13 december 2017

Astronomen maken “familiestamboom” van sterren

Een rode dwerg valt niet ver van de boom. Astronomen hebben een techniek “geleend” van de biologie om een familiestamboom van sterren te produceren. De chemische samenstelling van sterren kun je namelijk veel vertellen over de herkomst van die sterren.

De eerste sterren in het heelal bestonden geheel uit waterstof en helium en hebben deze elementen in hun inwendige gefuseerd tot zwaardere elementen. Zodra zware sterren exploderen als supernova, worden die zware elementen door het heelal verspreid, alwaar ze de bouwstenen vormen van een nieuwe generatie sterren. Na verschillende generaties zullen sterren geboren worden met veel meer zware elementen in hun binnenste dan oudere sterren.

Dit “afstammingsproces” doet denken aan biologische afstamming, ondanks het feit dat biologische evolutie wordt aangedreven door aanpassingen en overleven, terwijl chemische evolutie wordt aangedreven door de mechanismes die leiden tot de geboorte en dood van sterren.

Sterren hebben geen vaste omloopbaan binnen de Melkweg, maar kunnen feitelijk overal terecht komen. Het is dus heel lastig om te achterhalen waar een ster precies vandaan komt. Maar als de sterren binnen hetzelfde deel van het melkwegstelsel ontstaan zijn, zullen ze dus een gelijkaardige chemische samenstelling moeten hebben. Op die manier kun je dus “nestgenoten” vinden die inmiddels op grote afstand van elkaar staan.

Nu zijn astronomen een stap verder gegaan: ze nodigen astronomen uit om op een nieuwe manier over de geschiedenis van sterren te denken. Door 17 chemische elementen als stellair DNA te gebruiken heeft het team bij wijze van proef 22 sterren in onze omgeving gecatalogiseerd. Dankzij deze aanpak heeft het team een “stamboom” samengesteld met sterren van verschillende herkomst.

De eerste tak van de stamboom bestaat uit sterren uit de zogenaamde “dunne schijf”. De tweede tak bestaat uit sterren uit de zogenaamde “dikke schijf”. Hun eigenschappen suggereren dat stervorming in de dikke schijf sneller plaatsvindt dan erbuiten. Ten slotte heeft men ook een derde tak aangetroffen – dit zijn sterren die wellicht afkomstig zijn van een ander sterrenstelsel.

De betrokken astronomen willen hun methode nu op grote schaal gaan toepassen, maar daarvoor heb je wel precieze metingen van sterren nodig. Waar haal je die vandaan? Gelukkig is momenteel de Europese Gaia-ruimtesonde gedetailleerde metingen aan het verrichten van miljoenen sterren in de Melkweg. Hebben we over een paar jaar een gedetailleerde stamboom van een groot deel van de Melkweg? De tijd zal het leren…

Het volledige vak-artikel kan hier ingezien worden.

Bron: New Scientist

Laat wat van je horen

*