19 mei 2024

Licht dat van buiten de Melkweg komt is helderder dan gedacht

Impressie van de New Horizons. Credit: NASA/APL/SwRI and NASA/JPL-Caltech

NASA’s New Horizons ruimteverkenner kennen we allemaal nog goed van de scheervlucht op 14 juli 2015 langs Pluto en Charon en op 1 januari 2019 langs Arrokoth (Ultima Thule,  2014 MU69). Maar de verkenner doet meer dingen. Zo heeft hij recent vele foto’s gemaakt met z’n Long-Range Reconnaissance Imager (LORRI) van de hemelachtergrond, bedoelt om een idee te krijgen hoe groot de zogeheten cosmic optical background (COB) is, het totaal van het licht uitgezonden door sterren buiten de Melkweg over de hele geschiedenis van het universum. Als de COB-helderheid niet gelijk is aan het licht van sterrenstelsels die we kennen, suggereert dit dat er mogelijk bronnen van optisch licht in het universum ontbreken. En dat laatste blijkt inderdaad het geval te zijn: we zien meer licht dan we zouden moeten zien op basis van de populaties van sterrenstelsels waarvan we begrijpen dat ze bestaan ​​en hoeveel licht we schatten dat ze zouden moeten produceren, aldus Teresa Symons (Rochester Institute of Technology), één van de onderzoekers. De waarnemingen bevestigen wat eerder dit jaar door een andere groep sterrenkundigen was waargenomen, dat de COB twee keer zo groot was als men eerst had ingeschat. Dat men de New Horizons nodig heeft om dat achtergrondlicht waar te nemen en het niet vanaf de aarde gebeurt komt omdat het licht vanaf de aarde moeilijk te zien is door het vele stof dat zich in het zonnestelsel bevindt en dat ons zicht op de COB hindert, het stof dat het zodiakale licht vormt (zie de foto hieronder) [1]Overigens: óók de hoeveel licht IN het zonnestelsel blijkt groter te zijn dan gedacht. Met de Hubble ruimtetelescoop heeft men een ‘spookachtige gloed’ waargenomen.. New Horizons bevindt zich ver buiten de buitenste planeet, Neptunus, en daar is dat stof veel minder hinderlijk.

Zodiakaal licht boven het La Silla observatorium van de ESO in Chili. CREDIT: ESO/Y. Beletsky

Door verder onderzoek, onder andere met de CIBER-2 en SPHEREx, hoopt men het verschil tussen de voorspelde en waargenomen waarde van de COB te kunnen verklaren. Hier is het vakartikel over de waarnemingen aan de COB, te verschijnen in de Astrophysical Journal.

Eh… over de New Horizons gesproken: ze zijn daar van plan nog iets anders mee te gaan waarnemen: de buitenste planeten Uranus en Neptunus. Eind 2023 staan ze dicht bij elkaar aan de hemel en vanuit de positie van New Horizons (nu 55 keer zo ver van de zon als de aarde van de zon staat) kunnen ze dan de twee ijsreuzen goed te kunnen zien en zo hopen ze waar te nemen hoeveel wolken er van de twee planeten de ruimte in verdwijnen.

Bron: RIT.

Voetnoten

Voetnoten
1 Overigens: óók de hoeveel licht IN het zonnestelsel blijkt groter te zijn dan gedacht. Met de Hubble ruimtetelescoop heeft men een ‘spookachtige gloed’ waargenomen.
Share

Speak Your Mind

*