Site pictogram Astroblogs

Mogelijk is er helemaal geen Hubble-spanning over de uitdijingssnelheid van het heelal

Een impressie van de grote stofrijke sterrenstelsels in het vroege heelal. Credit: NAOJ.

Credit: Dark Energy Survey/DOE/FNAL/DECam/CTIO/NOIRLab/NSF/AURA

Wat de Hubble-spanning is hoef ik jullie niet meer uit te leggen, een verwijzing naar het Hubble-spanningsdossier met daarin welgeteld 44 blogs volstaat denk ik wel. Recent onderzoek door de bekende sterrenkundige Wendy Freedman (Universiteit van Chicago) laat zien dat er mogelijk helemaal geen conflict is tussen de uiteenlopende metingen van de snelheid waarmee het heelal uitdijt, ergo dat er mogelijk helemaal geen Hubble-spanning is. Wat zij en haar collega’s deden was kijken naar een vrij nieuwe methode om die snelheid te bepalen en die uitgaat van de heliumflits bij rode reuzensterren – in 2019 deed ze daar al een eerste meting mee. Toen werd de meting nog gedaan door een waarneming aan zo’n rode reus in één nabij sterrenstelsel, maar sindsdien zijn meerdere rode reuzen bekeken in meerdere sterrenstelsels en die zijn op vier afzonderlijke manieren bekeken om de helderheden van de rode reuzen tijdens het korte moment van de zogeheten heliumflits te calibreren, manieren die slechts 1% van elkaar verschillen.

Die knik daar rechtsboven in het beroemde HR-diagram is de ‘Tip of the Red Giant Branch’, als de heliumflits plaatsvind. Credit: Lithopsian/Wikipedia.

Uitkomst van de nieuwste metingen is dat de Hubble constante H0 69,8 km/s/Mpc blijkt te zijn. Die waarde komt aardig overeen met de 67,4 km/s/Mpc die o.a. de Planck satelliet heeft bepaald aan de hand van de kosmische microgolf-achtergrondstraling (CMB) uit het vroege heelal. Maar hij is ook redelijk in de buurt van de 72 km/s/Mpc, die bepaald is aan de hand van type Ia supernovae en Cepheïden in het lokale heelal – sterker nog de waarde van Freeman’s H0 zit er zo’n beetje tussenin (iets meer in de buurt van de Planck-waarde). Freeman denkt dat er helemaal geen conflict is tussen de uiteenlopende waarden, maar dat ze uiteindelijk allemaal uit zullen komen op die waarde ergens tussenin, dus zeg 70 km/s/Mpc. En dat betekent dat er helemaal geen nieuwe natuurkunde nodig is om de Hubble-spanning te verklaren. Als de Hubble-spanning blijft bestaan en er zijn geen instrumentele fouten gemaakt, dan volstaat kennelijk het heersende Lambda-CMB model van het heelal niet en is er aanvullende ‘Nieuwe Natuurkunde’ nodig, zoals dat heet. Maar dat hoeft dus mogelijk niet. Freeman denkt dat nieuwe metingen, o.a. met de James Webb Space Telescope die in het najaar wordt gelanceerd, het uiteindelijk moeten oplossen. Bron: Phys.org.

Mobiele versie afsluiten