Site pictogram Astroblogs

Boeiend: de ESO H0 2020 e-conferentie deze week

Credit: ESO

Credit: ESO.

Deze week is een e-conferentie gaande over de Hubble-spanning, de al jaren voortslepende discussie over de vraag hoe snel het heelal uitdijt en welke oorzaken er zijn voor de verschillende resultaten die metingen aan die snelheid hebben opgeleverd. De ESO H0 2020 e-conferentie, zoals ‘ie officieel heet (H0 – spreek uit H knot – is de Hubble constante in het huidige heelal), is gisteren begonnen en hij duurt tot en met vrijdag – hier het programma. De presentaties zijn dagelijk te volgen op YouTube tussen 14.45 en 17.15 uur Nederlandse tijd. Door het coronavirus zijn grote evenementen zoals astronomische conferenties fysiek niet meer toegestaan, dus zijn ze online én in dit geval door iedereen live te volgen. Op maandag gaf o.a. Nobelprijswinnaar Adam Riess – medeontdekker in 1998 van de versnelde expansie van het heelal – een presentatie, welke je hieronder kunt volgen (vanaf 11 minuten ongeveer, daarvoor is nog een intro).

Over de Hubble-spanning gesproken: recent is er weer een nieuwe meting gedaan aan H0, eentje die gekeken heeft naar de zogeheten Tully-Fisher relatie, de empirische relatie tussen de massa, of de intrinsieke lichtkracht van een spiraalvormig sterrenstelsel en zijn asymptotische rotatiesnelheid, of de breedte van zijn emissielijnen. Ze keken daarbij naar vijftig sterrenstelsels en de uitkomst van het onderzoek was:

H0 = 75.1 +/- 2.3 (stat) +/- 1.5 (sys) km/s/Mpc.

Een waarde die overeenkomt met die van het ‘lokale kamp’ in de discussie rondom de Hubble-spanning, ver van de waarde van het ‘vroege kamp’. Hier het vakartikel over deze waardebepaling, te verschijnen in the Astrophysical Journal. Hieronder een grafiek met de resultaten aan de vijftig sterrenstelsels, waarvan er 27 zijn waarbij de Cepheïde-methode van afstandsbepaling is gehanteerd (de blauwe stippen) en 23 met de Tip of the red Giant Branch methode (rood).

De baryonische Tully-Fisher relatie van de vijftig sterrenstelsels, op de x-as hun rotatiesnelheid, op de y-as hun massa. Credit: Schombart et al.

Bron: Triton Station.

Mobiele versie afsluiten