Video: Eerste testrit van de Mars 2020 Rover

De eerste testrit van de Mars 2020 rover vond plaats afgelopen dinsdag 18 december in de cleanroom van de Spacecraft Assembly Facility in het Jet Propulsion Laboratory van NASA in Pasadena, Californië. Nog even en dan moet hij afscheid nemen van het JPL, de rover zal begin volgend jaar naar Cape Canaveral, Florida verhuizen, ter voorbereiding op de lancering naar Mars in de zomer van 2020. Ingenieurs controleren of alle systemen goed samenwerken, en de rover kon zo zijn autonome navigatie functies demonstreren.

Lees verder

ESO-waarnemingen tonen het ontbijt van een zwart gat in het vroege heelal

Gashalo, waargenomen door MUSE, rond botsende sterrenstelsels die door ALMA zijn vastgelegd. Credit:
ESO/Farina et al.; ALMA (ESO/NAOJ/NRAO), Decarli et al.

Astronomen die gebruik maken van ESO’s Very Large Telescope hebben voorraden van koel gas waargenomen rond enkele van de vroegste sterrenstelsels in het heelal. Deze gashalo’s zijn het perfecte voedsel voor superzware zwarte gaten in het centrum van deze stelsels, die we nu waarnemen zoals ze er meer dan 12,5 miljard jaar geleden uitzagen. Deze voedselvoorraad kan verklaren waarom deze kosmische monsters zo snel konden groeien tijdens de periode die ook wel de kosmische dageraad wordt genoemd.

‘We kunnen nu voor het eerst aantonen dat de eerste sterrenstelsels genoeg voedsel in hun omgeving hebben om zowel de groei van superzware zwarte gaten als de snelle vorming van sterren gaande te houden’, zegt Emanuele Paolo Farina van het Max-Planck-Institut für Astronomie in Heidelberg, Duitsland, die leiding gaf aan het onderzoek waarvan de resultaten vandaag in de Astrophysical Journal zijn gepresenteerd. ‘Dit voegt een belangrijk stukje toe aan de puzzel van de vorming van de kosmische structuren, die meer dan 12 miljard jaar geleden plaatsvond.’

Astronomen vragen zich al geruime tijd af hoe superzware zwarte gaten al zo vroeg in de geschiedenis van het heelal zo groot kunnen zijn geworden. ‘Het bestaan van deze vroege monsters, met enkele miljarden keren zoveel massa als onze zon, is een groot raadsel’, zegt Farina, die tevens verbonden is aan het Max-Planck-Institut für Astrophysik in Garching bei München. Het betekent dat de eerste zwarte gaten, die kunnen zijn ontstaan door de ineenstorting van de eerste sterren, heel snel zijn gegroeid. Maar tot nu toe hadden astronomen nog niet genoeg voedsel in de vorm van gas en stof opgespoord om deze snelle groei te kunnen verklaren.

Om de zaken nog ingewikkelder te maken zijn bij eerdere waarnemingen met ALMA, de Atacama Large Millimeter/submillimeter Array, grote hoeveelheden stof en gas in deze sterrenstelsels opgespoord die klaarblijkelijk voor de snelle vorming van sterren werden gebruikt. Deze ALMA-waarnemingen leken erop te wijzen dat er maar weinig overbleef om een zwart gat te voeden.

Om dit mysterie op te lossen hebben Farina en zijn collega’s het MUSE-instrument van ESO’s Very Large Telescope (VLT) in de Chileense Atacama-woestijn gebruikt om zogeheten quasars te onderzoeken – extreem heldere objecten die hun energie ontlenen aan superzware zwarte gaten die zich in de kernen van massarijke sterrenstelsels bevinden. Bij het onderzoek zijn 31 quasars bekeken die worden waargenomen zoals ze er meer dan 12,5 miljard jaar geleden uitzagen. Op dat moment bestond het jeugdige heelal nog maar ongeveer 870 miljoen jaar. Het betreft een van de grootste verkenningen van verre quasars die ooit zijn gedaan.

De astronomen ontdekten dat twaalf van deze quasars zijn omgeven door enorme voorraden gas: halo’s van koel, dicht waterstofgas die zich tot op 100.000 lichtjaar van de centrale zwarte gaten uitstrekken en miljarden malen zoveel massa hebben als de zon. Het team, bestaande uit onderzoekers uit Duitsland, de VS, Italië en Chili, hebben ook ontdekt dat deze gashalo’s nauw verbonden zijn met de sterrenstelsels, en dus de perfecte voedselbron zijn voor zowel de groei van superzware zwarte gaten als de vorming van grote aantallen nieuwe sterren.

Artistieke impressie van een verre quasar, omgeven door een gashalo. Credit: ESO/M. Kornmesser.

Het onderzoek was mogelijk dankzij de grote gevoeligheid van MUSE, de Multi Unit Spectroscopic Explorer van ESO’s VLT, die door Farina wordt omschreven als een baanbrekend instrument voor het quasaronderzoek. ‘In slechts enkele uren per object konden we in het omhulsel van enkele van de zwaarste en meest vraatzuchtige zwarte gaten in het jonge heelal duiken’, voegt hij daaraan toe. Quasars zelf zijn erg helder, maar de gasvoorraden om hen heen zijn veel moeilijker waarneembaar. Met MUSE is het echter gelukt om de zwakke gloed van het waterstofgas in de halo’s te detecteren, zodat astronomen nu eindelijk weten waar het materiaal vandaan komt dat de superzware zwarte gaten in het vroege heelal van energie voorziet.

In de toekomst zal ESO’s Extremely Large Telescope (ELT) nog meer details van sterrenstelsels en superzware zwarte gaten in de eerste paar miljard jaar na de oerknal onthullen. ‘Met de kracht van de ELT zullen we nog dieper het heelal in kunnen duiken en nog meer van zulke gasnevels ontdekken’, voorspelt Farina. Bron: ESO.

Thales Cryogenics uit Eindhoven wint NASA prijs voor koelsysteem

Een Nederlands koelsysteem zorgt er al meer dan een jaar voor dat de camera van NASA’s Ecostress instrument aan boord van het ISS zijn metingen aan landbouwgewassen op aarde nauwkeurig kan doen. Thales Cryogenics, een hightechproductiebedrijf gevestigd te  Eindhoven, is de bouwer van het koelsysteem en werd voor de prestatie onderscheiden door NASA. Ingenieur Roel Arts nam de NASA Exceptional Technology Achievement medaille in november in ontvangst in Los Angeles. Ook ontving Thales Cyrogenics een NASA Group award.

Lees verder

ESA’s exoplanetenmissie Cheops vanochtend succesvol gelanceerd

Droog was het niet bij de lancering van Cheops. Credit: ESA – S. Corvaja.

Vanochtend om 9:54:20 uur Nederlandse tijd is vanaf lanceercentrum Kourou in Frans-Guyana Europa’s laatste exoplanetenmissie Cheops (‘Characterising Exoplanet Satellite‘) gelanceerd en in de ruimte gebracht. Een  Russische Sojoez-Fregat raket bracht met missie VS23 niet alleen Cheops in de ruimte, maar ook een Italiaanse Cosmo-SkyMed satelliet en drie CubeSats, EyeSat, ANGELS en OPS-SAT, over de laatste blogde ik eerder. Cheops is tot stand gekomen dankzij een samenwerking tussen ESA en Zwitserland, met belangrijke bijdragen van 10 andere ESA-lidstaten. Cheops gaat nabije sterren bestuderen, waarvan al bekend is dat ze exoplaneten hebben. De bedoeling is dat Cheops door het waarnemen van transities, waarbij de planeten gezien vanaf de aarde voor hun ster langssschuiven, hun groottes met ongekende precisie en nauwkeurigheid gaat meten. Hieronder videobeelden van de lancering. Trois, deux, unité, top décollage… (hé, geen allumage vulcan dit keer 🙂 ).

Bron: ESA.

Een terugblik op het Gala van de Sterrenkunde

Gisteravond werd in de Stadsgehoorzaal in Leiden het Gala van de Sterrenkunde gehouden. De Nederlandse Onderzoekschool voor Astronomie (NOVA) organiseerde deze bijzondere avond om 20 jaar NOVA en 100 jaar Internationale Astronomische Unie (IAU) te vieren. Samen met Astrobloggers Jan Brandt, Jan Heuser en Paul Bakker heb ik het gala bijgewoond.

Tijdens het avondvullende Gala werd aan de hand van presentaties van de top van de Nederlandse astronomie teruggekeken op 100 jaar sterrenkunde en baanbrekend onderzoek. Zo kwamen de grote successen naar voren waar Nederland een grote rol in heeft gespeeld (en nóg steeds speelt), zoals de eerste foto van een zwart gat, M87* gemaakt met de Event Horizon Telescope, het in kaart brengen van 1,7 miljard sterren in de Melkweg door Gaia en het onderzoek aan de eerste waargenomen botsing van neutronensterren GW170817.

Rara, wie zijn deze vreemde gasten? Gemaakt met een infraroodcamera op de tentoonstelling.

Daarnaast werd er op het gala vooruitgekeken naar de toekomst en de grote vragen binnen de moderne sterrenkunde, zoals de zoektocht naar buitenaards leven. De presentatoren van de avond, IAU-president Ewine van Dishoeck en Jim Jansen (hoofdredacteur New Scientist) regen in duo alle onderwerpen aan elkaar, waarbij naast de presentaties ook andere dingen werden gedaan, zoals een astronomiequiz van Astronomy on Tap en twee muzikale intermezzo’s van Lodewijk Lenaerts en Yello Submarine.

Koning Willem-Alexander komt binnen in de Stadsgehoorzaal.

Speciale gast op het gala was Koning Willem-Alexander, die voorafgaand aan het gala een rondleiding kreeg langs de verschillende tentoonstellingen in de Stadsgehoorzaal en die daar verschillende onderzoekers en wetenschappers sprak. Een deel van het gala zelf werd door hem ook bijgewoond.

Tijdens het gala werd de uitreiking van de beste astrofoto bekendgemaakt, waarvoor door NOVA en de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Weer- en Sterrenkunde (KNVWS) in samenwerking met de populairwetenschappelijke tijdschriften New Scientist en Zenit een wedstrijd was georganiseerd, waar amateur-astrofotografen konden deelnemen. Maurice Toet uit Zoetermeer bleek die wedstrijd met een opname van de Coconnevel (IC 5146) in het sterrenbeeld Zwaan te hebben gewonnen.

Jan Heuser bij zijn winnende foto.

Er waren vijf categorieën van foto’s en in de categorie Sterrenstelsels bleek Astroblogger Jan Heuser de winnaar te zijn. Hij had een foto gemaakt van enkele sterrenstelsels in Grote Beer, waaronder M106 – een foto die wij als Astrobloggers uiteraard véél mooier vonden dan de foto van Toet. Nou ja, op zich had ik er wel vrede mee, want Maurice Toet is ook een ‘telg’ uit de Christiaan Huygensvereniging, waar naast Heuser en Toet ook andere bekende astrofotografen uit gerold zijn, zoals Paul Bakker, Peter Pulles, Jan Brandt en André van der Hoeven.

Special guest op het gala was emeritus-hoogleraar prof. Kees de Jager. In eerste instantie kregen we een op Texel gemaakt interview te zien dat Jim Jansen met de Jager had en iedereen dacht dat de Jager, die met z’n leeftijd van 98 jaar ook al richting een 100-jarig jubileum gaat, niet in levende lijve op het gala zou zijn. Maar de altijd nog actieve sterrenkundige bleek wel degelijk aanwezig en hij kreeg van het publiek een staande ovatie als eerbetoon voor zijn gehele oeuvre. De Jager staat iedere maand nog in Zenit met een column en iedereen is vol bewondering over zijn uitstekende geheugen, die hem nog nummer in de steek laat. In de pauze spraken we nog even kort met hem.

Een trio Astrobloggers met prof. C. de Jager en een dame (De Jager z’n vrouw?), die als enige ooit in sterrenwacht Sonneburgh in Utrecht is geboren.

Het gala werd afgesloten met een presentatie door André Kuipers, die in rap tempo vertelde hoe de sterrenkunde voor hem inspiratiebron was, waarbij hij Carl Sagan en Govert Schilling noemde als mensen waar hij bewondering voor had.

Afijn, het was een zeer geslaagde avond, die wat ons betreft zeker navolging mag krijgen en daar willen we zeker geen 100 jaar op wachten. Misschien in 2021 als Kees de Jager 100 jaar is geworden en we zijn jubileum vieren – De Jager zelf vond dat een uitstekend idee. 😀

Maurice Toet wint Astrofotografiewedstrijd NOVA en KNVWS

Coconnevel in het sterrenbeeld Zwaan credit Maurice Toet.

Maurice Toet heeft met een opname van de Coconnevel (IC 5146) in het sterrenbeeld Zwaan de Astrofotografiewedstrijd gewonnen van de Nederlandse Onderzoekschool voor Astronomie (NOVA) en de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Weer- en Sterrenkunde (KNVWS) in samenwerking met de populairwetenschappelijke tijdschriften New Scientist en Zenit.
De winnaar werd vanavond bekendgemaakt op het Gala van de Sterrenkunde in Leiden. Deze avond was georganiseerd vanwege het 20-jarig jubileum van NOVA en het 100-jarig jubileum van de Internationale Astronomische Unie (IAU).
“De foto van Maurice Toet maakt op indrukwekkende wijze de details rond de Coconnevel zichtbaar, van de donkere stofwolken en de vele sterren tot de grote hoeveelheid waterstofgas in dit gebied. Die waterstofwolken maken de foto uniek, aangezien ze vrijwel nooit te zien zijn in opnames van deze regio. Hiermee illustreert de opname dat Toet het hele proces van het maken van de opnamen tot aan de eindbewerking heeft weten te perfectioneren om dit resultaat te bereiken,” zo meldt het juryrapport.
De foto is het resultaat van meer dan tweehonderd opnames met een totale belichtingstijd van ruim 21 uur. Toet maakte gebruik van een Takahashi ?-180ED-telescoop, een waterstoffilter en een Nikon D810a-camera die speciaal aangepast is voor astrofotografie. Het maken van de individuele opnames vond plaats in augustus 2019 in Frankrijk en nam vier dagen in beslag.
Astrofotografen konden inzenden voor vijf categorieën. De jury koos uit de inzendingen per categorie één winnaar. De inzending van Toet werd als winnende foto geselecteerd.
De winnaars per categorie zijn:

Zon – Wim Maats
Zonnestelsel – Ivan Huys
Sterren en nevels – Maurice Toet
Sterrenstelsels – Jan Heuser
Skyscapes (fotografie van nachtelijke hemelverschijnselen, zonder telescoop) – Jan Koeman

De vijf winnende foto’s werden tentoongesteld op een expositie in de Stadsgehoorzaal, waarna juryvoorzitter Sebastiaan de Vet (KNVWS) tijdens het Gala de winnende foto uit deze vijf bekendmaakte. De foto van Maurice Toet wordt op de cover van Zenit geplaatst en gepubliceerd in New Scientist. De afbeelding zal bovendien prijken op de jaarlijkse schoolposter van het NOVA Informatie Centrum.
De jury bestond naast Sebastiaan de Vet uit: Jaap Augustinus (beeldredacteur New Scientist), André van der Hoeven (prijswinnend astrofotograaf), Esther Hanko (UvA, astrofotograaf) en Jaap Vreeling (NOVA).

Zonnevlekken in H-alpha credit Wim Maats.

Zonnevlekken in H-alpha

De opname laat zien dat ook in een periode waarin de zon minder actief is, er toch mooie dingen te zien zijn. Hoe langer je naar deze opname kijkt des te meer dynamiek en details je gaat zien. Winnaar in de categorie Zon, gemaakt door: Wim Maats.

Maanmozaïek credit Ivan Huys.

Maanmozaïek
Een zeer gedetailleerde opname van de maan die bestaat uit een mozaïek van 68 foto’s. Dit soort opnamen vraagt een goede planning en het resultaat slaagt erin om het maanoppervlak detailrijk vast te leggen. Winnaar in de categorie Zonnestelsel, gemaakt door: Ivan Huys (België).

Coconnevel in het sterrenbeeld Zwaan
De foto maakt op indrukwekkende wijze de details rond de Coconnevel zichtbaar, van de donkere stofwolken en de vele sterren tot de grote hoeveelheid waterstofgas in dit gebied. Winnaar in de categorie Sterren en nevels, gemaakt door: Maurice Toet.

Sterrenstelsel M106 credit Jan Heuser.

Sterrenstelsel M106
Een opvallende compositie waarbij er gekozen is het stelsel niet te centreren, waardoor de beelduitsnede bij de kijker een zekere mate van spanning oproept. Winnaar in de categorie Sterrenstelsels, gemaakt door: Jan Heuser.

Sterrensporen met Baobab credit Jan Koeman.

Sterrensporen met Baobab
Een opname die de rotatie van de aarde toont, waarbij de combinatie met de Baobab het een genot maakt om naar te kijken. Een pakkend detail is dat hier de sterrensporen rond de zuidelijke hemelpool zijn vastgelegd. Winnaar categorie Skyscapes, gemaakt door: Jan Koeman. Bron: Astronomie.nl.

Nachtwacht en Sterrennacht zijn de Nederlandse namen voor HAT-P-6 b/HAT-p-6

Artistieke impressie van de ster HAT-P-6, een geel-witte dwergster in het sterrenbeeld Andromeda, en de exoplaneet HAT-P-6 b. (c) Livia Pietrow

Nachtwacht en Sterrennacht zijn de namen die exoplaneet HAT-P-6 b en de ster waar hij omheen draait (HAT-P-6) voortaan dragen. Dat is voor Nederland de uitkomst van de zoektocht naar nieuwe namen voor planeten rond andere sterren dan de zon, die in meer dan 100 landen in de afgelopen maanden is gehouden.

De competitie is georganiseerd door het officiële orgaan voor de naamgeving van hemellichamen, de Internationale Astronomische Unie (IAU). De IAU viert dit jaar zijn honderdste verjaardag en wees alle landen een exoplaneet toe voor vernoeming. Meer dan 100 namenparen werden vandaag op een persconferentie in Parijs bekendgemaakt.

Infographic Nederlandse exoplaneet. (c) IAU

De Nederlandse competitie ‘Exoplaneet zoekt naam’ bestond uit twee ronden. In de eerste ronde kon het publiek een voordracht doen. Er werden in totaal 6100 suggesties ingestuurd. Tijdens de tweede ronde in oktober kon worden gestemd op vijf namenparen die het Nationaal Comité van astronomen en andere experts uit alle inzendingen had geselecteerd. Wereldwijd werden 360.000 suggesties gedaan en hebben 420.000 mensen gestemd.

De vijf namen waarop in Nederland kon worden gestemd, voor respectievelijk planeet en ster, waren:
Brandaris – Vuurduin
Cruquius – Leeghwater
Exomna – Hurstrga
Nachtwacht – Sterrennacht
Nijntje – Moederpluis

Nijntje en Moederpluis kregen van het Nederlandse publiek de meeste van de in totaal 13.500 stemmen, gevolgd door Nachtwacht – Sterrennacht en Vuurduin – Brandaris. Deze uitkomst is naar de IAU gestuurd en een speciaal comité heeft het eerste backup-paar tot winnaar uitgeroepen. Nijntje – Moederpluis voldeed niet aan de regels van de IAU omdat er sprake is van een actief intellectueel eigendomsrecht.

Banner Nederlandse exoplaneet. Credit: IAU.

De gekozen namen worden vanaf nu parallel aan de bestaande wetenschappelijke namen gebruikt. De ster Sterrennacht is een geelwitte dwergster en staat op 905 lichtjaar afstand in het sterrenbeeld Andromeda. De planeet Nachtwacht is een zogeheten ‘hete Jupiter’. Bijzonder aan Nachtwacht is dat hij in een retrograde baan draait.

Nachtwacht – Sterrennacht (met als gezamenlijke thema: wereldberoemde schilderijen van Nederlandse grootmeesters) is door vier mensen voorgesteld. Bron: Astronomie.nl.

ESO-telescoop maakt verbluffende opname van Melkwegcentrum en ontdekt oude ‘starburst’

HAWK-I-opname van het centrale deel van de Melkweg. Credit:
ESO/Nogueras-Lara et al.

ESO’s Very Large Telescope (VLT) heeft het centrale deel van de Melkweg met spectaculaire resolutie waargenomen en nieuwe details ontdekt over de geschiedenis van de stergeboorte in ons sterrenstelsel. Dankzij de nieuwe waarnemingen hebben astronomen bewijs gevonden voor een ingrijpende gebeurtenis in het bestaan van de Melkweg: een geboortegolf van sterren die zo hevig was dat hij meer dan honderdduizend supernova-explosies teweegbracht.

‘Onze unieke verkenning van een groot deel van het galactisch centrum heeft ons een gedetailleerd beeld gegeven van het stervormingsproces in dit deel van de Melkweg’, zegt Rainer Schödel van het Instituut voor Astrofysica van Andalusië in Granada, Spanje, die leiding gaf aan de waarnemingen. ‘Anders dan wat tot nu toe werd aangenomen, hebben we vastgesteld dat de vorming van sterren geen continu proces is geweest’, voegt Francisco Nogueras-Lara, leider van twee nieuwe onderzoeken van het centrale deel van de Melkweg die bij hetzelfde instituut heeft gewerkt, daaraan toe.

Bij het onderzoek, waarvan de resultaten vandaag in Nature Astronomy zijn gepubliceerd, heeft het team ontdekt dat ongeveer 80 procent van de sterren in het centrale deel van de Melkweg zijn gevormd in de begintijd van ons sterrenstelsel, tussen acht en 13,5 miljard jaar geleden. Na deze vroege stervormingsperiode werden gedurende ongeveer 6 miljard jaar maar heel weinig sterren geboren. Een intense uitbarsting van stervorming – een zogeheten starburst – maakte daar circa een miljard jaar geleden een einde aan. Binnen een periode van nog geen 100 miljoen jaar werden in dit centrale gebied talrijke sterren geboren met een gezamenlijke massa van misschien wel enkele tientallen miljoenen zonnen.

Details van de HAWK-I-opname van het centrale deel van de Melkweg. Credit:
ESO/Nogueras-Lara et al.

‘De omstandigheden in het onderzochte gebied moeten destijds vergelijkbaar zijn geweest met die in ‘starburststelsels’, die jaarlijks ongeveer 100 zonsmassa’s aan sterren produceren’, zegt Nogueras-Lara, die inmiddels werkzaam is voor het Max-Planck-Institut für Astronomie in Heidelberg, Duitsland.

‘Deze enorme opleving, die in meer dan honderdduizend supernova’s moet hebben geresulteerd, was waarschijnlijk een van de meest energieke gebeurtenissen in de geschiedenis van de Melkweg’, voegt hij daaraan toe. Tijdens een starburst ontstaan veel zware sterren, die een aanzienlijk kortere levensduur hebben dan hun lichtere soortgenoten. Ze sluiten hun bestaan af met een hevige supernova-explosie.

Positie van het Melkwegcentrum aan de nachthemel. Credit:
ESO, IAU and Sky & Telescope.

Dit onderzoek was mogelijk dankzij de waarnemingen van het centrale deel van de Melkweg die zijn gedaan met het HAWK-I-instrument van ESO’s Very Large Telescope in de Chileense Atacama-woestijn. Deze infrarood-gevoelige camera keek door het galactische stof heen om ons een opmerkelijk gedetailleerd beeld te geven van het hart van de Melkweg. Deze magnifieke opname is in oktober door Nogueras-Lara en een team van astronomen uit Spanje, de VS, Japan en Duitsland gepubliceerd in Astronomy & Astrophysics. De foto toont de sterren en gas- en stofwolken in het meest dichtbevolkte deel van Melkweg, waar zich ook een superzwaar zwart gat bevindt, met een resolutie van 0,2 boogseconde. Dat betekent dat de kleinste details die HAWK-I heeft vastgelegd vergelijkbaar zijn met een voetbal in Zürich, gezien vanuit het ESO-hoofdkwartier in München – een afstand van 240 kilometer.

De hier gepresenteerde foto is de eerste die voortkomt uit de GALACTICNUCLEUS-survey. Dit observatieprogramma steunde op het grote beeldveld en de hoge resolutie van het HAWK-I-instrument van ESO’s VLT. Bij de survey zijn meer dan drie miljoen sterren onderzocht, verspreid over een gebied dat op de afstand van het galactisch centrum overeenkomt met 60.000 vierkante lichtjaar (een lichtjaar is ongeveer 9,5 biljoen kilometer). Bron: ESO.

NASA’s Juno vermijdt Jupiter eclips door slimme manoeuvre en ontdekt nieuwe cycloon

Er is met behulp van NASA’s Juno sonde een nieuwe cycloon op Jupiter ontdekt. De ontdekking van de kolossale Joviaanse storm vond plaats op 3 november 2019, en kwam uit de meest recente data analyse van Juno. Het betrof data van de 22e flyby van het op zonne-energie aangedreven ruimtevaartuig dat wetenschappelijke gegevens verzamelt van de gasreus. Juno draait op zo een 3500 km boven het wolkendek van Jupiter en wordt ook wel Jupiter’s Near Polar Orbiter genoemd. De flyby markeerde ook een overwinning voor het Juno missieteam, wiens innovatieve maatregelen het vaartuig recent vrij hielden van wat een op een missie eindigende eclips had kunnen zijn. Scott Bolton, hoofdonderzoeker van Juno van het Southwest Research Institute in San Antonio. “We realiseerden ons dat de baan van Juno de sonde in de schaduw van Jupiter zou brengen, wat ernstige gevolgen zou kunnen hebben omdat we op zonne-energie werken.” Geen zonlicht betekent geen stroom, en dat betekent het einde van de missie. Het team probeerde energie te besparen en de sonde verwarmd te houden en in de tussentijd brainstormden ingenieurs om het probleem op te lossen. Men kwam op het idee om over Jupiter’s schaduw ‘heen te springen’. Het bleek een succesvolle navigatie manoeuvre.

Lees verder

AstroTweets van de Week

Credit foto achtergrond: HUDF/Hubble/NASA/ESA

Dinsdag a.s. is niet alleen het Gala van de Sterrenkunde, maar worden ook de namen bekendgemaakt van de wereldwijde campagne #ExoplaneetZoektNaam.

Hubble heeft de interstellaire komeet Borisov gefotografeerd.

Woehahaha, NASA´s OSIRISREx heeft kennelijk hulp gehad van het in kaart brengen van planetoìde Bennu, om een goede landingsplek te kiezen. Mmmmm, waar is dat ook weer de schaduw van= ±/D

Europa´s röntgen-ruimtetelescoop XMM-Newton was deze week jarig. Hij is twintig jaar actief in de ruimte. ESA, gefeliciteerd!