17 november 2017

Losse waterstofatomen vervullen een belangrijker rol bij stervorming dan verwacht

Astronomen hebben nieuwe inzichten verkregen in het belang van waterstofatomen bij de geboorte van nieuwe sterren. Voorheen was men van mening dat alleen waterstofmoleculen het ontstaan van nieuwe sterren zouden aandrijven. Het blijkt echter dat zelfs jonge sterrenstelsels die veel nieuwe sterren maken, veel meer (losse) waterstofatomen bevatten dan waterstofmoleculen!

Nieuwe sterren worden geboren in dichte gas- en stofwolken – in het geval van de Melkweg circa één zonnemassa per jaar. In het lokale universum bestaat 70 procent uit het waterstofgas uit losse atomen, terwijl de rest uit moleculen is opgebouwd. Het was de verwachting dat verre (en dus jonge) sterrenstelsels juist vooral waterstofmoleculen zouden bevatten.

Men heeft bij sterrenstelsels tijdens de ‘kosmische hoogtijdagen’ (toen de stervorming in het heelal piekte, ruim 7 miljard jaar geleden) namelijk tien keer meer waterstofmoleculen aangetroffen dat in onze Melkweg. Het was de verwachting dat geen ruimte zou overblijven voor atomair waterstofgas. Dit blijkt helemaal niet te kloppen. Uit onderzoek is gebleken dat ook deze sterrenstelsels gedomineerd worden door losse waterstofatomen, in ongeveer dezelfde verhouding als in het lokale universum.

Dat werpt een verrassend nieuw licht op de evolutie van sterrenstelsels en de stervormingsgeschiedenis van het heelal. Ook lijkt het erop te wijzen dat waterstofatomen wellicht een veel grotere rol spelen bij stervorming dan gedacht. Het onderzoek is trouwens verricht met het ALMA-observatorium in Chili en met de Arecibo-radiotelescoop op Puerto Rico.

Het volledige vak-artikel over dit onderzoek kan hier ingezien worden.

Bron: International Centre for Radio Astronomy Research

Laat wat van je horen

*