. Het is het nauwkeurigste satellietinstrument voor metingen van de atmosfeer dat ooit werd gebouwd. De data worden gebruikt voor klimaatonderzoek, monitoring van de ozonlaag en de zonkracht, zeer gedetailleerde verwachtingen van de luchtkwaliteit en de verspreiding van vulkaanas.
Hollandse Meesters
Het instrument is tot stand gekomen in een samenwerkingsverband tussen Airbus DS-NL, KNMI, SRON en TNO, in opdracht van het NSO en ESA. Airbus DS-NL is hoofdaannemer voor de bouw van het instrument. Het KNMI en SRON hebben de wetenschappelijk leiding en zijn verantwoordelijk voor kwaliteitscontrole en ontwikkeling van dataproducten. Afnemers van de data zijn overheidsinstellingen, luchtvaart, universiteiten en andere onderwijsinstellingen, ingenieursbureaus, weerbedrijven, media en het algemeen publiek.
Met Tropomi zetten de ‘nieuwe Hollandse Meesters’ niet alleen een traditie in de ontwikkeling van ruimte-instrumenten voort, maar daarnaast een volgende stap in Hollands Meesterschap. De ‘nieuwe Hollandse Meesters’ Marc Oort (Airbus Defence and Space Netherlands), Pepijn Veefkind (KNMI), Nick van der Valk (TNO) en Ilse Aben (SRON) vertegenwoordigen een team van tientallen ingenieurs en wetenschappers die Tropomi samen hebben ontwikkeld.
Tropomi wordt gefinancierd door het Ministerie van Economische Zaken, het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. De Nederlandse overheid investeerde zo’n 80 miljoen euro in de ontwikkeling en uitvoering van het ruimtevaartproject.
Klik hier om de website van Tropomi te bezoeken.
Bron: KNMI
Belgen in de ruimte: van nostalgie tot een blik op de toekomst
Frank De Winne en Sarah Baatout van het SCK-CEN met leerlingen van de International School in Mol. Credit: SCK-CEN
In 1992 werd Dirk Frimout de eerste Belg in de ruimte aan boord van de spaceshuttle Atlantis. Frank de Winne volgde in zijn voetsporen met twee missies naar het internationaal ruimtestation ISS in 2002 en 2009. In het Studiecentrum voor Kernenergie (SCK-CEN) in Mol werd deze 25ste verjaardag afgelopen week herdacht.
Afgelopen vrijdag kwamen meer dan 150 onderzoekers, studenten en professionals in het SCK-CEN samen, niet alleen omwille van de successen van het verleden maar nog veel meer om een blik naar de toekomst te richten met als belangrijk thema de bescherming van astronauten bij langdurige ruimtemissies, zoals ESA en haar internationale partners die in de planning hebben.
De Belgische astronaut Frank De Winne is directeur van het European Astronaut Centre (EAC) in Keulen. Hij plaatste het exploratieprogramma van ESA in de schijnwerpers. Naast de huidige pijlers stelde hij ook enkele van de ambitieuze programma’s voor de verkenning van de ruimte voor, waaraan ESA momenteel werkt.
Eén ervan is de Deep Space Gateway, een bemand ruimteplatform dat een springplank is voor de verdere verkenning van het zonnestelsel. Het zou gerealiseerd worden in de jaren 2020 en bij de maan opgebouwd worden door de verschillende partners, die nu bij het internationaal ruimtestation ISS actief zijn: het Europese ESA, de Amerikaanse NASA, het Russische Roskosmos, het Japanse JAXA en het Canadese CSA.
Overleven in de ruimte
‘De ruimte is een bijzonder vijandige omgeving voor mensen. Er gedurende lange tijd kunnen overleven stelt grote uitdagingen voor onderzoek en technologie in een groot aantal domeinen, zoals bescherming tegen gevaarlijke straling en voedselvoorziening‘, stelde Frank De Winne tijdens zijn uiteenzetting. De onderzoekers en ingenieurs van het SCK-CEN staan te popelen om deze uitdaging aan te gaan. Dit centrum speelt samen met andere onderzoeksinstellingen, universiteiten en Belgische ondernemers een hoofdrol bij het onderzoek dat de dromen van de mens in de ruimte moet helpen werkelijkheid worden.
Het SCK-CEN levert een belangrijke bijdrage aan een aantal onderzoeksprogramma’s op het vlak van de radiobiologie. Zo worden de gevolgen onderzocht van straling in de ruimte op levende wezens, zoals astronauten. Het is heel belangrijk dat die straling op efficiënte wijze kan gemeten worden. Zo kan men astronauten voldoende bescherming bieden bij langdurige ruimtemissies, zoals vluchten naar de maan en Mars.
Een ander onontbeerlijk systeem bij langdurige ruimtemissies is een ‘gesloten kringloop voor life support’, dat beroep doet op regeneratie. Een dergelijk systeem zorgt voor de recyclage van lucht, water en afvalstoffen om drinkbaar water en voedsel te produceren. Ons land is bijzonder actief in het programma MELiSSA, dat precies de ontwikkeling van een dergelijke kringloop als doel heeft.
Frank De Winne: ‘De Belgische onderzoekers en astronauten spelen een heel belangrijke rol bij de onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten (O&O) die met ruimteonderzoek verband houden. We moeten nauw blijven samenwerken op het vlak van ruimteonderzoek, nu en in de toekomst. We hebben de afgelopen 25 jaar bijzonder mooie zaken gerealiseerd, maar we kunnen nog zoveel meer doen.‘
Investeren in de toekomst
De toekomstige missies voor de verkenning van de ruimte zijn onmogelijk zonder astronauten, onderzoekers en ingenieurs. Daarom moeten we de jeugd van vandaag inspireren. ‘Ruimtevaart stimuleert de verbeelding van kinderen en jongeren en kan hen aanmoedigen om wetenschappelijke studies aan te vatten’, vertelde Dirk Frimout tijdens de conferentie.
Vijf kinderen van het kleuter-, basis- en secundair onderwijs van de International School in Mol waren op het evenement aanwezig. Hun door de ruimte geïnspireerde tekeningen werden samen met helmen, raketten en andere objecten in papier-maché tentoongesteld en de besten kregen een prijs, die Frank De Winne uitreikte.
De kinderen konden ook vragen stellen en ervaringen uitwisselen met Frank De Winne. En daar namen ze, net als Frank overigens, uitvoerig de tijd voor: een en ander duurde twee keer langer dan voorzien! Na het maken van selfies en het handtekenen van de kunstwerken kregen vele vragen een antwoord. De allereerste was misschien de eenvoudigste: ‘Hoe wordt men astronaut?’ De ruimte blijft zonder enige twijfel inspireren…
Bron: European Space Agency
Maleisië en Ruimtevaart; verleden, heden, toekomst.
Enerzijds de onaardse schoonheid van uitgestrekte palmwouden, anderzijds de aanblik van de onstuitbare vooruitgang, van kustplaatsen vol hoogbouw, high-tech ondernemingen en sinds drie decennia ook ruimtevaart. Bemande ruimtevaart begon 10 jaar geleden. Op 10/7/2007 vertrok Sojoez TMA-11 naar het ISS met o.a. Sheikh Shukor, de eerste Maleisische astronaut.
Op 16 oktober om 16.00 uur gaat de ESO een ongekende ontdekking bekendmaken!
De ESO (European Southern Observatory) heeft vandaag aangekondigd dat er op maandag 16 oktober om 16.00 uur – schrijf ’t in je agenda! – in haar hoofdkwartier in Garching (Duitsland) een persconferentie zal worden gehouden, waar een ongekende ontdekking bekend zal worden gemaakt! In de persconferentie zullen ‘groundbreaking observations of an astronomical phenomenon that has never been witnessed before‘ worden gepresenteerd! Het nieuws over deze komende persconferentie bevestigd wat we vorige week al hoorden van Rainer Weiss, de kersverse LIGO-natuurkundige en winnaar van de Nobelprijs voor de Natuurwetenschappen 2017, die onlangs zei dat er op 16 oktober meer nieuws zal volgen van LIGO. OK, nou zou het natuurlijk kunnen zijn dat de twee aanstaande bekendmakingen totaal niets met elkaar te maken hebben. Maar ik denk dat de spin-dokters van de ESO en LIGO opzienbarende ontdekkingen eerder zullen doseren op verschillende momenten, om meer media-aandacht te genereren en daarom niet voor bekendmaking op één en dezelfde dag zullen kiezen áls het aparte ontdekkingen betreft. Het lijkt mij eerder dat LIGO, de Europese partner VIRGO én ESO samen iets hebben ontdekt, dat kennelijk ongekend is (‘a unprecedented discovery’), en waarvan we maandag alle details zullen horen. Dat kan mijns inziens niets anders zijn dan wat ik hier reeds op 23 augustus voorspelde, namelijk dat ze voor het eerst zwaartekrachtsgolven hebben ontdekt die niet afkomstig zijn van botsende zware zarte gaten (zoals bij de vier eerste gedetecteerde zwaartekrachtsgolven het geval was), maar van botsende neutronensterren. Botsende zwarte gaten leveren géén optische counterpart op van de zwaartekrachtsgolven, botsende en samensmeltende neutronensterren zouden dat wel moeten doen. Grote kans dus dat LIGO en VIRGO samen gedurende Observational Run 2 (O2) zwaartekrachtsgolven detecteerden, die dankzij de trigonometrie van de drie betrokken detectoren heel nauwkeurig aan de hemel kon worden gelokaliseerd en dat de ESO vervolgens met de Very large Telescope (VLT – zie afbeelding hierboven) in Chili een optische uitbarsting op dezelfde plek heeft ontdekt, een plek die volgens de geruchten het sterrenstelsel NGC 4993 is. Afijn, we gaan het maandag horen! Bron: ESO.
Vrijdag 13 oktober: lezing bij Huygens over ‘Hoe maak je een foto van een exoplaneet?’
Op vrijdag 13 oktober houdt David Doelman een lezing over bij sterrenkundevereniging Chr. Huygens in Papendrecht over ‘Hoe maak je een foto van een exoplaneet?’ Doelman is 23 jaar en hij heeft een dubbele bachelor gedaan in Natuurkunde en Sterrenkunde aan de Universiteit Leiden. Vervolgens heeft hij daar ook een master gevolgd in sterrenkundige instrumentatie. Na zijn master kon hij meteen door met een PhD in de sterrenkundige instrumentatie vakgroep van Leiden, waar hij werkt aan coronagrafen van vloeibare crystallen voor het direct waarnemen van planeten buiten ons zonnestelsel.
Al duizenden jaren wordt er gefantaseerd over planeten zoals de aarde rond andere sterren. Christiaan Huygens zelf schreef in Cosmotheoros dat er genoeg redenen waren om aan te nemen dat er leven was op andere planeten. Sinds 1992 weten we dat er inderdaad planeten zijn rond andere sterren. Zo zitten er rond sterren gemiddeld meerdere “exoplaneten” en het blijkt dat er een groot verschil tussen deze planeten zit. Veel van deze planeten zijn gevonden met indirecte methoden: het kijken naar veranderingen in sterlicht in plaats van het direct meten van licht van zo’n planeet. Deze indirecte methodes hebben het nadeel dat het lastig is om de planeten te karakteriseren, iets zeggen over de compositie van de exoplaneet, zijn atmosfeer en of de planeet bewoonbaar zou zijn. Om dus echt meer te weten te komen over deze planeten is het nodig om een directe waarneming te doen van de exoplaneet. De uitdaging is dat de planeet veel minder licht uitzendt (en reflecteert) dan de ster die heel dichtbij staat en dat onze eigen atmosfeer de foto’s vertroebeld met turbulentie. In deze lezing zal David uitleggen wat er allemaal bij komt kijken om deze problemen op te lossen. Om 20:00 uur is de zaal open en ben je van harte welkom. Zoals gebruikelijk beginnen ze bij Huygens om 20:30 uur.
Bron: Huygens.
Tien Iridium-NEXT satellieten gelanceerd met een Falcon-9 raket – alsof ’t niets weegt
Vandaag zijn vanaf Vandenberg Air Force Base in Californië maar liefst tien nieuwe Iridium-NEXT communicatiesatellieten met een Falcon 9 draagraket van SpaceX gelanceerd en succesvol in een lage baan om de aarde gebracht. Zeveneneenhalve minuut na de lancering daalde de eerste trap van de Falcon 9 zachtjes op het drijvende platform “Just Read the Instructions” in de Stille Oceaan. 57 minuten na de lancering werden de tien satellieten – elk 689 kg schoon aan de haak – losgelaten in de ruimte, waarna John Insprucker, hoofd van de technici van de Falcon 9, kon roepen “We’re 10 for 10! A clean sweep of Iridium Next satellite deployment in the desired final orbit.” De tien gelanceerde satellieten vormen de derde batch – Iridium-3 – van een serie van acht, die uiteindelijk een vloot van 66 satellieten moeten vormen, de zogeheten Iridium Next constellation. Die moet over de gehele wereld een snelle en breedbandige vorm van communicatie gaan leveren. Het was de 14e lancering dit jaar van een Falcon 9 raket van SpaceX. Hieronder beelden van de lancering én landing.
Bron: NASA Spaceflight.
“LISA zal de geboorte gaan zien van de elektromagnetische wisselwerking”
We kennen vier fundamentele natuurkrachten, de sterke, zwakke en elektromagnetische wisselwerking en de zwaartekracht. Natuurkundigen denken dat er niet altijd vier natuurkrachten zijn geweest. Tijdens het zeer vroege heelal, kort na de oerknal, vormden de zwakke en elektromagnetische wisselwerking één geünificeerde kracht, zoals ze dat zo mooi noemen, de elektrozwakke wisselwerking. Toen de temperatuur daalde door de expansie van het heelal tot onder 10^15 K – toen de deeltjes een gemiddelde energie van 246 GeV hadden – trad de zogeheten elektrozwakke fasetransitie op, dat wil zeggen dat de geünificeerde kracht uiteenviel in twee aparte krachten, de zwakke en elektromagnetische wisselwerking. Dat vond plaats toen het heelal slechts 10^-12 seconde oud was, een biljoenste van een seconde! Dat was dus het moment dat twee natuurkrachten ontstonden, twee krachten waarvan wij vooral te maken hebben met de elektromagnetische wisselwerking, waarvan we in ons dagelijks leven manifestaties zien zoals licht, radiostraling en magnetisme.
Die geboorte van de twee natuurkrachten 13,8 miljard jaar geleden lijkt een hoog vervanmijnbedshow gehalte te hebben, eentje van leuk om te weten, maar dat zullen we nooit en te nimmer kunnen aanschouwen – hooguit voer voor stoffige studeerkamerfilosofen. Maar laat nou deze week iemand roepen dat we over enkele jaren wel degelijk getuige kunnen zijn van dat magische moment. En laat dat nou niemand minder zijn dan Kip S. Thorne, de natuurkundige die aan de basis heeft gestaan van de theorie van botsende zwarte gaten, die zwaartekrachtsgolven produceren, welke gedetecteerd kunnen worden, en die daar als gevolg van de daadwerkelijke detectie van dergelijke zwaartekrachtsgolven door de LIGO detector in de VS vorige week de Nobelprijs voor de Natuurwetenschappen 2017 heeft gekregen. Na de toekenning van de prijs gaf Thorne een interview, waarin hij uitgebreid ingaat op de theorie van de zwaartekrachtsgolven en de instrumenten waarmee die gedetecteerd kunnen worden.
Momenteel hebben we de LIGO- en VIRGO-detectoren, die tussen 2015 en 2017 vier keer zwaartekrachtsgolven hebben gedetecteerd, allen veroorzaakt door zware botsende en samensmeltende zwarte gaten. In de toekomst komen er nog gevoeliger detectoren en eentje daarvan is de Europese LISA-detector, die ergens rond 2034 in de ruimte zal worden gestationeerd, met behulp van een drietal satellieten, die met elkaar in contact staan door middel van lasers – de daarvoor benodigde technieken worden momenteel getest door de LISA Pathfinder missie, die in de ruimte wordt uitgevoerd. In dat interview zei Thorne het volgende over LISA:
LISA is the ideal instrument to observe gravitational waves produced when the universe was about 10–¹² seconds old, and its cooling triggered the electroweak phase transition, giving birth to the electromagnetic force and the weak nuclear force. It is possible that this phase transition was first order, which means that the electromagnetic force was born in bubbles, like water droplets that form from water vapor. According to the theory, when bubbles with the electromagnetic force on the interior but not the exterior are formed, they expand with the speed of light, collide and produce gravitational waves. These waves shift to longer wavelengths as the universe expands and today they should be in the LISA wavelength band. It is a realistic dream that, thereby, LISA will watch the birth of the electromagnetic force. That’s truly amazing.
Het vetgemaakte zinnetje is waar ik op doel en waar de titel van deze blog vandaan komt. LISA zal dus mogelijk letterlijk en figuurlijk zwaartekrachtsgolven detecteren uit die eerste fractie van een seconde van het heelal, op het moment dat de elektrozwakke wisselwerking uiteenviel in de zwakke en elektromagnetische wisselwerking! En da’s geen voorspelling van de tovenaar van Oz, maar van Kip. S. Thorne, voorspeller van de detectie van zwaartekrachtsgolven afkomstig van botsende zwarte gaten en zoals gezegd winnaar van de Nobelprijs voor de Natuurwetenschappen daarvoor. Mmmm, mocht dat inderdaad gebeuren dan moeten we dus geduld hebben tot tenminste 2034, als LISA wordt gelanceerd. Ja, ook in de wetenschap is geduld een schone zaak. 🙂 Hoeveel jaar zat er ook weer tussen de voorspelling van het bestaan van het Higgs deeltje en de ontdekking ervan? Bron: CERN.
Opendag ESTEC 2017
Vandaag was ik bij de opendag van ESTEC, het European Space Research and Technology Centre. Dé plek waar nieuwe ruimtemissies worden ontwerpen, ontwikkeld en getest. Deze 8e oktober gingen de poorten voor het publiek open en mocht je op heel veel plekken rondkijken.
Matt Taylor
Ik begon mijn dag met een lezing van mede-Astroblogs-auteur Matt Taylor. Ik heb een beetje een zwak voor de Rosetta missie en daar is Matt “Project Scientist” van. Heel trots ben ik op een certificaat dat mij in mei 2015 opgestuurd werd door de ESA omdat ik een van de 150 inzenders was van de uiteindelijk gekozen naam voor de (eerste) landingsplek van Philae. Die naam werd Agilkia.
De lezing van Matt was inhoudelijk voor mij gesneden koek, maar om het uit de mond van een nauw betrokkene te horen is toch wel erg leuk. Matt was voor de gelegenheid gekleed in een stormtrooper-outfit uit Star Wars 😉
Er waren wel meer Star Wars figuren. Een heel legioen zelfs! https://www.501st.nl/
Planetary Society
Na de lezing van Matt, ben ik gaan luisteren naar de Planetary Society op het open podium. Dat het weer goed meespeelde kwam goed uit, want dit was in de buitenlucht. De drie enthousiaste presentatoren van de Planetary Society vertelden gedreven over hun organisatie, over hun missie Light Sail en over de manieren waarop exo-planeten ontdekt worden.
André Kuipers
Daarna was het de beurt aan André “Kooipers” Kuipers, wiens naam een behoorlijke uitdaging blijkt voor niet Nederlands sprekenden 😉 Aan de hoeveelheid publiek was te merken dat André goed slaagt in zijn populariserende rol voor ESA en de ruimtevaart. Op deze foto zie je zijn vaste side-kick Sander Koenen en nog net links op de foto is de schrijver van dit stuk te zien 😉
Na deze lezingen ben ik voornamelijk gaan rondstruinen over het ESTEC terrein. Er is ook zoveel te zien! Laat de beelden maar voor zich spreken (met hier en daar een onderschriftje)
LEAF, Large European Acoustic Facility. Hier worden satellieten aan de extreme harde geluiden van een raket blootgesteld door gigantische speakers.
Detail van de wand. Dit absorbeert radio en geluidsignalen van de buitenwereld, zodat de stilte van de ruimte nagebootst kan worden.
Ik met Matt (omdat hij zo van selfies houdt)

