De BepiColombo die op 20 oktober j.l. gelanceerd werd en nu op weg is naar Mercurius, is voorzien van een state-of-the art ionenstuwmotor, de T6. Het is de krachtigste ionenmotor die ooit gevlogen heeft en is ontwikkeld door QinetiQ, Airbus en Moog Bradford Engineering. Als onderdeel van BepiColombo’s ‘shakedown phase’ een soort proeffase, werden de motoren recentelijk een week lang ieder afzonderlijk intensief getest en met succes. Lees verder
Maandelijks archief: december 2018
ESO’s SPHERE maakt scherpste opname van R Aquarii ooit
De bijzondere stellaire verhoudingen in R Aquarii, vastgelegd door SPHERE. Credit: ESO/Schmid et al.
Tijdens het testen van een nieuw subsysteem van SPHERE, het ‘planetenjachtinstrument’ van ESO’s Very Large Telescope, hebben astronomen indrukwekkende details – zelfs naar Hubble-maatstaven – kunnen vastleggen van de turbulente stellaire relatie binnen de dubbelster R Aquarii.
Deze spectaculaire opname – de tweede in het kader van ESO’s R Aquarii-week – geeft een detailrijk beeld van het spectaculaire tweetal sterren dat de dubbelster R Aquarii vormt. Waar de meeste dubbelsterren zijn verwikkeld in een gracieuze wals, is de relatie tussen de sterren van R Aquarii veel minder sereen. Ondanks zijn kleine formaat, ontfutselt de kleinste van de twee in een gestaag tempo materiaal aan zijn stervende metgezel – een rode reus.
R Aquarii,gezien door de Very Large Telescope en de Hubble-ruimtetelescoop. Credit: ESO/Schmid et al./NASA/ESA
Jaren van waarnemingen hebben het bijzondere verhaal blootgelegd achter de dubbelster R Aquarii, die centraal staat op deze foto. De grootste van de twee sterren, de rode reus, is een zogeheten Mira-veranderlijke. Sterren van dit type beginnen tegen het einde van hun bestaan te pulseren en worden duizend keer zo helder als onze zon. Daarbij zwellen hun buitenste lagen op om uiteindelijk de interstellaire leegte in te verdwijnen.
De doodsstrijd van deze enorme ster is al een opzienbarend verschijnsel, maar de invloed van de begeleidende witte dwergster maakt er een onheilspellend kosmisch spektakel van. De witte dwerg, die kleiner, compacter en veel heter is dan de rode reus, onttrekt materie aan de buitenste lagen van zijn grote metgezel. Op de foto is te zien hoe ‘jets’ van stellair materiaal dat door deze stervende reus is uitgestoten, aan R Aquarii ontsnappen.
Af en toe verzamelt zich voldoende materiaal op het oppervlak van de witte dwerg om een ??thermonucleaire nova-explosie te veroorzaken – een immense gebeurtenis waarbij een enorme hoeveelheid materie de ruimte in wordt geblazen. In de ijle nevel van gas rond R Aquarii zijn de overblijfselen van eerdere nova-explosies te zien.
R Aquarii is slechts 650 lichtjaar van de aarde verwijderd – een naaste buur naar kosmische maatstaven – en is daarmee een van de dichtstbijzijnde symbiotische dubbelsterren. Vandaar dat deze intrigerende dubbelster al decennialang op de bijzondere aandacht van astronomen mag rekenen. Met zijn ontelbare structuren was R Aquarii dan ook een perfect onderwerp om de Zurich IMaging POLarimeter (ZIMPOL), die deel uitmaakt van het planetenjachtinstrument SPHERE, op de proef te stellen. De resultaten zijn onovertroffen: de hier getoonde opname is nog scherper dan beelden die met de beroemde Hubble-ruimtetelescoop van NASA en ESA zijn gemaakt.
Digitized Sky Survey-opname van R Aquarii en omgeving. Credit: ESO/Digitized Sky Survey 2. Acknowledgment: Davide De Martin
SPHERE is na jaren van onderzoek en constructie ontwikkeld voor een van de meest uitdagende en opwindende onderzoeksterreinen van de astronomie: het zoeken naar exoplaneten. Dankzij een geavanceerd adaptief optisch systeem en gespecialiseerde instrumenten zoals ZIMPOL, is SPHERE in staat om exoplaneten rechtstreeks in beeld te brengen. De mogelijkheden van SPHERE beperken zich echter niet tot de jacht op ongrijpbare exoplaneten. Het instrument kan ook worden ingezet om allerlei andere hemelobjecten te onderzoeken – zoals blijkt uit deze fascinerende opname van de bijzondere kenmerken van R Aquarii. Hier het onderzoeksartikel over de waarnemingen aan R Aquarii.
Bron: ESO.
Het wemelt van de complexe moleculen in de planeetvormende schijf rond V883 Orionis
De achtergrond is een ALMA-opname van het stof in de schijf rond V883 Orionis. Aan de linkerkant is een artistieke impressie te zien van met ijs bedekte stofdeeltjes in de koudere buitenste delen van de schijf. De organische moleculen die in het ijs vormen, zoals bijvoorbeeld methanol, kunnen niet met ALMA waargenomen worden zolang ze gevangen zitten in het ijs. De afbeelding aan de rechterkant laat het warme binnenste gedeelte van de schijf zien waar de temperatuur hoog genoeg is om het ijs te laten verdampen en de organische moleculen vrij te laten. Deze vrije moleculen kan ALMA wel waarnemen, zoals te zien is in het spectrum onderaan. De hoge pieken geven de aanwezigheid van moleculen aan. Welke moleculen we zien hangt af van waar de piek zich bevindt in het spectrum. Credit: M van ’t Hoff.
Een onderzoeksteam onder leiding van de Leidse promovenda Merel van ‘t Hoff heeft in de planeetvormende schijf rond V883 Orionis naast methanol onder andere aceetaldehyde (CH3CHO, een stof die ook voorkomt in rijp fruit) en methylformiaat (CH3OCHO), waargenomen. Dit resultaat is bevestigd in een onafhankelijke studie en geaccepteerd voor publicatie in Astrophysical Journal Letters.
De ontdekking, gedaan met de Atacama Large Millimeter/submillimeter Array (ALMA) in Noord-Chili, is van belang in de zoektocht naar de wijze waarop bouwstenen van leven in de ruimte worden gevormd en uiteindelijk op planeten terecht komen. Het resultaat is een belangrijke stap in dit proces omdat het laat zien dat het materiaal waaruit planeten op dit moment worden gevormd worden rijk is aan organische moleculen.
V883 Orionis is geen doorsnee ster. Hoewel hij maar een klein beetje zwaarder is dan onze zon, straalt hij meer dan 400 keer zo veel energie uit en is daardoor veel helderder en heter. Plotselinge helderheidsuitbarstingen zoals die van V883 Orionis ontstaan wanneer grote hoeveelheden materiaal vanuit de omringende schijf op het oppervlak van de ster belanden.
Planeten ontstaan uit gas en stof dat in een schijf rond zo’n jonge ster draait. Zulke schijven worden daarom ‘protoplanetaire’ schijven genoemd. Normaal gesproken is de temperatuur in het grootste gedeelte van de schijf zo laag dat de meeste moleculen, waaronder bijvoorbeeld water, methaan en koolstofmonoxide, vastvriezen aan de stofdeeltjes. Welke moleculen in zo’n ijslaag aanwezig zijn is dan heel moeilijk vast te stellen. Tot nu toe waren er daarom maar twee complexe organische moleculen ontdekt in protoplanetaire schijven: acetonitril (CH3CN, een naar amandelen ruikende stof) en methanol (CH3OH).
Maar de tijdelijke energie-uitbarsting van V883 Orionis heeft het binnenste gedeelte van de schijf opgewarmd, waardoor de ijslaag op de stofdeeltjes is verdampt. De vrijgekomen moleculen stralen licht uit in het millimetergebied van het elektromagnetisch spectrum en dat is precies het gebied waar ALMA gevoelig is. Door het opgevangen licht uiteen te splitsen in de samenstellende kleuren kan ALMA bepalen welke moleculen aanwezig zijn. Elk molecuul zendt immers licht uit met een karakteristieke golflengte, ofwel kleur.
De uitbarsting van V883 Orionis stelde de astronomen voor de eerste keer in staat om de chemische diversiteit te bestuderen in een planeetvormende schijf. Ze vonden onder andere aceetaldehyde (CH3CHO, een stof die ook voorkomt in rijp fruit) en methylformiaat (CH3OCHO) in de schijf rond V883 Orionis.
Als V883 Orionis terugkeert naar z’n normale helderheid (niemand weet wanneer dit zal gebeuren) zullen de organische moleculen weer aan de stofdeeltjes vastvriezen. Sommige van deze met ijs bedekte stofdeeltjes zullen kometen vormen, die kunnen inslaan op jonge planeten. De bij zo’n inslag vrijkomende organische moleculen kunnen dan mogelijk bijdragen aan het ontstaan van leven.
Vervolgstudies zullen aantonen of er nog complexere verbindingen aanwezig zijn in de schijf rond V883 Orionis. Eenvoudige biomoleculen zoals het aminozuur glycine zijn al ontdekt in kometen. Astronomen hopen nu de vraag te beantwoorden of deze moleculen al aanwezig zijn voordat planeten worden gevormd. “V883 Orionis is hiervoor een uniek laboratorium,” aldus Van ’t Hoff. Bron: Astronomie.nl.
Komeet 46P/Wirtanen als wazig vlekje aan de sterrenhemel zichtbaar
De afbeelding toont een kaartje van de ochtendhemel, kijkend naar het noordwesten, op 23 december om 8:30 uur. Credit: Hemel.waarnemen.com.
In december en de eerste helft van januari is komeet 46P/Wirtanen als een wazig vlekje aan onze sterrenhemel te zien. Op dit moment staat hij in het sterrenbeeld Stier. De ‘staartster’ is aanvankelijk vooral in de avond en vroege nacht zichtbaar. De komeet komt echter steeds hoger aan de hemel, en vanaf de tweede helft van december is hij vrijwel de gehele nacht te zien. Met een eenvoudige verrekijker, en onder gunstige omstandigheden ook met het blote oog, is ‘Wirtanen’ waar te nemen als een wazig vlekje aan de hemel.
Een komeet is een ‘vuile sneeuwbal’ van slechts enkele kilometers groot, die door het zonnestelsel beweegt en doorgaans onzichtbaar is. Wanneer de komeetkern in de buurt van de zon komt, verdampt zijn oppervlak, wat een wazige wolk (de coma) rond de kern veroorzaakt, die wel te zien is. Ook kan zich een karakteristieke komeetstaart vormen, die
altijd ongeveer van de zon af wijst. Van Wirtanen is momenteel alleen een wazig, groenachtig bolletje met een zeer korte staart zichtbaar. De komeet komt eens in de 5,4 jaar in de buurt van de zon, maar is dan meestal alleen waar te nemen met een telescoop.
De afbeelding is voor de avondhemel, kijkend naar het (noord)oosten, op 10 december om 17 uur. De positie van de sterren ten opzichte van de horizon (de groene balk onderin) geldt voor de aangegeven datum en tijdstip. De (gele) lijn toont het pad van de komeet tussen de sterren, tussen december en februari. In beide kaartjes beweegt de komeet van rechts naar links. De positie van de komeet is voor iedere dag aangegeven met een geel stipje. De komeetbeeldjes zijn schematisch en geven een indruk van de richting van de staart. De gele getallen geven om de vijf dagen de dag van de maand waarvoor de positie geldt; de rode 1/1 en 1/2 duiden 1 januari en 1 februari aan. De figuurtjes zijn de sterrenbeelden, met hun naam. Credit: Hemel.waarnemen.com.
De komeet bereikt zijn kortste afstand tot de zon op 12 december. Hij staat dan iets verder van de zon dan de aarde. Rond 17 december staat 46P/Wirtanen het dichtst bij de aarde, op nog geen 12 miljoen km, circa 8% van de afstand tot de zon. Rond dat moment wordt de komeet echter lastiger zichtbaar, door storend licht van de volle maan. Hierdoor is de komeet volgens Marc Van der Sluys van hemel.waarnemen.com vooral goed te zien tussen 8 en 17 december. Na de volle maan, tussen 27 december en de eerste week van januari volgt een tweede, zij het iets minder gunstige, waarneemperiode.
Op 16 en 17 december staat Wirtanen in de buurt van de Plejaden, ook wel het Zevengesternte genoemd. Dit met het blote oog zichtbare piepkleine groepje van 6-8 sterren in het sterrenbeeld Stier kan worden gebruikt om de komeet te vinden. Met Kerst staat de komeet vlak bij de heldere ster Capella, in het sterrenbeeld Voerman. De bijgaande hemelkaarten kunnen worden gebruikt om de komeet ook op andere momenten te vinden tussen de sterren. Volgens Van der Sluys kan de komeet iets beter worden gedetecteerd door met het blote oog net naast het wazige wolkje te kijken. Een simpele verrekijker verhoogt de zichtbaarheid van de komeet en maakt hem makkelijker vindbaar.
Overigens was komeet 46P/Wirtanen het oorspronkelijke doel van ESA’s Rosetta-missie maar doordat de lancering werd uitgesteld moest er een nieuwe komeet worden gekozen, en dat werd 67P/Churyumov-Gerasimenko. Bron: Hemel.waarnemen.com.
Ruimteverkenner OSIRIS-REx vindt waterresten op planetoïde Bennu
Een mozaïekfoto van Bennu, gemaakt door 12 opnames met de PolyCam van 2 december j.l. te stacken. redits: NASA/Goddard/University of Arizona
Hij is er nog maar ruim een week geleden gearriveerd en nu al heeft NASA’s Origins, Spectral Interpretation, Resource Identification, Security-Regolith Explorer (OSIRIS-REx) ruimteverkenner een ontdekking gedaan op de planetoïde Bennu: hij heeft sporen van water aangetroffen, gehydrateerde moleculen (OH – een combi van zuurstof en waterstof) in kleigrond aan het oppervlak van het 500 meter grote ruimterotsblok. Het gaat dus niet om vloeibaar water, aldus de NASA. De sporen zijn waarschijnlijk afkomstig van een grotere planetoïde waaraan Bennu vastzat, want de planetoïde zelf is te klein om ooit water te hebben bevat. De moleculen zijn gedetecteerd met twee instrumenten, de OSIRIS-REx Visible and Infrared Spectrometer (OVIRS) en de OSIRIS-REx Thermal Emission Spectrometer (OTES).
De NASA-onderzoekers zijn blij met het nieuws. De vondst van water kan volgens de onderzoekers mogelijk meer vertellen over het ontstaan van het leven op aarde. Bennu is een object wiens ‘moederobject’ stamt uit de vroegste tijden van het zonnestelsel. OSIRIS-REx bevindt zich inmiddels op slechts 19 kilometer afstand van Bennu. De ruimtesonde deed er ruim twee jaar over om de 2,2 miljoen kilometer naar Bennu af te leggen. In 2023 keert de Osiris-Rex terug naar aarde met stukken ruimterots. Bron: NASA.
Testvluchten Dragons Crew capsules gepland voor januari 2019
De testvluchten van SpaceX’ Dragon, resp. Demo-1 en 2, zijn twee commerciële vluchten naar het ISS waarvan Demo-2 een bemande testvlucht is. Het zou de allereerste bemande vlucht van SpaceX zijn alsook een unicum voor de Verenigde Staten die voor het laatst in 2011 met de Space shuttle Atlantis astronauten naar het ISS bracht. De twee vluchten zijn al enkele keren uitgesteld maar staan nu gepland voor januari 2019. Lees verder
Nu heeft ook Voyager 2 het zonnestelsel verlaten [Update]
Deze week heeft de NASA bekendgemaakt dat de Amerikaanse ruimtesonde Voyager 2 ons zonnestelsel heeft verlaten. Voyager 2 has left the building eh… the Solar System. Dat gebeurde op 5 november, toen de Voyager met z’n Plasma Science Experiment geen plasmadeeltjes meer mat. De zon schiet constant plasmadeeltjes om zich heen. Dat zorgt voor een soort bubbel, waar ook de aarde in zit, de zogeheten heliosfeer. Die bubbel beschermt ons tegen kosmische straling van buiten het zonnestelsel. Aan de rand gaan de plasmadeeltjes langzaam over in de eindeloze ruimte tussen de sterren, het zogeheten interstellaire medium. De deeltjes daar komen niet van de zon, maar uit de rest van de Melkweg en daarbuiten. Uit de afname van de deeltjesstroom op 5 november maakt de NASA op dat Voyager 2 toen ons zonnestelsel heeft verlaten. Drie andere instrumenten aan boord bevestigen dat. In 2012 ging de Voyager 1 hem voor – na enig heen en weer gedebatteer over wel of niet verlaten – als eerste door mensen gemaakte object ooit.
Voyager 2 is in augustus 1977 gelanceerd, 16 dagen eerder dan de Voyager 1. De Voyager 2 doet het nog steeds – zijn geplande levensduur was 5 jaar. Hij vliegt momenteel op bijna 18 miljard kilometer afstand van de aarde. De informatie die hij naar de aarde stuurt, doet er 16,5 uur over om aan te komen, ook al gaat dat met de snelheid van het licht.
De Voyager 2 blijft ongeremd doorvliegen, met een snelheid van ruim 55.000 kilometer per uur. Over ongeveer 300 jaar komt hij bij de Oortwolk, een gigantisch gebied van ruimterotsen en miniplaneetjes. De wolk is vernoemd naar de Nederlandse sterrenkundige Jan Oort. Mogelijk komen veel kometen hiervandaan. Waarschijnlijk heeft de Voyager 2 ongeveer 30.000 jaar nodig om daar doorheen te vliegen. Over 40.000 jaar komt hij voor het eerst een ster tegen, Ross 248. En over 296.000 jaar Sirius, de helderste ster aan de hemel. Bron: NASA. [Update 20.40 uur] Ik kwam nog twee interessante afbeeldingen tegen. De eerste toont de missie van Voyager 2 in cijfers.
De tweede toont een gif-afbeelding waarin je de gemeten deeltjes ziet. Vanaf 5 november stijgt de hoeveelheid gemeten kosmische straling uit de Melkweg en daarbuiten en daalt de straling afkomstig vanuit de heliosfeer.
Bron: Centauri Dreams.
SRON-astronomen bevestigen uitgebreide atmosfeer op accretieschijf röntgendubbelster
Figuur 1: Artist impression. Astronomen vermoeden dat sterren een accretieschijf rond zich vormen terwijl ze materiaal wegkapen van hun begeleidende ster. Credit: Dana Berry/NASA Goddard Space Flight Center.
Astronomen gebruiken sterverduisteringen om de atmosfeer te bestuderen van accretieschijven rond compacte sterren. SRON-onderzoekers hebben deze methode toegepast op röntgendubbelsterren met lage massa. Ze vinden een dikkere atmosfeer dan voorspeld en onderscheiden twee verschillende gascomponenten. Publicatie in Astronomy & Astrophysics.
Als je je op een heldere nacht in een donker gebied bevindt, kun je overweldigd worden door een gevoel van ontzag als je omhoog kijkt en beseft dat elk fonkelend puntje een enorme ster is, zo reusachtig als de Zon. Maar dat is nog niet alles. Bijna de helft van die puntjes bestaan uit twee sterren! Samen vormen ze een zogenoemde dubbelster. De sterren in deze systemen houden elkaar gevangen met hun aantrekkingskracht. Degene met de sterkere zwaartekracht ‘steelt’ materiaal van zijn begeleider en vormt een accretieschijf (zie figuur 1).
De exacte omvang en geometrie van accretieschijven zijn op dit moment niet bekend. Nieuwe modellen en röntgenobservaties duiden op een dikkere schijf dan oudere theoretische modellen voorspellen. Op de schijf zou een uitgebreide atmosfeer kunnen liggen. Maar hoe zie je die zonder dat de felle röntgenstralen van de schijf de hele observatie overbelichten? Dit probleem kun je oplossen door een geschikte röntgendubbelster te vinden die onder een dermate gunstige hoek ligt dat de begeleidende ster de accretieschijf blokkeert (zie figuur 2).
Figuur 2: Gezien vanaf de aarde ligt EXO 0748-676 onder zo’n hoek dat de begeleidende ster de aantrekkende ster soms uit het zich wegneemt. Dit biedt astronomen een blik op de atmosfeer van de accretieschijf, zonder dat de ster en zijn schijf alles overbelichten. Credit: Dana Berry/NASA Goddard Space Flight Center
SRON-astronomen Ioanna Psaradaki, Elisa Costantini en Missagh Mehdipour selecteerden samen met Maria Diaz Trigo van ESO de ‘eclipsing’ dubbelster EXO 0748-676 en bestudeerden hem met de röntgenruimtetelescoop XMM-Newton. Het team koos een dubbelsysteem van twee sterren met lage massa, omdat zwaardere sterren sterke wind uitblazen die moeilijk te onderscheiden is van accretiestromen. Op sommige momenten verdwenen de aantrekkende ster en zijn accretieschijf volledig uit het zicht achter de begeleidende ster, zodat de onderzoekers erin slaagden om een spectrum te krijgen van de rijke atmosfeer van de schijf.
De eclipsmethode stelde de astronomen in staat om de atmosfeer directer te observeren dan eerdere studies. Ze bevestigen dat de atmosfeer dikker moet zijn dan voorspeld en dat het gas in de uitgebreide atmosfeer vóórkomt in twee verschillende vormen. De eerste gascomponent is heet, met een temperatuur vergelijkbaar met die van het onderste deel van de schijf. De tweede gascomponent is kouder en kleiner, en komt uit het buitenste gedeelte van de schijf. De onderzoekers vermoeden dat de tweede component bestaat uit klonters die zijn ontstaan uit de impact van de accretiestroom op de schijf.
‘De meest waarschijnlijke verklaring voor zo’n uitgebreide atmosfeer is dat de aantrekkende ster met zijn sterke röntgenstralen de buitenste delen van de accretieschijf foto-ioniseert,’ zegt Psaradaki. ‘Dit verschijnsel veroorzaakt thermische instabiliteit, terwijl het gas juist zoekt naar een stabiele oplossing. Die krijgt het als de schijf toeneemt in volume en zo een uitgebreide atmosfeer creëert, zoals blijkt uit onze resultaten.’ Bron: SRON.
Alle 11 gedetecteerde zwaartekrachtgolven op een rijtje
Met de LIGO en VIRGO detector zijn tijdens ‘Observing Run 2’ (O2) elf zwaartekrachtgolven gedetecteerd. Tien daarvan waren veroorzaakt door botsende zware zwarte gaten, eentje kwam door botsende neutronensterren. Al die detecties zijn netjes in een catalogus beland:
Hieronder twee verhelderende afbeeldingen en een video over die elf zwaartekrachtgolven. Ten eerste is daar deze ‘poster’ met de golfpatronen van de zwaartekrachtgolven. Kijk vooral naar de laatste, GW170817, die van de botsende neutronensterren afkomstig was. Zie je hoe dat patroon verschilt van de andere tien, van die van de botsende zwarte gaten?
Dan is er deze poster, waarop je in blauw alle ‘mergers’ van zwarte gaten ziet, die de tien gedetecteerde zwaartekrachtgolven hebben geproduceerd en in oranje die ene neutronenster-merger die de elfde zwaartekrachtgolf heeft geproduceerd. In geel onderaan nog een serie neutronensterren, die via hun electromagnetische straling zijn gedetecteerd (zonder dat er een botsing aan te pas kwam).
Tenslotte de video, die ze de ‘LIGO/Virgo Binary-Black-Hole Orrery’ noemen – ik heb hier ooit wel eens een Kepler-orrery laten zien. In de video zien we computer-simulaties van de laatste seconden van de botsende zwarte gaten en daaronder de patronen van de zwaartekrachtgolven die ze toen produceerden.
Bron: LIGO.
Veel meteoren verwacht bij Geminiden-sterrenregen in de nacht van 13 op 14 december
Kaartje van de sterrenhemel in zuidwestelijke richting op 14 december om 6:15 uur, wanneer de meeste Geminiden te zien zijn. De (groene) balk onderin is de horizon. De (gele) cirkel geeft het punt aan de hemel aan waar de meteoren vandaan lijken te komen; de sporen stellen meteoren voor (schematisch). De figuurtjes zijn de sterrenbeelden; de naam is in het sterrenbeeld vermeld. Op de website zijn de kaartjes in zwart-wit en/of PDF/vectorformaat beschikbaar. Credit: hemel.waarnemen.com.
Op donderdagochtend 14 december vindt het maximum plaats van de meteorenzwerm de Geminiden. Dit is de op een na grootste jaarlijkse meteorenzwerm aan de sterrenhemel. Volgens Marc van der Sluys van hemel.waarnemen.com zijn de omstandigheden dit jaar zeer gunstig en zijn er in de nacht van donderdag op vrijdag bij helder weer met het blote oog tot wel 100 ‘vallende sterren’ per uur te zien.
De Geminiden zijn vernoemd naar het sterrenbeeld Tweelingen (Gemini), waar de meteoren vandaan lijken te komen. Dit sterrenbeeld staat bij ons ’s avonds boven de oostelijke en ’s ochtends boven de westelijke horizon. De meteorenzwerm bestaat uit achtergelaten puin van de planetoïde (en mogelijk uitgedoofde komeet) Phaethon. Doordat de aarde in zijn baan om de zon door de puinwolk beweegt, zien wij deze meteorenzwerm ieder jaar rond dezelfde datum. De Geminiden kenmerken zich door hun grote aantallen, hun helderheid, hun gelige kleur en de korte sporen die ze achterlaten.
Vallende sterren zijn lichtflitsen die af en toe aan de sterrenhemel verschijnen. De flitsen hebben echter niets met sterren te maken. Ze worden veroorzaakt door ruimtepuin, vaak niet groter dan een zandkorrel, dat circa 100 kilometer boven ons hoofd in de aardatmosfeer terecht komt. Door de hoge snelheden van het ruimtepuin wordt de lucht vóór zo’n gruisdeeltje gecomprimeerd, verhit en aan het gloeien gebracht, wat wij zien als een flitsje. De snelheden van de Geminiden zijn met circa 125.000 km/uur gemiddeld.
De piek van de Geminiden is met minder dan 24 uur vrij kort, waardoor de Geminiden vaak ongunstig vallen. Doordat het maximum ’s ochtends rond 11 uur plaatsvindt en de maan al voor middernacht ondergaat zijn de astronomische omstandigheden dit jaar gunstig. Volgens hemel.waarnemen.com neemt het aantal meteoren gedurende de nacht toe van circa 50-60 per uur rond middernacht (kijk naar het zuidoosten) tot 80-100 per uur rond 6 uur (in het westen). Om de meteoren waar te nemen is geen speciale apparatuur nodig; het blote oog, een heldere hemel en warme kleding volstaan. Door een donkere plaats op te zoeken kunnen ook zwakkere meteoren worden waargenomen. Bron: Astronomie.nl
