4 augustus 2021

In aanbouw zijnde ALMA telescoop ziet embryo’s van zware sterren

Embryo's van zware sterren, door ALMA waargenomen.

Embryo’s van zware sterren, door ALMA waargenomen. Credit: JILL RATHBORNE / CSIRO / JCMT / ALMA

Eind 2013 moet de gigantische ALMA-telescoop [1]Dat staat voor de Atacama Large Millimeter/submillimeter Array. op een 5000 meter hoog plateau bij de Chileens-Boliviaanse grens klaar zijn, maar nu al hebben sterrenkundigen er een geweldige ontdekking mee gedaan. De submillimeter-telescoop heeft nu 25 schotels in werking, die in het submillimetergebied van het spectrum kunnen kijken – dat moeten er uiteindelijk 66 worden – en met die schotels is men er in geslaagd om in de richting van het Melkwegcentrum gaswolken in hoge resolutie te zien die de embryo’s bevatten van zeer zware sterren. In optisch licht is het onmogelijk die embryo’s te zien, vanwege verduisterende stofwolken, maar in submillimeterlicht, dat golflengtes heeft tussen microgolven (uit de magnetron) en radiogolven, kan men daar dwars doorheen kijken. De Nederlander Thijs de Graauw is directeur van ALMA en hij zegt blij te zijn dat de dertig jaar van voorbereidend werk voor dit project nu z’n vruchten afwerpt. De embryonale gaswolken die met ALMA zijn gefotografeerd en die je hiernaast ziet moeten uiteindelijk zware sterren worden, die 8 tot 150 keer zo zwaar als de zon zijn. In het vroege heelal moet het gewemeld hebben van dat soort massieve sterren, nu zijn ze een zeldzaamheid. Over de vraag hoe zware sterren ontstaan zijn er twee modellen:

  • De zogenaamde ‘turbulent-core theory‘, die zegt dat in gaswolken dichte kernen kunnen ontstaan, waar door turbulente winden de interne druk kan worden weerstaan. Die druk zou normaal gesproken zorgen voor een thermonucleaire ontbranding (fusie van waterstof) in de kern van de ster bij lage massa. Maar dankzij die winden kan de protoster doorgroeien en heel zwaar worden, voordat de fusie plaatsvindt.
  • Een concurrerende theorie, die van de ‘competitive accretion‘, zegt dat dat kern in zo’n gaswolk uiteenvalt in meerdere onderdelen en dat die vervolgens protosterren vormen, die uitgroeien tot heel zware sterren door omringend materiaal aan te trekken.

De gaswolk die door een groep sterrenkundigen onder leiding van Jill Rathborne (Commonwealth Scientific and Industrial Research Organization in Sydney, Australië) is onderzocht bevat zo’n 50 kernen, waar zware sterren uit kunnen groeien. De gaswolk is in totaal zo’n 100.000 zonsmassa zwaar. Vanaf januari 2013 zijn 33 telescopen van ALMA actief en dan hoopt men te kunnen bepalen welk van de twee modellen juist is.

References

References
1 Dat staat voor de Atacama Large Millimeter/submillimeter Array.

Laat wat van je horen

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.