M61 supernova, goed voorbeeld……

Type 2 core collaps supernova 2020jfo in Messier 61 in het sterrenbeeld Virgo

……doet goed volgen. Zoals gevoegelijk bekend moge wezen  hebben we, astroboys and girls,  “het er maar (te!!??) druk mee”……visueel waarnemen, fotograferen…..you name it, van alles en nog wat aan zaken die de wonderschone corona-nachthemel maar te bieden heeft. En zo kon het dus zomaar gebeuren dat astrofoto/astroblogs-collega Jan H. en de schrijver dezes…Jan B. op dezelfde nacht in bijkans het hetzelfde stukkie sterrenhemel, te weten het gestoord melkwegstelselrijke sterrenbeeld Maagd (Virgo), fijn druk bezig waren met het op de kiek zetten van…..eh…melkwegstelsels uiteraard der zaak!!

Met dit verschil dat astrovriendje Jan de intergalactische kip met de gouden eieren….een melkwegstelsel met  een kakelverse supernova..(Messier 61 plus supernova 2020jfo)…op de gevoelige digitale plaat aan het zetten was, terwijl ondergetekende amper een volle maansdiameter verderop “zomaar een virgoclusterkipje aan het verschalken was”. Een “onhandige” combinatie van ontreddering en bewondering was derhalve zeker mijn deel toen ik Jan z’n kekke astroblogje plus dito opname onder de ogen kreeg.  Natuurlijk was ik best wel content met mijn eigen galactische huis, tuin en keuken-vangst van die bewuste nacht….maarre toch…….linksom danwel rechtsom, een eigen opname van M61 plus verse supernova, die most er toch echwel kome, hoor!!

Overigens ben ik “voor de lol” eerst visueel op supernovajacht gegaan met de 40cm Dobson….probeer tenslotte ook mijn oude tak van astrosport nog een beetje in ere te houden…maarre…ik moet toch wel een beetje triest bekennen dat M61, zelfs in mijn 40cm monsterscope, er toch niet echt daverend indrukwekkend uit zag.

Vooral en helaas, van alle deep sky objecten die er zijn, zijn melkwegstelsels het meest gevoelig voor de  mate van donkerte van de hemelachtergrond als het gaat om het zichtbaar worden voor het blote waarneem-oog van al hun mooie en ozo kenmerkende (spiraal)structuren. Contrast met de hemelachtergrond is “het essentiele dingetje” als het gaat om het kunnen waarnemen van mooie beelden van deze objecten en….. toegegeven wellicht iets te kort door de bocht….. helaas toch niet of je nu met een kleine dan wel dikke kijker aan het waarnemen bent. Ach…..was de menselijke oog/brein-detector maar in staat tot on the spot photoshop-achtige beeldbewerkingskunstjes direkt tijdens het gluren door het oculair….en…om het feestje nog stukkie verder te bederven……had “onze goede schepper” toch maar NIET de kleurgevoelige kegelvorminge lichtgevoelige receptorcellen in het midden van ons oogbeeldveld geplaatst,  inplaats van de vele malen lichtgevoeliger staafvorminge celletjes….die nu dus helaas in de periferie van onze “oogdetector” zitten. Ik blijf het nog steeds een bijkans ironische frustratie vinden dat al die prachtige spiraalarm, stofband en supernova-details pas leuk zichtbaar worden wanneer je NIET meer direkt naar het object aan het kijken bent…..”vloek…mopper….krachtterm…..geen ene spiraalarm-reet te zien….nou ja, laat dan maar….oh wow….daar zijn ze opeens toch wel….dan toch maar effe goed bekijken……en…vloek…mopper….schandalige krachtterm….en weg zijn ze weer”!!!

Het visuele waarneem-paradijs is de getergde visuele astromensch blijkbaar niet gegund in het ondermaanse aardse tranendal…ach..ach..ach….hihi!! Ofwel…..Ik heb M61 in beeld gehad met de dikke Dobson en hij/zij was met behulp van een degelijke ouderwetschen sterrenkaart eigenlijk best wel hartstikke makkelijk te vinden….maarre……spiraalarmen plus kekke supernova….ho maar!! Blijkbaar is mijn biesbos-hemelachtergrond helaas toch niet goed genoeg “melkwegstelsel-proof” als het gaat om het betere visuele waarneemwerk….iets wat ik bijvoorbeeld ook merk als ik probeer de spiraalarmen van M51 danwel de stofbanden in M31 waartenemen. Voor dit soort werk moet de dikke Dobson toch maar eens een keertje worden meegesleurd naar echt donkere oorden zoals bijvoorbeeld ons eigen dark sky reserve van Oost Terschelling. Tot slot wel nog even de belangrijke opmerking dat sterachtige objecten zoals b.v. bolvormige en open sterrenhopen, ook onder een biesboshemel,  weer wel knalfantastisch zijn in zo’n monsterscope…en die vlieger gaat ook op voor planetaire en emissie-nevels als je gebruikt maakt van lichtvervuilingsfilters….het is dus niet allemaal kommer en kwel in het lichtvervuilde land der visuelen.

Maar goed….om die supernova bij de kladden te kunnen vatten toch maar weer de fijne en ozo donkere toverkunsten  der digitale astrofotografie uit de kast gerukt….enne….voila….galactische kip ik heb je!! En dan merk je hoe krachtig en razendrap effectief de edele zwarte magie der digitale astrofotografie toch is…..want met “slechts” een 20cm Newton…met de maan prominent eng hinderlijk nog net niet IN het sterrenbeeld Maagd…..en slechts 6 grijze nachten subjes a raison de 5 minuten…..heb ik het supernova’tje toch mooi duidelijk zichtbaar op de gevoelige plaat staan!!

Deze supernova lijkt trouwens, als ik de laatste berichten zo eens doorsnuffel, een heuse “echte” supernova te zijn….een zogenaamde type II “core collapse supernova”. Als een zware ster van minimaal 8 zonsmassa’s uiteindelijk “opgebrand” is dan valt de stralingsdruk in de kern opeens weg met als gevolg een hele snelle ineenstorting van de ster op leeftijd. Dat instorten onder de invloed van de inmense allesoverwinnende zwaartekracht wordt gevolgd door het even heel kort “terugveren” van de ineenstortende kern….dat even terugveren van die ineenstortende kern gaat over in een gigantische, de oude ster compleet vernietigende,  explosie…zijnde een type II supernova.

De meer bekende supernova variant is de zogenaamde type Ia supernova waarbij een witte dwerg in een dubbelstersysteem zichzelf  laaft aan zijn partner-ster. Als de witte dwerg vanwege dit opvreten van zijn partner-ster zichzelf over de zogenaamde Chandrasekhar vreet (1.4 zonsmassa’s) dan stort ook de witte dwerg ineen……et voila…een type 1a supernova. De helderheid van zeker de type 1a supernova’s zijn over het algemeen allemaal hetzelfde en daardoor zijn ze zeer geschikt als afstandsindicatoren bij het bepalen van afstanden naar verre melkwegstelsels, zoals o.a. bijvoorbeeld M61 op een afstandje van 52 miljoen lichtjaar.

Laatste “weetfeitje”….voor de liefhebbers van supernova’s is Messier 61 een waar “douze points” melkwegstelsel vanwege het feit dat dit stelsel zo ongeveer met supernova’s lijkt te smijten,  in tegenstelling tot het melkwegstelsel waarin wij “helaas” gedwongen zijn onze dagen te slijten…..want ons melkwegstelsel is echt een mega krenterige krent als het gaat om supernova’s….Het moyenne zou ongeveer één supernova per eeuw moeten zijn….maarre….wat dat betreft was de ster van Kepler in 1604 helaas de laatste “klapper-ster”. Als Betelgeuze nou eens effe lekker een lucifer bij het lontje zou willen houden….!!!!

Snelle radioflitsen tonen de ontbrekende materie in de intergalactische ruimte

Credit: ICRAR / Illustris.

Een schamele vijf procent van alle massa-energie in het heelal bestaat uit gewone materie, waar sterren en planeten uit bestaan, de rest is de mysterieuze donkere materie (27%) en donkere energie (68%). Probleem is niet alleen dat we nog weinig weten van die ‘donkere sector’ van het heelal, maar ook dat het grootste deel van de gewone materie wordt vermist. Tel de massa op van alle zichtbare massa in het heelal, dan komen de sterrenkundigen maar op de helft van wat er op theoretische gronden zou moeten zijn – zie daar het probleem van de ‘missing baryons’, de baryonen zijn de klasse van deeltjes waaruit alle bekende materie bestaat.

impressie van een uitbarsting van een radioflits in een ver sterrenstelsel. Credit: ICRAR.

De sterrenkundigen hadden eerder al het vermoeden dat de ontbrekende materie zich in de intergalactische ruimte bevindt, de ruimte tussen de (clusters van) sterrenstelsels. Dat vermoeden is nu bevestigd en wel door waarnemingen die zijn gedaan aan snelle radioflitsen (Engels: FRB’s – fast radiobursts). Dat zijn zeer kortstondige uitbarstingen van radiostraling, waarbij in korte tijd heel veel straling wordt uitgezonden. Een team van sterrenkundigen onder leiding van Jean-Pierre Macquart van het International Centre for Radio Astronomy Research (ICRAR) in Australië heeft met behulp van de Australische Australian Square Kilometre Array Pathfinder (ASKAP) radiotelescoop zes radioflitsen onderzocht, waarvan precies bekend is in welk sterrenstelsels ze plaatsvonden (zie afbeelding hieronder). Dankzij die exacte positionering aan de hemel kon men weten wat de afstand van de FRB’s tot de aarde is. Van de zes onderzochte radioflitsen kon men vervolgens de zogeheten dispersie bepalen, het verschil in aankomsttijd bij de aarde van de radiostraling met hogere en lagere frekwentie.

Credit: J.-P. Macquart et al.

De radiogolven met een hogere frequentie bereiken ons eerder dan die met een lagere frequentie, iets dat vergelijkbaar is met de manier waarop zonlicht dat door een prisma gaat in verschillende kleuren wordt gescheiden. Hoe sterker de dispersie, des te meer materie is het radiosignaal onderweg tegengekomen, waarbij de straling met lagere frekwentie vaker ‘gehinderd’ wordt dooe die materie. De dispersie wordt gemeten in cm-³ pc (één parsec is 3,09 × 10^18 cm). Wat blijkt uit de metingen met de zes FRB’s: de door ASKAP waargenomen dispersie van de 6 FRB’s ligt tussen 321 en 593 cm-³ pc. Het sterrenstelsel waar de FRB plaatsvond draagt aan die dispersie naar schatting zo’n 50–100 cm-³ pc bij, de Melkweg zo’n 30 cm-³ pc. De rest van de dispersie is te danken aan de baryonische materie van het intergalactische medium. Daar bevindt het zich vermoedelijk in langgerekte filamenten, die in stand worden gehouden door het kosmische web van donkere materie. Eh… is dat veel, die restwaarde die ze gevonden hebben? Nou het is omgerekend ongeveer één à twee atomen per stuk ruimte ter grootte van een bescheiden kantoorkamer. En dat is genoeg om de vermissende baryonische materie mee te verklaren. Hier het vakartikel over de waarnemingen, verschenen in Nature. Bron: Phys.org + Francis Naukas.

Om 16.29 uur koppelt de Crew Dragon Endeavour aan het ISS – volg het hier live

Credit: NASA

De Crew Dragon ‘Endeavour’, met aan boord de astronauten Bob Behnken en Doug Hurley, zal om 16.29 uur Nederlandse tijd aan het internationale ruimtestation ISS vastkoppelen. De Endeavour werd gisteravond om 21.22 uur gelanceerd en straks is de ‘docking’ aan het ISS, hieronder live te volgen. Die naam Endeavour werd vandaag gegeven aan de capsule door de twee astronauten. Hurley zei: “We chose Endeavour for a few reasons: One, because of this incredible endeavour that Nasa, SpaceX and the US have been on since the end of the shuttle programme back in 2011. The other reason is a little more personal to Bob and I. We both had our first flights on shuttle Endeavour and it just meant so much to us to carry on that name.

Om 18.45 uur zullen de luiken openen en zullen Hurley en Behnken de huidige ISS-bemanning (expeditie 63) ontmoeten, Chris Cassidy, Anatoly Ivanishin en Ivan Vagner.

Twijfels of Planeet Negen echt wel bestaat

Een impressie van Planeet Negen. (Credit: Caltech/R. Hurt (IPAC)

De laatste tijd wordt er onder sterrenkundigen flink getwijfeld of Planeet Negen echt wel bestaat. Het bestaan van die planeet werd in januari 2016 geopperd door Konstantin Batygin en Mike Brown, die op basis van de banen van zes KBO’s (Kuiperbelt objects) – ijskoude rotsachtige objecten in de Kuipergordel aan de rand van ons zonnestelsel – hadden berekend dat er een zware planeet in de buitenregionen van het zonnestelsel moest zijn, die ongeveer twintig keer verder weg staat dan de huidige verste planeet van ons zonnestelsel, Neptunus. Aanvankelijk dachten ze dat Planeet Negen ongeveer tien keer zo zwaar als de aarde zou zijn, latere schattingen kwamen tussen vijf en vijftien aardmassa’s uit. Die ‘super-Aarde’ zou door z’n zwaartekracht de banen van die zes KBO’s dusdanig hebben beïnvloed dat ze allemaal een gelijk baangedrag vertonen. Al die banen van de KBO’s waren zeer elliptisch en ze maakten een grote hoek met het eclipticavlak van de planeten om de zon (zie de afbeelding hieronder). Sinds 2016 wordt er constant gezocht naar Planeet Negen, maar die speurtocht heeft nog geen resultaat gehad. En recent zijn er ook twijfels gerezen of de hypothetische planeet ook echt bestaat.

Credit: CalTech/R. Hurt (IPAC)

Samantha Lawler, sterrenkundige van de Universiteit van Regina in Canada heeft onderzoek gedaan aan KBO’s én Trans-Neptunian Objects (TNO’s), waarbij ze zich baseert gegevens verzamelt met de Outer Solar System Origins Survey (OSSOS). Uit haar onderzoek komt naar voren dat de banen van alle KBO’s en TNO’s te verklaren zijn als aangenomen wordt dat Neptunus oorspronkelijk een baan had die dichter bij de zon lag en dat ‘ie vervolgens naar buiten is gemigreerd, naar z’n huidige baan om de zon. In het zogeheten Nice-model van het zonnestelsel wordt die migratie van de reuzenplaneten in ons zonnestelsel beschreven (zie afbeelding hieronder).

Het Nice model van het zonnestelsel. De baan van Neptunus is donkerblauw, van Uranus lichtblauw, Saturnus is geel en Jupiter groen. Credit: AstroMark/Wikipedia.

Dát de baan van bepaalde KBO’s in één kwadrant van het zonnestelsel het bestaan zouden suggeren van een negende planeet in ons zonnestelsel is volgens Lawler het gevolg van wat zij noemt ‘observationele vooroordelen’. Afgelopen vijf jaar zijn er met de Canada-France Hawaii Telescope meer dan 800 nieuwe KBO’s ontdekt. Het vooroordeel is erin gelegen dat al die KBO’s sterk elliptische banen hebben, die hen voor het grootste gedeelte vrijwel onzichtbaar maakt, gezien vanaf de aarde. Alleen als ze in de buurt van hun perihelium staan, het dichtste bij de zon, kunnen ze worden gezien. We zien ze dus maar een heel klein stukje van hun baan als het het dichtste bij ons staan. Lawler wijst er ook op dat de grote telescopen niet het gehele jaar door kunnen waarnemen, dus dat er een beperkte waarneemtijd is. En de KBO’s worden minder vaak ontdekt als we kijken in de richting van de Melkweg, waar de miljarden sterren in het beeldveld de detectie van nieuwe KBO’s bemoeilijken. Dat alles zorgt voor dat observationele vooroordeel, zodat op basis van slechts 6 KBO’s Planeet Negen wordt verondersteld, terwijl de honderden andere KBO’s daar niet op wijzen.

We blijven nog even bij Planeet Negen. Eerder sprak is al over de theorie dat deze planeet wellicht geen gewone planeet is, maar een zwart gat. Het idee was oorspronkelijk afkomstig van Jakub Scholtz en James Unwin, die er dit vakartikel aan hadden gewijd, vorig jaar verschenen. De wereldberoemde natuurkundige Edward Witten, die vooral bekend is van z’n theorieën omtrent snaren, kam vervolgens met dit artikel, waarin hij betoogd dat we dat zwarte gat, áls Planeet Negen een zwart gat is, zouden kunnen detecteren met behulp van een vloot kleine satellieten. Het grappige van dat artikel van Scholtz en Unwin is dat ze in hun artikel een afbeelding van het zwarte gat hebben staan op ware grootte! Hieronder de pagina uit hun artikel, waarop je het zwarte gat ziet, áls het een massa van vijf keer de massa van de aarde zou hebben.

Nou maakt het natuurlijk wel verschil uit of je die pagina op een smartphone bekijkt of op een megagrote flatscreen in je kamer en in welke resolutie je de afbeelding bekijkt, dus ik zal er even bij vermelden dat zo’n zwart gat een straal heeft van… 4,435 cm. Vijf keer de gehele aarde, gepropt in een bolletje van een grapefruit. Dat is dan de waarnemingshorizon of Schwarzschildstraal van het zwarte gat, de grens waarbinnen de ontsnappingssnelheid groter is dan de lichtsnelheid. Bron: Universe Today + Koberlein.

De Crew Dragon is gelanceerd voor SpaceX Demonstration Mission 2

Credit: NASA/SpaceX

Zojuist om 21.22 uur Nederlandse tijd is vanaf lanceercomplex 39A van Kennedy Space Center op Cape Canaveral in Florida de allereerste bemande ruimtecapsule Crew Dragon van SpaceX met een Falcon 9 raket gelanceerd voor SpaceX Demonstration Mission 2 (SpX-DM2) [1]De succesvolle onbemande SpaceX Demonstration Mission 1 (SpX-DM1) was in maart 2019. en is ‘ie onderweg naar het het ISS-station, waar de Dragon over 19 uur aan zal koppelen (zondag dus). De eerste trap van de Falcon 9 is succesvol zacht geland op het drijvende platform “Of Course I Still Love You” in de Atlantische Oceaan.

De lancering vanaf Kennedy Space Center is de eerste op Amerikaans grondgebied in bijna een decennium – en het is de eerste commerciële lancering ooit. SpaceX, het bedrijf van zakenman Elon Musk (ook van o.a. Tesla), werkt voor deze missie samen met ruimtevaartorganisatie NASA. Aan boord van de Dragon capsule zijn de astronauten Robert Behnken en Douglas Hurley, die ongeveer 19 uur en 6 minuten onderweg zullen zijn om het internationale ruimtestation ISS te bereiken en daar aan te koppelen. Daar zullen ze zo’n 110 dagen verblijven. Voor beiden is het hun derde ruimtevlucht. Hurley was ook de piloot van spaceshuttle Atlantis tijdens STS-135, de allerlaatste missie van deze ruimteveren in 2011.

References[+]

References
1 De succesvolle onbemande SpaceX Demonstration Mission 1 (SpX-DM1) was in maart 2019.

Volg hier live de lancering van SpaceX Demonstration Mission 2, wanneer ‘ie ook plaatsvindt

De Crew Dragon op lanceerplatform 39A op NASA’s Kennedy Space Center in Florida. Credit: Loganblade/Wikipedia.

De lancering van SpaceX’s “Demo-2” missie afgelopen woensdag werd 17 minuten voor tijd afgeblazen vanwege slecht weer in de buurt van NASA’s Kennedy Space Center in Florida én op zee, waar de eerste trap weer op het drijvende ponton “Of Course I Still Love You” moet landen. Vandaar dat de lancering naar dit weekend is verplaatst. Er zijn twee mogelijkheden dat Amerikaanse astronauten – in deze testvlucht Bob Behnken en Doug Hurley – voor het eerst sinds 2011 weer vanaf Amerikaans grondgebied worden gelanceerd:

  • Vanavond om 21.22 uur Nederlandse tijd; de eerste overkomst is 23 minuten later, maar dan is het hier nog licht en kunnen we ‘m niet zien overkomen. Wellicht wel de tweede overkomst, die om 23.18 uur is. Maar die is wel laag in het zuidwesten.
  • Mocht het vanavond niet doorgaan dan hebben ze zondag om 21.00 uur als tweede tijd gepland. Kijk hier voor de verwachtingen van de doorkomst (kan ook voor andere lanceermomenten gebruikt worden).

Voor beide momenten is het afwachten wat het weer gaat doen. Tot nu toe zijn de voorspellingen somber, maar wellicht dat er verbetering komt. Mocht het het hele weekend slecht weer blijven dan stellen ze het uit tot een later moment. Maar welk moment er ook gekozen wordt, hij gaat een keer de lucht in vanaf lanceercomplex 39A en dat is dan hieronder live te volgen!

Be sure to check out our talk at 15:05 (GMT +4) on Oct 26, "Next-Generation Mission Operations Software – A demonstration for the Emirates Lunar Mission", by our President & CEO Ewan Reid, and our Manager of Product & Business Dev, Kaizad Raimalwala. bit.ly/3aPfm5o (2/2)

Gisteren op Mission Control's Twitter via Twitter Web App

@RWayneBranch @BLK_DJASPORA 1. This is an amazing demonstration of your ignorance. Jews do not proselytize. 2. There are Buddhist missionaries; but they are not part of a long standing colonial tradition, whereas Christian mission work is.

Ongeveer 3 dagen geleden op David Ferguson's Twitter via Twitter for iPhone

#WATCH : Sunil Dimple president Mission Statehood, held a strong Protest Demonstration against Rising Unemployment. (1/2) pic.twitter.com/V2fni2JQR4

Ongeveer 2 weken geleden op GBS NEWS24's Twitter via Twitter for Android

ESPRESSO bevestigt het bestaan van aardachtige planeet bij de dichtstbijzijnde ster

Impressie van het oppervlak van Proxima b. In de verte Proxima Centauri. Credit: ESO/M. Kornmesser

Dat de aardachtige planeet Proxima b er is en dat ‘ie draait om de rode dwergster Proxima Centauri, na de zon de meest nabije ster tot de aarde, dat wisten we al sinds augustus 2016. Maar nu is diens bestaan bevestigd en wel met de Zwitserse ESPRESSO spectrograaf, een instrument dat verbonden is aan de Very Large Telescope (VLT) van de ESO in Chili. Proxima b was destijds ontdekt met behulp van HARPS, dat was ook een spectrograaf, een voorganger van ESPRESSO. Gezien vanaf de aarde is de baan van Proxima b dusdanig dat ‘ie niet periodiek voor de ster langs schuift, dus detectie door middel van de transitiemethode, waarbij de transitie van de planeet voor de ster langs zorgt voor een dipje in de lichtcurve van de ster, was niet mogelijk. Maar de spectrografen zien de spectraallijnen en als die ‘Doppler-verschuiven’ doordat de ster een beetje heen en weer schommelt als gevolg van nabije planeten die om hem heen draaien kunnen ze die planeten detecteren. En zo ging het met Proxima b, die een beetje trekt aan Proxima Centauri, zodat die wat wiebelt.

Credit: UNIGE/Mascareño, et al

De ster staat 4,2 lichtjaar van ons vandaan, maar ESPRESSO is zo nauwkeurig dat ‘ie schommelingen van de ster van 30 cm/s kan detecteren! [1]Door verdere verbeteringen wil men die nauwkeurigheid verhogen tot maar liefst 10 cm per seconde! Daarmee is ‘ie niet alleen véél nauwkeuriger dan HARPS, maar kon men ook exact vaststellen dat Proxima b 1,17 keer zo zwaar als de aarde is (eerst dachten ze 1,3) en dat ‘ie in 11,2 dagen om de ster draait (zie de grafiek hierboven). Hij bevindt zich in diens leefbare zone, de zone waar de temperatuur hoog genoeg is om water in vloeibare vorm te laten bestaan. Het team van ESPRESSO zegt overigens dat ze in de gegevens óók aanwijzingen hebben gevonden van een tweede signaal, mogelijk van nóg een planeet bij Proxima Centauri. Mocht het signaal echt van een planeet zijn (en dan is het NIET van Proxima c) dan moet deze een massa hebben die minder is dan een derde van de aardmassa. Dát zou dan de kleinste exoplaneet zijn die met de methode van de radiële snelheid van de moederster gevonden is. Hier het vakartikel over de bevestiging van de ontdekking van Proxima b. Bron: UNIGE.

References[+]

References
1 Door verdere verbeteringen wil men die nauwkeurigheid verhogen tot maar liefst 10 cm per seconde!

SpaceX’ Starship SN4 explodeert tijdens test met Raptor-motor

Letterlijk en figuurlijk een flinke klap voor SpaceX aan de vooravond van de tweede lanceerpoging van de bemande Crew Dragon missie ‘Demo-2’ naar het ISS, vanavond om 21:22 NL’se tijd. Op de testbasis in Boca Chica te Texas is het Starship SN4 geëxplodeerd. Dit gebeurde tijdens een statische test met de Raptor-raketmotor op vrijdagavond (29 mei) om 20:29 NL’se tijd. SpaceX’ Starship en de Super Heavy-boosteraket (gezamenlijk Starship genoemd) vertegenwoordigen een volledig herbruikbaar ruimtetransportsysteem dat is ontworpen om zowel bemanning als vracht naar een aardebaan, de maan, Mars en verder te vervoeren. De prototypen van Starship worden zowel in Boca Chica als in Florida gebouwd en getest. Het Starship programma staat los van het Commercial Crew-programma, waar de aanstaande lancering, de Demo-2 missie, onderdeel van uitmaakt. Lees verder

Uitbarsting van een zwart gat vastgelegd op video

Credit: X-ray: NASA/CXC/Université de Paris/M. Espinasse et al.;

Sterrenkundigen zijn erin geslaagd om de uitbarsting van een zwart gat op video vast te leggen. Het gaat om het zwarte gat MAXI J1820+070, een ‘stellair’ zwart gat van zo’n acht zonsmassa, dat 10.000 lichtjaar van ons vandaan staat [1]naast stellaire zwarte gaten die ontstaan door de kollaps zeer zware sterren heb je ook superzware zwarte gaten in de centra van sterrenstelsels én de ‘intermediate mass black holes’, … Continue reading in het noordelijke sterrenbeeld Ossenhoeder (Ophiuchus).

Credsit: X-ray: NASA/CXC/Université de Paris/M. Espinasse et al.; Optical/IR:PanSTARRS

Om dat zwarte gat draait een ster van ongeveer de helft de massa van de zon. Door z’n zwaartekracht vloeit er materie van de ster naar het zwarte gat, waar het terecht komt in een snel roterende accretieschijf. Een deel van het gas in die schijf valt in het zwarte gat, een ander deel vliegt via twee jets vanuit de magnetische polen met hoge snelheid in tegenovergestelde richtingen de ruimte in. Met NASA’s Chandra röntgen-ruimtetelescoop hebben ze MAXI J1820+070 tussen november 2018 en juni 2019 vier keer waargenomen en daarmee heeft men een uitstoot van gas in die jets kunnen ‘filmen’. Nou ja, Chandra heeft foto’s van het hete gas gemaakt, gas dat röntgenstraling uitstraalt, en van die foto’s hebben ze een video gemaakt, hierboven te zien.

Impressie van een zwart gat en vlak daarbij een gewone ster. Credit: NASA/CXC/M.Weiss

Het gas in de jets heeft een snelheid van 80% van de lichtsnelheid, dus die snelheid is enorm. Vanaf de aarde gezien lijkt de noordelijke jet overigens met een snelheid van 60% van de lichtsnelheid te gaan en de zuidelijk jet met maar liefst… 160% van de lichtsnelheid! Eh… gas dat sneller gaat dan de lichtsnelheid, kan dat wel? Nee, dat kan niet. Het is een voorbeeld van superluminale snelheden, die op lijken te treden als iets met een kleine hoek met hoge snelheid onze kant uit komt. Het is dus gezichtsbedrog, geen sprake van overschrijding van de lichtsnelheid (lees deze blog hoe dat ook al weer zit). Men schat in dat de uitstoot van het gas in de jets in juli 2018 begon en dat daarbij de massa vergelijkbaar met duizend keer de komeetkern van Halley de ruimte in is gespuwd. Hier een vakartikel over de waarnemingen met Chandra aan MAXI J1820+070.

Bron: Chandra.

References[+]

References
1 naast stellaire zwarte gaten die ontstaan door de kollaps zeer zware sterren heb je ook superzware zwarte gaten in de centra van sterrenstelsels én de ‘intermediate mass black holes’, een tussenmaatje.

Astronomen voorspellen bombardement van asteroïden en kometen in ander planetenstelsel

Credit: Anastasia Kruchevska

Het planetenstelsel rond de ster HR8799 lijkt opmerkelijk veel op ons eigen Zonnestelsel. Het heeft vier gasreuzen tussen twee asteroïdegordels. Onderzoekers van de RuG en SRON hebben deze gelijkenis gebruikt om de aanvoer te simuleren van materiaal afkomstig van asteroïden, kometen en andere kleine hemellichamen. De simulatie laat zien dat de vier gasplaneten materiaal ontvangen van kleine hemellichamen, net als in ons Zonnestelsel.

Vanaf de Zon geteld heeft ons Zonnestelsel vier rotsachtige planeten, een asteroïdegordel, vier gasreuzen en nog een asteroïdegordel. De binnenste planeten zijn rijk aan vuurvaste materialen zoals metalen en silicaten, de buitenste hebben juist veel vluchtige stoffen zoals water en methaan. Tijdens het vormingsproces hadden de binnenplaneten het moeilijk om een vluchtige atmosfeer te verzamelen omdat de sterke zonnewind het gas steeds wegblies. Tegelijkertijd verdampte elk ijsklontje door de warmte van de Zon, wat het lastig maakte om water vast te houden. In de buitenste regionen was er minder zonnewind en -warmte, zodat de uiteindelijke gasreuzen waterijs konden verzamelen en ook een grote atmosfeer vol vluchtige stoffen konden opbouwen.

Het HR 8799 systeem, direct gefotografeerd vanaf de aarde. De ster HR 8799 in het midden is verduisterd. CREDIT: NRC-HIA/C. MAROIS/W. M. KECK OBSERVATORY

Kleine hemellichamen, waaronder asteroïden, kometen en stof, hebben deze uitkomst later verfijnd door vuurvaste materialen uit de binnenste gordel af te leveren en vanuit de buitenste gordel zowel vluchtige als vuurvaste stoffen. Een team van astronomen onder leiding van de Rijksuniversiteit Groningen en SRON Netherlands Institute for Space Research vroeg zich af of planetenstelsels rond andere sterren ook zo’n aanvoersysteem hebben. Ze bouwden een simulatie voor het stelsel rond HR8799. Dat lijkt sterk op ons eigen Zonnestelsel met vier gasreuzen en een binnen- en buitengordel, en mogelijk rotsachtige planeten binnen de binnengordel. Daarom kon het team een aantal onbekende factoren voor HR8799 adopteren vanuit ons Zonnestelsel.

De simulatie laat zien dat net als in ons Zonnestelsel de vier gasreuzen materiaal krijgen aangeleverd via kleine hemellichamen. Het team, bestaande uit Kateryna Frantseva (Rijksuniversiteit Groningen/SRON), Migo Mueller (NOVA/Universiteit Leiden/SRON), Petr Pokorný (NASA), Floris van der Tak (SRON/Rijksuniversiteit Groningen) en Inge Loes ten Kate (Universiteit Utrecht), voorspelt een totale aanvoer van beide typen materiaal van ongeveer een half miljoenste van de planeetmassa’s. Toekomstige telescopen—bijvoorbeeld NASA’s James Webb Space Telescope (lancering in 2021)—zijn in staat om de hoeveelheden vuurvaste materialen te meten in de gasreuzen, die rijk zijn aan vluchtige stoffen. Frantseva: ‘Als telescopen de voorspelde hoeveelheden vuurvaste stoffen detecteren, verklaren we die door aanvoer vanuit de gordels, zoals onze simulatie laat zien. Als ze meer vuurvaste stoffen detecteren dan voorspeld, dan is het aanvoerproces misschien actiever dan we dachten, bijvoorbeeld omdat HR8799 veel jonger is dan ons Zonnestelsel. Het HR8799-systeem bevat mogelijk aardachtige planeten. De aanvoer van vluchtige stoffen vanuit de asteroïdegordels kan daarvoor astrobiologisch gezien relevant zijn.’

Publicatie: K. Frantseva, M. Mueller, P. Pokorný, F. F.S. van der Tak, I. L. ten Kate, ‘Enrichment of the HR 8799 planets by minor bodies and dust‘, Astronomy & Astrophysics.

Bron: SRON.