Upgrade Deep Space Station-43 verloopt voorspoedig; Voyager 2 stuurt bevestigingssignaal terug naar aarde na communicatietest

Sinds maart dit jaar ondergaat de enige radioantenne die kan communiceren met de Voyager 2, de Deep Space Station-43, te Canberra, Australië, grote herstelwerkzaamheden. De antenne is tot februari 2021 offline gehaald. De antenne is cruciaal voor contact met de Voyager 2, die zich op 18,5 miljard km van de aarde bevindt, en het is voor NASA’s missie-ingenieurs een spannende aangelegenheid. Recentelijk, na een half jaar werkzaamheden aan het DSS-43, volgde er in oktober j.l. een communicatietest, een set commando’s werd vanaf de DSS-43 naar de Voyager 2 verstuurd en ontvangen! NASA ingenieurs waren opgetogen toen Voyager 2 het bevestigingssignaal naar de aarde zond, teken dat het herstel van DSS-43 op de goede weg is. De Voyager missie wordt beheerd vanuit het Jet Propulsion lab, te Pasadena, Californië. Lees verder

NASA start bouw antenneschotel met laserontvanger voor Deep Space Network

Een nieuw tijdperk van communicatie in de ruimte is aangebroken. Waar NASA sinds jaar en dag radiogolven gebruikt om miljoenen kilometers de ruimte in te communiceren met haar ruimtesondes voegt de organisatie nu een schotel toe aan het DSN welke lasersignalen kan ontvangen. De Deep Space Station-23 zoals de schotel gaat heten maakt deel uit van een overgang naar snellere en efficiëntere communicatie terwijl NASA zich voorbereidt op de maanmissie Artemis en Marsreizen vanaf 2030.
Lees verder

Bekijk de communicatie met ruimtesondes in real-time

DSN Canberra. Credit: NASA

Hoe kunnen wetenschappers en ingenieurs communiceren met hun ruimtesondes? Alle robotmissies die het zonnestelsel doorkruisen zouden onmogelijk zijn zonder het Deep Space Network. NASA heeft nu een programma uitgebracht waarmee je kunt zien hoe deze communicatie werkt.

DSN Now is een live visualisatie van het gebruik van het Deep Space Network, waarin je kunt zien welke ruimtesondes met welke antennes communiceren. Je ziet ook de afstand tot de ruimtesondes en allerlei gegevens over de snelheid en datagebruik. NASA bezit een heel stel van deze antennes, maar de grootste staan in Goldstone (California), Madrid (Spanje) en Canberra (Australia).

Bron: DSN Now

NASA begonnen z’n Deep Space Network te upgraden

Eén van de DSN-schotels. Credit: NASA

Al jaren mag ik jullie trakteren op prachtige plaatjes afkomstig van planeetverkenners zoals Cassini, de Mars Reconnaissance Orbiter en de Marsrovers Opportunity en Spirit. Die plaatjes komen tot ons via het Deep Space Network van de NASA, een wereldwijd netwerk van zeer krachtige radiozenders en -ontvangers. Dit netwerk bestaat uit drie 70 meter schotelantennes in Spanje (Madrid), de Verenigde Staten (Goldstone, Californië) en in Australië (Canberra) [1]De aarde is een cirkel/bol en de schotelantennes staan 120 graden uit elkaar. Op deze manier kan in alle richtingen altijd contact gemaakt worden gedurende 8 tot 14 uren per station met de sondes., plus enkele kleinere die het contact onderhouden met ruimtevaartuigen zoals de Voyager 2 die zich al buiten het zonnestelsel bevinden. Probleem waar de NASA de laatste jaren mee worstelt is dat de sondes steeds geavanceerder worden en steeds grotere hoeveelheden data versturen, terwijl het uit 1959 stammende DSN niet op die hoeveelheid data is berekend. Vandaar dat de NASA vandaag begonnen is het netwerk te upgraden en de radioschotels te voorzien van nieuwe, snellere apparatuur. Daardoor moet het mogelijk zijn over enkele jaren 600 Mb per seconde te ontvangen, terwijl dat nu enkele mb bedraagt. Bij de drie grote schotels komen kleinere 34-meter schotels, die via de zogenaamde Ka-band hoge frequentiesignalen moeten ontvangen van de ver verwijderde verkenners. Ergens in 2018 moet dat klaar zijn en kan de NASA beschikken over supersnelle breedband via het kosmische internet. 🙂 Bron: Space.com.

References[+]

References
1 De aarde is een cirkel/bol en de schotelantennes staan 120 graden uit elkaar. Op deze manier kan in alle richtingen altijd contact gemaakt worden gedurende 8 tot 14 uren per station met de sondes.