Bijvangst: NGC 6992

NGC 6992, Sluiernevel in het sterrenbeeld Zwaan

Dit kiekje van een gedeelte van de beroemde Sluiernevel heb ik gemaakt op dezelfde avond waarop ik mijn opname heb geschoten van de Ster van Barnard. Die opname van Barnard’s star was het eigenlijke hoofdmenu van deze foto-sessie,  maar omdat het poolster-uitlijn-GoTo-proces snel en probleemloos verliep en omdat het schieten van de ster van Barnard slechts 1 opname van 6 minuten behelsde, bleef er nog wat tijd over  voor “wat anders” tijdens die altijd veels te kort donkere midzomernachten.

Nog een argument om iets anders te schieten was het feit dat ik weers eens op stap was met die bijzondere optische schuurvondst, zijnde dat kekke 500mm Maksu-tele-tovje uit het wellicht toch net iets te veel (??) verguisde land van “Oom Vladimir”.

Ik blijf mij toch nog steeds verbazen wat er met dit, vergeleken met die dikke 20cmF6 Newton, piepkleine en ultralichte optische speeltje allemaal te schieten is. Ik bedoel hiermee te zeggen dat die dikke Newton het natuurlijk en uiteindelijk altijd zal winnen wat de kwaliteit van de geschoten opnames betreft….logisch, want de objectiefdiameter van die kleine Maks is tenslotte slechts iets van een krappe 75mm tegen die royale 200mm van de Newton.

Maar daar staat dan wel tegenover dat ik die ogenschijnlijk gigantische verschillen op papier in de dagelijkse astrofotografische pratijk tot op heden eerlijk gezegd toch niet zo dramatisch groot vind….en daar komt dan ook nog eens bij dat die dikke Newton een hele achterbank van mijn nedrige 2cv’tje in beslag neemt terwijl die Mak makkelijk ende royaal in een hoekje van de pakjesplank naar de waarneemplek des onheils kan worden getransporteerd. Oh…enne….opdat U het maar effe weet, echte auto’s hebben GEEN duffe zaken zoals luxe dashboardkastjes maar gewoon een kale pakjesplank!!!

Het voelt allemaal een beetje hetzelfde aan als het op en neer rijden naar mijn schoonvader die helemaal ver weg ergens in een “turfgat” boven Emmen woont. Ga ik met “de gewone auto”….uiteraard ook een Citroën….dan doe ik er iets van drie uur over…..ga ik met het 1969’er 425cc 18pk’tje,  dan sta ik na drie en half uur bij “Pa” voor de deur…

De, gelukkig niet meer werkende stomme, airco van mijn “gewone auto” heeft bijkans meer vermogen dan het totale motor(on)vermogen van het oude 2cv’tje…..en toch voel ik bij het nedrige 2cv’tje, ondanks het vanzelfssprekende “verlies”, altijd een “winnaarsgevoel”!!!…..Dat zo weinig toch zoveel presteert!….en dat gevoel heb ik dus ook elke keer weer als ik  de hemel door het oog van die kleine Mak aanschouw.

Ben nog steeds heel blij dat ik “het geval” alleen maar stofvangend op de plank heb laten staan en  NIET tot cola-glas heb vernaggeld…iets wat op zich ook niet weer zo moeilijk was,  want ik vind cola namelijk prima voor het loshengsten van roestige bouten…maarre…ech nie om te zuipen…maar goed, dit terzijde.

Nu is 500mm brandpunt wat aan de korte kant het gaat om het leuk fotograferen van “speldeknop formaat planetaire neveltjes” maar daarmee hebbie de onmogelijkheden van die 500mm Maks eigenlijk ook wel gehad!!!  Dit soort van kortere brandpuntsafstanden vormen heden ten dagen bij de grote schare  liefhebbers van peperdure apo-lenzenkijkers ook niet echt een onoverkomelijk probleem, integendeel zelfs!! Trouwens een best wel dringend punt van aandacht,  als er gekozen moet/mag worden voor een telelens voor astrofotografie dan verdient een topkwaliteit apo…(opening: 75 tot 100mm….Brandpuntsafstand:….500 tot 80mm) heel erg de voorkeur boven zo’n, toegegeven…altijd indrukwekkende,   standaard zogenaamde “persmuskieten-supertele”!!

Deze telelenzen, de enkele uitzondering daargelaten,  zijn helemaal ingericht op daglichtfotografie en laten nog wel eens onder nachtelijke omstandigheden soms/vaak niet hun beste optische beste kanten zien…..althans, zo vernam ik onlangs bij mijn all time favo telescopenzaak Robtics, tijdens een boeiende babbel  aangaande dit onderwerp.

Ik heb mijzelve ooit lang geleden in een vlaag van “optische hebben…hebben…hebben verstandsverbijstering” een  tweedehands 300mm Canon (me dunkt, niet het minste merk als het gaat om fotografiespullen!!!) telelens “cadeau gedaan”…..maarre…..die kon/kan bij nader inzien toch echt niet de schaduw staan van die klassieke russische 500mm Maks. Kleine apo’s en/of kleine Maksutov danwel Schmidt Cassegrain telelenzen/telescopen in combinatie met een optische sensor met kleinformaat pixels gemonteerd op een stabiele equatoriale montering vormen echt  een heel fijncompacte ijzersterke combi als het gaat om top kwaliteit groot hoek deep sky astrofotografie!! Het is maar dat U het weet…

Afijn….omdat er dus nog wat, maar ook weer niet overdadig veel,  heldere hemel tijd beschikbaar was en omdat het sterrenbeeld Zwaan precies mooi in mijn meest donkere stukje (zuid oostelijke) sterrenhemel te vinden was dan maar gekozen voor de Sluiernevel….nou ja…een gedeelte ervan….want dat ding is zo groot dat ie niet in zijn geheel in het beeldveld van de 500mm Maks past. De sluiernevel heeft iets van drie of meer NGC-nummers en omdat ik geen zin en tijd had om precies uit te zoeken welk nummer bij welk stukkie Sluiernevel hoorde heb ik de heel geavanceerde methode van “natte vinger plate solving” toepast…ofwel…ik heb gewoon in den blinde een nummer in mijn GoTo handcontroller geramd en ben meteen vooluit aan het belichten geslagen om na vijf minuten op mijn beeldschermpje bovenstaand plaatje te zien verschijnen…..waar ik zeer content mee was!

Dit “sub-kunstje” heb ik vervolgend nog vier herhaald en daarna heel het circus ingepakt en met het open eendendakkie weer tevree huiswaarts gesjeesd.

Het afwerkritueel was een digitale mengelmoes van Deep Sky stacker, een beetje photoshop en om de kleurruis te onderdrukken nog een “behandeling” met het zeer effectieve (kleur)ruisonderdrukkingsprogramma “Neat image”…..met nevenstaand, vind ik, zeer plezant resultaat.

Het enige wat ik de volgende keer een tikkie anders ga doen dat is ietsjes langer belichten…..deze subjes waren 6 minuten elk…..de volgende keer ga ik eens kijken of er nog meer uit te halen valt bij 5x 8 minuten of misschien zelfs wel 5×10….dat krap effectieve midzomer-uurtje zou wellicht net voldoende moeten kunnen zijn zo kort op de aanstormende langste dag/kortste nacht….21 Juni….Nou ja, zie wel waar het schip strandt!!

Opnieuw is een ‘knipperende reus’ ontdekt, nu vlakbij het Melkwegcentrum

Impressie van een rode reus die verduisterd wordt door een enorme stofwolk. Credit: Amanda Smith, University of Cambridge

Een internationaal team van sterrenkundigen onder leiding van Leigh Smith (Cambridge’s Institute of Astronomy) heeft een rode reuzenster ontdekt, die 25.000 lichtjaar van ons vandaan staat en die in helderheid met een factor 30 afnam, waarna ‘ie weer lichtsterker werd. De ster heet VVV-WIT-08, genaamd naar de VISTA Variables in the Via Lactea survey (VVV), waarmee hij ontdekt is (het WIT in de naam staat voor ‘What is This?’). De onderzoekers denken dat VVV-WIT-08 een voorbeeld is van een ‘knipperende reus’, een categorie grote sterren van pakweg 100 keer de omvang van de zon, die een onzichtbare begeleider hebben, een ster of planeet omgeven door een ondoorzichtige wolk van stof, die eens in de paar decennia voor de reus langsschuiven, gezien vanaf de aarde.

Drie opnames van VVV-WIT-08. Credit: ESO.

VVV-WIT-08 ligt in de richting van het centrum van de Melkweg en hij bevindt zich in een gebied dichtbevolkt met sterren. De sterke afname van de lichtsterkte van de rode reus, die april 2012 begon en die een paar honderd dagen duurde, werd bevestigd met het Optical Gravitational Lensing Experiment (OGLE). De ster bleek zowel om het zichtbare deel van het spectrum zwakker te worden als in het infrarood.

Het is nu het derde voorbeeld van een knipperende reus die bekend is. Eerder ontdekte men Epsilon Aurigae, die eens in de 27 jaar verduisterd wordt door een enorme stofschijf, en daarna TYC 2505-672-1, die eens per 69 jaar een verduisterende eclips meemaakt – je merkt het, dat knipperen gaat naar aardse begrippen erg langzaam, geen ‘blink of the eye’. Uit de VVV survey komen wellicht nog twee andere kandidaten knipperende reuzen naar voren. Hier het vakartikel over de waarnemingen aan VVV-WIT-08, verschenen in Monthly Notices of the Royal Astronomical Society.

Bron: Phys.org.