3 juli 2020

Mysterie ‘verdwenen’ maan in het jaar 1110 eindelijk opgehelderd?

Ongeveer 1000 jaar geleden bewoog er een grote zwavelwolk rond de aarde die wel tot de stratosfeer reikte. Hierdoor werd de aardse atmosfeer voor maandenlang verduisterd. De gevolgen waren ernstig, misoogsten en honger, maar ook een opvallende donkere maansverduistering deed zich in die periode voor. Een wetenschapsteam o.l.v. de Zwitserse paleoklimatoloog Sébastien Guillet, van de Universiteit van Genève, ondernam een poging om aan de hand van nieuw klimatologisch onderzoek en historische documentatie precies te achterhalen wat er destijds gebeurd is en kwam tot een verrassende conclusie.

Hinode satelliet beeld ‘total solar eclipse’ 21 augustus 2017 credits; NASA/JAXA

Zwavelhoudende aërosolen, Hekla vulkaan
Onderzoekers hebben in de afgelopen jaren ijs- en gletsjermonsters uit Groenland onderzocht, welke zwavelhoudende aërosolen bevatten. Deze aërosolen zijn geproduceerd tijdens vulkanische uitbarstingen en later kwamen deze aërosolen terug op aarde. Hieruit concludeerde men dat ijslagen bewijs voor vulkanisme bevatten over lange tijdsperioden. Het achterhalen van de exacte datum van zo een vulkanische eruptie aan de hand van ijsmonsters is een lastig probleem. Bij de Groenlandse ijskernmonsters (afkomstig uit een ijslaag die tot de grootste zwavelafzettingen van het afgelopen millennium behoort), namen wetenschappers aan dat de zwavelhoudende aërosolen in de ijskernmonsters het resultaat waren van een grote uitbarsting van de Hekla vulkaan op IJsland in het jaar 1104. Dat klonk best aannemelijk. Toch rees er een probleem, daar gebleken is uit een herziene ijskern chronologiestudie, zowel van Groenlandse als van Antarctische ijskernmonsters – dat men in het tweede millennium een afwijking van vier jaar aantrof. Het nieuwe onderzoek van Guillet en zijn team kwam tot de conclusie dat mogelijk de IJslandse Hekla vulkaan niet de oorzaak is voor de zwavelhoudende aërosolen in het ijs. “Een opvallende ontdekking die voortvloeit uit deze herziene ijskerndatering is een belangrijk en tot nu toe niet herkend bipolair vulkanisch signaal betreffende zwavelafzetting die eind 1108 of begin 1109 AD begint en aanhoudt tot het begin van het jaar 1113 AD,” aldus Guillet e.a. in hun wetenschappelijk artikel dat recent verschenen is in Nature’s Scientific Reports*.

Totale maansverduistering, Asama vulkaan
Om te onderzoeken wat verantwoordelijk zou kunnen zijn geweest voor deze zwavelafzettingen aan de polen van de aarde kamde het team historische documentatie uit op zoek naar verslagen over bijzondere maansverduisteringen die overeen zouden kunnen komen met de stratosferische waas van grote eruptieve gebeurtenissen. “Het spectaculaire atmosferisch optisch fenomeen dat wordt geassocieerd met vulkanische aërosolen op grote hoogte heeft sinds de oudheid de aandacht van kroniekschrijvers getrokken”, schrijft het team. “In het bijzonder kan de gerapporteerde helderheid van maansverduisteringen worden gebruikt om vulkanische aërosolen in de stratosfeer te kwantificeren na grote uitbarstingen.” Volgens NASA-archiefdata op basis van astronomische herberekeningen zouden zeven totale maansverduisteringen in Europa waarneembaar zijn geweest in de eerste 20 jaar van het laatste millennium, tussen 1100 en 1120 AD. Er is onder meer een verslag van een maansverduistering die in mei 1110 plaatsvond, welke een uitzonderlijke duisternis van de maan beschreef.
 

Een getuige in de Peterborough Chronicle: “Op de vijfde nacht van de maand mei verscheen de maan ‘s avonds helder en daarna nam het licht beetje bij beetje af, zodat het, zodra de nacht inviel, zo volledig doofde, dat men noch licht, noch de bol, kon waarnemen, er was niets.” Veel astronomen hebben sindsdien deze mysterieuze en ongewoon donkere maansverduistering besproken. Eeuwen later schreef de Engelse astronoom Georges Frederick Chambers: “Het is duidelijk dat deze [maansverduistering] een voorbeeld was van een ‘zwarte’ verduistering wanneer de maan praktisch onzichtbaar wordt in plaats van te stralen met de bekende koperkleurige gloed”. Ondanks dat de gebeurtenis bekend is in de geschiedenis van de astronomie, hebben onderzoekers nooit gesuggereerd dat deze veroorzaakt zou kunnen zijn door de aanwezigheid van vulkanische aërosolen in de stratosfeer, ook al is dat de meest waarschijnlijke oorzaak, suggereert het nieuwe onderzoek. “We merken op dat er geen andere bewijzen van vulkanische stofsluier, zoals het dimmen van de zon en/of roodachtige zonnehalo’s, waren te vinden tijdens onze onderzoeken voor de periode 1108-1110 A,” aldus het team. Welk vulkaan is dan wel de oorzaak? Hoewel het vrijwel onmogelijk is zeker te weten, denkt het team dat het de Japanse vulkaan Asama (gelegen in de regio Honsh?, op het hoofdeiland) is geweest, die een gigantische, maandenlang aanhoudende stofpluim produceerde in het jaar 1108 – aanzienlijk groter dan een uitbarsting in 1783 waarbij ruim 1400 mensen omkwamen.

Asama vulkaan, Honsju, Japan, credits; wikimedia commons

Een dagboekcitaat uit 1108 luidt: ¨Er was een brand op de top van de vulkaan, een dikke laag as in de tuin van de gouverneur, overal zijn de velden ongeschikt geworden voor teelt. Dat hebben we nooit gezien in het land. Het is een heel vreemd en zeldzaam iets.” Men deed ook onderzoek naar boomringen. Hieruit bleek dat 1109 AD een uitzonderlijk koud jaar moet zijn geweest (ongeveer 1 graad Celsius koeler op het noordelijk halfrond), daar men op aanzienlijk dunnere boomringen stuitte. Andere historische documentatie, in het bijzonder verslagen van klimatologische en maatschappelijke effecten in de jaren 1109-1111 AD, bevestigen de hypothese dat een uitbarsting in 1108 (of een reeks uitbarstingen die dat jaar begon) had kunnen leiden tot rampzalige gevolgen voor getroffen gemeenschappen. De onderzoekers vonden een “overvloed aan getuigenissen die verwijzen naar slecht weer, misoogsten en hongersnoden in deze jaren”. Het team erkent dat deze lang geleden ontberingen niet als bewijs kunnen worden beschouwd van een specifieke vulkanische eruptie maar de onderzoekers menen dat al deze documentatie samen wel sterk de suggestie wekt van een ‘vergeten’ kluster van vulkaanuitbarstingen in de periode 1108 – 1110 die tot vreselijke gevolgen heeft geleid voor het leven op aarde. Bronnen: ScienceAlert, Science Reports

Comments

  1. Wybren de Jong zegt

    “werd de aardse atmosfeer voor maandenlang verduisterd.”
    Ik denk dat je beter kan schrijven: “drong er maandenlang minder licht door op aarde”
    Het woord ‘verduisterd’ betekent namelijk dat het donker was en zo erg zal het vermoedelijk niet geweest zijn.

    • Angele van Oosterom zegt

      Het handelt hier wel over een eruptie die zeer lang aanhield, augustus – oktober 1108 (maar men schetst drie mogelijke scenario’s in dit onderzoek, waaronder ook twee scenario’s met tropische uitbarstingen, van deze is bekend dat het effect sterker is, ik citeer: “Powerful volcanic eruptions can inject sulfate aerosols into the stratosphere, beyond the reach of cleansing rainfall. At these altitudes, the sulfates can linger for months or years, cooling the climate by reflecting incoming sunlight. (The effect is stronger when the eruptions occur at tropical latitudes.).
      https://earthobservatory.nasa.gov/images/38975/sarychev-eruption-generates-large-cloud-of-sulfur-dioxide

      En over de Krakatau eruptie uit 1883 lees ik, ik citeer: “Er rees een aswolk uit de berg die tot 50 kilometer hoogte steeg en zijn omgeving in diepe duisternis dompelde. Door de enorm grote hoeveelheid stof die in de atmosfeer terechtkwam, daalde wereldwijd het volgende jaar de gemiddelde temperatuur met 1,2 graden Celsius.”

Speak Your Mind

*

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: