Ah, LOFAR’s BlueGene/P supercomputer doet ’t!

3C 196, door LOFAR gefotografeerd. Credit: ASTRON.

De Low Frequency Array (LOFAR) is een hele serie door ASTRON gebouwde kleine radioantennes in Nederland, Duitsland, Frankrijk en Engeland en vorig jaar zomer werd ‘ie geopend door Koningin Beatrix. Alle data van die over een gebied van meer dan 1000 km verspreid staande antennes moet in Groningen bijeengebracht worden door een grote BlueGene/P supercomputer en naar nu blijkt werkt dat gelukkig ook. De antennes in de vier landen konden al afzonderlijk waarnemingen doen, maar nu kunnen ze door die computer ‘gestackt’ worden – net zoals wij amateurs dat met Registax doen – tot één gecombineerde opname. Dat zorgt er voor dat de International LOFAR Telescope (ILT) nu echt werkt en dat wetenschappers ermee aan de slag kunnen om zaken te onderzoeken zoals het tijdperk van de reïonisatie in het vroege heelal, pulsars en kosmische stralen. Het object dat als eerste bekeken werd door ILT was de quasar 3C 196, een radiostelsel dat zich 6,9 miljard lichtjaar van ons vandaan bevindt en dat een actief superzwaar zwart gat in z’n centrum heeft. LOFAR is in staat erg in te zoomen op objecten en ze kunnen er een resolutie van 0,2 boogseconden mee halen, da’s 1/10.000e van de diameter van de maan. Voor radiosterrenkunde een enorm oplossend vermogen. Op de foto zie je de kern van 3C 196, welke uit twee delen bestaat. De kleinst zichtbare details zijn 7000 lichtjaren groot, voor een object op 6,9 miljard lichtjaar afstand is dat superscherp. We hopen nog vele mooie dingen met LOFAR te mogen meemaken! Meer foto’s vind je hierzo. Bron: SpaceRef.