NASA’s Juno registreert bijzondere ‘decameter-golven’ bij vulkanische maan Io

NASA’s Juno ruimteschip registreert radio-emissiepatronen bij Jupiter en omgeving. Recent registreerde Juno atypische ‘decameter-radiogolven’ bij Jupiter’s vulkanische maan Io. Deze golven, kortweg DAM’s genoemd, werden opgevangen door het Waves-instrument van Juno. Jupiter bezit in ons zonnestelsel het grootste en krachtigste magnetische veld, dat zich zo ver uitstrekt dat ook enkele manen van Jupiter zich omgeven vinden door dit magneetveeld. Daar de maan Io zich het dichtst bij de planeet bevindt, wordt de maan a.h.w. gevangen in een soort continu zwaartekrachtgevecht tussen Jupiter en nog twee andere grote manen. Deze tegengestelde krachten veroorzaken enorme interne hitte, wat heeft geleid tot honderden vulkaanuitbarstingen over het oppervlak van de maan. De vulkanen spuwen zo een ton aan gas en deeltjes per seconde de ruimte in, aldus NASA, zie deze verklaring. Deels splitst dit materiaal zich in elektrisch geladen ionen en elektronen die vervolgens via het magnetische veld van de planeet op Jupiter ‘regenen’. Elektronen die in het magnetische veld worden gevangen, begeven zich versneld naar de polen van Jupiter en genereren onderweg een fenomeen dat wetenschappers ‘decameter-radiogolven’ noemen (ook bekend als decametrische radio-emissies of DAM).
Deze conceptuele afbeelding toont een weergave van het Jupiter-Io-interactie. De blauwe wolk is de Io-plasmatorus, een gebied met een hogere concentratie van ionen en elektronen in de baan van Io. De veelkleurige lijnen vertegenwoordigen de magnetische veldlijnen die de baan van Io verbinden met de atmosfeer van Jupiter. De radiogolven komen uit de bron die zich op de krachtlijn in het magnetische veld bevindt en planten zich voort langs de wanden van een holle kegel (grijs gebied). Juno ontvangt het signaal alleen wanneer de rotatie van Jupiter die kegel over het ruimtevaartuig zwiept, op dezelfde manier waarop een vuurtorenbaken kort op een schip op zee schijnt. De baan van Juno wordt weergegeven door de witte lijn die de kegel kruist. Credits; NASA/GFSC/J.Friedlander.NASA: “Als Juno zich op de juiste plek bevindt om te ‘luisteren’ kan het Waves-instrument van Juno deze DAM-golven opvangen.”  Onderzoekers hebben gegevens van Juno gebruikt om vast te stellen waar in het enorme magnetische veld van Jupiter de radio-emissies vandaan komen. De gegevens werpen licht op het gedrag van de enorme magnetische velden die gasreuzen creëren. Volgens het onderzoeksteam komen de radiogolven uit een ruimte best omschreven als een soort ‘holle kegel’, een plek waar de omstandigheden precies goed zijn: de juiste magnetische veldsterkte en de juiste dichtheid van elektronen. Het signaal roteert als een vuurtoren en Juno pikt het alleen op als het ‘licht’ op het ruimtevaartuig schijnt. Uit de radiogegevens bleek ook dat de elektronen die deze radiogolven creëren een enorme hoeveelheid energie uitzenden, 23 keer groter dan verwacht. Dergelijke elektronen kunnen volgens het onderzoeksteam ook uit andere bronnen komen, zoals uit het magnetisch veld van de planeet of uit zonnewinden. Video: Juno stemt af op een van zijn favoriete radiostations. Hoor de decametrische radio-emissies die worden veroorzaakt door de interactie van Io met het magnetische veld van Jupiter. Het Waves-instrument op Juno detecteert radiosignalen wanneer Juno’s traject de bundel kruist, een kegelvormig patroon. Dit straalpatroon is vergelijkbaar met een zaklamp die alleen een ring van licht uitstraalt in plaats van een volledige straal.  Degedetecteerde radio-emissie zijn ‘vertaald’ naar een frequentie binnen het hoorbare bereik van het menselijk oor. Credits video; Universiteit van Iowa / SwRI / NASA, Space.com

Aurora’s van Jupiter veroorzaakt door ‘surfende’ ionen op elektromagnetische golven

Een team astronomen o.l.v. William Dunn van het University College London, is er voor het eerst in geslaagd de oorzaak te achterhalen van de fraaie röntgen-aurora’s die Jupiter produceert. Deze aurora’s bestaan uit botsende geladen deeltjes, ionen, in de atmosfeer van de grote gasreus. Echter hoe deze ionen überhaupt in Jupiter’s atmosfeer terecht konden komen was tot voorheen niet duidelijk. Nu heeft het team van Dunn voor het eerst de ionen zien ‘surfen’ op elektromagnetische golven in het magnetische veld van Jupiter, de atmosfeer in. Dit alles kwam aan het licht na nieuwe data-analyses van ESA’s XMM-Newton-telescoop en NASA’s Juno-sonde. De XMM-Newton maakt op afstand waarnemingen van Jupiter op röntgengolflengten. Juno cirkelt rond de gigantische planeet zelf en neemt in-situ metingen vanuit het magnetische veld van Jupiter. Maar de vraag was: waar moest het team naar zoeken? De aanwijzing kwam toen co-onderzoeker Zhonghua Yao (Universiteit van Beijing) zich realiseerde dat er iets niet klopte aan Jupiter’s röntgen-aurora’s. Op aarde zijn aurora’s alleen zichtbaar in een gordel rond de magnetische polen, tussen 65 en 80 graden noorderbreedte. Boven de 80 graden verdwijnt de poollichtemissie omdat de magnetische veldlijnen hier de aarde verlaten en zich verbinden met het magnetische veld in de zonnewind, de constante stroom van elektrisch geladen deeltjes die door de zon worden uitgestoten. Dit worden open veldlijnen genoemd en traditioneel wordt niet verwacht dat de poolgebieden van Jupiter en Saturnus op hoge breedtegraden substantiële aurora’s uitzenden. De röntgenaurora’s van Jupiter zijn echter niet consistent met dit beeld. Ze bevinden zich poolwaarts van de noordpoolgordel, pulseren regelmatig en kunnen bij de noordpool soms anders zijn dan bij de zuidpool. Dit zijn typische kenmerken van een ‘gesloten’ magnetisch veld, waarbij de magnetische veldlijn de planeet verlaat aan de ene pool en zich opnieuw verbindt met de planeet aan de andere pool.

Exploratie van Jupiter Credits; NASA/ESA

Met behulp van computersimulaties ontdekte Zhonghua reeds eerder dat de pulserende röntgenstraling kan worden gekoppeld aan gesloten magnetische velden die in Jupiter worden gegenereerd en zich vervolgens miljoenen kilometers in de ruimte uitstrekken voordat ze terugkeren. Op 16 en 17 juli 2017 observeerde de XMM_Newton Jupiter continu gedurende 26 uur en ‘zag’ elke 27 minuten pulserende röntgenstraling. Tegelijkertijd reisde Juno tussen 62 en 68 Jupiter-radii boven de ‘pre-dawn’-gebieden van de planeet. Dit was precies het gebied waarvan de simulaties van het team suggereerden dat het belangrijk was voor het activeren van de pulsaties. Dus zocht het team in de Juno-gegevens naar magnetische processen die in hetzelfde tempo plaatsvonden. Ze ontdekten dat de pulserende röntgenstraling wordt veroorzaakt door fluctuaties van het magnetisch veld van Jupiter. Terwijl de planeet draait, sleept hij rond zijn magnetisch veld. Het magnetische veld wordt direct getroffen door de deeltjes van de zonnewind en samengedrukt. Deze compressies verhitten deeltjes die gevangen zitten in het magnetische veld van Jupiter. Dit veroorzaakt een fenomeen dat elektromagnetische ionencyclotron (EMIC) golven wordt genoemd, waarbij de deeltjes (ionen) langs de veldlijnen worden gericht. Geleid door het veld ‘surfen’ de ionen over de EMIC-golf door miljoenen kilometers ruimte, uiteindelijk botsen ze in de atmosfeer van de planeet en veroorzaken ze de röntgenaurora. De resultaten van het onderzoek zijn recent gepubliceerd in ScienceAdvances.

Jupiter’s aurora’s Credits; ESA

Nu het proces van deze aurora’s voor het eerst geïdentificeerd, opent het mogelijkheden voor vervolgstudie. Bij Jupiter is het magnetische veld bijvoorbeeld gevuld met zwavel- en zuurstofionen die worden uitgespuwd door de vulkanen op de maan Io. Bij Saturnus spuit de maan Enceladus water de ruimte in, waardoor het magnetische veld van Saturnus wordt gevuld met waterionen. “Dit is een fundamenteel proces dat van toepassing is op Saturnus, Uranus, Neptunus en waarschijnlijk ook op exoplaneten”, aldus Zhonghua, en vervolgt: “Het kan zelfs breder toepasbaar zijn, er is een opvallende gelijkenis met de ionen-aurora’s die hier op aarde plaatsvinden.” In het geval van de aarde is het verantwoordelijke ion een proton, dat afkomstig is van een waterstofatoom, en het proces is niet energetisch genoeg om röntgenstralen te creëren. Toch is het basisproces hetzelfde, de röntgenstraling van Jupiter is in wezen een ionen-aurora, hoewel met een veel hogere energie dan de proton-aurora op aarde. “Het kan zijn dat EMIC-golven een belangrijke rol spelen bij het overbrengen van energie van de ene plaats naar de andere door de kosmos”, aldus Dunn. De studie van Jupiter’s aurora’s zal worden voortgezet met ESA’s JUpiter ICy moons Explorer (Juice). Juice zal in 2029 bij Jupiter arriveren en de atmosfeer, de magnetosfeer en het effect van de vier grootste manen van Jupiter op de aurora’s bestuderen. Bron: ESA/NASA

Scheervlucht Juno levert nieuwe close-ups op van Ganymedes

Credit: NASA/JPL-Caltech/SwRI/MSSS

Afgelopen maandag is NASA’s ruimteverkenner Juno vlak langs Ganymedes gevlogen, de grootste maan van Jupiter (en tevens van het hele zonnestelsel – hij is zelfs groter dan de planeet Mercurius). De kortste afstand tot de maan was 1068 km. De laatste keer dat een ruimteverkenner zo dicht bij de maan kwam was in 2000, toen Galileo (ook van de NASA) een scheervlucht langs Ganymedes maakte. De NASA heeft twee foto’s vrijgegeven die tijdens de scheervlucht zijn gemaakt. De close-up van die twee toont lange scheuren in het oppervlak van Ganymedes, scheuren die mogelijk te maken hebben met tektonische breuklijnen.

Credit: NASA/JPL-Caltech/SwRI

Ganymedes is één van de 79 manen van Jupiter en samen met Io, Callisto en Europa werd hij al in 1610 ontdekt, door Galileï. Juno draait al vijf jaar om Jupiter en doet vanuit z’n baan onderzoek aan de gasreus en z’n manen. Bron: Phys.org.

Zodiakaal licht mogelijk veroorzaakt door stofdeeltjes van Mars

Zodiakaal licht boven het La Silla observatorium van de ESO in Chili. CREDIT: ESO/Y. Beletsky

Al heel lang denken wetenschappers dat het bekende zodiakale licht [1]Dat is de zwakke driehoekige witte lichtgloed aan de nachtelijke hemel net na zonsondergang of voor zonsopkomst die lijkt uit te stralen vanaf van de zon langs de ecliptica. ontstaat door stofdeeltjes van kometen en planetoïden – Queen-gitarist én sterrenkundige Brian May schreef er in 1974 een wetenschappelijk artikel over dat hier te vinden is. Maar nu blijkt dat we er mogelijk naast zitten en dat het zodiakale licht een andere oorsprong heeft. Een team van onderzoekers onder leiding van John Leif Jørgensen heeft namelijk onderzoek gedaan aan de gegevens die verzameld zijn door de Juno verkenner, die momenteel om Jupiter draait, en daaruit blijkt dat het stof van Mars is dat het zodiakele licht veroorzaakt. Eh… een verkenner bij Jupiter die ontdekt dat licht dat te zien is vanaf de aarde veroorzaakt wordt door stof van Mars? Ja klopt, al gaat het wel om gegevens die Juno verzamelde tijdens z’n tocht naar Jupiter toe. NASA’s ruimteverkenner Juno werd augustus 2011 gelanceerd en op 4 juli 2016 arriveerde hij bij Jupiter. Tijdens die reis maakte Juno iedere kwart seconde met vier ‘star trackers’ een foto, niet om stofdeeltjes te fotograferen, maar om de sterren te fotograferen en daarmee de juiste koers naar Jupiter te houden. Jørgensen’s team heeft al die foto’s bekeken en dat deden ze om er nog onbekende planetoïden op te vinden. Wat ze zagen op vele afbeeldingen waren kleine streepjes, die niet van sterren of planetoïden waren. Die bleken veroorzaakt te zijn door kleine stofdeeltjes, die met een snelheid van wel 16.000 km/u tegen Juno botsten. Door de ‘gravity assist’ van Juno, de passage van de verkenner in oktober 2013 langs de aarde, was men in staat om een beeld te krijgen van de ruimtelijke verdeling van de stofeeltjes. En die bleken te lopen van de aarde aan de ene kant tot Jupiter aan de andere kant!

Grote vraag is natuurlijk wel waardoor het komt dat stofdeeltjes de zwaartekracht van Mars kunnen overwinnen, deeltjes die vervolgens in een sliert van de aarde tot Jupiter terecht komen. Dat moet vervolgonderzoek duidelijk maken. Hier is het vakartikel over de waarnemingen aan het zodiakale licht, verschenen in de Journal of Geophysical Research: Planets. Bron: NASA.

References[+]

References
1 Dat is de zwakke driehoekige witte lichtgloed aan de nachtelijke hemel net na zonsondergang of voor zonsopkomst die lijkt uit te stralen vanaf van de zon langs de ecliptica.

Juno, Hubble en Gemini hebben tegelijk diep in Jupiter’s atmosfeer getuurd

Simultane waarnemingen van Hubble (HST) en Gemini van de grote Rode Vlek, gedaan op 1 april 2018. Credits: NASA, ESA, and M.H. Wong (UC Berkeley) and team

Gebruikmakend van twee telescopen bij de aarde – de Hubble ruimtetelescoop en de Gemini telescoop op Hawaï – en de ruimteverkenner Juno bij Jupiter hebben onderzoekers tegelijk waarnemingen gedaan aan diens atmosfeer, met bijzondere aandacht voor de Grote Rode Vlek, de gigantische storm op Jupiter, die daar al eeuwenlang woedt. Met Hubble en Gemini is in verschillende golflengtes naar de Grote Rode Vlek gekeken en vanuit z’n baan bij Jupiter heeft Juno daar close-up opnames van gemaakt. Stormen op aarde kunnen enorm zijn, maar op Jupiter is alles een graadje sterker. Donderkoppen van onweersbuien kunnen op Jupiter tot een hoogte van 65 km komen, zo’n vijf keer hoger dan aardse stormen. En de bliksemflitsen op Jupiter kunnen wel drie keer zo krachtig zijn als aardse bliksems.

Boven: de waarnemingen aan de wolkenstructuren op Jupiter. Onder: de interpretatie van de wolkenstructuren en atmosferische circulatie. Credits: NASA, ESA, M.H. Wong (UC Berkeley), A. James and M.W. Carruthers (STScI), and S. Brown (JPL)

De baan van Juno is elliptisch en iedere 53 dagen vliegt ‘ie zeer dicht over het oppervlak van Jupiter. Met z’n microgolf radiometer kan ‘ie diep in de atmosfeer van Jupiter ‘kijken’.

Door de simultane waarnemingen van de bliksems met Juno, Huble en Gemini hebben de onderzoekers kunnen aantonen dat blikseminslagen gepaard gaan met een drievoudige combinatie van wolkenstructuren:

  • er zijn diepe wolken van waterdamp
  • hoge convectieve zuilen veroorzaakt door opwelling van vochtige lucht (zeg Joviaanse donderkoppen)
  • heldere gebieden vermoedelijk veroorzaakt door neerwaartse opwarming van drogere lucht buiten de convectieve zuilen, een soort valwinden.

De Hubble-gegevens tonen de hoogte van de dichte wolken in de convectieve zuilen, evenals de diepte van diepe waterwolken. Die blijken wel vijf keer hoger te kunnen worden dan donderkoppen op aarde.

Verder heeft men onderzoek gedaan naar donkere vlekken in de Grote Rode Vlek die regelmatig verschijnen, na verloop van tijd van vorm veranderen en dan weer verdwijnen. Uit eerdere waarnemingen was niet duidelijk of deze worden veroorzaakt door een mysterieus donkergekleurd materiaal in de hoge wolkenlaag, of dat het gaten in de hoge wolken zijn – vensters in een diepere, donkerdere laag eronder. Nu blijkt door de simultane waarnemingen dat de gebieden die donker zijn in zichtbaar licht zijn erg helder in zijn in infrarood, wat aangeeft dat het in feite gaten zijn in de wolkenlaag. Een vakartikel over de waarnemingen verscheen vorige maand in the Astrophysical Journal Supplement series. Bron: NASA.

NASA’s Juno vermijdt Jupiter eclips door slimme manoeuvre en ontdekt nieuwe cycloon

Er is met behulp van NASA’s Juno sonde een nieuwe cycloon op Jupiter ontdekt. De ontdekking van de kolossale Joviaanse storm vond plaats op 3 november 2019, en kwam uit de meest recente data analyse van Juno. Het betrof data van de 22e flyby van het op zonne-energie aangedreven ruimtevaartuig dat wetenschappelijke gegevens verzamelt van de gasreus. Juno draait op zo een 3500 km boven het wolkendek van Jupiter en wordt ook wel Jupiter’s Near Polar Orbiter genoemd. De flyby markeerde ook een overwinning voor het Juno missieteam, wiens innovatieve maatregelen het vaartuig recent vrij hielden van wat een op een missie eindigende eclips had kunnen zijn. Scott Bolton, hoofdonderzoeker van Juno van het Southwest Research Institute in San Antonio. “We realiseerden ons dat de baan van Juno de sonde in de schaduw van Jupiter zou brengen, wat ernstige gevolgen zou kunnen hebben omdat we op zonne-energie werken.” Geen zonlicht betekent geen stroom, en dat betekent het einde van de missie. Het team probeerde energie te besparen en de sonde verwarmd te houden en in de tussentijd brainstormden ingenieurs om het probleem op te lossen. Men kwam op het idee om over Jupiter’s schaduw ‘heen te springen’. Het bleek een succesvolle navigatie manoeuvre.

Lees verder

Jupiter’s kern mogelijk vervormd door een gigantische inslag in vroege zonnestelsel

Impressie van een jonge Jupiter, die botst met een andere planetaire embryo. Credit: Astrobiology Center, Japan

Waarnemingen met NASA’s Juno ruimteverkenner laten zien dat de kern van Jupiter niet klein en compact is, maar mogelijk groter, met een lagere dichtheid en wazig (Engels: ‘fuzzy’). De oorzaak van die kern is volgens onderzoekers van de Universiteit van Zürich en de NCCR PlanetS dat Jupiter kort na z’n vorming in het vroege zonnestelsel (zo’n 4,5 miljard jaar geleden) een enorme inslag moet hebben meegemaakt. Juno draait sinds juli 2016 om de grote gasreus heen en daar heeft ‘ie onder andere metingen aan het zwaartekrachtsveld van Jupiter gedaan. Die laten zien dat de kern anders is dan men voorheen dacht. Zo  bestaat ‘ie niet alleen uit rotsen en ijs, maar ook uit waterstof en helium en is er een geleidelijke overgang naar de mantel.

(Credit: Shang-Fei Liu)

Op grond van simulaties, waarvan je hierboven enkele fragmenten ziet, komen de onderzoekers tot de conclusie dat er een gigantische inslag moet zijn gebeurd toen Jupiter pas gevormd was. Die jonge Jupiter had nog een compacte solide kern, maar door de frontale botsing met een andere planetaire embryo, die pakweg tien keer de massa van de aarde moet hebben gehad, vond er een mix plaats van de kern met de mantel en veranderde de samenstelling van de kern. Vandaag verschijnt er in Nature een artikel over het onderzoek. Bron: NCCR.

Een kolkende zee van lava op Aarde? Nee hoor, het is Jupiter’s Noordpool

Credits: NASA/JPL-Caltech/SwRI/ASI/INAF/JIRAM

Jawel, wat je hierboven ziet is de Noordpool van Jupiter. OK, het is niet zoals we ‘m gewoonlijk op foto’s zien, maar dat komt omdat de foto gemaakt is met een bijzonder instrument, de Jovian Infrared Auroral Mapper (JIRAM) aan boord van de Juno ruimteverkenner van de NASA. Die kan zoals de naam al doet vermoeden in het infrarood kijken en daarmee in de dieper gelegen delen van de atmosfeer van Jupiter, zodat de wetenschappers een betere indruk krijgen van de werking van die atmosfeer – zie de blog van vanochtend daarover. Je ziet in het midden een donkere orkaan, precies gelegen op de Noordpool van Jupiter. Daaromheen zijn acht andere orkanen te zien, die om die centrale orkaan heen wervelen. De Zuidpool van Jupiter is vergelijkbaar, al zijn daar vijf orkanen aangetroffen rondom een centrale orkaan. De orkanen variëren van 5600 tot 7000 km in diameter. De kleuren geven een indicatie van de temperatuur van de wolken in de orkanen: geel is -13°Celsius in ‘helderheidstemperatuur’ en rood is -83°C.

Bron: NASA.

Orkanen woeden ook diep in het inwendige van reuzenplaneet Jupiter

Deze opname van Jupiter is gemaakt op 16 december 2017 tijdens Juno’s tiende scheervlucht langs de reuzenplaneet. Credit: NASA/JPL-Caltech/SwRI/MSSS/Kevin M. Gill.

Astronomen hebben met data van de NASA-sonde Juno ontdekt dat de winden op de planeet Jupiter diep doordringen in het binnenste van de planeet, tot wel 3000 kilometer. Het resultaat is belangrijk voor de modellen van de inwendige structuur van Jupiter, waarover nog weinig bekend is. Het resultaat wordt op 8 maart gepubliceerd in drie artikelen in Nature (zie de lijst onderaan). De Leidse astronoom Yamila Miguel is tweede auteur van een van de artikelen en coauteur op de andere twee.

Jupiter is de vijfde planeet vanaf de zon en verreweg de grootste van het zonnestelsel (2,5 zoveel massa als alle andere planeten bij elkaar). Jupiter behoort tot de zogeheten gasreuzen, die vooral uit gas bestaan, zonder vast oppervlak. De planeet is bedekt met wolken en er woeden stevige orkanen. De reuzenplaneet heeft onder zijn dikke atmosfeer een rotsachtige kern, maar over de precieze samenstelling en de verdeling van het materiaal is nog weinig bekend. Jupiter is de invloedrijkste planeet van het zonnestelsel en heeft ook nog steeds zijn originele samenstelling. De planeet is daarom een belangrijk wetenschappelijk object; hij kan informatie verschaffen over de beginjaren van ons zonnestelsel.

Juno bij Jupiter (impressie). Credit: NASA/JPL.

Sinds juli 2016 cirkelt de ruimtesonde Juno rond Jupiter om de vele openstaande vragen rond de gasreus te beantwoorden. De eerste resultaten hebben al waardevolle informatie over Jupiters zwaartekrachtveld opgeleverd. Om het inwendige goed te begrijpen is informatie over de diepe atmosfeer nodig. De straalstromen en orkanen worden al lange tijd waargenomen, maar tot nu toe was onbekend tot welke diepte ze reiken.

Het nieuwe resultaat laat zien dat de winden tot een diepte van zo’n 3000 kilometer doordringen. Daaronder gedraagt Jupiter zich als een vast object, waarbij de differentiële rotatie (het verschijnsel dat gas sneller roteert aan de polen dan aan de evenaar) enorm afneemt vergeleken met die in de atmosfeer. Yamila Miguel werkt aan modellen die de waarnemingen van de ruimtesonde Juno verklaren. “Deze nieuwe kennis is cruciaal voor ons begrip van het inwendige van de planeet, van zijn samenstelling en van de verdeling van materiaal in het binnenste,” aldus Miguel, die sinds kort is verbonden aan de Sterrewacht Leiden. “Nu we weten hoe diep de winden reiken, kunnen we de reuzenplaneet van ons zonnestelsel ook echt beginnen te begrijpen.” Hier de drie gepubliceerde artikelen over het onderzoek door Juno van Jupiter:

A suppression of differential rotation in Jupiter’s deep interior. Door: T. Guillot, Y. Miguel, B. Militzer, W.B. Hubbard, Y. Kaspi, E. Galanti, H. Cao, R. Helled, S.M. Wahl, L. Iess, W.M. Folkner, D.J. Stevenson, J.I. Lunine, D.R. Reese, A. Biekman, M. Parisi, D. Durante, J.E.P. Connerney, S.M. Levin, S.J. Bolton. In: Nature, 8 maart 2018.

The asymmetric gravity 1 field of Jupiter. Door: L. Iess, W.M. Folkner, D. Durante, M. Parisi, Y. Kaspi, E.Galanti, T. Guillot, W.B. Hubbard, D.J. Stevenson, J.D. Anderson, D.R. Buccino, L. Casajus, A. Milani, R. Park, P. Racioppa, D. Serra, P. Tortora, M. Zannoni, H. Cao, R. Helled, J.I. Lunine, Y. Miguel, B. Militzer, S. Wahl, J.E.P. Connerney, S.M. Levin, S.J. Bolton. In: Nature, 8 maart 2018.

Jupiter’s atmospheric jet-streams extend thousands of kilometers deep. Door: Y. Kaspi, E. Galanti, W.B. Hubbard, D.J. Stevenson, S.J. Bolton, L. Iess, T. Guillot, J. Bloxham, J.E.P. Connerney, H. Cao, D. Durante, W.M. Folkner, R. Helled, A.P. Ingersoll, S.M. Levin, J.I. Lunine, Y. Miguel, B. Militzer, M. Parisi, and S.M. Wahl. In: Nature, 8 maart 2018.

Bron: Astronomie.nl.

Is ’t geen schitterende foto van Jupiter? Jij zou ‘m ook kunnen maken!

Credit: NASA

Zie hier een schitterende foto van de kleurrijke wolkenbanden op het zuidelijk halfrond van Jupiter. De originele foto werd op 16 december 2017 gemaakt door de JunoCam aan boord van NASA’s Juno ruimteverkenner. Juno bevond zich toen in de ‘perijove’ in zijn baan, het punt dat ‘ie in zijn elliptische baan het dichtste bij Jupiter staat. Afstand op het moment van de foto: 13.604 km tussen Juno en de bovenste wolkenband van Jupiter. Maar de foto zoals je ‘m hierboven ziet is anders dan het origineel: hij is bewerkt door een amateur, Kevin M. Gill. Die heeft gebruik gemaakt van de zogeheten JunoCam Image Processing Gallery, waar je alle ‘raw’ foto’s van Juno vindt én de ‘submission guidelines’ , de uitleg waar de foto’s, die iedereen met z’n eigen beeldbewerkingsprogramma’s mag bewerken, aan moeten voldoen. Kortom, als jij een goed photoshopper bent dan kan jij ook foto’s van Juno downloaden, bewerken en opsturen! Bron: Nine Planets.